WERELD & DENKEN
 
 

Formalisme: groei, rem, sociologie



De basale groeiprocessen uit de natuurwetenschappen zijn dus ook van toepassing op de sociologie. Maar door de grotere vrijheid in de wereld van ideeën zijn ingewikkeldere vormen van interactie dus ook makkelijker. Met als eerste en meteen voor de hand liggende voorbeeld dat van een derde kracht die een rem zet op de natuurlijke groei van een idee: dat is het "taboe" - in zijn vele vormen. Bekende en vermoedelijke vroege voorbeelden zijn die rond seks.

En iedereen in Nederland kent ook het meest recent grootschalige voorbeeld van het hierboven geschetste gevolg: de "jaren zestig"-revolutie die in feite "jaren zeventig" was (vanaf 1968): in en door de oorlog waren waren de gezagsverhoudingen verschoven van "traditie", "aristocratie", enzovoort, naar "kunde", "effectiviteit", "meritocratie", enzovoort (zoals altijd in noodsituaties). Van 1945 tot 1968 werden deze neigingen tot een "nieuwe orde" onderdrukt. In 1968 schoot het los en kwamen er nieuwe gezagsverhoudingen, en in hun kielzog diverse andere nieuwe verhoudingen zoals op het gebied van seksualiteit, opvoeding, ordehandhaving, onderwijs, in de psychiatrie, in de psychologie, enzovoort. Inmiddels is allang volkomen duidelijk voor de meer neutrale waarnemers en meer recent ook voor vele van de aanhangers van het "jaren zestig"-denken dat op vrijwel al die terreinen "de normen zijn doorgeschoten".

De traagheid in het reageren op daadwerkelijke maatschappelijke processen, zoals de oorlog, wordt veroorzaakt door het feit dat mensen de maatschappelijke ervaringen verwerken in hun hoofd, en in dat hoofd zitten ideeën, en die ideeën in het hoofd veranderen, leert de ervaring, niet zo snel als de maatschappij kan veranderen. Er zijn vermoedens dat bij de meeste mensen de capaciteit tot aanpassing van ideeën beperkt blijft tot van enkele procenten tot nul. De natuurkundige Max Planck , die zelf op wat latere leeftijd met een nieuw en revolutionair idee kwam (de quantisatie), formuleerde dat in de wet van Planck: "Nieuwe ideeën vervangen de oude niet doordat de aanhangers van de oude overtuigd worden, maar doordat ze uitsterven" .

Deze gang van zaken is later wat systematische beschreven in een bekend geworden boek met de al bijna alleszeggende titel The Structure of Scientific Revolutions , door Thomas Kuhn, waarin hij het proces omschrijft: een nieuw idee wordt een hele tijd opgehouden, en dan, ineens, als een "revolutie", wordt het oude idee vervangen door het nieuwe.

Waarna een voorbeeld van traagheid in vernieuwing van ideeën volgt dat tevens een voorbeeld van zelfreferentie , het Droste-effect, is. De grafieken waarbij bovenstaand is vermeld "bron volgt", komen namelijk allemaal uit één en hetzelfde boek: Little science, big science, door Derek de Solla Price uitleg of detail , stammende uit 1963. Wat dus een belangrijk boek is, want de voorgaande processen zijn belangrijke processen. En de redactie heeft er nooit een andere soortgelijke bron van gevonden. Dus zou je denken dat het een goed verkrijgbaat boek is. En in die verwachting ging de redactie op zoek naar een goedkoop tweede exemplaar om de grafieken uit de kopiëren (de redactie heeft een tweedehands exemplaar dat gekocht is in Amerika (het heeft Columbia University Press prijsstickers) en door een individu meegebracht is naar Nederland). Dat idee bleek niet erg productief: tweedehandsexemplaren bij amazon.com beginnen bij $75 ... Voor een paperback van 118 pagina's ... Nieuw: vanaf $225 ... Er is ook een vervolg... Nog duurder: gebruikt > $90, nieuw > $330 ...

Dus men weet dat het een belangrijk boek is. En uit de prijs volgt dat het moeilijk verkrijgbaar is. Het qua veld en onderwerp vergelijkbare The Structure of Scientific Revolutions: prijzen vanaf $8 ... Niveau "Op iedere straathoek te vinden" ... Bekendheidsniveau: "Iedereen kent op zijn minst de titel" ...

Oftewel: sinds de tijd van publiceren van Little science, big science is erop nauwelijks voortgebouwd. Het vakgebied van het boek is "the science of science", waarbij uit de voorbeelden duidelijk is dat het tweede "science" gaat over de gebruikelijke betekenis van het woord (in het Engels!): natuurwetenschappen - en dus niet "wetenschappen" in de Nederlandse zin. Het eerste "science" in "the science of science" gaat over de ontwikkeling van de wetenschappen, en is dus in feite deel van de sociologie - in het Engels normaliter "humanities" geheten: "menswetenschappen".

Oftewel: Little science, big science, kan gezien worden en kan gebruikt worden als een stap in of een stap naar een wetenschappelijke sociologie. Het is vermoedelijk dit besef dat een dusdanig sterke rem op de verspreiding ervan, en met name de ideeën erin, heeft gelegd dat met weinig of geen overdrijving gesproken kan worden van een taboe. De diepere reden waarvan ook in het boek is te vinden, maar wat verder behandeld wordt elders.






Hier is die grafiek:

Solla Price journals countries

In de grafiek staat het aantal wetenschappelijke bladen per land als functie van hun plaatsnummer. Ze bestaat redelijk duidelijk uit twee delen: die met hoge waarden is minder steil, die met lage waarden is steiler.

Dat heeft hoogstvermoedelijk deze betekenis: in het eerste deel van de grafiek speelt een constante factor(en) - dit kan bijvoorbeeld (mede) het inwoneraantal zijn. In het tweede deel van de grafiek speelt deze eerste factor(en) plus één of meerdere andere.

Ook is van een aantal landen de naam gegeven - de hoogste acht. Dat zijn allemaal westerse landen.

Het feit dat de hoogste landen westerse landen zijn, maakt dat alle niet-westerse landen lager scoren. Dit is vrijwel de zeker de reden van een aantal verschijnselen. Ten eerste: dat de slechter scorende landen niet benoemd zijn. Ten tweede: dat de grafiek als voorkomende in het boek, als één van de belangrijkste, niet voorkomt op het internet een een aantal andere wel. Met een voorkeur voor die van de groei van het totale aantal wetenschappelijke bladen, waarvan de laatste een directe voortzetting en verfijning is.

Het is ook zeer vermoedelijk dat de feiten zoals weergegeven in deze grafiek de reden is dat een wetenschappelijk benadering van de sociologie zo weinig nagestreeft wordt dat het bijna op een taboe lijkt - dat zelfs een naam heeft als "sociaal darwinisme".

Wat bevestigd wordt door wat er met Little science, big science, is gebeurd. De redactie heeft een tweedehands exemplaar dat gekocht is in Amerika (het heeft Columbia University Press prijsstickers) en door een individu meegebracht is naar Nederland. Het idee om een goedkoop tweede exemplaar te kopen voor het scannen van de grafieken bleek niet erg productief: tweedehandsexemplaren bij amazon.com beginnen bij $75 ... Voor een paperback van 118 pagina's ... Nieuw: vanaf $225 ... Dus men weet dat het een belangrijk boek is. En uit de prijs volgt dat het moeilijk verkrijgbaar is. De redactie heeft er buiten het veld van de wetenschapsfilosofie nog nooit een referentie naar gezien ...

Het qua veld en onderwerp vergelijkbare The Structure of Scientific Revolutions: prijzen vanaf $7 ... Niveau "Op iedere straathoek te vinden" ... Bekendheidsniveau: "Iedereen kent op zijn minst de titel" ...

Oftewel: sinds de tijd van publiceren van Little science, big science is erop nauwelijks voortgebouwd. Het vakgebied van het boek is "the science of science", waarbij uit de voorbeelden duidelijk is dat het tweede "science" gaat over de gebruikelijke betekenis van het woord (in het Engels!): natuurwetenschappen - en dus niet "wetenschappen" in de Nederlandse zin. Het eerste "science" in "the science of science" gaat over de ontwikkeling van de wetenschappen, en is dus in feite deel van de sociologie - in het Engels normaliter "humanities" geheten: "menswetenschappen".

Van al deze zaken is de de oorzaak ontzettend voor de hand liggend én heel lastig te bedenken. Afhangende van één en slechts één factor: de gevoeligheid voor "maatschappelijk fatsoen" - ook wel bekend als "politieke correctheid". Op zich een proces dat wél alom bekend is. Hiervoor is slechts het tonen van de volgende illustratie nodig:
Kleren keizer

Oftewel: het proces is alom bekend. Desalniettemin is het volgende niet bekend: "maatschappelijk fatsoen" en "politieke correctheid" is hetzelfde als "De kleren van de keizer". Ook deze onbekendheid maakt deel uit van "maatschappelijk fatsoen" of "politieke correctheid"

Zonder "maatschappelijk fatsoen" of "politieke correctheid" is instantaan overduidelijk wat de oorzaak van de veronachtzaming van Little science, big science in combinatie met het besef van het belang ervan, én van de geringe voortgang van de sociologie.

Dit alles wordt in één klap duidelijk met de introductie van één enkel begrip. Het begrip van de "De Gelijkheid der Culturen".

Waarom beseft men het belang van Little science, big science en wordt het toch veronachtzaamd: omdat het "De Gelijkheid der Culturen" schendt. Waarom gaat de sociologie zo langzaam vooruit: omdat men de "De Gelijkheid der Culturen" onderhoudt.

"De Gelijkheid der Culturen" is een vaststaande regel, oftewel een ideematige regel, oftewel een ideologische regel. En ideologische regels zijn onveranderlijk: één tablet aan Tien Geboden blijft één tablet aan Tien Geboden (of overbodig nauwkeuriger: het veranderd ontzettend veel langzamer dan de werkelijke wereld).

En geheel in tegenstelling tot de wetenschappelijke wereld, want die, leert Little science, big science, kent een exponentiële groei: meer wetenschap brengt meer wetenschap met zich mee. Want volkomen vrij, dus, (nee, ook niet helemaal dus, zie The Structure of Scientific Revolutions) in de verwerving van nieuwe dingen. Dat wil zeggen: in de natuurwetenschappelijke wereld. Want daarover gaat Little science, big science: "science": natuurwetenschappen. In de "the science of science" is dus een fractie van de vooruitgang geboekt ten opzichte van die in science.

Het boeken van wetenschappelijke vooruitgang in de sociologie brengt dus noodzakelijkerwijs het doorbreken van de ideologie met zich mee. Het doorbreken van de ideologie kan ook in slechts één stap: het aanvaarden van de stelling: "Culturen zijn niet gelijk".

Er is de laatste jaren één plek gekomen waar het "De Gelijkheid der Culturen" minder streng regeert, en dat is, geheel volgens het tijdsbeeld, daar waar men geld verdient met het presenteren van wetenschap: de populair-wetenschappelijk bladen. Die hebben nog een derde manier van presentatie van wetenschap "ontdekt", dat wil zeggen: tot volle wasdom ontwikkelt: de "infographic" (KIJK, nr. 3-2014, door Tim van Ham):

  Science hotspots



Het aantal onderzoekers per miljoen inwoners in een land zegt veel over de staat van een land en van de economie. De zaken zijn soms oneerlijk verdeeld op onze planeet.

Het laatste zinnetje zegt veel. Het is namelijk niet oneerlijk verdeeld, want geen mens doet het verdelen, dus de term 'oneerlijk', een menselijke term, is hier evenzeer van toepassing als op de leeuw die een hertje opeet. Het is het leven. En het leven zegt: niet-westerse culturen doen het niet goed.

Volgens de gegevens van Little science, big science deed de westerse wereld het niet goed qua wetenschp in de jaren 1960 en voorheen. Volgens de infographic verzameld door KIJK doet de niet-westerse wereld het niet goed in de jaren 2000. En KIJK trekt al één conclusie: daarom doet ook de economie het niet goed. Wat natuurlijk naadloos ingevuld kan worden met alles tussen wetenschap en economie: de niet-westerse wereld doet het niet goed in "cultuur".

Op dit punt zullen degenen die nog in "De kleren van de keizer" geloven mogelijkerwijs opmerken dat het allemaal met de beste bedoelingen wordt gedaan. Als dat waar is, is dat vermoedelijk tragisch. Want het voorgaande heeft al laten zien: het tegenhouden van een natuurlijk proces dat de mogelijkheid heeft om "ondergronds" door te groeien, zal leiden tot een onevenwichtige en potentieel catastrofale versie van verandering.

Dit voor zover de methodiek van grafieken, met groeiprocessen als voorbeeld. Nu over wat de inhoud van het gebruikte voorbeeld oplevert.


De normatieve conclusies hieruit zijn voor de hand liggend: iedereen die een leven met de gemakken van de producten van de wetenschap, genaamd "technologie", prefereert, prefereert wetenschap boven religie en ideologie. Die preferentie valt het makkelijkst af de lezen uit daden, en de simpelste manier om die waar te nemen is te kijken naar migratiestromen. Die gaan allemaal van meer religieuze culturen naar meer wetenschappelijke culturen. Oftewel: is een globaal feitelijk oordeel dat wetenschappelijke culturen meer waard zijn dan religieuze.

Deze uit de werkelijkheid af te leiden feiten, waarnemingen, zijn in strijd met de religieuze en ideologische opvattingen. De reacties van religieuzen en ideologen op werkelijkheden die niet stroken met hun ideeën zijn bekend - in de meest gebruikelijke volgorde: negeren, ontkennen, kleineren, en bestrijden.


De koppeling van deze gevonden wetmatigheid met andere sociologische processen gaat dieper het model in - in dit artikel gaat het in de breedte verder met andere vormen van het gebruik van grafieken en het groeiproces.



Dit zijn allemaal voorbeelden uit de natuurwetenschappen, gebruikt omdat daar de processen helderder zijn, omdat daar de betrokken groepen helderder omlijnd zijn, door de natuur zelf, dus ook helderder te definiëren voor de menselijke beschrijving. In de sociologie zijn de groepsgrenzen veel minder duidelijk afgebakend en de groepen zelf dus moeilijker te definiëren. Meestal omdat er meerdere parameters bij betrokken zijn waarvan het bereik niet samenvalt - zo zijn er verschillende manieren om een begrip als "Nederlander" te definiëren, en de groepen die onder de verschillen definities vallen, vallen niet samen.

Maar dat neemt niet weg dat voor de afzonderlijke parameters en afzonderlijke deelprocessen de benadering met "redelijk scherpere" groepen wel degelijk mogelijk en geldig is, en het ingewikkeldere geval opgebouwd kan worden uit een samenvoegen van simpelere. Ook dit wordt afgedwongen door natuurlijke processen, want als het niet zo zou zijn, is het resultaat een vorm van chaos, en chaos is iets dat weinig tot geen overlevingswaarde heeft.



Naar Inleiding, model , Wetenschap lijst , Wetenschap overzicht , of site home


 

 mei 2015