VARA TV Magazine, nr. 50-2006, door Caspar Janssen 24 dec.2006

Staat van verwarring | Verslag van een [bescheiden] mediatournee

Het halsafsnijdende gebaar

Volkskrant-redacteur Caspar Janssen [44] schreef een boek dat qua amusements-gehalte helemaal haaks staat op het vreugdeloze ge1ijk van de anti-rooklobby. Maar hoe verkoop je zoiets in Hilversum?


Tussentitel: Een telefonisch voorgesprek is schijnbaar ongedwongen, maar is bedoeld
                  om te testen of je niet slist of stottert


'Die zak tabak, dat ben jij dus?' De eerste vraag van Mieke van der Weij in TROS' Nieuwsshow, zaterdagochtend 7 oktober. Ik ben direct helemaal van slag. Niet dat de vraag onlogisch is; mijn boek heet Zak tabak en het gaat over mezelf. Maar ik denk aan die honderdduizenden mensen die dit horen. Ik pruttel een antwoord: 'Nou ja, eh, goh, uh, ja, het boek gaat over mij, dus je zou kunnen zeggen dat ik dus die zak tabak ben, ja.' Niet bepaald een vlekkeloos begin van mijn radiodebuut.
    Een paar maanden eerder, ergens in juli. Mijn uitgever van Plataan, Ine Soepnel, belt op. 'Heb je al aan publiciteit gedacht?' 'Nou nee, nog niet eigenlijk', antwoord ik naar waarheid. Ik ben alles op alles aan het zetten om mijn boek nu eindelijk af te krijgen. Ik zit bleek en suf gerookt achter mijn laptop.
    'We moeten nu echt een plan bedenken', houdt Ine aan. Ze somt op: er moeten persbericht-en komen, media moeten benaderd worden, ik moet nadenken overeen boekpresentatie. Zelf was ik van plan om volledig in te storten na het corrigeren van de laatste drukproeven, maar dat blijkt heel slecht uit te komen. 'Nee jongen, over een paar weken moet iedereen toch echt weten dat Zak tabak er aan komt.'

Een pannenkoekenrestaurant in Amsterdam, een paar dagen later. Ine en ik bespreken het 'publiciteitsplan-Zak tabak'. 'Gaat het niet gewoon vanzelf?' vraag ik. 'Je stuurt het boek naar alle boekenredacties, daar herkennen ze het als een klein meesterwerk en schrijven ze jubelende recensies. Vervolgens rent iedereen naar de boekhandel en koopt het boek. Intussen draaien de persen op volle toeren.' 'Dat is wel heel romantisch gedacht', zegt Ine. 'Er is echt veel meer nodig. Geloof me nou maar.' Ik geloof haar. Ine heeft ervaring, ik niet. Dit is mijn eerste boek en ik heb het nog niet eens af. De waarheid is dat ik bang ben voor publiciteit. Omdat ik journalist ben, weet ik maar al te goed hoe het fout kan gaan. Ine vraagt: 'Wat zou je graag willen?' 'Regionale kranten, dat lijkt me wel leuk' , zeg ik.
    Vervolgens bespreken we de rest van het medialandschap. En dan, tegen het einde van het gesprek, komt het hoge woord er bij Ine uit: 'Wat doen we met radio en televisie? Zonder radio en televisie kun je het wel vergeten. We moeten je in Hilversum zien te krijgen.' Hoe mijn toegewijde uitgever het doet, weet ik niet, maar als we opbreken, zeg ik: 'Weet je wat: ik doe gewoon alles. Ik moet het gewoon maar eens durven.'

Radio, dat heb ik altijd al eens gewild. Het is intiem, je kunt je verhaal nog eens kwijt en je blijft toch lekker anoniem. Ik zie me al een uur lang zitten bij Kunststof, een van mijn favoriete programma's. Onderhoudend vertel ik over het brein van de rookverslaafde, over roken en schrijven, over de opkomsten ondergang van de sigaret, over mijn stopneurose, over de tekortschietende mens in het algemeen, over de nadelen van het streven naar een perfect, gezond leven, over mijn capriolen als stoppende roker, de leugens, de excuses, het schuldgevoel en, uiteindelijk: de bevrijding, als ik van mezelf gewoon mag doorroken.
    Televisie, dat is erger. Niet alleen begin ik al te stotteren bij de gedachte, maar ik vind het ook nogal wat om zomaar je anonimiteit op te geven. Ik heb dan wel een egodocument geschreven, een persoonlijk boek, maar het voordeel van een boek is toch datje zelf de regie hebt en dat je alleen te maken hebt met de lezers van je boek. Maar ja, weet Ine: een keer een fijn optreden in Barend & Van Dorp, pardon, Pauw & Witteman, een keer een paar vrolijke oneliners bij De wereld draait door, en alle andere mediaoptredens zijn zowat overbodig. Niet alleen omdat boekenlezers naar die programma's kijken, maar vooral, zo begrijp ik later, omdat boekhandelaren vaker televisie kijken dan boeken lezen. Is een boek eenmaal bij Pauw & Witteman langsgekomen, dan ligt het de volgende dag op een prominente plek in de meeste boekwinkels. Dus zeg ik: 'Pauw & Witteman, De wereld draait door, Max & Martine, ik doe alles wel. Wat maakt het uit.'

Mijn boek komt uit op donderdag 12 oktober, maar de zaterdag ervoor mag ik al naar de Nieuwsshow. Zoiets gaat niet zomaar. Al een week eerder heb ik een telefonisch voorgesprek met een redacteur van het programma, Martijn van Dijk. Het telefonische voorgesprek is een schijnbaar ongedwongen gesprekje waarin de redacteur je vragen stelt die mogelijk ook in het echte radiogesprek gesteld worden. Maar in werkelijkheid is het bedoeld om te testen of je niet slist of stottert, of je geen onverstaanbaar dialect spreekt, of je niet ongelooflijk saai bent, of je in staat bent een onderhoudend verhaal te vertellen. Ik had al wel ervaring met telefonische voorgesprekken. Dan belde opeens een redacteur - maar meestal een redactrice - van een radio- of tv-programma, naar aanleiding van een verhaal van mij in de krant. Zonder te zeggen waartoe het gesprek diende, begon de vrouw enthousiast vragen af te vuren. Geneigd tot relativeren, nuanceren en in afwachting van de reden van het telefoontje, hield ik me dan wat op de vlakte. Na vijf minuten was er van het enthousiasme van de belster niets meer over en brak ze het gesprek abrupt af. Ik bleef achter met de vragen: waarom belde ze mij, en: heb ik misschien iets verkeerds gezegd? Sindsdien zie ik bij ieder telefoontje uit Hilversum het beeld voor me van een kamertje met een bellende redactrice en een meeluisteraar, waarbij die laatste klaarstaat om de potentiële kandidaat voor het programma met een halsafsnijdend gebaar te killen.
    Maar nu ben ik voorbereid. Als Martijn van Dijk belt meet ik me een actieve houding aan, ik vermijd nuances, ik gebruik van tevoren bedachte oneliners en ik haal sappige passages uit het boek aan. Ik slaag voor de test.

‘Lopen er wel eens mensen net voor de uitzending weer weg?' vraag ik aan Martijn van Dijk, als hij me op zaterdagochtend afhaalt op station Hilversum-Noord. 'Vanwege de zenuwen?' 'Nee, dat is nog nooit gebeurd,' zegt Van Dijk. Hij kijkt me wat bezorgd aan.
Het Videocentrum op het Mediapark, even later. Poortjes, klapdeurtjes, een lift en een wachtkamer. En weer terug naar buiten, om voor het gebouw een sigaretje te roken. Daar arriveert Martin Ros, die zijn gulp heeft openstaan. Even later, in de wachtruimte, vertelt hij verhalen over de oorlog. Om me wat op mijn gemak te stellen, leidt de redactrice me alvast de studio in, waar een man van de Vogelbescherming net zijn verhaal houdt.
    En dan ben ik aan de beurt en stelt Mieke van der Weij de vraag: 'Die zak tabak, dat ben jij dus?' Peter de Bie en Van der Weij zien hoe ik van slag raak en proberen me vervolgens weer subtiel op mijn gemak te stellen. Desondanks wordt het pas leuk als ik een passage mag voorlezen over de schizofrenie van de stoppende roker.
    Dan vraagt Peter de Bie: 'Voel je je niet een ongelooflijke sukkel?'
    Ik noem mezelf in mijn boek regelmatig een sukkel, maar het probleem met zelfspot is datje anderen een vrijbrief geeft om er nog eens dik overheen te gaan. Een vriend had al gezegd:' Je moet je niet in de hoek laten duwen van de morsige, karakterloze roker.' Dus zeg ik: 'Nee. Want roken heeft misschien ook wel een functie voor sommige mensen. Je hebt altijd iets om naar toe te leven: de volgende sigaret.'
    Met gemengde gevoelens verlaat ik het Mediapark. Een redelijk geslaagd radiodebuut, maar mijn verhaal is nog niet op orde. Ik hoorde mezelf zeggen: het niet kunnen stoppen met roken staat symbool voor alle mislukkingen in mijn leven. J a, zo word je wel een tragische figuur. Terwijl het echte verhaal in het boek is dat ik roken zie als het laatste obstakel op weg naar een perfect, evenwichtig leven als ideale echtgenoot, vader en carrièreman. En die gedachte blijkt dan een misvatting te zijn.
Mijn boek gaat dus over een man die zijn heilige missie, stoppen met roken, gaat wantrouwen.

Vier dagen later, een dag voor de presentatie, staat er een voorpublicatie van Zak tabak in de Volkskrant. Het regent reacties. ’s Avonds ga ik weer met de trein naar Hilversum, naar Met het oog op morgen, nog zo'n favoriet radioprogramma. Het is nu zaak om wat wervender te zijn en meer schrijnende en vermakelijke passages uit het boek op te dissen. Roken is verdomd moeilijk geworden in Hilversum, merk ik opnieuw als ik weer via allerlei poortjes, hekjes en liften de radiostudio heb bereikt. Nog geen vijfjaar geleden hoorde je mensen roken op de radio, maar ook in Hilversum is het snel gegaan. Als ik nu weer naar buiten zou lopen om een sigaret op te steken, dan zou ik een enorm beslag leggen op de organisatie. Dus laat ik het roken maar even zitten.
    Dan schuif ik aan bij Henk van Hoorn en ik voel meteen dat het goed komt. Wat een aardige, grappige man. Wat scheelt, is dat Van Hoorn nadrukkelijk niet onderdrukt hoe vermakelijk hij het boekje vindt. Hij heeft zelf veertig jaar gerookt, dus hij herkent het rokersgedrag. Ik raak maar een keer uit evenwicht als hij zegt te weten waarom ik uiteindelijk toch niet stopte met roken. 'Omdat je verslaafd bent.' Dat klopt, geef ik toe. Pas later denk ik: zo zit het toch niet helemaal. Want een verslaving is te overwinnen als je echt wilt. Het punt is juist: ik wil het blijkbaar vooralsnog niet.
    'Een heel leuk gesprek', zegt Van Hoorn na afloop en ik ben het helemaal met hem eens. In staat van euforie meld ik me later in een nachtcafé in Amsterdam.

Een enthousiaste redactrice van het onnavolgbare VPRO-late night-tv-programma De staat van verwarring belt. Of ik in hun programma wil. Maar het moet dan wel op de avond van de presentatie. Dus moet ik afzeggen.
    Ik begin geroutineerd te raken. De zaterdag na de presentatie zit ik in Amsterdam bij BNR Nieuwsradio. Ik ben nu echt van plan om eens het uitgebreide verhaal te vertellen over het boek. Maar Zak tabak is bij BNR Nieuwsradio in de sector 'leuk' gepositioneerd. Dat begint me dwars te zitten. Serieuzere programma's als Kunststof en VPRO 's Boeken laten het ook al afweten. Het is deels mijn eigen schuld. Op de achterflap van het boekje staat: 'Eindelijk een leuk boek over stoppen met roken.' Een zinnetje dat ik anderhalf jaar eerder schreef om mezelf wat op te peppen.'Je doetje boek ermee tekort', zegt een rokende vriendin, die Zak tabak juist nogal confronterend vond.
    Ik vrees dat het te laat is. Ik kan moeilijk gaan roepen: 'Maar mijn boek is helemaal niet leuk!'

Meer voorgesprekjes. Een redactrice van Pauw& Witteman aan de telefoon. Dit gaat mis, weet ik direct. Ik ben zenuwachtig en ik heb vooral het idee dat de redactrice het boek niet heeft gelezen en dat ze niets met het thema heeft. Na nog geen tien minuten merk ik dat het kill-signaal aan de andere kant van de lijn is gegeven en stopt het gesprek abrupt.
    Bij Goedemorgen Nederland gaat het anders. De redactrice vertelt dat ze mijn boek in de trein in een keer heeft uitgelezen en dat andere reizigers raar keken vanwege haar voortdurende lachbuien. Ze zou het ontzettend leuk vinden als ik in Goedemorgen Nederland zou komen. Zelf zeg ik ook tot vier keer toe dat ik het 'ontzettend leuk' zou vinden om in Goedemorgen Nederland te zitten.
    Dat lukt: op vrijdagochtend 20 oktober word ik om zes uur thuis opgehaald voor mijn televisiedebuut. Merkwaardig genoeg ben ik nauwelijks gespannen. Misschien omdat het nog donker is en ik denk dat iedereen toch nog op bed lig als ik op televisie kom. De ongedwongen sfeer in het KRO-gebouw helpt ook. Bovendien staat het rook-bushokje pontificaal in de wacht- en redactieruimte zelf. Ik vermaak me ontspannen met de andere gasten en met Marc Josten, eindredacteur van Reporter. Dan moet ik opeens de studio in. Een flits van zenuwen, totdat ik weer bedenk dat het buiten nog donker is. Ine heeft me op het hart gedrukt om het vooral luchtig te houden en saillante passages uit het boek te vertellen. Dat doe ik dus maar. En Sven Kockelmann stelt de goede vragen en steekt zijn geamuseerdheid niet onder stoelen of banken. Na afloop is iedereen in de redactieruimte enthousiast. 'Hartstikke goed' , zegt Marc Josten, die een grote toekomst voorspelt voor Zak tabak.
    Ik word weer netjes naar huis gebracht en merk vervolgens hoeveel mensen 's ochtends al tv kijken. 'Altijd fijn, een leuk gezicht naast Sven', sms't een vriendin. Mijn dag kan niet meer stuk.
    Ik ben er doorheen. Nooit meer bang voor televisie. Ik ben nu helemaal klaar om ook het serieuze verhaal voor het voetlicht te brengen. Maar dan gebeurt iets raars. Of beter: er gebeurt helemaal niets meer. Het is november en er spoelt een tsunami van nieuwe boeken over de markt. Het momentum voor Zak tabak is even voorbij. En nu pas bedenk ik me hoe belangrijk die publiciteit eigenlijk is. Ik zie mijn trotse, afwachtende houding vervliegen. Hilversum heeft me in haar greep. Wanhopig stuur ik zelfs nog een mailtje naar de redactrice van Pauw & Witteman. Vergeefs natuurlijk.

Dan belt opeens de ontzettend enthousiaste redactrice van De staat van verwarring weer. Ze hebben die avond, eind november, alvast een oud-en-nieuwshow. 'Een grandioze aanleiding' om mij nogmaals uit te nodigen. Ze wekt de indruk dat de oud-en-nieuwshow zonder Zak tabak niet kan doorgaan. Of ik mij eind van de middag in Hilversum wil melden. 'Leuk, graag', zeg ik. 'Geef me een half uur om het thuis te bespreken.' Maar als ik een half uur later terugbel met het verlossende woord, hoeft het niet meer. 'De eindredacteur wilde toch liever een champagnedeskundige', zegt de ontzettend enthousiast redactrice, onder het maken van duizendmaal excuses.
    Wat mij nog rest, is een optreden bij Radio Gelderland. Het wordt met afstand mijn beste radio- of televisiegesprek. Afgewogen, met een vleugje tragiek hier en een grapje daar. Na afloop loop ik de binnenstad van Arnhem in. Hoe ik ook zoek, ik zie mijn boekje nergens liggen. Zo is er dus altijd wel wat. .


Terug naar Psychologische praktijktips , Psychologische praktijktips, drugs , Drugs lijst , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of naar site home .
 
[an error occurred while processing this directive]