Filosofen, Bas Haring: politieke correctheid 13 okt.2007

Ook goede filosofen hebben hun zwakke punten - bij Bas Haring is dat politieke correctheid. Uit de eerste bron te beoordelen, is dat bij hem geen waan van de dag, maar het gevolg van diepere overtuigingen:


De Volkskrant, 28-04-2007, column door Bas Haring

Alsof de natuur iets moois is. De natuur is slecht.

Ik ben een soort van opa geworden: mijn eenden hebben kleintjes. Of eerlijk gezegd hádden ze die. Van de negen knalgele kleine eendjes is er nog eentje over. Hoewel ik niet eens weet of dat wel zo is: misschien is ondertussen de laatste ook al weer vergaan. Opgegeten door de reigers. Kutbeesten.
    Op dag één verzamelden de eendjes zich onder de vleugels van moeder eend. Breeduit - om de eendjes plaats te gunnen - zat ze op haar kleintjes; ze kneep haar ogen tot een spleetje en leek echt te genieten van al dat grut onder haar vleugels. Ik wist natuurlijk wel dat negen eendjes er nooit negen kunnen blijven - anders zou het al lang stikken van de eenden. Maar dat er na drie dagen nog maar vijf over zouden zijn had ik niet gedacht. Moeder keek ook lang zo trots niet meer.
    O, wat had ik toch met haar te doen. Zo'n lieve zorgzame moeder wier kinderen rücksichtlos door de reigers opgegeten werden. Toen er weer een dag later nog maar drie over waren besloot ik in te grijpen.
    De eendjes moesten gevangen. Samen met hun moeder, in een groot hok met een vijver. Tot midden in de nacht - en van honderden euro's geïmpregneerd tuinhout hebben m'n vriendin en ik een hok gebouwd. Toen de eenden nog.
    Volgens de eendenexpert van een dorp verderop was dat niet zo moeilijk: 'Gewoon met een schepnet: schep de moeder uit het water; stop 'r in het hok; en de kleintjes volgen vanzelf: Maar niet heus. Ik ben natuurlijk geen professioneel eendenvanger en in de consternatie van het net en de bruuske bewegingen ving ik weliswaar de moeder maar stoven de drie kleine eendjes alle kanten op. Twee de ene kant, en eentje de andere kant. Wat nu?
    Ik had moeder, maar die lieve kleintjes waren verspreid door de sloten om mijn huis. Lichtelijk in paniek plonsde ik de sloten door op zoek naar kleine eendjes. Tot mijn nek in het water, of de modder, en met het schepnet als een soort van wandelstok - zonder was ik kopje onder gegaan. Mijn buren vonden het vreemd gezicht en verbaasden zich meewarig over mijn stadse fratsen.
    'Ach buurman, het is de natuur. Daar moetje niks aan doen.' Niks aan doen? Waarom zou ik er niks aan doen? Ik weet heus wel dat reigers natuur zijn, en dat ze mijn kleine eendjes opeten. Maar dat ze natuur zijn betekent nog niet dat ik er niks tegen moet doen. Integendeel. Alsof de natuur iets moois is. Iets goeds. De natuur is juist slecht. Lelijk. Gemeen. Juist omdat het de natuur is moet ik er wat tegen doen.
    Het is een vreemd romantisch idee - van mijn buurman en vast van vele anderen - dat de natuur iets prachtigs is. En dat is het ook wel: als ik uit mijn ramen tuur dan zie ik mooie natuur. Groen, met bloemen en een meerkoet. Maar verborgen in het riet bevindt zich de ellende.
    Overigens heb ik de kleintjes niet kunnen vangen - ook niet na een paar uur in de sloot. We hebben moeder maar weer vrijgelaten. Die had er twee zo weer bijeen.


IRP:   Het behoeft nauwelijks vertaald te worden: Bas denkt dat hij het beter weet dan moeder natuur. En wel vanuit politiek-correcte opvattingen over de oneindige liefheid van alles dat leeft en groeit en bloeit. Gemakshalve vergetend dat die natuur elkaar ook naar het leven staat - eten en gegeten worden.
    Dat is het gegeven, en tot dat gegeven behoort het feit dat moeder natuur de moeder eend voorzien heeft van negen jongen. Om ervoor te zorgen dat als ze groot genoeg gegroeid zijn om niet meer opgegeten te worden, er toch nog twee of drie overblijven om de soort in stand te houden.
    Maar Bas weet het beter: wollige eendjes opgegeten worden? Dat is zielig! Bas boos plassend door de sloot om moeder natuur te corrigeren. Idioot natuurlijk, zoals de minder intellectuele buren hem ook duidelijk maken. Maar eigenwijs, hè, die Bas - intellectueel weet het beter, en zeker als je in het bezit bent van zulke prachtige idealen.
     Het nettoresultaat van Bas z'n inspanningen: moeder eend heeft nog een jong minder. Dank je, Bas!

Nou, verdere vertaling richting politieke correctheid en vraagstukken als immigranten en vluchtelingen is ook nauwelijks nodig. De wereld is overbevolkt met negen eendjes, maar de poltiek-correcten willen ze allemaal in leven houden -"Kom maar in Bas z'n Nederlandse hokje - er kunnen er nog wel wat bij". Even vergetende dat negen eendjes met hangen en wurgen misschien nog wel kan, maar de volgende generatie: negen keer negen is zevenentwintig eendjes, al echt een onoverkomelijk probleem wordt.

Enfin, na zo'n uitleg is het eigenlijk allemaal te simpel en triest voor woorden, dat dit zo ver gaat dat zelfs op andere terreinen  nuchter denkende mensen zo ernstig de fout in kunnen gaan. Volgende concrete voorbeeld (er zijn er meer, maar die zwerven nog in de archiefknipsels):


De Volkskrant, 13-10-2007, column door Bas Haring

Kun je met één druppel identiteit Nederland maken?

Wat is toch in hemelsnaam die identiteit waar afgelopen dagen zoveel over gezegd en geschreven is? Waar hebben we het dan over?
    Een woord wat in me opkomt, zo nadenkend over wat identiteit toch eigenlijk is, is het woord 'essentie'. Zoals in 'vanille-essentie': een klein beetje is voldoende en de hele taart smaakt naar vanille.
    Of 'sinaasappelessentie': één druppeltje ervan in een groot glas aangelengde alcohol en je krijgt Grand Marnier.
    Dat ene druppeltje essentie is de samengebalde kern van waar het om gaat. En identiteit is volgens mij ook zo'n 'samengebalde kern'.
    Heb ik zelf zoiets? Een identiteit. Is er een essentie van wie ik ben? Ik geloof eerlijk gezegd van niet. Ondanks mijn zoektocht - die heb ik heus gehad - heb ik nog nooit mijn identiteit kunnen vinden.
    Natuurlijk, er zijn dingen die goed bij mij passen en andere dingen die echt niet bij mij horen, maar het druppeltje Bas Haring-essentie ken ik niet.
    En als ikzelf niet eens zo'n essentie heb, zouden 16 miljoen mensen er dan wel één hebben? Eentje voor hun allemaal. Een Nederlandse identiteit. Ik betwijfel het.
    Maar veel belangrijker is de vraag: 'En wat dan nog?' Mocht de Nederlandse identiteit wel bestaan, welke consequenties verbinden we daar dan aan? Wat moeten we ermee?
    Moeten we er trots op zijn? Op het druppeltje waar we allemaal in passen? Moeten we hem koesteren?
    Kan het beter maar niet veranderen en blijven zoals hij is? Is het het beste druppeltje dat er bestaat? Is 't beter dan andere identiteiten?
Moeten we boos worden op hen die ons druppeltje ontkennen? En zo ja, waarom dan?
    Ik zou er eerlijk gezegd niet om malen als zo'n druppeltje niet bestaat: het druppeltje dat aangelengd met water Nederland oplevert.
    Ik hou niet van zulk soort druppeltjes. Zoals ik ook niet van vanille-essentie hou, en geef mij maar echte Grand Marnier.


IRP:   Het onderwerp is de ophef over de uitspraak van prinses Maxima, gedaan bij het zeer politiek-correcte WRR rapport over integratie, dat er niet een DE Nederlandse identiteit bestaat. Elders is al betoogd dat dit voor alle sociologische begrippen geldt, en dat waar het begrip Nederlandse identiteit gehanteerd wordt, dit dus het sociologische gemiddelde is, en dat DE Nederlandse DUS wel bestaat.
    Net zo goed als er misschien geen 'druppeltje Bas Haring essentie' is, maar dat de toestand aangeduid met de naam "Bas Haring" onmiddellijk herkenbaar is als je toevallig achter hem staat in de rij in de kantine. En iets dergelijks geldt voor de toestand met de naam "de Nederlandse identiteit", die zodanig duidelijk is, dat velen in staat zijn hem in het buitenland direct te herkenen, zonder vooraf een woord gewisseld te hebben!


Terug naar Filosofie lijst , of naar site home .
 

[an error occurred while processing this directive]