De Volkskrant, 24-08-2011, door Joost Zwagerman 26 aug.2011

Zwagerman leest

Psychische stoornissen | Gelukkig zijn de meeste klein en ongevaarlijk

Geen schrijver zonder neurose. Lord Byron: 'We of the craft are all crazy.'

Tussentitel: Menig conservatief columnist had zo'n passage graag voor zijn rekening willen nemen en ook zo pregnant willen formuleren als Anders Behring Breivik


Het Reformatorisch Dagblad citeerde een zin uit het '2083' van Anders Behring Breivik. 'De protestantse kerk van vandaag is een lachertje. Dominees in jeans marcheren voor Palestina en de kerken zien er uit als minimalistische winkelcentra.'

Menig conservatief columnist had zo'n passage graag voor zijn rekening willen nemen en ook zo pregnant willen formuleren. Ik beweerde het al eerder: er staan in dat 1.500 pagina's tellende '2083' grote delen hysterische quatsch en onzin, maar wie de tijd neemt er hier en daar wat in te lezen, treft ook puik geschreven passages aan. In dat verband blijft de opmerking van Christiaan Weijts in De Groene Amsterdammer me intrigeren: 'Je hoeft er alleen nog een goeie redacteur op te zetten.'

Toen bleek dat de moordenaar van Pim Fortuyn, Volkert van der G., een milieu-activist was die keurig zijn afval scheidde, haastten milieu-activisten van diverse pluimage zich te zeggen dat Van der G. toch vooral niet representatief was voor hun respectabele bezigheden. Na de moord op Theo van Gogh door Mohammed B. klonk het vrijwel unisono dat het van het grootste belang was de moordenaar als een lone wolf te beschouwen; dat het geen pas gaf alle moslims in Nederland nu over een kam te scheren en dat de meeste moslims net zulke vredelievende burgers zijn als ieder ander.

Gek is dat, ik heb nog niemand gehoord die benadrukt dat Breivik niet representatief is voor het gilde van pamflettisten en polemisten. Laat staan dat er door iemand is gezegd dat het geen pas geeft om na Breiviks terreurdaden alle schrijvers over een kam te scheren en dat het overgrote deel van schrijvers, waar ook ter wereld, vredelievende figuren zijn. Dus: als een moslim met zijn fiets door rood licht rijdt, dan loopt hij het gevaar zijn geloofsgenoten mee te sleuren in zijn subversieve actie, waarna er anderen opstaan die ons uitleggen dat het gedrag van de verkeersovertreder niets zegt over het geloof dat hij aanhangt.

Rijdt een milieu-activist in zijn vrije tijd in een benzineslurpende oldtimer, dan staan er altijd wel collega-idealisten op die luid verkondigen dat diens autoliefde volstrekt losstaat van de nobele beginselen van het milieu-activisme in het algemeen. Maar schrijvers kunnen op voorhand opgelucht ademhalen. Als er iemand met ontegenzeglijke literaire talenten een psychische aberratie toont, in het groot of in het klein, dan komt het in niemand op die aberratie in verband te brengen met die literaire talenten en met anderen die diezelfde talenten bezitten.

Wel zo fijn voor ons schrijvers. En dat terwijl je moeilijk kunt volhouden dat de meeste schrijvers evenwichtige en vredelievende figuren zijn, die alleen maar alle goeds met de medemens voorhebben. Integendeel: misantropie en neurose lijken te behoren tot de standaard-wapenuitrusting van menig schrijver. Het beeld van de schrijver als half of geheel gestoorde figuur, behept met een arsenaal van geestelijke afwijkingen, is wijdverbreid en ingesleten. In het standaardwerk The Anatomy Of Melancholy (1716) formuleerde Robert Burnton het zonder omwegen: 'All poets are mad.' Waarbij we de dichter kunnen uitbreiden tot de literaire auteur in het algemeen. Lord Byron kwam tot dezelfde conclusie: 'We of the craft are all crazy.'

In eigen land beweerde Lodewijk van Deyssel dat iedere artistieke aanleg, en in het bijzonder de aanleg tot het maken van literatuur, onverbrekelijk is verbonden met de abnormale toestand van het zenuwstelsel, een die sterke gelijkenissen vertoont met die van gekken en misdadigers. De statistieken geven Van Deyssel gelijk. In de VS deed de psycholoog Arnold Ludwig in de jaren negentig onderzoek naar meer dan duizend schrijvers en kunstenaars over wie tussen 1960 en 1990 biografieŽn waren verschenen. Ludwig concludeerde dat 57 procent van de kunstenaars en schrijvers ooit had geleden onder een psychische stoornis. Het vaakst kwamen die stoornissen voor onder dichters, schrijvers en beeldend kunstenaars.

Van Kay Redfield Jamison is het onderzoek naar manische depressiviteit onder kunstenaars en schrijvers. Gemiddeld lijdt 5 ŗ 6 procent van de mensen aan deze ziekte. Onder de belangrijkste schrijvers en dichters uit het tijdvak 1705-1805 was dat meer dan 50 procent.

In het licht van deze cijfers en statistieken beweerde Christiaan Weijts iets veelzeggends toen hij zich in De Groene afvroeg: 'Hoeveel had Breivik niet verdiend kunnen hebben als hij zijn boek in de verkoop had gedaan?' Onderliggende vraag is dan natuurlijk: hoeveel mensenlevens zouden gespaard zijn gebleven als hij tijdig literaire erkenning had gekregen voor zijn - terzake kundig door een redacteur ingekort en opgeschoond - pamflet?

Psychische aberraties komen in soorten en maten voor, van verpletterend groot (Breivik) tot geruststellend klein en volkomen ongevaarlijk (vrijwel alle andere getroubleerden in de kunst en letteren). Ik ben een leek, maar heb het vermoeden dat in psychiatrische termen een grote hoeveelheid ziektebeelden aan Breivik zijn toe te schrijven: megalomanie, messias-complex , narcistische persoonlijkheidsstoornis, psychopathie, manische depressiviteit in combinatie met autisme en borderline-stoornis. Und so weiter. Schrijvers onder ons kunnen opgelucht ademhalen: je moet op de Parnassus van de geestesziekte staan om in aanmerking te komen voor al deze persoonlijkheidsstoornissen. De meeste schrijvers zijn in dezen godzijdank in veel bescheidener mate geŽquipeerd. Een of twee van die stoornissen, daar hebben wij schrijvers meestal al de handen aan vol.

Een goed voorbeeld is de Nederlandse jonge schrijver Anton Dautzenberg. Hij voelde zich geroepen het op te nemen voor de pedofielen en schreef in deze krant een coherent en op momenten overtuigend pleidooi voor maatschappelijke acceptatie van de pedoseksueel. Onnavolgbaar was echter zijn van de daken geschreeuwde besluit om, hoewel zelf geen pedofiel, lid te worden van Martijn, de belangenvereniging voor pedofielen in Nederland. Waarom je lid zou moeten worden van een club waarvan je zelf vindt dat je er niet thuishoort, is mij een raadsel. Dautzenberg lijkt ervan uit te gaan dat ze bij die vereniging Martijn de vlag uit hangen nu hij, de geweldig geŽngageerde en empathische schrijver, zich als lid heeft aangemeld. Sterker nog, hij lijkt te veronderstellen dat die vereniging hartstochtelijk wachtte op zijn adhesieverklaring en lidmaatschap. Als Dautzenberg consequent is, heeft zijn huishoudboekje binnenkort veel te lijden onder een keur aan lidmaatschappen van clubs en verenigingen die hierna het slachtoffer zullen zijn van zijn engagement. Wordt PVV-leider Wilders niet al jaren met de dood bedreigd en is dat, ondanks dat we niet sympathiseren met het gedachtengoed van de PVV, een lidmaatschap waard? Wilders mag wel oppassen, want voor hij het weet, komt Dautzenberg met gespreide armen op hem af, hengelend naar een aspirant-lidmaatschap. Eertijds namen Femke Halsema en Alexander Pechtold het op voor Ayaan Hirsi Ali en haar fundamentele recht op vrije meningsuiting, maar beide politici zagen daarin geen reden om toe te treden tot Hirsi Ali's partij, de VVD.

Een paar jaar geleden zei een bevriende dichter tegen me: 'Je moet er toch niet aan denken dat Prozac al in de jaren zestig had bestaan. Dan was het misschien wel voorgeschreven aan Gerard Reve en had hij nooit zijn gekwelde, superieure en onvergetelijke brieven geschreven in Nader tot U en Op weg naar het Einde.' En zo is het. Zo redenerend zou Vincent van Gogh met de juiste medicatie misschien wel nooit zijn wereldberoemde doeken hebben gemaakt. De variaties op deze gedachten zijn eindeloos.

Andersom had niet alleen een tijdige literaire erkenning van Breiviks pamflet, maar ook een passende medicatie het bloedbad kunnen voorkomen. En zou een Prozacje op zijn tijd misschien een hele opluchting betekenen voor Anton Dautzenberg die, terwijl ik dit schrijf, vermoedelijk druk bezig is de Nederlandse Vereniging van Satanisme op te richten om vervolgens, hoewel zelf geen satanist, aan de wereld te verkondigen dat hij zichzelf als eerste bij die vereniging heeft aangemeld.



Naar Alfa en bŤta denken, snelheid , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of naar site home .
 

[an error occurred while processing this directive]