De Volkskrant, 05-03-2013, van verslaggever Maarten Keulemans

7 mrt.2013

Meer foliumzuur, vragen uw genen

Met de zondag gepresenteerde chemische routekaart van de mens krijgt de wetenschap meer greep op de moleculensoep die ons laat leven. Een dieet op maat komt dichterbij.


Tussentitel: Vergeet algemene wijsheden als 'van vet eten wordt je dik'

Als er één plek is waar er al iets van zichtbaar is, van de contouren van onze verre toekomst, dan is het misschien de Universiteit Maastricht. Het Maastricht UMC is sinds kort een van de 25 deelnemers aan een groot EU-project op het gebied van 'gepersonaliseerde voeding'. De komende jaren gaat de universiteit verkennen hoe ontvankelijk mensen zijn voor voedingsadviezen op maat.

Totaal andere koek dan bestaande voedingsadviezen, beklemtoont hoogleraar humane voeding Wim Saris. Vergeet algemeenheden als 'van vet eten word je dik' of 'veel zout vergroot de kans op hart- en vaatziekten': 'Hoe voeding uitpakt, verschilt per persoon. Uit het cardiovasculair onderzoek weten we dat een onverzadigd-vetzuurdieet bij veel mensen helpt, maar dat een kwart er helemaal niet op reageert. En uit ander onderzoek weten we dat als je mensen drie maanden lang duizend kilocalorieën meer geeft dan ze nodig hebben, sommige 2 kilogram aankomen, en andere 14. Dat hangt samen met genetische aanleg.'

Vandaar dat het Europese onderzoek, waarmee 9 miljoen euro is gemoeid en waarbij zeven landen zijn betrokken, zich onder meer richt op de genen. Wie zich via de website food4me.org aanmeldt, krijgt behalve vragenlijsten, bloedproefjes en een apparaat dat de lichaamsbeweging meet een genetische test: hoe gaat uw lichaam om met bepaalde stoffen?

Het onderzoek richt zich op de vetzuren omega 3 en omega 6, foliumzuur, vitamine E3 en antioxidanten, omdat dat nu eenmaal de stoffen zijn waarvan de wetenschap de verwerking in het lichaam het beste begrijpt. 'Het vergezicht is een sterke rationalisering van het dieetadvies', zegt Saris. 'Je gaat naar de huisarts en die zegt aan de hand van een druppeltje bloed: u hebt gezien uw genetica meer foliumzuur nodig.'

Deze week kreeg de wetenschap weer wat meer greep op de chemische mallemolen van de stofwisseling in menselijke cellen, met de onthulling van een soort chemische stafkaart, waarop experts kunnen nazoeken welke stoffen precies welke reactiepaden afleggen.

De kaart is onderdeel van het steeds uitgebreidere arsenaal mogelijkheden waarover medici beschikken om de unieke eigenschappen van patiënten te bestuderen: de genen (het 'genoom'), de activiteit van die genen (het 'transcriptoom'), de eiwitten die aan het werk zijn ('proteoom') en de stofwisselingsproducten in en om de cellen ('metaboloom'). Behalve een lichaam met een hartslag, bloeddruk en temperatuur bent u immers ook gewoon een wandelende wolk in cellen verpakte moleculen. De stafkaart geeft een indruk hoe de hele moleculaire santenkraam zo ongeveer op elkaar ingrijpt.

Inderdaad een cruciale stap, beaamt iedereen die je ernaar vraagt, maar pas op voor te hoog gespannen verwachtingen. 'Het is een belangrijke mijlpaal', zegt hoogleraar systeembiologie Bas Teusink (Vrije Universiteit Amsterdam). 'Het cement van de datasets. Maar het is ook maar een wegenkaart. Je zult nog altijd moeten meten welk verkeer erdoorheen stroomt.'

'Het is relatief gemakkelijk om alle onderdelen te overzien, en nu zien we hoe die onderdelen met elkaar zijn verbonden', zegt de Groningse hoogleraar systeembiologie Matthias Heinemann. 'Maar hierna staan we voor de nog grotere uitdaging om op een kwantitatieve manier te bepalen wat de dynamiek van het systeem is. Wat gebeurt er als je de hoeveelheid van een bepaalde stof vergroot?'

Hij vergelijkt het met een luidspreker en een microfoon die met elkaar zijn verbonden. 'Boven een zeker volume kun je opeens gepiep krijgen. In een cel speelt dat ook: een klein verschil in input kan grote gevolgen hebben.'

Teusink trekt de vergelijking met de wegenkaart door: 'Om het chemische verkeer af te stellen, hebben we alle stoplichten nodig.' Vooral de enzymen, werkpaarden van de cel die bemiddelen bij allerlei chemische reacties, zijn cruciaal. 'En het wordt nog een grote stap om de eigenschappen van alle enzymen mee te nemen.'

En dan nog zijn we er nog niet, waarschuwt Thomas Hankemeier, hoogleraar analytische biowetenschap in Leiden en directeur van het Netherlands Metabolomics Centre. 'We zien meer metabolieten dan nu in die kaart staan. En dan nog kunnen we niet de hele mens modelleren. Cellen hebben interacties met elkaar, en bij ziektes spelen verschillende organen en orgaan-orgaaninteracties een rol.'

Mooi is dat: heb je net de mens ontleed in moleculen, blijkt dat je tóch weer naar zijn hele lijf moet kijken. 'Ook ik ben zeer enthousiast dat deze kaart er is', zegt Hankemeier. 'Maar ik verwacht dat je uiteindelijk meerdere benaderingen zult hebben om de mens beter te begrijpen en biomedische vragen te beantwoorden, waarvan dit er één is.'

In Maastricht is men maar gewoon bij het begin begonnen: eerst eens kijken of de consument er wel aan wil, zo'n voedingsadvies dat past bij iemands moleculaire samenstelling. 'De grote vraag is natuurlijk: wat doen mensen op den duur met zo'n advies?', zegt Saris.

'Moet je dan aan de vitaminepillen en supplementen?', mijmert intussen Teusink. 'Voeding is heel complex, en moet je niet gaan medicaliseren. Uiteindelijk gaat het toch gewoon om advies over boterhammen en maaltijden.'



Naar Alg. semantiek, trainingsprogramma , Alg. semantiek lijst  , Alg. semantiek overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]