De Volkskrant, 26-11-2011, door Malou van Hintum 2011

Studie naar hersennetwerken werpt nieuw licht op brein

Onderzoek naar het activeren van verschillende netwerken in het brein levert inzichten op over de werking van de hersenen die met klassiek fmri-onderzoek niet zichtbaar worden. Dat zegt neurowetenschapper Erno Hermans (Donders Instituut, Radboud Universiteit Nijmegen). Het onderzoek dat hij vrijdag in Science over stress en hersenwerking publiceerde, bevestigt dit.

Hermans liet proefpersonen in de scanner naar 'heel nare scènes' uit de Franse film Irréversible kijken. Hij onderzocht de rol van de stresshormonen cortisol en noradrenaline, en ontdekte dat cortisol een minder belangrijke rol speelt bij stress dan tot nu toe werd gedacht. Cortisol komt tijdens stress-situaties in grote hoeveelheden in het brein terecht, maar vrij traag: het hormoon noradrenaline komt veel sneller beschikbaar en is in de eerste fase van een stressreactie belangrijker.

Daarnaast bracht Hermans de netwerkactiviteit van de hersenen van zijn proefpersonen in kaart. Dat is een relatief nieuwe manier van onderzoek doen. Normaal gesproken krijgen proefpersonen korte stimuli toegediend en kijken onderzoekers welke gebieden in de hersenen actief worden. De bekende hersenplaatjes met ingekleurde gebiedjes die hersenactiviteit aangeven, zijn hiervan het resultaat.

Hermans deed zijn onderzoek met behulp van technieken die ontwikkeld zijn voor het analyseren van resting state-fmri (rs-fmri), een techniek die wordt gebruikt om activatiepatronen te meten bij hersenen in rust. Hermans: 'We weten dat het lichaam zich in een situatie van acute stress pijlsnel klaarmaakt om te kunnen vechten of vluchten. De hersenen doen dat ook. Met behulp van deze netwerk-gebaseerde analysetechniek zagen we welke hersennetwerken actiever werden, en welke juist werden onderdrukt.'

De netwerkbenadering in fmri-onderzoek, die nog relatief jong is, zet een vraagteken bij uitgangspunten van het conventionele fmri-onderzoek. Hermans: 'Bij conventionele fmri is de aanname dat het brein een soort basistoestand kent, vervolgens geeft je mensen een taak, en daarna gaat de activiteit omhoog in de gebieden die bij die taak betrokken zijn, en blijft de activiteit gelijk in gebieden waar dat niet het geval is. Door die twee maten van elkaar af te trekken (activiteit tijdens de taak en activiteit tijdens rust), zie je welke gebieden bij een taak betrokken zijn.

'Rs-fmri laat zien dat die aanname te eenvoudig is. Bij toevoeging van een taak zie je een balansverschuiving tussen de netwerken van het brein: sommige worden actiever, andere worden juist minder actief. De basistoestand in deze gebieden wordt dus wél beïnvloed, en is veel dynamischer. Dat haalt de basisaanname van de conventionele fmri onderuit. Het betekent dat de interpretatie van gegevens complexer is dan tot nu toe werd gedacht.'


Naar Psychologische krachten, compartimentalisatie & integratie  , Psychologische krachten  , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]