De Volkskrant, 04-12-2002, column door Jan Kuitenbrouwer 16 okt.2009

Allochtoon (rev.)

Als Hedenlands het (voorlopige) dieptepunt in zijn loopbaan zou moeten aanwijzen, dan zou dat vermoedelijk in 1996 liggen, toen Heb Ik Iets Verkeerds Gezegd?, enige wenken in incorrect doen en denken verscheen, een boek over de politieke etiquette. Er staat in dat de M-norm, het door feministen bepleitte gebruik van mannelijke beroepsnamen voor vrouwen, onzinnig is. Toen een omstreden idee, nu gemeengoed. Het voorspelt de opkomst van de milieu-recalcitrantie (dat heet nu 'huisvuilscheidingsmoedheid') en het radicale dierenrechtenactivisme, beiden uitgekomen, het komt tot de conclusie dat het weldenkende adagium 'integratie met behoud van culturele identiteit' een goedbedoelde oxymoron is in de trant van 'mayonaise maken met behoud van ei', toen taboe, dit weekend verkondigd door Ayaan Hirsi Ali in de Volkskrant en door Afshin Ellian in NRC Handelsblad, en het reconstrueert waarom we buitenlanders die zich hier vestigden altijd aangeduid hebben met verhullende fantasienamen als rijksgenoot, gastarbeider, migrant, etnische minderheid, allochtoon, nieuwkomer en medelander, in plaats van ze te noemen wat ze zijn: immigrant.
    Ook dat idee lijkt nu eindelijk tot de beleidsmakers in Den Haag te zijn doorgedrongen, las Hedenlands in de Volkskrant van afgelopen maandag. Maar dit profetische prachtboek kreeg nauwelijks aandacht en het dieptepunt werd bereikt toen de NRC het liet bespreken door de cabaretrecensent, waarschijnlijk op grond van de gedachte dat humor en inhoud niet samengaan.
   In dat artikel van maandag wekt Jan Schoonenboom van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid de indruk dat hij als opsteller van het WRR-rapport 'Allochtonenbeleid' (1989) de uitvinder van het begrip 'allochtoon' is, terwijl het al in 1971 werd geïntroduceerd door de sociologe Hilda Verwey Jonker.
    Zoals Hedenlands ook hier nog eens gereleveerd heeft, was zij door het toenmalige ministerie voor minderheden, CRM, gevraagd een advies uit te brengen omtrent het vreemdelingenbeleid, en in haar argeloosheid noemde zij haar rapport 'Immigranten in Nederland.' Die term werd op CRM niet zo geschikt geacht want Nederland kende, of liever wílde geen immigranten kennen. Toen deed Verwey-Jonker de vondst 'allochtoon', een begrip dat wij nu met vreemdelingen associëren, maar dat destijds alleen in het woordenboek stond als geologisch jargon voor 'van elders afkomstige, ondergrondse steenlagen'. Allochtoon is een klassiek voorbeeld van wat George Orwell in zijn boek 1984 aanduidde als 'newspeak'.
    Volgens de overal ter wereld gehanteerde definitie is een immigrant iemand die langer dan een jaar legaal in aan ander land woont, maar daar deed Nederland dus even niet aan mee. 'Het is zinvol pas dán van immigranten te spreken als er voldoende aanwijzingen zijn dat het verblijf van personen of groepen van langere duur of permanent zal zijn', schreef CRM ter rechtvaardiging van dit schimmenspel. 'Voldoende aanwijzingen', wat zijn dat? In feite kun je iemand pas dan 'immigrant' noemen als hij in zijn graf ligt. In vreemde bodem, welteverstaan.
  Hier ligt Yoesoef,
  hij wilde nét teruggaan
    En nu 'vergen de ontwikkelingen weer een nieuwe term' lezen we in de Volkskrant. 'Immigrant'!
    Als oudgediend pleitbezorger van dat begrip zou Hedenlands blij moeten zijn, maar het is een wrange overwinning. Want als het 'de ontwikkelingen' zijn die om 'immigrant' vragen, in plaats van de feiten, zal de 'Wetenschappelijke' Raad voor het Regeringsbeleid als de 'ontwikkelingen' weer anders zijn, wel weer met een nieuwe term komen.
    Het heeft niets geholpen.


Naar Alg. semantiek, toepassingen, multicultureel , Alg. semantiek lijst  , Alg. semantiek overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]