De Volkskrant, 28-08-2004, door Simone de Schipper

Baas groeit boven baasje

Hersenen van een rat groeien plaatselijk wanneer hij de baas wordt. Ook het menselijk brein is gevoelig voor sociale status, denken wetenschappers. Maar of je er slimmer van wordt, is een tweede.


Het testosteron spatte ervan af, van Pieter van den Hoogenbands viering van zijn gouden 100 meter vrije slag. Vuisten gebald, armen schuin in de lucht, de brul zoals alleen een overwinnaar die brullen kan.
    Ongetwijfeld wérd Van den Hoogenband overspoeld door testosteron. Want of het nu gaat om dammen, boksen of een andere krachtmeting, het lichaam bereidt zich erop voor met dat strijdlustige hormoon. Met een extra dosis als de tegenstander geducht is. Overwinning stuwt de hormonale Dow Jones verder omhoog, terwijl verlies de koers drukt.
    Succes en hormonen kunnen elkaar op die manier versterken, stelt onderzoeker Allan Mazur van de Syracuse Universiteit in de staat New York. Meer succes is meer testosteron, is meer succes. Natuurlijk is dat ene geslachtshormoon slechts een van de vele factoren in de weg omhoog. Maar een verband is er wel degelijk. In de meest uiteenlopende situaties zagen Mazur en anderen dat een hoger testosterongehalte bijdraagt aan winnen en sociale dominantie, en andersom.
    Hoogleraar prof. dr. Jaap Koolhaas en zijn collega-gedragsfysiologen aan de Rijksuniversiteit Groningen zien dat dagelijks bevestigd bij de dieren die ze bestuderen. 'Zet twee mannetjesratten bij elkaar in een kooitje en ze strijden om de dominantie', vertelt Koolhaas. 'De winnaar krijgt meer testosteron in zijn bloed. De verliezer minder en dat verlaagt de kans dat hij opnieuw aanvalt. Na een aantal keren geeft hij de strijd op en wordt onderdanig.'
    Het is verbluffend hoe de twee ratten, die nagenoeg gelijk beginnen, uit elkaar groeien. Terwijl de verliezer in een neerwaartse spiraal raakt, groeit de winnaar letterlijk en figuurlijk. Tegen de tijd dat de rolverdeling gebeiteld is, heeft de baas meer testosteron, minder stresshormonen en meer vet en spieren dan zijn 'onderdaan', plus een totaal ander gedrag.
    En daar blijft het niet bij. Nieuw onderzoek – een maand geleden gepubliceerd – wijst erop dat zelfs het brein meegroeit met het ego. Elizabeth Gould en Yevgenia Kozorovitskiy van de Amerikaanse Princeton Universiteit toonden dat aan bij ratten die normaal gesproken, in hun saaie standaardkooitjes, tamelijk passief en egalitair met elkaar omgaan. Maar door ze in een quasi-natuurlijke omgeving met holletjes en gangen te zetten, en bij ieder groepje van vier mannetjes slechts twee vrouwtjes te zetten – concurrentiestrijd verzekerd – ontstonden direct conflicten.
    Al na enkele dagen had in ieder groepje één van de mannetjes het leiderschap én de vrouwtjes opgeëist. Plus een verandering in het brein. Een klein onderdeel van de hippocampus, belangrijk voor leren en geheugen, bevatte bij de rattenbazen na twee weken 30 procent meer hersencellen.
    Weliswaar maakten de winnaars en verliezers evenveel nieuwe hersencellen aan – zo'n negenduizend per dag waarvan het overgrote deel binnen een week sterft – maar bij de dominante ratten beklijven ze beter.
    Dát volwassen zoogdieren en ook mensen nieuwe hersencellen aanmaken, is nog maar enkele jaren bekend. Toen bleek al snel dat stress de celgroei afremt, terwijl lichaamsbeweging en een uitdagende omgeving die celgroei juist stimuleren. Dominantie kan daar nu als aparte factor aan worden toegevoegd, schreven Gould en Kozorovitskiy eind juli in het vakblad The Journal of Neuroscience.
    Koolhaas kijkt niet vreemd op van de vondst. Het idee van een statisch brein is losgelaten, benadrukt hij. 'Het wordt steeds duidelijker hoe dynamisch het is. Er is een constante wisselwerking tussen hersenen en omgeving, en daar hoort de sociale omgeving bij. Sociale verhoudingen veranderen het brein, dat verandert het gedrag, wat de sociale verhoudingen weer beïnvloedt.'
    Gould en Kozorovitskiy moeten nog onderzoeken op welke manier de sociale status het brein precies laat groeien. Wel hebben ze een sterk vermoeden: de dominante mannetjes zijn agressiever en hebben meer contact en seks met de vrouwtjesratten, allemaal opstekers voor het testosteronniveau. En bij vogels en woelmuizen stimuleert testosteron de neurogenese, het ontstaan van nieuwe hersencellen. Alle kans dat dat bij ratten ook zo is.
    Is het menselijk brein net zo veranderlijk? 'Absoluut', zegt Koolhaas. 'We verschillen daarin niet van andere zoogdieren. Alleen is het bij ons moeilijker te onderzoeken.'
    'Gelukkig worden de hersenscantechnieken steeds nauwkeuriger, zodat je kleine veranderingen in het brein kunt waarnemen', zegt Henriëtte van Praag van het Salk Institute in San Diego, die met haar collega's aantoonde dat lichaamsbeweging neurogenese bevordert. 'Plaatselijke groei wijst op meer hersencellen.'
    'Alleen is cellen tellen alweer achterhaald, want het zegt niet zoveel', vindt Van Praag. 'Want we weten eigenlijk niet goed wat je eraan hebt, aan meer cellen, óf je er überhaupt wat aan hebt. Word je slimmer? Leef je langer?'
    Om meer te weten te komen, kijken Van Praag en andere onderzoekers nu ook naar de vorm en werking van de nieuwgeboren cellen. Het ziet er hoopgevend uit: een klein deel van de nieuwkomers verovert een plek tussen de oude garde, bouwt een netwerk van contacten en draait volop mee.
    'Dan nóg is het niet zeker of bijvoorbeeld de ratten die veel rennen, iets opschieten met de extra hersencellen die dat oplevert. Voor hetzelfde geld zijn de nieuwe cellen een nutteloos bijverschijnsel. Maar het is aannemelijker dat neurogenese het leervermogen ten goede komt.' Nieuwe, jonge cellen geven flexibiliteit aan de hippocampus, en meer nieuwe cellen geven extra flexibiliteit.
    'In de natuur kunnen ratten en muizen die veel bewegen, die geheugencapaciteit wel gebruiken. Want veel rennen betekent waarschijnlijk dat ze een nieuwe omgeving verkennen', aldus Van Praag. 'Ook vogels die jaarlijks in oktober zaadjes opslaan, krijgen tegelijkertijd een groter brein zodat ze hun voorraden kunnen terugvinden.' Net zoals de Londense taxichauffeurs – beroemd om hun uitzonderlijke navigatievermogen – een grotere hippocampus blijken te hebben.
    De onderzoekers van de dominante ratten opperen iets in diezelfde lijn. De extra hersenkracht zou de nieuwe baasjes kunnen helpen om zich aan te passen aan hun nieuwe rol als leider. Van Praag: 'Bij onze muizen is het heel duidelijk dat de verhoogde aanmaak van nieuwe cellen, bijvoorbeeld na rennen, het leervermogen en de intelligentie vergroot.'
    Zou ook het brein van winnende topsporters, flitsende carrièremakers en andere succesnummers groter en slimmer groeien? 'Je zou daar achter kunnen komen door mensen voor en na een verandering in hun sociale status een IQ-test af te nemen.
    'Maar ik zie om me heen geen koppeling tussen sociale status en IQ. De huidige regering in de Verenigde Staten getuigt eerder van het tegendeel. Misschien is bij mensen het effect niet zo sterk. Of zou testosteron bepaalde bijwerkingen hebben?'

Tussenstuk:
Lachend naar de top
Waar twee mensen elkaar ontmoeten, al is het maar even in de lift, wordt de hiërarchie bepaald. En als ze dat al was, wordt zij bevestigd.
    Dominante types staan rechterop en bewegen meer. Als ze praten, kijken ze hun gehoor strak aan, terwijl ze wegkijken als er tegen hen gesproken wordt.
    De onderdanen doen het andersom. Aan de ratio kijken-praten versus kijken-luisteren kun je de onderlinge verhouding aflezen.
    Subtieler: de leider zet letterlijk de toon. In 1996 analyseerden de Amerikaanse sociologen Stanford Gregory en Stephen Webster 25 afleveringen van de talkshow Larry King Live. De gastheer paste de lagere klanken in zijn stem aan aan die van Bill Clinton, Liz Taylor en andere gasten met een hogere status. Terwijl gasten die opkeken tegen Larry King, hun stem juist aan hem aanpasten. Het onderdanigst was de toenmalige vice-president Dan Quayle.
    Studenten die ter controle naar de uitzendingen keken, kwamen tot nagenoeg hetzelfde oordeel over wie zich onderdanig gedroeg en wie dominant.
    Het pad naar bonusregeling en parkeerplaats met naambordje wordt niet met de vuisten gebaand. Terwijl wolven elkaar tegen de grond drukken in de strijd om het leiderschap, geldt bij chimpansees al dat de slimste de baas is, niet de sterkste. De mens moet al zijn hogere verworvenheden als intelligentie, humor en invoelend vermogen inzetten. De middelen zijn verfijnder, het doel gelijk: overwicht, zeggenschap, respect, bezit.
    Ieder mens doet de evolutie nog eens dunnetjes over. Baby's knijpen en trekken nog om een zandschepje, maar een kind dat daarin volhardt, wordt al snel de impopulaire etter. De leider is het kind dat steeds zijn nieuwe verbale en sociale vaardigheden inzet, vriendelijk maar overtuigend. Die verfijning maakt onze rangorde wel ingewikkeld. Neem de baas van een filiaal die promoveert tot onderbaasje op het hoofdkantoor. Of de hoogste baas die thuis niets te vertellen heeft.


Naar Psycho-fysisch parallellisme  , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 
[an error occurred while processing this directive]