De Volkskrant, 20-12-2013, door Toine Heijmans en Charlotte Huisman 25 dec.2013

'Vandaag ben je een held, morgen niet. Dat is de job'

Zelden werd een burgemeester van een grote stad zo neergesabeld als Aleid Wolfsen (53). Hij is bezig aan zijn laatste dagen in Utrecht. 'Ik kreeg ook bloemen en lieve kaartjes.'


U bent geboren in een woonwagen.
In 1960. 'Wat in de krant staat klopt bijna nooit helemaal.' Dat heeft uw zus verteld. 'Zo is het opgeschreven. Ik ben geboren op Kampereiland, in wat je tegenwoordig een camper zou noemen. Een omgebouwde bus. Mijn ouders werkten daar bij een veeboer. We zijn vrij snel verhuisd. Na de dood van mijn grootvader in 1962 erfde mijn vader een deel van zijn land in Oldebroek. Daar bouwde hij een huis voor ons gezin, waar ik tot mijn 18de heb gewoond.'

Dat was geen rijkdom toen.
'Mijn opa had veel land en een eigen plek in de kerk. Geld is nooit een probleem geweest. Mijn jeugd was buitengewoon prettig en harmonieus.'

Aleid Wolfsen (53) is in de laatste dagen van zijn burgermeesterschap. Zijn zus werd verpleegkundige, zijn broer bouwvakker, een andere broer vrachtwagenchauffeur en hij burgemeester van Utrecht. Zes roerige jaren: Wolfsen kwam meermaals in opspraak, overleefde moties van wantrouwen, kreeg vegen uit de pan van zijn eigen partijleiders en werd het mikpunt van Geenstijl en PowNews, die victorie kraaiden toen hij vertrok.

Voor de buitenwereld zag dat er heftig uit, maar zelf heeft hij dat anders ervaren. 'Als je vrienden nare dingen zeggen, doet het pijn. Maar als het onderdeel is van de politiek en van het spel... dat is anders. Als het goed met je gaat, word je de hemel in geprezen. En als het slecht gaat, is er niets meer goed. Dus de waarheid zal wel ergens in het midden liggen. Dat is de huidige tijd. Het gaat alle kanten op.

'Ik heb die verandering meegemaakt toen ik in de Tweede Kamer zat, vanaf 2002, met de opkomst van Geert Wilders. Ik heb tegenwicht geboden. Ik heb niet één keer een spoeddebat aangevraagd. Dat snapte niemand. Ik vind: je kunt ook op een genuanceerde, rustige manier prima je werk doen. Dat is voor een groot gedeelte weg, in de media en in de politiek.'

Voelt u zich daar eenzaam in?
'Nee, veel mensen zijn genuanceerd. Maar soms hoor je een burgemeester of wethouder zeggen: het is een schande dat dit of dat gebeurt. In werkelijkheid denkt hij dan: nou, het valt allemaal wel mee. Politici denken dat ze grote woorden moeten gebruiken, omdat er anders niet op ze wordt gestemd.'

Toen u bekendmaakte dat u geen tweede termijn ambieerde als burgemeester, viel het woord 'regent'.
'Dat is het beeld. Nu maken jullie weer de fout te denken dat wat in de krant staat waar is. (lacht) Beelden zijn sterker dan de feiten. Vandaag ben je een held en morgen niet. Dat hoort bij de job.'

Diederik Samsom zei op een politieke bijeenkomst in een Utrechts café: 'Ik denk dat Utrecht gelukkiger wordt van een andere burgemeester.'
'Ik wist dat niet, ik zat in een raadsvergadering. Hij belde meteen om zijn excuses te maken. Diederik zei: 'Sorry Aleid, ik ben uit de bocht gevlogen en dat had ik niet moeten doen'.'

Waar kwam die opmerking vandaan?
'Hij kent Utrecht nauwelijks en ziet van de zijlijn wat ik hier doe. Hij zat in een café met een klein clubje en wilde de aanwezigen behagen. Ik heb zijn excuses geaccepteerd.'

Aleid Wolfsen is de lange man met het sportlijf - hij zegt meermaals dat hij 'superfit' is. Nog steeds het uiterlijk van een jonge rechter. Wie hem voor het eerst ziet, denkt: D66. Maar hij is volbloed PvdA. Op zijn 26ste gevraagd als afdelingsvoorzitter, ook al was hij nog nooit op een vergadering geweest. 'Maar ze zeiden: wij vinden dat je het moet gaan doen.'

Hij praat ontspannen en uitgesponnen, en aan het eind van het gesprek vraagt hij zijn voorlichter: 'Heb ik het goed gedaan?'

Begrijpelijke voorzichtigheid: zelden is een burgervader van een grote stad zo neergesabeld. Wolfsen was een zondagskind dat snel opklom en werd geprezen als Kamerlid. Ook zijn eerste jaar in Utrecht was fantastisch, maar hij verbruide het bij de pers en de gemeenteraad door een hem onwelgevallig artikel uit een huis-aan-huiskrant te halen. Het bleek een cruciale inschattingsfout. 'Censuur in Utrecht', opende het NOS Journaal. Zo hoog als hij was gestegen, zo diep viel hij. En weer omhoog: tot zijn eigen verbazing krijgt Wolfsen in de laatste weken voor zijn vertrek weer goede pers, omdat hij de start van de Tour de France in 2015 heeft binnengehaald. 'Zo eindig ik dan toch weer in de media als bijna Onze Lieve Heer zelve.'

Ook krijgt hij pas bij zijn vertrek lof voor zijn inspanningen Utrecht veiliger te maken. En voor zijn voortdurende strijd tegen mensenhandel; al zijn veel prostituees er niet blij mee dat hij alle raamexploitanten hun vergunning heeft ontnomen.

Hoe was uw jeugd in Oldebroek?
'Ik las veel als kind, was vaak te vinden in de bibliotheek. We waren kerkelijk en gingen naar de zondagsschool. Het was niet bekrompen; de Nederlandse Hervormde Kerk is niet superstreng. Maar ook niet supervrolijk.'

Was u een buitenbeentje in de familie?
'Ik heb na de mavo en de havo het vwo gedaan, en ben de enige uit het gezin met een academische opleiding. Ik ben ook de enige die voor de overheid werkt en die politiek zo geëngageerd is. Thuis werd over politiek niet gesproken.'

Waar kwam die politieke interesse dan vandaan?
'Ik vond vrij snel iets van dingen. Op zondag in Oldebroek waren de zwembaden dicht. Dat vond ik gek. En dat zei ik ook hardop.'

Bent u eigenwijs?
'Ik heb een tijdlang heftige twisten gehad met mijn vader. Dat mijn broer en ik niet meer naar de kerk gingen, deed hem wel verdriet. Het was ook een soort losmaking. Ik ben eigenwijs in die zin, dat ik durf te kiezen.'

Heeft uw jeugd in een dorp op de Veluwe u gevormd?
'Het verschil tussen dorp en stad wordt volgens mij te groot gemaakt. Laatst at ik bij mensen thuis in de Utrechtse Sterrenwijk. Dat is echt een dorp in de stad. De man had een aangepaste woning nodig, er was voor hem een plek gevonden buiten de wijk. Dat is voor Sterrenwijkers het buitenland, dat is echt emigreren. Toen heb ik gekeken naar zijn dossier. We hebben een woning een paar huizen verderop kunnen regelen, binnen de regels allemaal.'

Een burgemeester die bij mensen thuis in een volkswijk gaat eten. Dat beeld van u is nauwelijks belicht.
'De media hebben voor de menselijke kant van mijn burgemeesterschap nauwelijks belangstelling getoond. Ik kom veel bij de mensen thuis. Als er een grote brand is geweest, ga ik bijvoorbeeld altijd langs.'

Broos Schnetz, die u steunde bij het burgemeestersreferendum, zei na een jaar al: 'De glans is eraf. Wolfsen heeft nog maar twee wedstrijden bijgewoond van FC Utrecht het afgelopen seizoen.'
'Dat beeld is niet de werkelijkheid. Ik heb elk seizoen de helft van de thuiswedstrijden van FC Utrecht bijgewoond.'

Hoe verklaart u dat uw imago zo snel is veranderd?
'Het eerste jaar was heftig, ik ben echt getest. Er was een grote brand in de binnenstad. In de wijk Overvecht viel het licht uit. Ik zat in het crisiscentrum, er waren al muiterijen, het ging maar net goed. Het was keihard werken, maar het liep uitstekend. Toen kwam de affaire met het huis-aan-huisblad. Daarna kon ik niets meer goed doen bij de journalisten.'

Ligt dat aan de media of heeft u zelf fouten gemaakt?
'Daar heb ik een fout gemaakt. Journalisten zijn heel boos geweest en dat begrijp ik, en dat is terecht.'

U vroeg de uitgever een stuk over uw huisvestingsvergoeding uit de krant te halen.
'Ik had een regeling zoals alle andere burgemeesters. Het was tiptop in orde. Ik had een klein en goedkoop tijdelijk appartement gehuurd. Maar een journalist van het AD had zijn tanden in mij gezet. De conceptartikelen die hij stuurde stonden vol fouten. Het klopte gewoon niet.'

Toen ging er iets koken van binnen?
'Bij het AD hebben ze op inhoudelijke gronden gezegd: het artikel is onder de maat. Ik dacht: dat is mooi. Vervolgens heeft een andere journalist, van Ons Utrecht, dat verhaal overgetikt. Ik heb de hoofdredacteur gebeld en gezegd: verdiep je er zelf eens in. Dat heb ik ook de uitgever gezegd. Ik was er oprecht boos over. Er werd gesuggereerd dat ik fout zat, terwijl de regeling was goedgekeurd.'

De uitgever besloot het artikel uit de krant te houden, en zo werd Aleid Wolfsen de 'censuurburgemeester'. Nu zegt hij: 'Ik had mijn schouders erover moeten ophalen.'

Het NOS Journaal sprak van 'Oost-Europese toestanden'.
'Dat was totaal uit zijn verband gerukt. Maar mijn positie in de gemeenteraad heeft nooit ter discussie gestaan, mijn hele periode lang niet.'

Er zijn drie moties van wantrouwen tegen u ingediend.
'Ja, van Leefbaar Utrecht, van de SP, van de kleinere fracties. Ik heb altijd kunnen rekenen op een robuuste meerderheid in de raad. En ik weet hoe het in elkaar zit. Er is niets fout gegaan op zich. Ik heb een interne boosheid gehad. Het is fout, je moet niet bellen. Maar een jurist van de Nederlandse Vereniging van Journalisten zei nog dat ik goed had gehandeld: als je niet tevreden bent, moet je bellen.'

Maar niet naar de uitgever toch? Eigenlijk zegt u nu: het kon wat ik deed, alleen niet vanwege de beeldvorming...
'Nee, nee, nee, ik had niet moeten bellen.'

Dacht u na al die kritiek nooit: bekijk het maar?
'Nee. Nooit. Elke dag maak je wat moois mee, als burgemeester. Geen dag ben ik met tegenzin naar het stadhuis gegaan. Natuurlijk zijn er mensen die je niet mogen, maar ik kreeg ook bloemen, en lieve kaartjes.

'De avond na dat hevige raadsdebat over de censuur zat ik hier in deze burgemeesterskamer aan deze tafel te vergaderen over de veiligheid in de wijk Zuilen. Het was daar toen bijna een soort noodtoestand. Het was niet meer duidelijk wie daar de baas was op straat. Dat slokte mijn volle aandacht weer op.'

Maar Wolfsen bleef het mikpunt van affaires. Over de huisvesting van de beruchte zigeunerfamilie Nicolich. En vooral, over de manier waarop een homostel noodgedwongen uit Leidsche Rijn verhuisde, na jarenlange treiterijen.

Het beeld ontstond dat u de mensen in de stad niet goed beschermde.
'Als je eerlijk naar de cijfers kijkt, is de veiligheid in Utrecht historisch verbeterd. Sommige burgemeesters uit deze veiligheidsregio spreken zelfs van het Aleid-effect. De overlast van jongeren in de stad is sterk afgenomen, ook in Leidsche Rijn is veiligheid geen issue meer. Ik heb me daar persoonlijk voor ingezet. Ik ben trots op het resultaat.'

Kreeg u wel voldoende steun uit de partij?
'Ik heb met veel partijgenoten contact. We bellen ook als het lastig is. Ik volg niet altijd alles in de media. Ik ben ook geen twitteraar. Ik word niet echt beïnvloed door de waan van de dag.'

GeenStijl schreef tweehonderd nare stukjes over u.
'Ik heb ze maar een enkele keer aangeklikt. Dat programma op tv, hoe heet het, PowNews, kijk ik niet.'

Vindt uw vrouw het niet vervelend om die dingen te lezen?
'Er gaat bijna geen dag voorbij zonder dat ik een glaasje wijn drink met mijn echtgenote Eefke op de bank. Haar steun is cruciaal.'

Hij trouwde op zijn 23ste. Zij stond voor de klas in Bodegraven, hij werkte op het parket in Zwolle, en trok bij haar in. 'Ze woonde bij de SRV-man in huis. De huisbaas had liever geen samenwonend stel onder zijn dak, dus zijn we getrouwd.'

Wolfsen werd lid van de gemeenteraad in Oldebroek, maakte carrière op de rechtbank in Zwolle, bij het ministerie van Justitie en bij de rechtbanken van Haarlem en Amsterdam, en werd Tweede Kamerlid. Viel op door zijn feitenkennis, vasthoudendheid en nuance. Bij de laatste verkiezingen, in 2006, stond hij op de derde plek op de lijst en kreeg hij ruim 20 duizend voorkeurstemmen. Een jaar later werd hij burgemeester.

Waarom bent u gestopt als Kamerlid?
'Ik wilde graag burgemeester worden. Ik was twee keer eerder gevraagd in een andere plaats.'

Daar gaat mijn voorkeurstem, dachten veel kiezers.
'Ik snap die teleurstelling. Maar de politiek was toen heel beweeglijk, met kabinetten die vielen. Vandaag zit je in de Kamer, morgen kun je worden afgedankt.'

Men zegt in de partij dat u zelf teleurgesteld was. U wilde staatssecretaris of minister worden.
'Soms maken mensen in Den Haag gewoon een oprechte keuze. Dat Nebahat Albayrak staatssecretaris werd, vond ik volkomen logisch. Ze stond hoger op de lijst.'

Wat vindt u van de samenwerking van uw partij met de VVD?
'Eefke zei tegen mij: nu de PvdA voor de JSF heeft gestemd, ga ik serieus naar mijn lidmaatschap kijken. Ze is nog lid hoor, gelukkig.'

Het moet voor u prachtig zijn dat het is gelukt om de start van de Tour de France binnen te halen.
Hij gaat staan en vertelt uitgebreid hoe dat is gegaan, hoe hij bevriend raakte met Tour-directeur Christian Prudhomme en hem de stad liet zien. Toen hij vorig jaar ineens beveiliging nodig had na bedreigingen uit het criminele circuit, was Prudhomme de eerste die belde om hem sterkte te wensen. 'Dat vond ik bijzonder.'

De timing is perfect, zegt hij: net nu de Tour zich aan het ontdoen is van dopingschandalen, en net nu aan het einde van zijn roerig burgemeesterschap.

'Ik heb er wel heel veel energie in gestoken om iedereen mee te krijgen, en ik ben zelf ook een liefhebber, eerlijk is eerlijk. En dat het de laatste maand voor je vertrek rondkomt, mooier kan bijna niet.'

Wat gaat u nu doen?
'Ik word voorzitter van de raad van toezicht van muziekrechtenorganisatie Sena. Ik wil niet voltijds werken. Ik heb zes jaar in de Kamer gezeten en ben zes jaar burgemeester geweest, ik was altijd 's avonds op pad. Het was heel mooi. Maar ik wil weer eens op tijd thuis zijn voor het eten.'

Met Eefke, en met een glaasje wijn.
'Zo is het.'

Bent u niet bang dat als u gaat solliciteren, het imago van bijvoorbeeld censuurburgemeester weer tegen u gaat werken?
'Ik ben nu de burgemeester van de Tour.'

Blijven negatieve beelden niet langer hangen dan positieve?
'Nee, niet bij de mensen die me kennen. Ik ben er niet bang voor.'

Dit is het zesde deel in een interviewserie die op 21 december wordt afgerond met een interviewspecial van het Volkskrant Magazine.



Naar Psychologische krachten, uiterlijk en persoon  , Psychologische krachten  , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , Algemeen overzicht  , of site home .