De Volkskrant, 08-07, door Wilma de Rek .2009

Interview | Henk Barendrecht

Weg van mij

Toen hoogleraar wiskunde Henk Barendregt de Sacre du printemps van Stravinsky hoorde, veranderde dat zijn leven. Hij ging mediteren en ontdekte: alles is voorbestemd, maar je hebt ook een vrije wil. Daarover vertelt hij nu in V en in augustus op Lowlands.


Tussentitel: 'Iedereen die zich een beetje in het boeddhisme verdiept, weet dat het boeddhisme gaat over het loslaten van het ego'

Veel ellende in de wereld is terug te voeren op het ego. Oorlog. Hebzuchtige bankiers. Mensen die zo nodig met hun ijdele kop op tv moeten. Mensen die mensen die zo nodig met hun ijdele kop op tv moeten, jaloers afbranden op Twitter. Silvio Berlusconi.

Veel prachtigs in de wereld is óók terug te voeren op het ego. De oude wijken van Parijs. De doelpunten van Maradona in de kwartfinale Argentinië-Engeland tijdens het WK van 1986. Het Tweede Pianoconcert van Rachmaninov. Sierlijke schoentjes onder fijne zomerjurkjes.

Het ego is een krachtige drijfveer. Dat is best raar, als je in aanmerking neemt dat het ego niet bestaat. Of althans: niet bestaat zoals wij dénken dat het bestaat.

Henk Barendregt : 'Het ego is een proces. Het kan vloeien en vormen aannemen, maar het is geen vast ding. Het ik verandert voortdurend.' Barendregt (1947) is hoogleraar wiskunde en informatica aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij is ook paukenist, Spinozaprijswinnaar, boeddhist en docent vipassana-meditatie. Vijftien jaar geleden besloot hij op zoek te gaan naar de wetenschappelijke onderbouwing van iets dat hem tijdens vele uren mediteren duidelijk was geworden: namelijk dat het bewustzijn 'discreet' is, zowel in tijd als in plaats.

In de ommuurde Perzische tuin van het NIAS in Leiden, waar hij een deel van zijn onderzoek doet, wijst Barendregt naar een mozaïek van kleine steentjes: wie er van een afstandje naar kijkt, ziet een schitterend plaatje; wie er met zijn neus bovenop staat, ziet alleen maar kale, losse onderdelen. 'Álles is opgebouwd uit losse deeltjes. Dit bankje waarop we zitten, de rozen die daar zo mooi bloeien. En ook ons bewustzijn. De neuronen in onze hersenen produceren voortdurend korte flitsjes. Ze doen pshhh, pshhh, pshhh: van die flitsjes zijn er een heleboel, zoveel dat ze samen een egaal plaatje lijken. Maar tussen die flitsjes is er niets.'

Dat ontdekte u tijdens het mediteren?
'Ontdekken is niet het goede woord, iedereen die zich een beetje in het boeddhisme verdiept, weet dat het boeddhisme gaat over het loslaten van het ego. Maar je kunt iets weten en je kunt iets echt zíen. De meditatietechniek waar ik voor heb gekozen, is vipassana. Dat is een vorm van meditatie die is gericht op het verkrijgen van inzicht. Je kijkt naar je gedachten, naar je stemmingen, je ziet dat alles komt en ook weer verdwijnt.

'Het inzicht dat niets blijvend is en dat alles is opgebouwd uit kleine deeltjes is eeuwenoud; maar ben je ook bereid dat toe te passen op je eigen ziel? Dat leer je bij vipassana. Toen ik het zag, echt zag dus, moest ik overgeven.'

Waarom?
'Omdat het betekent dat je niet bestaat zoals je altijd dacht dat je bestaat. Omdat je een proces bent. En je bent ook nog eens een gedetermineerd proces. Alles wat je doet, is voorbestemd.'

Over die determinatie geeft Barendregt binnenkort college bij Lowlands University. Half augustus gaat hij de bezoekers van het popfestival in Biddinghuizen vertellen dat hoewel alles wat ze doen is voorbestemd, ze toch een vrije wil hebben ('In één zin samengevat: er is vrije wil, maar die is niet van jou') en zal hij ze meteen de verbanden tussen wiskunde en meditatie laten zien. 'Meditatie trok mij aan vanwege de wiskundige kant. Meditatie is heel exact.'

Die naam heeft het niet zo. Wat is er exact aan mediteren?
'Als jij nu naar jezelf kijkt, zie je de inhoud van je bewustzijn, op dit moment. Maar naast die visuele inhoud van je bewustzijn speelt ook de inkleuring van die inhoud een rol. Je lijkt me in een goed humeur; dat is je huidige mindstate. Maar misschien ben je straks of morgen in een slecht humeur en zie je de dingen totaal anders.

'De meeste mensen proberen de objecten waarmee ze leven, te optimaliseren: een groot huis, een mooie vrouw, een aantrekkelijke baan, veel vrienden. Dat doen ze vanuit de hoop zich lekker te voelen. Maar het huis kan duur zijn en de partner wispelturig. Wat doet nou meditatie: dat gaat regelrecht naar de mindstate. Het slaat de omwegen en de objecten over. Wie mediteert, splitst het bewustzijn in twee componenten - mindstate en inhoud - en houdt zich vervolgens rechtstreeks bezig met de mindstate. Erg handig, want als je het lukt je mindstate direct aan te sturen, heb je die wispelturige vrouw en dat dure huis niet nodig om je goed te voelen. Dat is wiskunde, om de dingen zo te splitsen. Wiskunde is niet de studie van getallen, maar de studie van patronen en verhoudingen. Net als meditatie.'

Tijdens lezingen laat Barendregt vaak twee plaatjes zien die allebei vol staan met zwarte vlekjes. Het ene plaatje bevat een stukje uit de partituur van de Sacre du printemps van Stravinsky, het andere een complexe meetkundige figuur. 'Dat wiskundeplaatje lijkt heel ingewikkeld, maar als je gaat tellen hoeveel cirkels en lijnen erop staan, kom je op 83. Dat stukje uit de partituur van de Sacre bevat 1.200 nootjes, die zich notabene afspelen in een seconde of vier. De informatiedichtheid is daar veel hoger dan bij het wiskundeplaatje. Wiskunde schrikt veel mensen af, muziek niet, terwijl muziek vaak veel ingewikkelder is.'

Dat Henk Barendregt zich is gaan bezighouden met dingen als mediteren, het bewustzijn en het ego, heeft met diezelfde Sacre du printemps te maken. Zestig jaar geleden liet zijn vader hem het stuk horen waarmee Stravinsky in 1913 de klassieke muziek op zijn kop zette. 'Op zo'n ouderwetse grammofoon met een toeter; ik was 5 jaar oud. Ik zei tegen hem: hier hou ik niet van. Ga nog maar een paar keer luisteren, zei mijn vader: dan ga je het vanzelf mooi vinden. Dat was ook zo.

'Een paar jaar later, ik was 9 of 10, bezocht ik een jeugdconcert. Na de pauze werd de Sacre gespeeld en op een gegeven moment, tijdens de Cortège du sage, kreeg ik een bewustzijnservaring die bepalend is geweest voor mijn verdere leven. Tijdens het moment van die Cortège du sage gaan veertien ritmes tegen elkaar in. Veertien ritmes: dat is veel hoor! Op YouTube staat een filmpje van Michael Tilson Thomas, de dirigent van het San Francisco Symphony Orchestra, die over dat stukje zegt: hier is sprake van een overdosis informatie, een sensory overflow zoals hij het noemt. Die veertien ritmes en de harmonieën die erbij komen, dat kun je gewoon niet aan. Op het moment van die Cortège dissocieerde ik als het ware. Mijn visuele waarneming ging losstaan van de muziek, ik wist niet meer wat er gebeurde. Het duurde maar heel kort, 20 of 30 seconden, toen was alles weer normaal.

'Nog weer wat later las ik een boek over het heelal, en hoe groot dat is. Honderdduizend lichtjaren: met mijn wiskundige belangstelling kon ik wel beredeneren hoe ver je dan komt. Ik weet hoe groot een lichtjaar is, 300 duizend kilometer per seconde ga je: vermenigvuldig dat met het aantal seconden in een jaar en je krijgt een getal dat zo groot is dat je je er niets bij kunt voorstellen. Laat staan bij honderdduizend lichtjaren. Je kunt er wel mee werken, met die getallen, maar je kunt je er geen voorstelling van maken. Ik probeerde dat toch, ik ging nadenken: misschien zijn er helemaal geen planeten, zo ver weg, en ook geen levende wezens; misschien zijn wij wel de enigen in het heelal. Op een gegeven moment kom je al nadenkend op een punt waar woorden niet meer toereikend zijn. En toen kreeg ik een grenservaring.'

Wat is een grenservaring?
'Een grenservaring is een ervaring op de grens van bestaan en niet bestaan. Je bestaat niet níét en je bestaat ook niet wél. Ik ervoer een oneindige angst en tegelijkertijd een oneindig prettig gevoel. Dat is natuurlijk vreemd. De angst was er doordat ik me voorstelde dat er geen existentie meer is. Het prettige kwam voort uit het feit dat er, terwijl ik me dat voorstelde, nog wel degelijk iets was.'

Op zijn 14de vertelde Barendregt aan zijn wiskundeleraar wat hij had meegemaakt. 'Mijn ouders durfde ik er niet zo goed mee lastig te vallen; mijn vader was klinisch psycholoog en ik was bang dat hij zou denken dat er iets mis was met me.' De wiskundeleraar gaf hem boeken te leen van de filosoof Bernard Delfgaauw, gespecialiseerd in het existentialisme, en via hem kwam hij terecht bij de Japanse schrijver Daisetz Suzuki. 'Existentialisten kennen ook het grote niets. Maar ze hebben nog zo veel gehechtheid aan het ego dat ze niet in dat niets durven springen, in tegenstelling tot de boeddhisten.

'Met mediteren begon ik veel later, na mijn promotie, toen ik ergens in de twintig was. Ik was postdoc in Californië en daar ontmoette ik mensen die les kregen van een Japanse zenmonnik; ik vroeg of ik daarbij mocht zijn. Wat ik eigenlijk hoopte, was die grenservaring terug te krijgen. Maar die kwam niet. Pas jaren later had ik hem weer heel even.'

Als het ik niet bestaat zoals wij denken dat het bestaat, waarom worden mensen dan niet met die wetenschap geboren? Het is toch heel onhandig om daar al mediterend achter te moeten komen?
'Omdat als je zo geboren wordt, je geen maatschappij gaat stichten. De natuur wil graag dat we overheersen, dat we ons voortplanten, dat er van onze genen meer zijn dan van andermans genen. Dat is een evolutionair antwoord, maar gelukkig houdt het daar niet mee op.

'Het grote verschil tussen mens en dier is dat de mens een speciale gave heeft: namelijk om over zichzelf heen te kijken. En dan kun je meer doen dan je willoos laten sturen door de genen. Je kunt loskomen van die gehechtheid aan bezit, aan macht en aan ego; je kunt loskomen van dat twijfelen en de baas willen zijn. Het zou goed zijn voor de wereld als mensen loskomen van hun oerdriften.'

Dat gebeurt niet vanzelf.
'Ik denk dat het niet uit de genen moet komen maar uit de memes, de memen. Het begrip 'meme' is in de jaren zeventig door Richard Dawkins onder de aandacht gebracht in zijn boek The Selfish Gene. Het is overdraagbare kennis, een idee dat je kunt onthouden, memorise. De stelling van Pythagoras is een meme. Béla Bartók schreef een sonate die in 1945 nog zo moeilijk was dat alleen Yehudi Menuhin hem kon spelen; nu kan elke goede conservatoriumstudent dat. De mensheid wordt steeds beter, in sport, in muziek, in van alles: dat heeft niet met de genen te maken, maar met de memen. Ik denk dat de capaciteit om de gehechtheid aan het ego los te laten ook een meme is: een vaardigheid die we moeten verwerven.'

En die capaciteit verwerven we door te mediteren.
'Bijvoorbeeld. Iedereen kent de uitspraak van Hegel en Marx: dat religie de opium van het volk is. In variatie op die uitspraak zeg ik: boeddhisme is de methadon van het volk. Boeddhisme, en het mediteren dat daarbij hoort, helpt je af te kicken: namelijk van de verslaving aan het zelf.

'Als je via meditatie eenmaal tot het inzicht bent gekomen dat je ik iets anders is dan je altijd hebt gedacht, kun je verder. Dan kun je leren waarom dat besef je geen angst hoeft aan te jagen. Dat je niet in paniek hoeft te raken. Dat het je daarentegen veel rust kan geven. Want zolang je nog niet hebt ingezien dat het ik een proces is, een gecompliceerd proces, probeer je te verdedigen dat je er staat als vast ding; en dat gaat gepaard met vechten en lijden. Waarschijnlijk overleven we het niet op aarde als we niet dit inzicht krijgen in de ware aard van het ik. Met die illusie voeren we oorlogen en gebeurt er allerlei andere ellende. En worden we gek. Het ik is the very cause of madness and war.'

Vervolg van pagina V3





Lees verder op pagina V4

Lowlands University

Henk Barendregt (1947) is hoogleraar 'Grondslagen van de wiskunde en de informatica' aan de Radboud Universiteit, maar houdt zich sinds een aantal jaren ook bezig met de studie van het menselijk bewustzijn. Met een groepje wetenschappers uit binnen- en buitenland probeert hij de inzichten over de werking van het bewustzijn te staven die hij opdeed tijdens zijn meditaties. Barendregt raakte op zijn 14de geïnteresseerd in het boeddhisme en is sinds 2006 leraar vipassana-meditatie. In 2002 ontving hij de Spinozapremie van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, in 2012 won hij het 'Distinguished Lorentz Fellowship' van het Lorentz Center (Universiteit Leiden).
Weg van mij



DOOR WILMA DE REK − 08/07/13, 00:00

Toen hoogleraar wiskunde Henk Barendregt de Sacre du printemps van Stravinsky hoorde, veranderde dat zijn leven. Hij ging mediteren en ontdekte: alles is voorbestemd, maar je hebt ook een vrije wil. Daarover vertelt hij nu in V en in augustus op Lowlands. .

Veel ellende in de wereld is terug te voeren op het ego. Oorlog. Hebzuchtige bankiers. Mensen die zo nodig met hun ijdele kop op tv moeten. Mensen die mensen die zo nodig met hun ijdele kop op tv moeten, jaloers afbranden op Twitter. Silvio Berlusconi.

Veel prachtigs in de wereld is óók terug te voeren op het ego. De oude wijken van Parijs. De doelpunten van Maradona in de kwartfinale Argentinië-Engeland tijdens het WK van 1986. Het Tweede Pianoconcert van Rachmaninov. Sierlijke schoentjes onder fijne zomerjurkjes.

Het ego is een krachtige drijfveer. Dat is best raar, als je in aanmerking neemt dat het ego niet bestaat. Of althans: niet bestaat zoals wij dénken dat het bestaat.

Henk Barendregt : 'Het ego is een proces. Het kan vloeien en vormen aannemen, maar het is geen vast ding. Het ik verandert voortdurend.' Barendregt (1947) is hoogleraar wiskunde en informatica aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij is ook paukenist, Spinozaprijswinnaar, boeddhist en docent vipassana-meditatie. Vijftien jaar geleden besloot hij op zoek te gaan naar de wetenschappelijke onderbouwing van iets dat hem tijdens vele uren mediteren duidelijk was geworden: namelijk dat het bewustzijn 'discreet' is, zowel in tijd als in plaats.

In de ommuurde Perzische tuin van het NIAS in Leiden, waar hij een deel van zijn onderzoek doet, wijst Barendregt naar een mozaïek van kleine steentjes: wie er van een afstandje naar kijkt, ziet een schitterend plaatje; wie er met zijn neus bovenop staat, ziet alleen maar kale, losse onderdelen. 'Álles is opgebouwd uit losse deeltjes. Dit bankje waarop we zitten, de rozen die daar zo mooi bloeien. En ook ons bewustzijn. De neuronen in onze hersenen produceren voortdurend korte flitsjes. Ze doen pshhh, pshhh, pshhh: van die flitsjes zijn er een heleboel, zoveel dat ze samen een egaal plaatje lijken. Maar tussen die flitsjes is er niets.'

Dat ontdekte u tijdens het mediteren?
'Ontdekken is niet het goede woord, iedereen die zich een beetje in het boeddhisme verdiept, weet dat het boeddhisme gaat over het loslaten van het ego. Maar je kunt iets weten en je kunt iets echt zíen. De meditatietechniek waar ik voor heb gekozen, is vipassana. Dat is een vorm van meditatie die is gericht op het verkrijgen van inzicht. Je kijkt naar je gedachten, naar je stemmingen, je ziet dat alles komt en ook weer verdwijnt.

'Het inzicht dat niets blijvend is en dat alles is opgebouwd uit kleine deeltjes is eeuwenoud; maar ben je ook bereid dat toe te passen op je eigen ziel? Dat leer je bij vipassana. Toen ik het zag, echt zag dus, moest ik overgeven.'

Waarom?
'Omdat het betekent dat je niet bestaat zoals je altijd dacht dat je bestaat. Omdat je een proces bent. En je bent ook nog eens een gedetermineerd proces. Alles wat je doet, is voorbestemd.'

Over die determinatie geeft Barendregt binnenkort college bij Lowlands University. Half augustus gaat hij de bezoekers van het popfestival in Biddinghuizen vertellen dat hoewel alles wat ze doen is voorbestemd, ze toch een vrije wil hebben ('In één zin samengevat: er is vrije wil, maar die is niet van jou') en zal hij ze meteen de verbanden tussen wiskunde en meditatie laten zien. 'Meditatie trok mij aan vanwege de wiskundige kant. Meditatie is heel exact.'

Die naam heeft het niet zo. Wat is er exact aan mediteren?
'Als jij nu naar jezelf kijkt, zie je de inhoud van je bewustzijn, op dit moment. Maar naast die visuele inhoud van je bewustzijn speelt ook de inkleuring van die inhoud een rol. Je lijkt me in een goed humeur; dat is je huidige mindstate. Maar misschien ben je straks of morgen in een slecht humeur en zie je de dingen totaal anders.

'De meeste mensen proberen de objecten waarmee ze leven, te optimaliseren: een groot huis, een mooie vrouw, een aantrekkelijke baan, veel vrienden. Dat doen ze vanuit de hoop zich lekker te voelen. Maar het huis kan duur zijn en de partner wispelturig. Wat doet nou meditatie: dat gaat regelrecht naar de mindstate. Het slaat de omwegen en de objecten over. Wie mediteert, splitst het bewustzijn in twee componenten - mindstate en inhoud - en houdt zich vervolgens rechtstreeks bezig met de mindstate. Erg handig, want als je het lukt je mindstate direct aan te sturen, heb je die wispelturige vrouw en dat dure huis niet nodig om je goed te voelen. Dat is wiskunde, om de dingen zo te splitsen. Wiskunde is niet de studie van getallen, maar de studie van patronen en verhoudingen. Net als meditatie.'

Tijdens lezingen laat Barendregt vaak twee plaatjes zien die allebei vol staan met zwarte vlekjes. Het ene plaatje bevat een stukje uit de partituur van de Sacre du printemps van Stravinsky, het andere een complexe meetkundige figuur. 'Dat wiskundeplaatje lijkt heel ingewikkeld, maar als je gaat tellen hoeveel cirkels en lijnen erop staan, kom je op 83. Dat stukje uit de partituur van de Sacre bevat 1.200 nootjes, die zich notabene afspelen in een seconde of vier. De informatiedichtheid is daar veel hoger dan bij het wiskundeplaatje. Wiskunde schrikt veel mensen af, muziek niet, terwijl muziek vaak veel ingewikkelder is.'

Dat Henk Barendregt zich is gaan bezighouden met dingen als mediteren, het bewustzijn en het ego, heeft met diezelfde Sacre du printemps te maken. Zestig jaar geleden liet zijn vader hem het stuk horen waarmee Stravinsky in 1913 de klassieke muziek op zijn kop zette. 'Op zo'n ouderwetse grammofoon met een toeter; ik was 5 jaar oud. Ik zei tegen hem: hier hou ik niet van. Ga nog maar een paar keer luisteren, zei mijn vader: dan ga je het vanzelf mooi vinden. Dat was ook zo.

'Een paar jaar later, ik was 9 of 10, bezocht ik een jeugdconcert. Na de pauze werd de Sacre gespeeld en op een gegeven moment, tijdens de Cortège du sage, kreeg ik een bewustzijnservaring die bepalend is geweest voor mijn verdere leven. Tijdens het moment van die Cortège du sage gaan veertien ritmes tegen elkaar in. Veertien ritmes: dat is veel hoor! Op YouTube staat een filmpje van Michael Tilson Thomas, de dirigent van het San Francisco Symphony Orchestra, die over dat stukje zegt: hier is sprake van een overdosis informatie, een sensory overflow zoals hij het noemt. Die veertien ritmes en de harmonieën die erbij komen, dat kun je gewoon niet aan. Op het moment van die Cortège dissocieerde ik als het ware. Mijn visuele waarneming ging losstaan van de muziek, ik wist niet meer wat er gebeurde. Het duurde maar heel kort, 20 of 30 seconden, toen was alles weer normaal.

'Nog weer wat later las ik een boek over het heelal, en hoe groot dat is. Honderdduizend lichtjaren: met mijn wiskundige belangstelling kon ik wel beredeneren hoe ver je dan komt. Ik weet hoe groot een lichtjaar is, 300 duizend kilometer per seconde ga je: vermenigvuldig dat met het aantal seconden in een jaar en je krijgt een getal dat zo groot is dat je je er niets bij kunt voorstellen. Laat staan bij honderdduizend lichtjaren. Je kunt er wel mee werken, met die getallen, maar je kunt je er geen voorstelling van maken. Ik probeerde dat toch, ik ging nadenken: misschien zijn er helemaal geen planeten, zo ver weg, en ook geen levende wezens; misschien zijn wij wel de enigen in het heelal. Op een gegeven moment kom je al nadenkend op een punt waar woorden niet meer toereikend zijn. En toen kreeg ik een grenservaring.'

Wat is een grenservaring?
'Een grenservaring is een ervaring op de grens van bestaan en niet bestaan. Je bestaat niet níét en je bestaat ook niet wél. Ik ervoer een oneindige angst en tegelijkertijd een oneindig prettig gevoel. Dat is natuurlijk vreemd. De angst was er doordat ik me voorstelde dat er geen existentie meer is. Het prettige kwam voort uit het feit dat er, terwijl ik me dat voorstelde, nog wel degelijk iets was.'

Op zijn 14de vertelde Barendregt aan zijn wiskundeleraar wat hij had meegemaakt. 'Mijn ouders durfde ik er niet zo goed mee lastig te vallen; mijn vader was klinisch psycholoog en ik was bang dat hij zou denken dat er iets mis was met me.' De wiskundeleraar gaf hem boeken te leen van de filosoof Bernard Delfgaauw, gespecialiseerd in het existentialisme, en via hem kwam hij terecht bij de Japanse schrijver Daisetz Suzuki. 'Existentialisten kennen ook het grote niets. Maar ze hebben nog zo veel gehechtheid aan het ego dat ze niet in dat niets durven springen, in tegenstelling tot de boeddhisten.

'Met mediteren begon ik veel later, na mijn promotie, toen ik ergens in de twintig was. Ik was postdoc in Californië en daar ontmoette ik mensen die les kregen van een Japanse zenmonnik; ik vroeg of ik daarbij mocht zijn. Wat ik eigenlijk hoopte, was die grenservaring terug te krijgen. Maar die kwam niet. Pas jaren later had ik hem weer heel even.'

Als het ik niet bestaat zoals wij denken dat het bestaat, waarom worden mensen dan niet met die wetenschap geboren? Het is toch heel onhandig om daar al mediterend achter te moeten komen?
'Omdat als je zo geboren wordt, je geen maatschappij gaat stichten. De natuur wil graag dat we overheersen, dat we ons voortplanten, dat er van onze genen meer zijn dan van andermans genen. Dat is een evolutionair antwoord, maar gelukkig houdt het daar niet mee op.

'Het grote verschil tussen mens en dier is dat de mens een speciale gave heeft: namelijk om over zichzelf heen te kijken. En dan kun je meer doen dan je willoos laten sturen door de genen. Je kunt loskomen van die gehechtheid aan bezit, aan macht en aan ego; je kunt loskomen van dat twijfelen en de baas willen zijn. Het zou goed zijn voor de wereld als mensen loskomen van hun oerdriften.'

Dat gebeurt niet vanzelf.
'Ik denk dat het niet uit de genen moet komen maar uit de memes, de memen. Het begrip 'meme' is in de jaren zeventig door Richard Dawkins onder de aandacht gebracht in zijn boek The Selfish Gene. Het is overdraagbare kennis, een idee dat je kunt onthouden, memorise. De stelling van Pythagoras is een meme. Béla Bartók schreef een sonate die in 1945 nog zo moeilijk was dat alleen Yehudi Menuhin hem kon spelen; nu kan elke goede conservatoriumstudent dat. De mensheid wordt steeds beter, in sport, in muziek, in van alles: dat heeft niet met de genen te maken, maar met de memen. Ik denk dat de capaciteit om de gehechtheid aan het ego los te laten ook een meme is: een vaardigheid die we moeten verwerven.'

En die capaciteit verwerven we door te mediteren.
'Bijvoorbeeld. Iedereen kent de uitspraak van Hegel en Marx: dat religie de opium van het volk is. In variatie op die uitspraak zeg ik: boeddhisme is de methadon van het volk. Boeddhisme, en het mediteren dat daarbij hoort, helpt je af te kicken: namelijk van de verslaving aan het zelf.

'Als je via meditatie eenmaal tot het inzicht bent gekomen dat je ik iets anders is dan je altijd hebt gedacht, kun je verder. Dan kun je leren waarom dat besef je geen angst hoeft aan te jagen. Dat je niet in paniek hoeft te raken. Dat het je daarentegen veel rust kan geven. Want zolang je nog niet hebt ingezien dat het ik een proces is, een gecompliceerd proces, probeer je te verdedigen dat je er staat als vast ding; en dat gaat gepaard met vechten en lijden. Waarschijnlijk overleven we het niet op aarde als we niet dit inzicht krijgen in de ware aard van het ik. Met die illusie voeren we oorlogen en gebeurt er allerlei andere ellende. En worden we gek. Het ik is the very cause of madness and war.'

 

Tussenstuk:
Lowlands University

Henk Barendregt (1947) is hoogleraar 'Grondslagen van de wiskunde en de informatica' aan de Radboud Universiteit, maar houdt zich sinds een aantal jaren ook bezig met de studie van het menselijk bewustzijn. Met een groepje wetenschappers uit binnen- en buitenland probeert hij de inzichten over de werking van het bewustzijn te staven die hij opdeed tijdens zijn meditaties. Barendregt raakte op zijn 14de geïnteresseerd in het boeddhisme en is sinds 2006 leraar vipassana-meditatie. In 2002 ontving hij de Spinozapremie van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, in 2012 won hij het 'Distinguished Lorentz Fellowship' van het Lorentz Center (Universiteit Leiden).



Terug naar Filosofie lijst , of naar site home .
 

[an error occurred while processing this directive]