WERELD & DENKEN
 
 

Algemene semantiek | Toepassingen: termen

Een van de meer opvallende vormen van taalkundige uitingsvormen zijn die uitingsvormen die conflicterende zaken weerspiegelen. Dat kunnen interne geestelijke, psychologische, tegenstellingen zijn, of maatschappelijke tegenstellingen, tegenstellingen in de interacties met andere mensen. Meestal is het één gekoppeld aan de ander, waarbij beide als oorzaak kunne optreden.

Ook dit verschijnsel komt weer in diverse gradaties, waarbij de sterkste de tegenstelling binnen een enkel woord of term of woordcombinatie is. Dit is bekend als een oxymoron  (Wikipedia), waarvan er onschuldige varianten bestaan, zoals "kleine reus", die dan tot de retorica behoren, maar de overgrote meerderheid der toepassingen heeft als doel allerlei vormen van meningsbeïnvloeding, en vallen in het bereik van lopende van retorische trucs  via misleiding tot propaganda. Een voorbeeld afkomstig van een discussie op het internet die ging over het geven van koranlessen op de openbare school, wat werd verdedigd met het argument dat het daar op een verantwoorde manier kon gebeuren, in tegenstelling tot in een moskee - reageerder R. Windt maakte als antwoord het volgende lijstje op:

  Verantwoorde godsdienstlessen? Dat is hetzelfde als:
- onderhoudsvrije tuin;
- schone oorlog;
- gezonde snack;
- eerlijke politiek;
- multiculturele samenleving;
- klimaatneutrale verbranding.

In al deze gevallen probeert men door de combinatie van termen iets dat slecht is of slecht gaat beter voor te stellen dan het is, door het met iets positiefs te koppelen, waar die koppeling in diverse mate irreëel is. "Onderhoudsvrije tuin" en klimaatneutrale verbranding zijn regelrechte tegenstellingen, en "schone oorlog" is dat virtueel. " Eerlijke politiek" zou natuurlijk mogelijk kunnen zijn, maar de praktijk is meestal anders, net als "gezonde snack".

Maar waar deze methodiek het meest gebruikt wordt, en ook als meer succesvol, is in de verdediging van ideologie. Daarvan is "multiculturele samenleving" een voorbeeld. Multiculturalisme is een ideologie die stelt dat alle vormen van vermenging van culturen positief uitwerken. Terwijl gezond al zegt en de praktijk al vele malen heeft uitgewezen dat de kans op een positieve uitkomst sterke afhangt van ten eerste de verschillen, en ten twee van de verschillen in niveau. Een achtergebleven cultuur als van de Papoea's of de Nukak mengt niet succesvol met de moderne cultuur - de uitkomst is, bij echte menging, ondergang voor de onderliggende cultuur, zoals het lot van de Amerikaanse Indianen, Australische Aboriginals en Nieuw-Zeelandse Maori bewijst. Voor de groepen allochtone immigranten in Nederland geldt ongeveer hetzelfde: een samenleven met een moderne maatschappij met behoud van achterlijke culturele gewoontes is niet mogelijk. Omdat dit voor de ideologische voorstanders van migratie een onmogelijk conclusie is, hebben ze de samentrekking van twee conflicterende begrippen bedacht: de multiculturele samenleving.

De multiculturele samenleving kan gezien worden als de erfopvolger van een andere ideologie: die van de gelijkheid der culturen, waarvan één van de proponenten de antropoloog en filosoof Claude Levi-Strauss is. Van hem is een bijpassend en soortgelijk oxymoron: "De rationaliteit van het wilde denken".

Maar ook het meer dagelijkse leven is vergeven van termen die er niet voor bedoeld zijn om informatie over te brengen, maar juist om die te verhullen (uit: De Volkskrant, 18-12-2009, door Olaf Tempelman):

  Leren heen- en terugdenken over bekostigingsprikkels

Tussentitel: Vaagtaal - linguïstisch misdrijf en smeermiddel

Grote Leiders, revolutionairen, maffiabazen en voorzitters van bestuursraden kun je niet over een kam scheren. Echter: ze hebben doorgaans gemeenschappelijk dat ze duidelijk zijn. Hun ondergeschikten bezondigen zich vaker aan minder helder taalgebruik. Stalin zei: ‘Je kunt geen omelet bakken zonder eieren te breken.’ Sovjet-apparatsjiks spraken van de noodzaak tot het nemen van initiatieven ter bevordering van een klimaat dat een sociale transformatie bewerkstelligt blabla. Orwell schetste in 1984 een totalitaire samenleving waarin een ‘nieuwspraak’ was ontstaan waarmee echt iets zeggen onmogelijk was geworden. ...
    Laten we hier niet superieur om de houten taal-apparatsjiks glimlachen. ‘Taalliefhebbers’ Arjen Ligtvoet en Cathelijne de Busser doopten de contemporaine Hollandse variant van ‘nieuwspraak’ Vaagtaal (Haystack; euro 19,95). Ondertitel: Vecht mee tegen beleidsbabbels, managementspeak en zorggezemel. Het werkje bevat een Vaagtaal Top 100, met uitschieters als bekostigingsprikkel, bespreekvoorstel, flankerend beleid, herconceptualiseren, inregelen en ontdubbeling. In principe (dat staat ook in die Top 100) gaat geen enkele beroepsgroep in Vaagtaal vrijuit. Beleidsmedewerkers worden stevig afgerekend op inventies als ‘heen- en terugdenken’ en ‘veiligheidbeheerssystemen’... Managers staan terecht voor hun voorliefde voor ‘aanstel-Amerikaanse afkortingen’ à la CEO, .... Journalisten worden aangeklaagd voor hun vergrijp aan monsterclichés ... personeelsadvertenties (‘Behoort sales integraal tot uw kerncompetentie? Beschikt u over een optimale mix van intelligentie en sociabiliteit?’).   ...

Een situatie die glashelder is,zou je zeggen: dit taalgebruik is misbruik van taal. Iets waar de meer exact en redelijk denkende mens geen moeite mee zou hevven, zo'n veroordeling. Maar niet de schrijver van dit artikel:

  Hoe kunnen zoveel normale mensen in hun taalgebruik zo diep zinken? ...Je kunt als normaal mens beginnen als beleidsmedewerker, en voor je het weet ben jij ook aan het heen- en terugdenken over veiligheidbeheerssystemen. Maar behalve beroepsdeformatie zou ook wel eens kunnen meespelen dat kristalhelder taalgebruik net zo fataal is voor een werkomgeving als het iedereen maar eerlijk zeggen wat je echt vindt. 

Maar dit geconstateerd hebbende is de conclusie eigenlijk nog steeds open: want dat een hele groep het doet zegt niets over de waarde ervan. Er zijn ook genoeg groepen van dieven geweest. Maar er is nog een argument:

  Het misdrijf moet worden aangepakt, maar in de wetenschap dat de nieuwe Hollandse specialiteit ‘zeggen-waar-het-op-staat’ ook zijn nadelen heeft, en diplomatie zijn voordelen. Want je moet er niet aan denken dat iedereen zich zo helder gaat uiten als Stalin of wijlen Fokker-topman Swarttouw.

Wat op zich weer een vorm van taalvervuiling is: je moet het misdrijf aanpakken, maar toch niet. Of althans: een beetje. Ook bekend van: diefstal is fout, maar een beetje diefstal moet kunnen.

Waarmee we meteen reden nummer één hebben voor het niet- of minder veroordelen van taalmisbruik door de auteur. Want die is journalist, en journalisten zijn een van de veelvuldige hanteerders van dit soort taalmisbruik.

En dan kunnen we meteen door naar de reden voor het taalmisbruik dat in het boek geconstateerd is: daarover  mag journalist Olaf Tempelman wel beweren dat (in principe) 'geen beroepsgroep' vrijuit gaat, maar dat is natuurlijk volkomen onjuist. Hij geeft zelf al een voorbeeld: 'wijlen Fokker-topman Swarttouw'. Want het is natuurlijk niet speciaal Frans Swarttouw, maar heel Fokker dat gruwelijk heldere taal gebruikt. Want als je als Fokkerman geen gruwelijk heldere taal gebruikt, dan gebeuren er ongelukken. Waarmee het onmiddellijk duidelijk is dat dat voor de hele techniek geldt, waarbij we dan ook meteen de natuurwetenschap kunnen meenemen. Nee, niet dé wetenschap, want sociologen zijn medegebruikers van misbruiktaal als "multiculturele samenleving"  .

Dus technische en natuurwetenschappelijke beroepsgroep valt uiten het lijstje. Waar valt er dan binnen? Nou, daarvan geven de auteurs van het boekje al de voorbeelden: managers, beleidsmedewerkers, directeuren, personeelsfiguren, journalisten, kortom:de alfa- en gamma-sectoren. Die sectoren die in organisatie en bedrijfsleven de gang van zeken bepalen, daar nauwelijks geschikt voor zijn, en dat verhullen door vaagtaal en jargon  .


Naar Mengwoorden  , Alg. semantiek lijst  , Alg. semantiek overzicht  , of site home  .