De Volkskrant, 01-12-2007, door Geertje Dekkers 21 dec.2007

Evolutie | Discussie over intelligent design is al in de 17de en 18de eeuw gevoerd

De goede God kreeg te kampen met toeval

Is de schepping zó mooi, en complex, dat er wel een plan achter moet zitten? Al vanaf de 17de eeuw werd dat idee ter discussie gesteld, zegt Marinus de Baar.


Tussentitel: ‘De vorm van de argumenten is nog steeds hetzelfde’

Het menselijk lichaam zit prachtig in elkaar. Zo is er het strottehoofd dat het mogelijk maakt dat voedsel en lucht afwisselend via de mond het lichaam in komen. De Hollandse arts Bernard Nieuwentyt (1654-1718) zag er een bewijs in voor het bestaan van God. Alleen een schepper kon volgens hem zoiets moois maken.
    Nieuwentyts redenering was rond 1700 heel gebruikelijk. De schoonheid en efficiëntie van de schepping werden gezien als een godsbewijs. Vrijwel iedereen in Europa geloofde bovendien dat de aarde zo’n zesduizend jaar geleden was geschapen volgens een onveranderlijke orde, en dat die orde goed was.
    Toch begonnen er barstjes in dat idee te ontstaan. Een aantal denkers kwam met radicale nieuwe ideeën. Zij beweerden dat het universum uit toeval was ontstaan (en niet door een scheppende God) en dat het veel veranderlijker was dan christenen dachten.
    Over deze nieuwe ideeën en het verzet ertegen gaat het proefschrift van Marinus de Baar, waarop hij afgelopen donderdag promoveerde aan de Rijksuniversiteit Groningen.
    Nieuwe ideeën over fossielen vormden een belangrijke bron van twijfel aan het traditionele wereldbeeld. Meer en meer onderzoekers raakten ervan overtuigd dat fossielen overblijfselen waren van uitgestorven diersoorten en dat de wereld er vroeger totaal anders had uitgezien. Bovendien waren fossielen versteend, en dat moest heel veel tijd hebben gekost; veel meer dan de zesduizend jaar die de wereld volgens de traditie oud was. De orde en onveranderlijkheid van de schepping kwamen ter discussie te staan.

Kwaad
En er waren ook meer filosofische redenen voor twijfel. Eén van de grote discussies in de 18de eeuw ging over de aanwezigheid van het kwaad in de schepping. Als God en zijn schepping goed waren, waar kwam dan het kwaad vandaan? ‘De wiskundige André Pierre le Guay de Prémontval (1716-1764) vond een opmerkelijke oplossing’, zegt De Baar.
    ‘Volgens hem was de wereld ontstaan uit toeval. En door dat toeval was er ruimte voor het kwaad. God had daar geen schuld aan. Overigens heb ik het vermoeden dat Prémontval niet geloofde in God en dat hij hem er alleen voor de vorm bij haalde.’
    Verdedigers van het christelijke scheppingsverhaal konden Prémontval een standaardtegenargument voor de voeten werpen dat al uit de oudheid stamde: de wereld kon nooit door toeval zijn ontstaan, net zo min als een gedicht kan ontstaan als je alle benodigde letters neemt en ze willekeurig achter elkaar legt. Een dergelijke orde ontstaat niet bij toeval.
    De Baar: ‘Prémontval beweerde dat dit wel kon. Er zouden gigantisch veel pogingen nodig zijn, maar ooit moest het lukken. Dat gold ook voor de orde in de wereld, stelde Prémontval.’
    Daarmee was uiteraard niet iedereen overtuigd. De redenering dat de schepping zo mooi in elkaar zat dat er wel een goede god achter moest zitten, bleef invloedrijk. Nieuwe aanvallen op het idee kwamen van de filosofen David Hume (1711-1776) en Immanuel Kant (1724-1804). ‘Zij hebben het idee dat er een God achter de schepping móest zitten heel effectief bestreden’, zegt De Baar. Hun belangrijkste argument hield in dat het niet mogelijk was om van een natuurlijk gevolg (bijvoorbeeld een dier of een orgaan) naar een bovennatuurlijke oorzaak (God) te redeneren: uit waarnemingen van de wereld om je heen kun je niet zomaar conclusies trekken over iets bovennatuurlijks. De Baar: ‘Het is alsof je zit te bridgen en iemand begint ineens over troef nel. Dat hoort bij klaverjassen en die spellen kun je niet zomaar door elkaar halen. Op dezelfde manier kun je God niet zomaar introduceren in een redenering over de natuur. Dat is een ander spel.’
    Toch maakte het werk van Kant en Hume maakte nog lang geen einde aan de discussie. Integendeel, die duurt nog steeds voort. ‘Het huidige idee van intelligent design is in feite hetzelfde als het 18de-eeuwse’, zegt De Baar. ‘Neem de advocaat van intelligent design Michael Behe. Die stelt dat sommige organen ‘onherleidbaar complex’ zijn. Ze kunnen niet door toeval zijn ontstaan.’
    ‘In feite is de discussie over intelligent design al in de 17de en 18de eeuw gevoerd. Het gaat vooral over genetica, waar niemand in de 18de eeuw nog van wist. Maar de vorm van de argumenten is nog steeds hetzelfde.’


Naar Religie vs ratio , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]