De Volkskrant, 24-02-2016, van verslaggever Cor Speksnijder 3 okt.2008

Angst in natuur goede raadgever

Vrees voor grote roofdieren werkt door in de hele voedselketen, blijkt uit onderzoek van Canadese biologen. Waar die verdwijnen, raakt het ecosysteem verstoord.

Het enige waar we bang voor moeten zij, is de angst zelf. De gevleugelde uitspraak van president Franklin D. Roosevelt gaat in de natuur niet op. Daar heeft angst een nuttige functie, zo blijkt uit Canadees onderzoek.

De vrees voor grote roofdieren die bovenaan staan in de voedselketen werkt trapsgewijs door in de hele keten en heeft een positieve invloed op de gezondheid van het ecosysteem, stellen de onderzoekers. Angst voor toproofdieren leidt ertoe dat prooidieren zich minder op hun gemak voelen als ze zelf op jacht gaan en dat hun vangst binnen de perken blijft. Daarvan profiteren kleinere dieren lager in de voedselketen.

Als grote rovers zoals leeuwen en wolven verdwijnen en daarmee de angst die ze teweegbrengen, is dat voordelig voor hun potentiŽle slachtoffers. Die kunnen zich dan ongestoord tegoed doen. Een stapje lager in de voedselketen pakt dit echter nadelig uit voor de beesten waarmee de grotere prooidieren zich voeden. En het is weer gunstig voor de dieren daaronder.

Canadese biologen, die publiceerden in Nature Communications, onderzochten het effect van angst in de natuur op enkele kleine eilanden voor de kust van de provincie Brits Columbia. Daar zijn in de vorige eeuw grote vleeseters als de wolf en de zwarte beer verdwenen. Mazzel voor hun geliefde prooi, de wasbeer. Zijn enige vijanden zijn nu nog rondzwervende honden. Van deze relatieve veiligheid profiteert de wasbeer door zich ruimschoots te voeden met krab en vis.

De onderzoekers creŽerden angst op de eilandjes door uit luidsprekers het geblaf en gejank van honden te laten klinken. Gevolg was dat de wasberen aanzienlijk minder tijd besteedden aan het zoeken naar voedsel langs de kustlijn. Over een maand gemeten was dat ruim 60 procent minder, bleek uit camerabeelden.

Dit leidde ertoe dat de hoeveelheid vis en krab aan de kust drastisch toenam: 97 en 61 procent bij twee soorten krabben en 81 procent bij kleine vissen. De potentiŽle prooien van de krab, kleine slakken (alikruiken), hadden daarvan juist te lijden. Zij namen sterk in aantal af.

Deze trapsgewijze effecten bleven uit als de wetenschappers het geluid lieten horen van zeehonden en zeeleeuwen, dieren die niet gevaarlijk zijn voor de wasbeer.

Opvallend is dat de hoeveelheid visjes en krabben op de eilandjes nadat de wasberen schrik was aangejaagd overeenkomt met die op de eilandjes waar de wasbeer niet voorkomt, zegt bioloog Jelle Reumer, hoogleraar aan de Universiteit Utrecht. 'Dit laat zien dat die populaties sterk achteruitgaan als er wasberen zitten en dat ze kunnen worden hersteld door angst voor roofdieren aan te jagen.'

Dit onderzoekt onderstreept nog eens het belang van de rol die grote rovers kunnen spelen bij het herstel van ecosystemen, zegt Reumer. 'Daar kun je ook bij de discussies over het introduceren van roofdieren in Nederlandse natuurgebieden rekening mee houden.'

De bevindingen hebben belangrijke implicaties voor natuurbehoud en wildbeheer', zegt Liana Zanette, een van de Canadese onderzoekers. 'De aanwezigheid van grote vleeseters in het landschap bewijst het ecosysteem een onmisbare dienst.'


Web:
Angst voor grote roofdieren blijkt goed voor het hele ecosysteem
TT:
Angst voor toproofdieren leidt ertoe dat prooidieren zich minder op hun gemak voelen
De aanwezigheid van grote vleeseters in het landschap bewijst het ecosysteem een onmisbare dienst




Naar Psychologische krachten, angst  , Psychologische krachten  , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]