De Volkskrant, 01-09-2008, door Cyrille Offermans, schrijver 11 apr.2008

Rijks buigt voor patserige kunst met expositie diamantschedel

Door de schedel van Damien Hirst tentoon te stellen verleent het Rijks glans en legitimatie aan het in toenemende mate maffiose kunstcircuit, stelt Cyrille Offermans
.

Tussentitel: Pijbes wil mensen over de vloer, meer dan het Rijksmuseum aan kan

Je kon erop wachten. Wim Pijbes, de nieuwe directeur van het Rijksmuseum, had immers zijn visitekaartje al afgegeven. Nadat hij ons nationale kunstbezit had verrijkt met de blotebillenjurk van Marlies Dekkers – een statement, want zijn eerste aanschaf – moest hij wel met iets heel spectaculairs komen, wilde hij nog de gewenste media-aandacht krijgen. Dat lijkt hem nu te lukken. Pijbes kent de markt. Dus weet hij dat wie zoekt naar de overtreffende trap van de nieuwe kleren van de keizer, tegenwoordig in de buurt van Damien Hirst moet uitkomen. En zo geschiede.
    Hirst is de spraakmakendste kunstenaar van dit moment. Twintig jaar geleden werd hij door Charles Saatchi, oprichter van ’s werelds grootste reclamebureau, gelanceerd als superster. Saatchi kocht zijn installatie met een zes meter lange tijgerhaai op sterk water voor een paar duizend dollar en verkocht het beest twee jaar later voor 6,5 miljoen pond.
    Daarmee was het kostje van Hirst gekocht. Toen hij vorig jaar de garantie gaf dat zijn handtekening echt was op een rommelmarktschilderijtje van Stalin wiens neus hij rood had geverfd, betaalde een bewonderaar er 140 duizend pond voor bij het ooit gerenommeerde Sotheby’s. Niet verwonderlijk dat Hirst en Sotheby’s de handen ineensloegen om van het veilinghuis een winkel te maken. Vrijdag opent Beautiful Inside My Head Forever. Het klapstuk van de veiling: een opgezet kalf met gouden hoeven en hoorns. Verwachte opbrengst: 8 tot 10 miljoen pond. Dubieuze oliemiljardairs verdringen zich al op de stoep.
    En nu is Wim Pijbes er dus in geslaagd een mensenschedel bedekt met diamanten tijdelijk naar het Rijks te halen. Bravo. De betekenis van die deal moet vooral worden gezocht in een op handen zijnde functieverandering van het museum. Pijbes lijkt niet bijzonder geďnteresseerd in het geleerde discours van Rembrandt-specialisten; hij wil mensen over de vloer, liefst nog meer dan het gedecimeerde museum kan herbergen. Daarmee verschaft het Rijksmuseum glans en legitimatie aan het in toenemende mate maffiose mondiale kunstcircuit, waar kunst uitsluitend als prestige- en speculatieobject wordt gezien. De daarbij horende astronomische cijfers verschaffen natuurlijk ook Pijbes status.
    Pijnlijk is de gedienstigheid van de nieuwe directeur. Hirst heeft de expositievoorwaarden tot in de details zelf bepaald, ongeveer zoals popsterren dat plegen te doen. De schedel, zegt Pijbes trots (Kunst, 26 augustus), komt ‘in een black box, een verduisterd zaaltje, zonder dat er iets anders in de buurt hangt of staat. Alles daarover staat in het contract. Over de maatvoering, de belichting. Ook dat we niet mogen vermelden wie de eigenaar is. Ik heb nog nooit van mijn leven zo’n enorm contract getekend.’
    Dat is, zeker voor een directeur die zo graag eigentijds wil zijn, een wel heel erg ouderwetse vorm van exposeren. De schedel wordt gepresenteerd als magisch of religieus cultusvoorwerp, in een soort tabernakel waaraan het publiek zich mag vergapen. De suggestie is dat het stuk uit het niets komt. Kritische kunstenaars plegen daar vragen bij te stellen. Peter Greenaway zou de herkomst en de winning van diamanten, de handel en het gebruik ervan onderzoeken, hij zou de expositieruimte hebben gevuld met excursies naar de corruptie, de slavernij en de oorlogen die daarmee verbonden zijn.
    Pijnlijk is bovendien dat deze religieuze benadering van kunst in strijd is met de expositiebeginselen waarmee het Rijksmuseum straks voor de dag wil komen. De bedoeling was dat we de oude meesterwerken niet meer als autonome objecten zouden bekijken, maar in een omgeving waar ze ook destijds functioneerden.
    Curieus dat Pijbes die wellicht vruchtbare uitgangspunten nu overboord gooit. Niet uitgesloten dat hij de bui al zag hangen. Want de context waarin de met diamanten bezaaide schedel getoond zou moeten worden, is van een bedenkelijk allooi. Die context zou bestaan uit Ferrari’s en jachten, uit villa’s en bodyguards, kortom uit patserige taferelen zoals we die kennen van de miljonairsfairs. Logisch dat kunstenaar en directeur liever zien dat de schedel in het eerbiedwaardige gezelschap van fameuze vanitaswerken van het Rijksmuseum wordt getoond.


Cyrille Offermans is schrijver. Zijn essay over Saatchi en Hirst verscheen in Schipbreuk (Cossee).

Copyright: Offermans, Cyrille

Naar Alfa-denken, eigenheid Alfa-denken , Politiek lijst , Politiek & Media overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]