De Volkskrant, 24-11-2007, column van Marjolijn Februari 10 dec.2007

Vindt Katie Melua het nu wel of niet erg dat de wereld vergaat?

Ineens schrijft iedereen over weerzin tegen slecht nieuws

Het hangt in de lucht en het tikt. Wat? Het nieuws. Er hing, althans, deze week een wijdverbreide en breed gedeelde weerzin tegen het nieuws in de lucht. De weigering om nog langer kranten te lezen. Ik wilde erover schrijven, maar toen bleek iedereen er al over geschreven te hebben - in diezelfde kranten die niemand dus meer wilde lezen.
    Het begon te tikken toen ik op een lange tocht naar het Noorden in de auto luisterde naar het nieuwe album Pictures van Katie Melua. Dat was op mijn pad gekomen en ik verbaasde me er nogal over. In haar nummer If the lights go out zingt Melua vriendelijk en tamelijk onverschillig dat het er niet toe doet als de wereld over een paar jaar vergaat. Niet aan denken, zingt ze, geen zorgen over maken. pluk de dag.
    'They say the world must end somehow, they say the end's not far from now; I think they're wrong, don't worry your life away, start living for today, don't think about tomorrow...
And if the lights go out on all of us, in just a year or two, and if the sky falls down like pouring rain, then I'Il be here with you, I'Il go down with you.'
    Deze laconieke tekst deed denken aan een uitspraak van documentairemaker Roel van Dalen in Het Parool van vorig weekend. Na jarenlang ellende te hebben gefilmd over de hele wereld, wilde hij nu alleen nog innige en lieve onderwerpen filmen. 'Naarmate ik ouder word, word ik kwetsbaarder. Ik lees bijna geen kranten meer, omdat ik me niet meer in narigheid wil verdiepen. Ik wil me alleen nog met mooie dingen bezighouden.'
    Katie Melua leek zich aan te sluiten bij deze weerzin tegen narigheid in de kranten. Maar het gekke was, en om die reden begon ik me te ergeren, dat ze een paar nummers verder precies bet tegenovergestelde zong. Nu maakte ze zich opeens zorgen over de wereld en keek neer . op de onverschilligheid die ze net zelf nog zo had aangeprezen. 'Looked through the paper.
Makes you want to cry. Nobody cares if the people live or die.'
    Hoe zat dat? Vond ze het nu wel of niet erg dat de wereld vergaat? Make up your mind, Katie, mopperde ik. Je bent de favoriete popster van onze eigen Balkenende, dat geeft je een verantwoordelijkheid voor het politieke standpunt van Nederland waar het de ondergang van de wereld betreft. We moeten weten of we de kranten nog dienen te lezen en of ze nog een functie hebben in het brengen van slecht nieuws.
    Luidkeels meezingend - ergens anders in Nederland reed de minister-president rond in zijn dienstauto en ook hij zong luidkeels mee, 'Looked through the paper, makes you want to cry'- besloot ik erover te schrijven. Maar nauwelijks was ik op de plaats van bestemming aangekomen en bladerde ik door de kranten, of ik zag dat iedereen het onderwerp al onder handen had genomen. Volkskrantcolumnist Bert Wagendorp schreef over zijn toenemende onverschilligheid voor het nieuws. 'Ik heb de wereld, dat kleine dorp, van me afgeduwd. En ik niet alleen. Ik heb eelt op mijn ziel en ik ben de enige niet. Bangladesh interesseert ons geen ruk.'
    In NRC schreef columnist Bas Heijne in iets voorzichtiger bewoordingen over het verschijnsel. 'De klacht dat het nieuws te negatief is en dat de media ook eens wat blije berichten zouden moeten verspreiden, keert met zo'n regelmaat terug dat je er de klok op gelijk kunt zetten.' Heijne gaf vervolgens een mooie analyse. Volgens hem worden op het moment twee eisen gesteld aan het nieuws - en die eisen botsen onderling.
    Aan de ene kant wordt de roep sterker om betrouwbaarder nieuws, om diepgang, evenwichtigheid en de erkenning van journalistieke beperkingen.
Aan de andere kant laait het verlangen op naar nieuws dat aansluit bij de behoeften en de belevingswereld van de lezer, naar blije berichten, berichten die in de smaak vallen bij de jeugd. Deze twee eisen botsen, zegt Heijne. En om uit te maken of het nieuws strenger objectief moet worden of juist lichtzinniger subjectief, moet je eerst vaststellen wie je wilt zijn: een consument of een burger.
    Als consument ben je volgens Heijne namelijk niet ge´nteresseerd in de wereld die buiten je eigen levenssfeer ligt, terwijl de burger juist de wereld wel in haar geheel belangrijk vindt. 'Omdat hij zich verantwoordelijk voelt voor die wereld en zo volledig en objectief mogelijk op de hoogte gesteld wil worden van wat zich daar afspeelt.'
    Maar toch, hoe nuttig deze indeling van Heijne ook is, er blijft ook iets wringen in dat idee van burgerlijke verantwoordelijkheid. Want als Bert Wagendorp en Roei van Dalen zich vroeger wel verantwoordelijk voelden voor de wereld en nu niet meer, en als Katie Melua nu eens huilt bij het lezen van de krant en vervolgens welbewust haar schouders ophaalt, dan zal dat toch niet zijn omdat al die mensen plotseling collectief van burger veranderd zijn in consument?
    De weerzin tegen slecht nieuws lijkt eerder voor te komen uit een gevoel van verantwoordelijkheid dat zich te pletter loopt op een gebrek aan invloed. Je wel verantwoordelijk voelen voor de wereld en geen kans hebben om die wereld te veranderen - weten wat zich overal afspeelt en er niets aan kunnen doen: dat is een wanhopige en wrede situatie. En het is zeker niet hoe burgerschap zou moeten zijn.
    Op de terugweg luisterde ik naar Rufus Wainwright die, had ik net in de krant gelezen, deze week in Nederland was. In wat voor wereld leven we? zong ook hij wanhopig. Mannen lezen geen kranten maar modetijdschriften. 'Men reading fashion magazines. Oh what a world it seems we live in. Straight men, oh what a world we live in.' Maar met hemzelf ging het best, en was dat geen goed nieuws? klaagde hij dramatisch. 'Still, I think I'm doing fine. Wouldn't it be a lovely headline: 'Life is beautiful' on the New York Times.'
 

Naar Cynisme en idealisme , Psychologie lijst , Psychologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]