DePers.nl, 04-07-2011, door Marcel Hulspas .2010

De amygdala is het hart van onze sociale emoties.

Uw vrienden bepalen wat u zich naderhand herinnert

U denkt zeker te weten wat u zoal heeft meegemaakt? Vergeet het maar. Een beetje sociale druk, en uw geheugen zegt iets heel anders.

Dat ons geheugen ‘kneedbaar’ is, is al heel lang bekend. Een paar suggestieve vragen zijn vaak al voldoende om onze herinnering aan een bepaalde gebeurtenis te veranderen, zonder dat we ook maar iets in de gaten hebben. Hoogleraar Yadin Dudai en zijn student Micah Edelson van de afdeling neurobiologie van het Weizmann Instituut in Rehovot, Israël, en Raymond Dolan en Tali Sharot van University College London, hebben nu aangetoond hoe verrassend eenvoudig dat is.

Ze lieten kleine groepjes proefpersonen naar een documentaire kijken. Drie dagen later keerden de deelnemers terug voor een geheugentest, waarbij ze vragen over de documentaire moesten beatwoorden. Ze moesten daarbij ook invullen hoe zeker ze waren van hun zaak. Weer een aantal dagen later werden ze opnieuw uitgenodigd voor een tweede, identieke geheugentest, waarbij dit keer ook een hersenscan werd gemaakt.

Bovendien kregen ze die tweede keer als ‘geheugensteun’ eerst de antwoorden van de andere leden van hun groepje te zien. Alleen, voor wat betreft de antwoorden waarvan ze eerder zo zeker waren, kregen ze nu, zogenaamd van die andere leden, expres foute antwoorden te zien. Prompt bleek 70 procent van de deelnemers hun (goede, zelfverzekerde) eerste antwoord te veranderen in het foute, door de onderzoekers gesuggereerde antwoord. Maar was dat gewoon omdat ze sociaal wenselijke antwoorden wilden geven? Wisten ze eigenlijk wel beter? Of was door de vraagstelling hun herinnering aan de documentaire écht veranderd? Om dat uit te vinden werden de deelnemers nóg een keer naar het lab gehaald, en dit keer werd ze gezegd dat de antwoorden die ze als geheugensteun hadden gekregen, in feite random gekozen waren. Wilden ze hun antwoorden daarom wellicht herzien? De helft van degenen die ten onrechte van mening waren veranderd, deed dat. Zij hadden slechts het sociaal wenselijke antwoord overgenomen. De andere helft bleef echter bij het tweede (foute) antwoord. Hun herinnering aan de documentaire was blijkbaar écht veranderd.

De hersenscans van de beide laatste groepen lieten interessante verschillen zien. Diegenen bij wie de herinnering écht was veranderd, vertoonden een veel sterkere verbinding en gezamenlijke activiteit van de hippocampus en de amygdala. Het eerste stukje brein is van belang voor het langetermijngeheugen. De amygdala is het hart van onze sociale emoties. Blijkbaar is bij ongeveer een op de drie mensen de samenwerking tussen beide centra zó intiem, dat de sociaal-emotionele input in staat is om de inhoud van het langetermijngeheugen te beïnvloeden. Hun geheugen is sterk afhankelijk van wat vrienden en bekenden vertellen dat er is gebeurd. De andere tweederde laat zich niet door groepsdruk beïnvloeden, of hooguit alleen om ervan af te zijn.




Naar Beslissingen , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]