De Volkskrant, 02-07-2011, door Hugo Logtenberg 29 jun.2011

Glazige blikken als het om media gaat

Hugo Logtenberg | Hugo Logtenberg is journalist bij Het Parool. Hij vindt dat het onderwijs aandacht moet besteden aan de rol van de media, bijvoorbeeld aan de verschillende wijze waarop media berichten over Wilders en het kabinet.

Tussentitel; 'NOVA? Dat kijkt mijn oma altijd', riep een meisje

Terecht merkt Roderik van Grieken (Opinie & Debat, 25 juni) op dat er in het onderwijs te weinig aandacht is voor retorica; de kunst van het overtuigen. Wie met enige regelmaat Nederlandse politici aan het werk ziet, weet wat de gevolgen daarvan zijn. De paar volksvertegenwoordigers en bestuurders die zich met enige regelmaat ook nog in een vreemde taal moeten zien te redden, laten we dan gemakshalve even buiten beschouwing.

Toch ontbreekt er een belangrijk element in het verder uitstekende betoog van Van Grieken: de rol van de media. Want waarom berichten wij media zo massaal over de door hem bewierookte Geert Wilders, los van de teneur van die berichtgeving? Het (ook in journalistieke kringen) veel gehoorde argument dat we bang zijn na Pim Fortuyn nog een keer de volksboot te missen, is te simpel.

Van Grieken heeft gelijk dat Wilders als geen ander het vermogen beheerst zijn punt te maken, juist voor een groep kiezers die doorgaans niet wordt bereikt door de politiek. En daar houden wij journalisten van: politici die zich onderscheiden en daarmee behalve hun eigen positie ook die van hun tegenstander (pogen te) definiëren. Om die reden is Wilders in journalistiek opzicht een verrijking zoals een ChristenUnie-talent dat bij de laatste raadsverkiezingen was in het goddeloze Amsterdam.

Nog interessanter en relevanter dan jongeren te onderwijzen over de rol van de media, is om in het onderwijs aandacht te besteden aan de onderlinge verschillen over de wijze waarop wordt bericht over bijvoorbeeld Wilders en dit kabinet.

Hoe komt het dat Volkskrant-columnist Arnon Grunberg over staatssecretaris van Cultuur Halbe Zijlstra schrijft dat hij het midden houdt tussen 'een pompbediende en de schoenenpoetser van een schrijftafelmoordenaar' (een predikaat dat toebehoort aan nazi Adolf Eichmann), terwijl dezelfde Zijlstra in Elsevier een 'goudhaantje met lef' met 'een prettig soort onverzettelijkheid' wordt genoemd? Hoe kan het dat PvdA-bestuurder Fatima Elatik steevast de toorn van de Telegraaf wekt en niet die van Het Parool? Omdat ieder medium zijn geschiedenis en toon heeft, zult u massaal denken. Punt is alleen dat u, een betalende krantenlezer van zekere leeftijd, tot een minderheid behoort. Het gros van de jongeren heeft namelijk geen idee.

Bij een gastles op een vmbo in Almere vroeg de docent of iemand wist wat een actualiteitenrubriek was. Geen reactie uit de goed gevulde klas. Of iemand wist wat NOVA (mijn toenmalige werkgever) was. 'Dat kijkt mijn oma altijd!', riep een meisje. De rest van de klas keek haar verbaasd aan dat ze überhaupt wist wat het was. Toen de docent had uitgelegd wat een actualiteitenrubriek was en vervolgens vroeg wie er wel eens naar een dergelijk programma keek, stak een meisje haar vinger op. 'Jensen!', zei ze, de talkshow van dj Robert Jensen op RTL. 'Daar zat Jan Marijnissen laatst. Vond ik wel een toffe peer', vulde ze aan.

Wie denkt dat het schooltype de verklaring voor de onwetendheid in deze is, vergist zich. Op andere schooltypen doe ik exact dezelfde ervaring op. Ter controle: vraag uw buurjongen of nichtje van rond de 18 naar de verschillen in het medialandschap en u weet hoe laat het is. Onbetaalde en daardoor helaas vaak minder onafhankelijke massamedia als Sp!ts en Metro én populaire sites als GeenStijl domineren en representeren voor jongeren veelal 'de media' en daarmee 'de werkelijkheid'.

Nu kunt u zeggen: wat maakt het uit? Maar dat is dan weer zo modern cynisch. Ik geloof oprecht dat het noodzakelijk is dat jongeren die leven in een samenleving waarin de rol van media zo dominant is, meer zouden moeten weten over de achtergronden en beweegredenen van die media. Opdat zij gebeurtenissen beter begrijpen en kunnen plaatsen in een context en hun opvattingen kunnen onderbouwen, welke (politieke) richting die opvatting ook heeft.

Als Van der Griekens pleidooi om retorica een prominentere rol in het onderwijs te geven navolging krijgt, hoop ik dat de rol en beweegredenen van media meteen ook een plaatsje krijgen in het onderwijscurriculum.



Naar Toepassingen, politiek , Alg. semantiek lijst  , Alg. semantiek overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]