Bronnen bij Alfa- en bèta-denken: leugens en woordvaardigheid
|
1 mrt.2010 |
De ontwikkelingen in de psychologie gaan snel. Waar het in de oorspronkelijke
versie Alfa- en bèta-denken
geformuleerde verband tussen alfa-denken, fantasie, woordvaardigheid, en liegen
gebaseerd was op waarnemingen van de redactie, is er nu ook een neurologisch
verband aangetoond
Uit: Psychologie Magazine, maart 2010, door Hester Otter
Liegbeest
We vertellen allemaal weleens een leugentje om bestwil. Maar voor sommige
mensen is liegen een dagtaak. Pathologische leugenaars verzinnen een heel leven
bij elkaar. Wat bezielt hen? En vooral: hoe doen ze net?
... Pathologische leugenaars liegen doorgaans niet om
financieel gewin, maar er zijn wel degelijk mensen die flink van hun verzinsels
profiteren: als ze een fantastische maatschappelijke carrière bij elkaar liegen
bijvoorbeeld. Neem Albert Krielen, die afgelopen voorjaar opstapte als directeur
van de Nijmeegse schouwburg. Volgens zijn cv had Krielen in de Japanse
Philips-top gezeten, was hij piloot bij de KLM en PvdA-wethouder in Rotterdam
geweest en volleybalde hij ook nog op topniveau. Maar bij geen van die eerdere
werkgevers hadden ze ooit van Krielen gehoord. Oeps.
De vraag is hoe mensen in vredesnaam zo ver kunnen gaan. Hoe houd je al
die verzinsels vol? En hoe kun je het bijbehorende schuldgevoel hanteren?
Ten eerste lijkt het erop dat liegen voor pathologische
leugenaars een minder grote mentale inspanning is dan voor 'gewone' mensen.
Onderzoekers aan de Temple Universiteit in Philadelphia zetten een paar jaar
geleden op het universiteitsterrein een schietpartij in scene. Ze vroegen een
deel van de getuigen om de waarheid te vertellen en een ander deel om te liegen.
Een hersenscan liet zien dat het brein van liegende proefpersonen veel zwaarder
werk moest verrichten; er bleken veertien hersengebieden bij op te lichten,
tegen zeven bij het spreken van de waarheid. Iets navertellen wat je niet zelf
hebt waargenomen, is kennelijk ingewikkeld.
Tenzij je het brein van een pathologische leugenaar hebt.
Psychologen van de Universiteit van Zuid-Californië ontdekten namelijk dat dat
anders in elkaar zit. Het blijkt maar liefst 25 procent meer witte stof oftewel
zenuwverbindingen te bezitten in de prefrontale cortex, het gebied waar de
hogere denkprocessen worden aangestuurd; vandaar dat hun verbale vaardigheden
prima zijn. Hetzelfde hersengebied bevat bij hen echter 33 procent minder grijze
stof oftewel 'echte' hersencellen. Dat maakt onder andere hun moreel besef
kleiner. Een leugen meer of minder kan hun dus gewoon niet zoveel schelen.
Red.: Waar het bij pathologische leugenaars dus zelf
neurologisch behoorlijk zwart-wit ligt (30 procent is natuurlijk een echt groot
verschil), ligt het voor meer gematigde gevallen overeenkomstig: ook daar is er
dus een kenmerkend verband tussen woordvaardigheid en liegen. Iets dat dat het
vak van politicus eminent demonstreert
.
Naar Alfa en bèta denken
, Psychologie
lijst
,
Psychologie overzicht
, of site home
.
|