De Volkskrant, 22-06-2011, column door Aleid Truijens .2009

IJs & Weder

De timmerman en de halve intellectueel

Tussentitel: De term 'erudiet' op de website is zelden, nee helemaal nooit positief bedoeld

'Dus u bent... eh ... een intellectueel?' Fronsend liet de man zijn blik gaan langs de wanden met boekenkasten. Zoveel boeken kon een gezond mens toch niet voor z'n plezier lezen? En dat in een niet al te groot huis, in een weinig kapitaalkrachtige straat.

'Koopt u elke dag een boek?' Eerder had de timmerman die enkele mankementen in ons huis kwam repareren, mij al betrapt op lezen onder werktijd. Ik had gezegd dat ik aan het werk was en dat hij me, als hij me nodig had, op mijn werkkamer kon vinden. Daar zat ik, met mijn neus in een boek. Bij de derde keer schoof ik beschaamd achter mijn laptop. Dat léék in elk geval op werken.

Nee hoor, zei ik dus maar, met een wegwerpend gebaar naar mijn boekenbehang. 'Lezen is mijn werk. De meeste boeken krijg ik. Ik schrijf er recensies over, voor een krant.' Die verklaring maakte het er niet beter op. 'Krijgt u daar geld voor?', vroeg hij argwanend. Zelf schreef hij ook reviews, voor internetwinkels. Duimpje omhoog of duimpje naar beneden. Twee of vijf sterren. Nooit geld voor gekregen.

De tijd dat werklieden die mijn man thuis troffen, gnuivend tegen elkaar zeiden: 'Ze is thee aan het zetten!', is voorbij. Een 'papadag' mag. Maar je dag doorbrengen met lezen, schrijven en soms lummelen onder het mom van 'nadenken', en daar nog geld voor beuren ook, bestempelt een mens in toenemende mate tot een excentriekeling. 'Intellectueel' - ik kom het woord regelmatig tegen in de slierten reacties onder columns, die van anderen en van mijzelf, op de website van deze krant. Ook wel 'erudiet'. Het is zelden, nee helemaal nooit positief bedoeld.

Erudiet, ik ben het niet. Was het maar waar. Ik zou graag de wereldgeschiedenis paraat hebben, de wereldliteratuur en de grote denkers. Of een krankzinnige kennis van één prachtig vakgebiedje. Ik weet, zoals veel journalisten, van veel dingen net genoeg. Voordeel van het beroep is dat je je leven lang een student blijft. Maar als ik veel geld had willen verdienen, had ik beter iets anders kunnen kiezen.

Altijd dat verdomde geld. Mensen, jong en oud, zien werk niet meer als een zinvolle of plezierige levensvervulling, zo blijkt uit een dissertatie van Frans van Luijk, arbeidsdeskundige en docent aan de Vrije Universiteit. We werken voor het geld. In 1983 vroeg Van Luijk werknemers ook al naar hun motivatie. Wat zouden zij doen als ze, door een erfenis of prijs, voldoende geld hadden om voortaan ruim van te leven? In 1983 antwoordde 86 procent dat ze zouden blijven werken, 42 procent in dezelfde baan. Vijfentwintig jaar later zou 23 procent stoppen, en slechts 16 procent dezelfde baan houden.

In 1958 was de top-5 van beroepen met hoge status: hoogleraar, arts, burgemeester, rechter, ingenieur. In 1983: chirurg, rechter, hoogleraar, burgemeester en directeur van een industriële onderneming. Volgens een onderzoek in Intermediair staat nu de CEO met straatlengte aan kop, gevolgd door ministers, artsen/specialisten, hoogleraren en rechters. Een ruk van het intellect naar het geld, van maatschappelijk nut naar macht. De tijdgeest liegt nooit.

Intellectueel - mijn vader hoopte dat zijn kinderen dat zouden zijn. Zoals andere ouders 'blijf uit die blauwe overall' als motto hadden, waarschuwde hij: mijd het bedrijfsleven! Daarin was hij, dankzij boekhoudkundige talenten, hoog opgeklommen. Achteraf had hij liever iets gedaan wat hij leuk vond.

Intellectueel, meende mijn naïeve vader, werd je vanzelf door een universitaire studie. Zijn kinderen en kleinkinderen gingen wél naar de universiteit - en naar het bedrijfsleven. Groot was de schok toen hij een academisch geschoolde snotneus, manager, hoorde beweren dat boeken lezen duidde op luiheid en gebrek aan ambitie. 'Ik ben geen intellectuéél!'

Daar zat ik dan, halve intellectueel, tussen mijn boeken en stapels rekeningen. Bij de vierde onderbreking besloot ik koffie te drinken met de timmerman. Het werd toch niks met die recensie. Ik voelde me belachelijk. Deed ik eigenlijk wel echt werk?

Het bleek een leuke man. We hadden veel gemeen: allebei waren we zzp'er. We hadden lol in ons werk. Niemands baas, niemands knecht, concludeerden we tevreden. Doen wat je het liefste doet. We telden onze zegeningen. Maar zíjn werk had tenminste wél nut. Aan het eind van de dag scharnierden en rolden alle laatjes en keukenkastjes weer gesmeerd, en had ik geen spijker op zijn kop geslagen.



Naar Alfa en bèta denken, snelheid , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of naar site home .
 

[an error occurred while processing this directive]