De Volkskrant, 13-07-2011, van verslaggever Peter Giesen 30 apr.2011

'Theoloog sprak zichzelf tegen om zekerheid gelovigen te ondermijnen'

Calvijn was niet zo star

Tussentitel: 'Hij verzet zich tegen iedereen die zich superieur acht'

Johannes Calvijn was niet zo'n strenge theoloog als vaak gedacht. In zijn hoofdwerk Institutie spreekt hij zichzelf geregeld tegen. Daarmee wilde hij onderstrepen dat de mens geen zekerheid kan verkrijgen, omdat de enige zekerheid bij God ligt.
    Dat stelt theoloog Ernst van den Hemel, die vorige week aan de UvA promoveerde op een studie over Calvijn.

Van den Hemel studeerde enige tijd in Parijs, waar een heel ander Calvijnbeeld bestaat dan in Nederland. 'Calvijn wordt daar een prins van de Renaissance genoemd, een schoonschrijver, een van de grondleggers van het moderne literaire Frans. Dat kon ik moeilijk rijmen met mijn beeld van een strenge theoloog wiens volgelingen in zwarte pakken rondlopen', zegt Van den Hemel.

Ook theologen verschillen van mening over Calvijn. Sommigen zien hem als een systematisch theoloog, anderen wijzen op de vele tegenstrijdigheden in zijn werk en noemen hem een gebrekkig filosoof. Van den Hemel: 'Ik vind beide standpunten eenzijdig, omdat ze logische samenhang als uitgangspunt nemen.'

Volgens Van den Hemel volgde Calvijn een literaire werkwijze om de zekerheid van de gelovige te ondermijnen. De calvinist moest in beweging komen, een levenswijze zoeken waarmee hij zo dicht mogelijk bij God kon komen. 'De Institutie bevat allerlei schemergebieden. Zo schrijft Calvijn eerst dat calvinisten niet in opstand komen, omdat de wereldlijke orde door God is gegeven. Maar in de laatste paragraaf betoogt hij dat calvinisten in opstand mogen komen als de heerser zondig is', zegt Van den Hemel. 'Maar wie bepaalt of een heerser zondig is? De theologie van Calvijn hakt de knoop niet door.'

Calvijn poneert dat de mens aangeboren kennis kreeg van God, om vervolgens te schrijven dat zij bij geen enkel mens tot wasdom komt. Ook hiermee probeert Calvijn de gelovige in beweging te krijgen, stelt Van den Hemel. De gelovige moet de kennis ontdekken, maar kan er nooit zeker van zijn dat hij daarin geslaagd is.

'Het ging Calvijn om de dynamiek. Daarom was hij geen starre fundamentalist. Hij had geen hoge pet op van de mens. Die kon de waarheid niet bevatten, dan kon alleen God.'

Volgens Van den Hemel is deze opvatting relevant voor het hedendaags debat over de joods-christelijke traditie versus de islam. 'Calvijn verzette zich tegen mensen die zichzelf superieur vinden. Je mag het jezelf niet te makkelijk maken. En wat grappig is: in de 16de eeuw zeiden Nederlandse calvinisten 'liever Turks dan paaps'. Liever een Ottomaanse sultan dan een katholieke koning.'
 

IRP:   Natuurlijk weer pro-islamatisch gezeik van Giesen - de zich op één na meest superieur achtende godsdienst



Naar Islam, onderwerping , Islam, cultuurbeelden , Allochtonen lijst , Allochtonen overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]