WERELD & DENKEN
 
 
De Volkskrant, 05-06-2010, column door Marjolijn Februari

2010

Het wonder van breien en bakken

Tussentitel: Hard werken is, ook economisch, vooral interessant als het iets teweegbrengt

Zoals u weet, krijg je in het leven nooit de erkenning die je verdient. Ooit vroeg ik aan een gezelschap van wetenschappers waarom mensen wel synthetische kleren dragen, maar geen analytische kleren. Het antwoord op de vraag gaf ik er onmiddellijk bij. In analytische kleren, zei ik, zitten veel te grote gaten, daar kun je niet met goed fatsoen mee over straat. Helaas leverde dit inzicht me niet meteen een hoogleraarspost op.

Over het verschil tussen analyse en synthese – tussen uiteenrafelen en in elkaar frutselen, tussen ontleden en samenvoegen – denk ik dit voorjaar onafgebroken na, omdat al mijn gesprekken op deze tegenstelling zijn terug te voeren. Wat zullen we doen? Zullen we de werkelijkheid ontwarren en uiteen laten vallen in de samenstellende delen, of zullen we iets nieuws gaan breien van de plukjes stof die we in handen krijgen?

Dat ik het steeds over het zelfde heb, komt doordat mijn werkschema dit voorjaar zo overzichtelijk is: op de even dagen vergader ik met piloten, op de oneven dagen met schrijvers van romans. Zowel de piloten als de schrijvers zeggen tijdens die vergaderingen dat ze synthetisch werk doen: ze nemen de materie en de omstandigheden die ze op hun pad tegenkomen en bakken daar iets van, zo goed en zo kwaad als het gaat.

De mensen die achteraf een oordeel over het werk moeten uitspreken, kunnen niet veel anders doen dan de prestaties van die piloten en die schrijvers weer uit elkaar halen, ze terugbrengen tot de samenstellende elementen – en dan op zoek gaan naar de wetmatigheden op grond waarvan ze deze elementen kunnen wegen. Achteraf zit er niets anders op dan analyseren.

Er zitten natuurlijk enorme voordelen aan analyse: je doet er inzichten uit op en je leert iets over de manier waarop de werkelijkheid is opgebouwd. Maar je kunt zo’n analytisch oordeel de volgende keer niet gebruiken om er mee weg te vliegen of er een roman mee te schrijven. Dat is althans mijn conclusie nadat ik een tijdje naar die piloten en schrijvers heb zitten kijken, als ze steeds opnieuw werden geconfronteerd met algemene wetten en analytische aanbevelingen – en als ze iedere keer weer verzuchtten: ‘Zo werkt het niet!’

De fysicus en Nobelprijslaureaat Philip W. Anderson schreef in 1972 in het blad Science een beroemd geworden artikel onder de titel More is Different. Hij had het daar over het reductionisme, de gedachte dat ons lichaam en onze geest, en alle bezielde en onbezielde materie, zijn onderworpen aan één set van fundamentele wetten. Hoe dat ook zij, schreef Anderson, je moet oppassen deze gedachte niet om te draaien. Het reductionisme betekent niet vanzelfsprekend dat er ook zoiets is als constructionisme. ‘De mogelijkheid om alles te reduceren tot simpele fundamentele wetten impliceert niet de mogelijkheid om vanuit de wetten te beginnen en het universum te reconstrueren.’

Waarom niet? Vooral niet vanwege de complexiteit van de werkelijkheid. In complexe situaties hebben de samenstellende deeltjes nieuwe eigenschappen, en dus is het nodig om iedere nieuwe situatie weer opnieuw te onderzoeken, op een manier die net zo fundamenteel is als onderzoek naar de kleinste deeltjes. Zelfs als onze geest gehoorzaamt aan dezelfde wetten als ons lichaam, kun je de een nog niet uit de ander afleiden. ‘Psychologie is geen toegepaste biologie, en biologie is geen toegepaste scheikunde.’

In verkiezingstijd verbaas ik me erover dat in de politieke gesprekken zo weinig overblijft van de dingen die mensen doen en maken. Geïnteresseerd als ik ben in hard werken, vind ik de leuzen die de hardwerkende Nederlander tot stemmen moeten bewegen lichtelijk kleingeestig. ‘Wie hard werkt verdient beter’, zegt de VVD. Die bewering gaat niet over de prestaties van de hardwerkende Nederlander, niet over de veranderingen die hij aanbrengt in de wereld om hem heen, maar over zijn inkomen. Alsof hard werken niet al verdienste genoeg is.

Zowel de economie als de filosofie vraagt om een fundamentelere kijk op hard werken. Er zal geproduceerd en getimmerd en ontwikkeld moeten worden om de vaart erin te houden, en tot al die bedrijvigheid roep je niet op door alleen een belastingvoordeel te beloven. Hard werken is, ook economisch, vooral interessant als het iets teweegbrengt.

Naast de economische noodzaak om eens dieper na te denken over hard werken, is er nog iets anders de moeite van het overwegen waard. Al die gewone dingen die gewone mensen doen en maken – zoals vliegen, schrijven, baggeren, dansen, ontwerpen, installeren – zijn allemaal vormen van scheppend werk. En hoewel je zou denken dat juist die dagelijkse praktijk grijpbaar is, blijft er toch steeds iets wonderbaarlijks aan dat scheppen.

Als je commentaar wilt leveren op het werk van de hardwerkende Nederlander, blijkt er altijd iets te zijn wat je ontsnapt. Dat is het wonder van de synthese. Of, zoals je wilt, het wonder van breien en bakken, van opbouwen en in elkaar zetten, van creëren. Je kunt proberen het werk dat uit onze handen komt te beschrijven en te begrijpen, maar het laat zich niet volledig analyseren.

Dat je met zo’n loflied op het scheppen al gauw in de buurt komt van een loflied op de schepping, lees je bij die andere grote natuurkundige, Stephen Hawking. Je kunt proberen, zegt hij in A Brief History of Time, het universum te beschrijven met behulp van een theorie, maar dan weet je nog niet wat vuur blaast in de vergelijkingen en wat maakt dat er überhaupt een universum is om te beschrijven. ‘Waarom doet het universum al die moeite om te bestaan?’ Jawel – en diezelfde vraag kun je ook stellen aan de schepping die uit onze eigen handen komt.

Naar Alfa-denken, eigenheid  Alfa-denken  , Politiek lijst  , Politiek & Media overzicht  , of site home  .