Volkskrant.nl, Opinie, 20-04-2011, door Henk Post .2010

Gelijkheidsbeginsel is niet zaligmakend

Voor een vreedzaam samenleven van burgers is de enig juiste uitgangspositie dat we als burgers elkaar zoveel mogelijk vrijheid gunnen om naar eigen overtuiging en inzicht het leven in te richten.

Op deze site pleit Johan Pieter Verwey op 15 april voor ontmanteling van artikel 6 van de Grondwet, de vrijheid van godsdienst. Hij stelt dat ňf we geloven in gelijkheid, ňf we geloven daar niet in. Artikel 6 creëert een grondslag voor ongelijkheid en tast de democratische rechtsstaat in het hart aan, aldus Verwey. Met dit opinieartikel laat hij blijken iemand te zijn die de geschiedenis en de betekenis van de grondrechten niet kent.

In de zestiende en zeventiende eeuw toen Europa door godsdiensttwisten werd verscheurd, is daar een einde aan gekomen niet door het gelijjkheidsbeginsel tot absolute norm te verheffen maar door de burgers vrijheidsrechten toe te kennen: vrijheid van geweten, van godsdienst en godsdienstbelijdenis, van meningsuiting, en van vergadering. Toen al bleek hoe effectief vrijheidsrechten zijn voor het tot stand brengen van maatschappelijke vrede en rust en voor cohesie. Juist de vrijheidsrechten bevorderden dat de samenleving weer een samen leven van burgers werd.

Vrijheid voorop
De Franse Revolutie verhief in 1789 tot leuze ‘vrijheid, gelijkheid, broederschap’. Merk op dat vrijheid hier voorop gaat. Dat was geen wonder, want de burgerij wenste verlost te worden van overheersing en tirannie, zij wenste een democratisch overheidsbestuur. Het gelijkheidsbeginsel beoogde de afschaffing van de privileges die een kenmerk waren van de toenmalige standenmaatschappij, in het bijzonder de voorrechten van de kroon, de geestelijkheid en de adel. Daar was niets mis mee. Maar in de praktijk schoot het revolutionaire bewind door, wat leidde tot een bijzonder bloedige terreur.

Alexis de Tocqueville (1805-1859) zag al als het centrale probleem voor de samenleving de verhouding tussen gelijkheid en vrijheid. Het grootste gevaar dat men te duchten heeft, zo stelde hij, is dat de gelijkheid van de mensen hun vrijheid zal bedreigen en hun ervan zal beroven. De Franse Revolutie deed al het mogelijke om de gelijkheid van de burgers te vergroten, maar hun vrijheid zijn zij erbij ingeschoten. Iedere democratie wordt bedreigd door het gevaar dat de tirannie van de publieke opinie, hand in hand met de almacht van de getalsmatige meerderheid, de burgers tot verregaand conformisme dwingt.

Wezenlijk
Degenen die aan het gelijkheidsbeginsel een overheersend gewicht willen geven, zijn, zo blijkt opnieuw uit het artikel van Verwey, voorstander van het beperken van vrijheidsrechten. Maar deze vrijheidsrechten zijn juist wezenlijk voor de rechtsstaat die Nederland wil zijn. Er is dus sprake van een dilemma. Dit wordt echter niet onderkend. Er dreigt bij het verabsoluteren van het gelijkheidsbeginsel een totalitaire verleiding.

Het recht op vrijheid van godsdienst en levensovertuiging is naar moderne maatstaven een universeel recht en naar westerse maatstaven een heel oud recht. Zo was de godsdienstvrijheid een funderend rechtsartikel bij de stichting van Nederland als onafhankelijke staat – de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden – in de zestiende eeuw en bij de stichting van de Verenigde Staten van Amerika in de achttiende eeuw. Dit wil niet zeggen dat dit recht zonder slag of stoot werd gerealiseerd. Godsdienstvrijheid is door de eeuwen heen een lastig recht geweest.

Deels is dit, omdat men het niet als een recht maar als een gunst zag of ziet. Deels is dit, omdat godsdienstvrijheid één van de beginselen van een rechtsstaat is. Godsdienstvrijheid kan botsen met andere vrijheden of rechten en de godsdienstvrijheid van de ene burger kan botsen met die van een andere. Als recht is godsdienstvrijheid niet een absoluut recht, de reikwijdte kan, en moet soms in elk geval, worden beperkt. De vraag is daarbij steeds: wat weegt zwaarder, welk belang krijgt voorrang? Die vraag is niet in zijn algemeenheid te beantwoorden. Allerlei specifieke aspecten spelen een rol binnen een bepaalde context. Tot deze context behoort dat opvattingen en inzichten in de samenleving, de politiek en de rechtspraak zich ontwikkelen.

Vrijheid gunnen
Voor een vreedzaam samenleven van burgers is naar mijn mening de enig juiste uitgangspositie dat we als burgers elkaar zoveel mogelijk vrijheid gunnen om naar eigen overtuiging en inzicht het leven in te richten. Ik gebruik het woord ‘gunnen’. Toch gaat het om rechten: mensenrechten of grondrechten, en dus: fundamentele rechten. Maar deze rechten zijn rechtsbeginselen: het zijn rechten die in een bepaalde richting wijzen, en waarvan de uitoefening nooit absoluut is. Deze rechten hebben een zekere reikwijdte, die kan variëren naar gelang de omstandigheden.

Dat betekent dat algemene uitspraken niet gemakkelijk kunnen worden gedaan, en dat een zekere behoedzaamheid noodzakelijk is om tot een goed oordeel te komen. Daarom gebruik ik het woord ‘gunnen’. Alle burgers hebben een gelijk recht op de uitoefening van hun grondrechten: hun vrijheids- en gelijkheidsrechten. Daarom is de enige verstandige uitgangspositie een pluralistische visie op de maatschappij. Dit houdt in dat we ervan uitgaan dat er in onze samenleving een grote verscheidenheid bestaat aan levensovertuigingen en opvattingen over het goede leven en dat dit legitiem is. Daarbij aanvaard ik zelfs dat burgers een overtuiging kunnen aanhangen die strijdig is met de beginselen van onze rechtsstaat of met de democratie, zolang men niet in conflict komt met het strafrecht.


Dr. Henk Post voert een staatsrechtelijk onderzoek uit en is de auteur van Gelijkheid als nieuwe religie. Een studie over het spanningsveld tussen godsdienstvrijheid en gelijkheid, Nijmegen: Wolf Legal Publishers 2010.


IRP:   Volgende in deze reeks: Verlichting als religie, Wetenschap als religie, Putjesscheppen als religie, enzovoort.
 Of: Ook als je maar gedeeltelijk in gelijkheid gelooft, is de ongelijkheid van de religie absoluut niets


Naar Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]