De Volkskrant, 12-06-2010, door Malou van Hintum 16 jun.2009

Knuffelhormoon is helemaal zo lief niet

Het hormoon oxytocine maakt knuffelig, is een populaire gedachte. Maar vergeet vooral de bijwerkingen niet.

Oxytocine, het hormoon dat tot nu toe altijd in verband werd gebracht met positieve dingen als aanraken, knuffelen, een onderlinge band hebben en elkaar vertrouwen, blijkt een onvermoede kant te hebben: het zet ook aan tot agressie. Onderzoekers onder leiding van hoogleraar psychologie Carsten de Dreu (Universiteit van Amsterdam) hebben het als eerste aangetoond.

De Dreu en de zijnen, die hun onderzoek The neuropeptide oxytocin regulates parochial altruism in intergroup conflict among humans gisteren publiceerden in Science, ontlenen hun inzicht aan drie experimenten waarin mannen werd gevraagd op verschillende manieren geld te verdelen, al dan niet onder invloed van het (kunstmatig toegediende) hormoon oxytocine.

Vergeleken met de placebogroep handelden de oxytocine-proefpersonen minder egoïstisch en meer in het belang van de groep. Ze waren ook agressiever naar buitenstaanders dan mensen uit de placebogroep, met name wanneer die buitenstaanders een grotere bedreiging vormden voor de eigen groep.

Hoe kan dat? ‘Mensen hebben altijd in kleine groepen geopereerd,’ zegt Carsten de Dreu.

‘Binnen de groep kreeg het individu bescherming, en de samenwerking tussen groepsleden zorgde ervoor dat iedereen altijd te eten had. Samenwerking was ook nodig om bedreigingen van buiten beter het hoofd te kunnen bieden. Samen sta je sterker.

‘Als concurrerende groepen op jouw territorium, voedsel en vrouwen uit waren, was samenwerking binnen de groep het beste manier om dat te voorkomen. Je kunt samenwerking binnen de groep dan ook niet los zien van eventuele agressie naar andere groepen toe.’

Altruïsme
En daar komt de oxytocine in het verhaal. Oxytocine komt vrij in een situatie waarin mensen prettig met elkaar omgaan. Het versterkt de vertrouwensrelaties en het altruïsme binnen een groep. Wordt de loyaliteit aan de groep op de proef gesteld wanneer die groep wordt aangevallen en verdedigd moet worden, dan keert het altruïsme zich als het ware naar buiten. De Dreu: ‘Het wordt nog steeds ten gunste van de groep gebruikt, maar nu tegen de tegenstander. In zulke gevallen stimuleert oxytocine niet alleen altruïstisch gedrag naar de eigen groep toe, maar ook agressie naar de bedreigende andere groep.

Opmerkelijk was bovendien dat oxytocine vooral verdedigende agressie opriep; aanvallende agressie die puur gericht was op het uitbuiten van een andere groep werd niet door oxytocine beïnvloed. Het gaat dus echt om het beschermen van de groep.’

De bevindingen van De Dreu c.s. zijn in lijn met de theorie van Charles Darwin, die stelde dat groepen waarvan de leden onderling altruïstisch zijn en agressief tegenover andere groepen, een grotere kans hebben om te overleven dan groepen die intern niet altruïstisch zijn.

De Dreu: ‘Als hij gelijk zou hebben, moesten er in het brein mechanismen zijn die tegelijk altruïsme en agressie aansturen. Dat is precies wat oxytocine doet.’

Wat betekent dat voor de manipulatieve mogelijkheden van het ‘knuffelhormoon’?

De Dreu: ‘Het is een hip, maar wel een heel jong onderzoeksgebied, dus heel veel weten we er nog niet van. Wat ik wel kan zeggen, is dat offensieve agressie niet afneemt onder invloed van oxytocine. Iemand die jou wil aanvallen, krijg je niet rustig door oxytocine rond te sprayen.

‘Het heeft ook weinig zin om oxytocine door de airco te verspreiden, of als autoverkoper op je pak te spuiten. Niet alleen is de incubatietijd 30 tot 45 minuten, het is ook belangrijk dat collega’s of klanten jou niet als lid van een concurrerende groep zien. Want als dat zo is, zal toedienen van oxytocine eerder de onderlinge vijandigheid versterken en sluimerende conflicten doen escaleren.’


Naar Psychologische krachten  , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]