DePers.nl, 01-10-2009, door Marcel Hulspas 2 okt.2009

Psychologie | Te weinig ‘grijze stof’

Slechte slapers kunnen hersenen de schuld geven

Tobben is niet genoeg; ook een andere hersenstructuur veroorzaakt slapeloosheid.

Een op de tien Nederlanders heeft last van chronische slapeloosheid. Vaak wordt gedacht dat dit te wijten is aan stress, maar stress heeft lang niet bij iedereen dat effect. Het ziet er naar uit dat er sprake is van een aangeboren aanleg.
    Medewerkers van het Nederlands Instituut voor Neurowetenschappen en het VU Medisch Centrum hebben nu met behulp van Magnetische Resonantie Imaging (MRI) de hersenen van lijders aan slapeloosheid doorgelicht. Ze ontdekten belangrijke afwijkingen, met name in de hersenschors. De onderzoekers, Ellemarije Altena en Ysbrand van der Werf, constateerden dat slechte slapers beschikken over minder ‘grijze stof’ in de zogenoemde orbitofrontale hersenschors, boven de oogkas. Dit hersengebied is belangrijk voor het beoordelen van emotionele waarde, en ook van belang bij het nemen van beslissingen en het oplossen van problemen. Hoe ernstiger de slapeloosheid, des te minder grijze stof. De onderzoekers vermoeden dat dit een aangeboren eigenschap is. Het is minder waarschijnlijk dat de vermindering een gevolg is van slecht slapen, omdat er geen verschil werd gevonden tussen mensen die nog maar net last hadden van slapeloosheid en mensen die daar al het grootste deel van hun leven mee kampten.


Naar Neurologie, organisatie , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]