De Volkskrant, 20-07-2015, door Haro Kraak 23 dec.2013

Beschouwing | Nazivergelijkingen

Reductio ad Hitlerum

Ook nu, tijdens de Europese crisis, vliegen de vergelijkingen met nazi-Duitsland ons om de oren. Vaak nogal buitenproportioneel. Geoorloofd of niet? V waagde zich in het argumentatieve mijnenveld en schreef een - voorzichtige - handleiding.


In maart publiceerde het toonaangevende Duitse weekblad Der Spiegel een nummer met een opmerkelijke cover. Bondskanselier Merkel staat afgebeeld tussen nazi-officieren voor het Parthenon op de Akropolis in Athene. Ze kijkt blij omhoog. Daar staat de tekst: 'Hoe Europeanen naar Duitsers kijken: The German ‹bermacht'.

Direct nadat het blad het omslag op Twitter had gezet, volgden de voorspelbare reacties: dom, smakeloos, beschamend, rellerig, treurig. De hoofdredacteur van tabloid Bild liet weten dat zo'n cover er bij zijn krant nooit doorheen was gekomen.

Der Spiegel wilde ongetwijfeld scoren met de gewaagde verwijzing, maar probeerde ook te leren van het verleden door een historische parallel te trekken. Hoewel de afbeelding bedoeld was om tot denken aan te zetten, liep de discussie juist dood, zoals vergelijkingen met het nazisme vaker tot gevolg hebben.

Zodra je de Holocaust, Hitler, de nazi's, de Tweede Wereldoorlog of de aanloop daarnaartoe erbij haalt, is de discussie binnen de kortste keren in twee kampen verdeeld: degenen die 'fascist' krijsen en degenen die 'Godwin!' roepen, waarna verder debatteren geen zin heeft. Reeds in 1990 constateerde jurist, internetactivist en publicist Mike Godwin dat Hitler online te pas en te onpas wordt aangehaald en dat de discussie daardoor verzandt in gescheld. Hij bedacht de wet van Godwin: naarmate onlinediscussies langer worden, nadert de waarschijnlijkheid van een vergelijking met de nazi's of Hitler 1.

De wet evolueerde over de jaren tot: wie als eerste de Tweede Wereldoorlog erbij haalt, heeft de discussie verloren. Of in internettaal: dan ben je af. Toch is het flauw om Der Spiegel meteen naar het strafbankje te sturen. De vergelijking komt namelijk niet uit de lucht vallen. In Griekenland is het gebruikelijk om de economische overmacht van Duitsland in Europa aan het nazisme te verbinden.

In Griekse kranten wordt Merkel regelmatig afgebeeld in uniform met een swastika. Demonstranten hielden foto's van Merkel met een Hitlersnorretje omhoog toen zij in 2012 het land bezocht. En cartoonist Stathis Stavropoulos bekritiseerde op tientallen manieren - Sieg Heil-groeten, Wehrmacht-uniformen, Auschwitzverwijzingen - de opgelegde economische sancties.

Der Spiegel riep met de prikkelende cover de vraag op of Duitsland niet opnieuw als 'egoÔstische Europese hegemonie' kan worden gezien. Moet Duitsland niet oppassen met het (economisch) denigreren van andere naties? Dat is immers wat er na de Eerste Wereldoorlog met Duitsland gebeurde en waardoor het nazisme kon bloeien, gevoed door de frustratie van het volk.

Hoewel de vergelijking met het Hitlerregime in het hoofdredactioneel commentaar 'natuurlijk onzinnig' werd genoemd, wilde het weekblad wel leren van de fouten uit het verleden. Dat bleek wederom een lastige exercitie.

Je zet jezelf buitenspel, omdat het respectloos zou zijn naar alle slachtoffers van de nazi's (en de nabestaanden) om hun leed gelijk te stellen aan kleiner kwaad. Daarnaast weten we allemaal wat er is gebeurd tijdens Holocaust, waardoor wijzen op een overeenkomst met Hitler doet voorkomen alsof je denkt dat een huidig fenomeen ook in zo'n duivels drama zal eindigen.

Aan de andere kant: waarom zou je gťťn parallellen mogen trekken met Hitler, het nationaal-socialisme, de Holocaust of wat daaraan voorafging? Als de Tweede Wereldoorlog als symbool van het absolute kwaad zo heilig is dat niemand eraan mag refereren, is dat deel van de geschiedenis eigenlijk nutteloos. Dat is bijna even schadelijk als het omgekeerde: Holocaust-trivialisering, het zo vaak aanhalen van de EndlŲsung dat die betekenisloos wordt.

Hoewel degenen die een Godwin begaan vaak razendsnel worden afgestraft, is er geen sprake van een daling van het aantal vergelijkingen. Nog steeds duiken Hitlersnorretjes en andere naziverwijzingen overal op, niet alleen tijdens de Griekse crisis.

Zo ging de Australische premier Tony Abbott in februari pijnlijk in de fout door de bezuiniging op defensie, waarbij 10 procent van de werkgelegenheid verloren gaat, een 'holocaust van banen' te noemen. Niet veel later noemde hij een oppositieleider de 'Joseph Goebbels van economisch beleid'.

Nee, zo moet het inderdaad niet. Maar hoe wel? Ondanks dit discussietechnische mijnenveld probeert V voorzichtig een handleiding zinvolle nazivergelijkingen te formuleren, grofweg: de do's en don'ts van de Godwin.

Om te beginnen: in principe kunnen nazivergelijkingen bruikbaar zijn, al is het maar omdat iedereen ze begrijpt.
Mike Godwin heeft meermaals gezegd dat het nooit zijn bedoeling was om alle nazivergelijkingen uit te bannen. Hij maakte zich eind jaren tachtig, in de begindagen van internet, zorgen dat de nagedachtenis aan de Holocaust zou eroderen door snelle, gemakzuchtige vergelijkingen die geen hout snijden. Een naziverwijzing kan nuttig zijn, volgens hem, al wil hij er zelf nooit een maken. Newsweek vroeg hem eens of hij een parallel zag tussen IS en nazi-Duitsland, hij antwoordde dat hij IS een voetnoot vond in vergelijking tot wat Hitler heeft aangericht.

Een fervente aanhanger van zinvolle nazivergelijkingen is Glenn Greenwald, journalist en Snowden-handlanger. Deze vergelijkingen zijn volgens hem juist zeer bruikbaar omdat bijna iedereen ze kan begrijpen. Je kunt de genocide in Cambodja aanhalen, maar de kans is groot dat je publiek bekender is met de Holocaust.

Bovendien staat het verbannen ervan in scherp contrast met de processen van Neurenberg in 1945 en 1946, waaruit algemene principes voortkwamen om in de toekomst zulke oorlogen te voorkomen. De Duitsers werden daar niet alleen verhoord om te worden veroordeeld, maar ook zodat andere naties konden leren van de machinaties achter dergelijk kwaad, waardoor de opkomst ervan in de toekomst eerder herkend en bestreden zou kunnen worden.

Zelf kwam Greenwald in 2010 onder vuur te liggen toen hij op overeenkomsten wees tussen de Sudeten-Duitsers, die blij waren dat Hitler hun land innam, en de Koerden in Irak, die als onderdrukte minderheid blij waren dat George W. Bush hen bevrijdde van Saddam Hoessein. Hij wilde maar zeggen: dat een deel van de bevolking blij is met een vijandelijke inval is nog geen rechtvaardiging voor een oorlog.

Schrik ook niet terug van een vergelijking omdat wijzen op een overeenkomst hetzelfde zou zijn als X=Hitler.
Greenwald werd aangevallen, want je kunt niet zomaar Bush gelijkstellen aan Hitler. Dat is ook niet wat hij deed, betoogde Greenwald. Als je wijst op overeenkomsten met het naziregime is dat niet hetzelfde als: X is even erg als Hitler/de Holocaust. Het is dus verstandig om dat duidelijk te vermelden: ik zeg niet dat X Hitler is, maar er zijn wel aspecten die overeenkomen. Een volledige gelijkschakeling zou ook ridicuul zijn: de Holocaust is een precedentloze misdaad wegens het industriŽle karakter van de vernietiging van mensenlevens. Greenwald wees slechts op de universaliteit van oorlogspropaganda: Bush gebruikte hetzelfde argument als Hitler.

Andersom is ook niet alles wat Hitler ooit heeft gedaan kwaadaardig. Toch gebruiken mensen een dergelijk argument weleens, dat in de argumentatieleer reductio ad Hitlerum wordt genoemd. Dat gaat bijvoorbeeld zo: Hitler was een vegetariŽr, dus vegetarisme is slecht. 'Deze drogreden wordt in het debat soms gebruikt om de tegenstander onderuit te halen', zegt Peter Burger, mediaonderzoeker en retorica-deskundige van de Universiteit Leiden. 'Dat het geen valide argument is, kun je illustreren aan de hand van een absurde uitvoering ervan.' Dus je wil goede snelwegen aanleggen? Weet je wie dat ook deed? Juist, Hitler.

Hou het feitelijk en zakelijk en let op de proporties.
Als je iemand uit het niets voor Hitler uitmaakt, ben je inderdaad snel uitgepraat. Vergelijkingen zijn alleen zinvol als je ze feitelijk en zakelijk uitvoert - al geldt dat eigenlijk voor alle argumenten, behalve als je wil provoceren of aandacht trekken. Je kunt je natuurlijk niet permitteren een foutje te maken als je zo'n heftige conclusie trekt. Als er gaten worden geschoten in je analyse zal de rest er niet meer toe doen.

Ondoordachte vergelijkingen lijken al snel grotesk. Tijdens demonstraties tegen het rookverbod in Duitsland en Nederland droegen sommige mensen een davidster met daarop het woord 'roker' of 'ik rook'. 'Tot grote woede van Joodse organisaties', zegt Johannes Houwink ten Cate, historicus en hoogleraar holocaust- en genocidestudies aan de UvA. 'Terecht natuurlijk. De proportionaliteit is volledig zoek in dat voorbeeld.'

Ook vegetariŽrs die klagen dat de Holocaust op hun bord ligt en 'pro-life'-demonstranten die beweren dat abortus gelijkstaat aan de Shoah kunnen doorgaans rekenen op hoon, omdat ze de proporties zo uit het oog verliezen. Houwink ten Cate: 'Je hebt de school die zegt: alles mag. Ik ben het daarmee niet eens. De vrijheid van meningsuiting is beperkt, bijvoorbeeld door smaad en laster. Maar het debat moet zichzelf corrigeren. En als dat niet werkt, kun je naar de rechter stappen.'

Toch kun je juridisch gezien vrij ver gaan. In maart werd een journalist vrijgesproken die het cultuurbeleid van de gemeente Alkmaar had vergeleken met de entartete Kunst van Hitler, de kunst die volgens het naziregime niet esthetisch of moreel juist was. De rechter vond dat de uitlating niet onnodig grievend was. Waarmee nog niet is gezegd dat de vergelijking hout snijdt.

Vorig jaar beweerde Geert Wilders dat hij zich niet meer zou laten vergelijken met Hitler. Hij was er klaar mee, zei hij tegen Omroep West, en zou mensen die hem bijvoorbeeld een blonde FŁhrer noemen voor de rechter slepen. Voor zover bekend heeft hij tot op heden niemand aangeklaagd om die reden.


Als je de tijd neemt voor een grondige analyse, beperk je tot de historische overeenkomsten (en verschillen).
In 2009 betoogde socioloog Ton Zwaan, die bij het Centrum voor Holocaust- en genocidestudies vergelijkend onderzoek deed naar genociden, in NRC Handelsblad dat het wel degelijk zinvol is om de PVV met het fascisme te vergelijken. Hij zag gelijkenissen tussen de PVV en het fascisme door 'het steeds oproepen en voeden van vage gevoelens van wantrouwen, angst en haat, het in toenemende mate flirten met politiek geweld en het systematisch opbouwen van collectieve haatfantasieŽn'.

Ook de organisatie van de partij deden Zwaan denken aan fascisme: hiŽrarchisch, antidemocratisch, autoritair en met een cultus rondom ťťn persoon. Het nationalisme van de PVV zou daarnaast etnisch populistisch zijn: het geldt alleen voor de van oorsprong Nederlandse bevolking. Het vijandbeeld dat van moslims wordt verspreid en de wens om moslims het land uit te zetten, zoals uitgesproken door Wilders op de Deense tv, schakelde Zwaan gelijk aan de 'collectieve haatfantasie van etnische zuiveraars, in de jaren tien in het Ottomaanse rijk, in de jaren dertig en veertig in Europa, in de jaren zeventig in Cambodja, in de jaren negentig in JoegoslaviŽ en Rwanda'.

Zwaan beweert niet dat de PVV gelijk staat aan de NSDAP of dat Wilders Hitler is, maar hij wijst wel op de overeenkomsten. Het betoog is helder en, omdat het stap voor stap de historische parallellen belicht, ook tamelijk overtuigend. De conclusie is controversieel, maar zeker niet gemakzuchtig. Je kunt het ermee oneens zijn, en dat waren veel mensen ook, maar het lijkt er niet op dat Zwaan dat schreef om te scoren.

Hou de nazivergelijking weg uit de politieke arena.
Het probleem van nazivergelijkingen is dat er bijna altijd een politiek statement mee wordt gemaakt. Het verleden is geen neutraal referentiepunt, omdat het nou eenmaal zo veel associaties oproept. 'In de retorica probeer je een ander te overtuigen', zegt retorica-expert Peter Burger. 'Een nazivergelijking heeft in die zin dus alleen nut als je denkt dat je publiek het ermee eens zal zijn.'

Bij een pro-Palestina-demonstratie kun je hoogstwaarschijnlijk makkelijker het beleid van IsraŽl in Gaza vergelijken met het Hitlerregime dan elders, al maakt dat de vergelijking nog niet correct. 'Die vergelijking is niet alleen nutteloos en kwaadaardig omdat hij zo overduidelijk inaccuraat is', zegt de Britse Holocaustkenner David Cesarani, 'maar ook beledigend en verwerpelijk. Die slechte intentie maakt de vergelijking bij voorbaat kansloos.'

Ander voorbeeld: Wilders die de Koran of de islam fascistisch noemt, wint daarmee vooral zieltjes in het eigen kamp, de rest van de kiezers zullen zijn woorden wegwuiven. Met andere woorden: wie voor politiek gewin de nazi's erbij haalt, doet dat vooral om de eigen achterban op te zwepen. Tegenstanders kun je niet ermee overreden. En aangezien elke uitlating tegenwoordig op internet kan verschijnen en dus niet beperkt is tot een klein publiek, is het beter om nazivergelijkingen te vermijden als je er een politiek doel mee wilt bereiken. Met als uitzondering natuurlijk: als je mensen voor het hoofd wil stoten.


Tussenstuk:
Vergelijking

Mike Godwin (van de wet van Godwin, die zegt dt narmte eenpolitiekdbat duurt, geheid een vergelijking met het nazisme opduikt) leek op twitter ťťn keer zo'n vergelijking te rechtvaardigen. Het betrof een stuk van Jenna Price, wier familie was omgekomen tijdens de Holocaust. Ze vergeleek het asielbeleid van AustraliŽ voorzichtig met nazipraktijken, nadat de Iraanse Reza Berati was overleden door rellen in een asielzoekerscentrum. 'Dit is geen trivialiserende vergelijking', schreef Godwin (@sfmnemonic). 'Eerder het tegenovergestelde, IMHO (In my humble opinion, red.).'


Web:
'Weet je wie ook snelwegen aanlegde?'

Het mijnenveld van de nazivergelijking
TT:
Joseph Goebbels van economisch beleid
ó Australische premier over oppositieleider 
Dus je wil goede snelwegen aanleggen? Weet je wie dat ook deed?

Tussenstuk:
Godwin himself

Op Twitter leek Mike Godwin, bedenker van de wet van Godwin, ťťn keer een nazivergelijking te rechtvaardigen. Het ging om een stuk van Jenna Price, wier familie was omgekomen tijdens de Holocaust. Ze vergeleek het asielbeleid van AustraliŽ voorzichtig met nazipraktijken, nadat de Iraanse Reza Berati was overleden door rellen in een asielzoekerscentrum. 'Dit is geen trivialiserende vergelijking', schreef Godwin (@sfmnemonic). 'Eerder het tegenovergestelde, IMHO (In my humble opinion, red.).'


Red.: 

Naar Cultuur, multiculturalisme, cultuurverraad , Cultuur, multiculturalisme ,  Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]