De Volkskrant, 21-06-2013, van correspondent Marc Peeperkorn .2010

Eurolanden bereiken compromis na jaar lang onderhandelen

Noodfonds: 60 miljard voor zwakke banken


Tussentitel: Als een bank niet aan geld kan komen, moeten rijke spaarders en aandeelhouders bijspringen

Het Europees noodfonds mag vanaf medio 2014 onder strikte voorwaarden zwakke banken van nieuw kapitaal voorzien. Het fonds - waaraan alle eurolanden bijdragen - reserveert daarvoor circa 60 miljard euro. .

Minister Dijsselbloem van FinanciŽn en zijn collega's uit de eurozone bereikten donderdagavond een 'principeakkoord' over de herkapitalisatie van banken met Europees geld. De ministers zien dit als een 'doorbraak'. De directe steun uit het noodfonds kan een eind maken aan de situatie waarin nationale overheden gedwongen zijn 'hun' banken te steunen maar daardoor zelf zwaar in problemen komen. Deze 'vicieuze cirkel' tussen banken en staten bracht afgelopen jaren Griekenland en Spanje aan de rand van de afgrond.

Het akkoord van donderdag wordt de komende maanden uitgewerkt en heeft nog de goedkeuring nodig van nationale parlementen. Over directe kapitaalinjecties voor de banken via het noodfonds is ruim een jaar onderhandeld. Duitsland, Nederland en Oostenrijk waren aanvankelijk zeer terughoudend vanwege de kans dat de rekening van slecht bankbeleid en lakse nationale controle op de Europese belastingbetaler zou worden afgewenteld. Spanje, Portugal, Ierland en Griekenland, die grote bedragen in hun banken moesten pompen, zagen het als een kans om deze zware last deels naar het noodfonds door te schuiven.

De twee kampen vonden zich in een compromis dat strikte voorwaarden stelt aan de bankhulp via het noodfonds en het totaal beschikbare bedrag beperkt tot 60 miljard euro. De eerste taak van het fonds blijft eurolanden voor een bankroet behoeden. Het fonds kan in totaal maximaal 500 miljard uitlenen, Nederland staat garant voor 40 miljard. Afgesproken is dat een bank in problemen eerst zelf probeert geld op de markt te lenen. Lukt dat niet, dan moet er een bijdrage komen van de aandeelhouders en grote spaarders (tegoeden boven de 100 duizend euro), gecombineerd met een herstructureringsplan (verkoop van onderdelen).

Levert dat nog steeds onvoldoende op, dan wordt het betrokken euroland om een bijdrage gevraagd. Die kan oplopen tot 20 procent van het bedrag dat het noodfonds uiteindelijk verstrekt. Het kan aanvullende eisen stellen aan de salariŽring en bonussen van de directie bij de probleembank.

De directe steun voor banken uit het noodfonds is een belangrijk onderdeel in het voornemen van de lidstaten om de EU uit te bouwen tot een bankunie. Eerder besloten de lidstaten al om de Europese Centrale Bank de toezichthouder van alle grote Europese banken te maken.


Red.:  Rijke spaarders bestaan niet. Rijke investeerders en arme spaarders. "Sparen" is het op zij leggen van geld verdient met productieve werkzaamheden
 

 

[an error occurred while processing this directive]