De Volkskrant, 23-01-2013, door Suzanne Weusten, directeur van De Argumentenfabriek Denkacademie .2010

ABC van denkfouten

Texaanse scherpschutter fallacy: groot geloof in kleine proef

Een van mijn vriendinnen heeft als hobby huizen zoeken, een vrijetijdsbesteding die is ontstaan in de tijd dat ze zelf een woning zocht en dagelijks een paar uur op Funda rondstruinde. Tijdens een van haar speurtochten ontdekte ze dat er in de straat waar mijn man een huis wilde kopen wel vier huizen te koop stonden. 'Kijk uit, er is vast iets mis met die straat', waarschuwde ze.

Mijn vriendin maakte een denkfout die bekend staat als de Texas sharpshooter fallacy. De prachtige naam is ontleend aan een fabel over een cowboy die willekeurig op een schuurtje schiet. Na verloop van tijd is de schuur bezaaid met kogelgaten; op sommige plekken veel, op andere plekken weinig. Op de plek waar heel veel gaten dicht bij elkaar zitten, verft de cowboy de roos van een schietschijf, zodat het lijkt alsof hij een scherpschutter is.

Zoals de cowboy de willekeurige werkelijkheid kunstmatig naar zijn hand zet, zo bedacht mijn vriendin dat er een patroon zat in de opeenhoping van huizen die in de straat te koop stonden. Bovendien verzon ze er een oorzaak bij: 'Er is iets mis met de straat.'

Maar de clustering van huizen kan evengoed toeval zijn en dus zonder oorzaak. En zelfs als het geen toeval is, kan er ook een andere oorzaak zijn en hoeft het niet aan de straat te liggen.

De Texas sharpshooter fallacy, ook wel de clustering illusion genoemd, is voor het eerst beschreven in de epidemiologie, de wetenschap die zich bezighoudt met het vˇˇrkomen en de verspreiding van ziekten onder de bevolking.

Wanneer bijvoorbeeld in een bepaalde regio veel gevallen van kanker voorkomen, zijn mensen geneigd te denken dat het aan de omgeving ligt: aan water- of luchtvervuiling. Maar men vergeet dat uitschieters in een kleine steekproef heel gewoon zijn en nog niets zeggen over significante verbanden.

Psychologen ontdekten dat de denkfout ook op andere terreinen voorkomt. Zij noemden deze denkfout 'het geloof in de wet van de kleine getallen'. Kort gezegd komt dit erop neer dat mensen geneigd zijn te denken dat een kleine steekproef betekenis heeft en betrouwbaar is, (de kogelgaten in de schietschijf van de Texaanse schutter). Maar om toeval uit te sluiten, is een grote steekproef nodig (de kogelgaten in de gehele schuur).

De statisticus William Feller ontdekte in een klassieke studie uit 1950 dat mensen gemakkelijk een patroon bedenken voor willekeurige gebeurtenissen. Bij de bombardementen in Londen tijdens de Tweede Wereldoorlog bleek dat sommige wijken in Londen nauwelijks geraakt werden en andere juist vaak.

Dat kwam vast doordat er in de niet-getroffen wijken Duitse spionnen waren, zo dachten de inwoners. Uit een statistische analyse achteraf bleek echter dat de treffers willekeurig waren.

De neiging om patronen te zien in willekeurige gebeurtenissen, is oermenselijk en heeft evolutionair gezien een functie. Om te overleven moesten onze voorouders voortdurend waakzaam zijn. Ze moesten veranderingen in hun omgeving opmerken en een oorzaak bedenken zodat ze erop konden anticiperen.

Toen ik de makelaar trouwens vroeg waarom er zo veel huizen in de straat te koop stonden, moest hij lachen: 'Het is een heel lange straat.'


Red.:  Mens ziet regelmaat - zie Lucia de Berk-geval. Zie onderzoeksgegevensvervalsing: mensen geven te regelmatige cijfers



Naar Beslissingen , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of naar site home .
 

[an error occurred while processing this directive]