De Volkskrant, 04-02-2017, door Wilma de Rek
.2009

Ziek van de stress

De mens heeft het brein van een vis als het op stress aankomt: hij is niet toegerust op de moderne tijd. Vandaar de toename van burn-outs en depressies; we worden massaal ziek van werkdruk, prikkels en slecht nieuws.


Tussentitel: Probeer vooral geen succesnummer van jezelf te willen maken

'Te veel informatie is slecht voor de gezondheid', meldde de Volkskrant op 15 oktober 1996. Volgens een onderzoek door Britse psychologen, uitgevoerd op initiatief van het internationale persbureau Reuters, zouden veel managers lijden aan het 'informatiemoeheidssyndroom'. 'Managers raken verstrikt in de stroom aan informatie die zij dagelijks krijgen in het tijdperk van faxen, voicemail, E-mail en het Internet', schreef NRC Handelsblad diezelfde dag - internet en e-mail werden twintig jaar terug nog eerbiedig met een hoofdletter geschreven. Vier van de tien managers noemden hun werkomgeving 'extreem gestrest' en 94 procent geloofde niet dat er verbetering in deze situatie zou komen.

Tot de symptomen van informatiemoeheid behoorden onder meer verlamming van het analytisch vermogen, angstaanvallen, gebrek aan zelfvertrouwen en de neiging anderen de schuld te geven.

Vijf jaar eerder, in 1991 en nog vr brede introductie van de e-mail, had de Amerikaanse trendwatcher Faith Popcorn in haar boek The Popcorn Report al gewaarschuwd voor de desastreuze gevolgen van de nieuwe technologie die het leven 'ongelooflijk ingewikkeld en verraderlijk slopend' maakte: 'Waar zijn de kleine, dankbare ogenblikken dat je even moest wachten voor je wist waar je heen moest?' Popcorn verzuchtte dat we het nooit eerder zo druk hadden gehad en de dagen nooit z hadden afgejakkerd, alleen maar om de boel aan kant te krijgen.

Ruim een kwart eeuw na Popcorns boek kun je twee dingen constateren: 1. het is dus niet allemaal de schuld van de iPhone, zoals je nogal eens leest, want die bestaat nog maar tien jaar; 2. de situatie is er wel hopelozer op geworden (en ook ernstiger).

Zo kampt inmiddels een op de acht werknemers in Nederland met een burn-out. Het gaat niet alleen om mensen die werk combineren met de zorg voor een gezin, ook een groeiend aantal jongeren heeft last van stress. Een maand geleden sloeg Kinderombudsman Margrite Kalverboer alarm over de werkdruk bij tieners, die in toenemende mate tot mentale problemen leidt.

Eind december 2016 had de Sociaal-Economische Raad in zijn advies Een werkende combinatie al geconstateerd dat gejaagdheid een fenomeen is dat in allerlei levensfasen een rol speelt. 'De oorzaken hiervan zijn divers; het kan komen doordat mensen veel ballen in de lucht moeten houden en continu verschillende rollen en taken moeten combineren, maar ook door prestatiedruk en keuzestress.' Ook flink gestegen is het aantal diagnoses van depressie door huisartsen: het zijn er twee keer zo veel als twintig jaar terug.

Een paar weken geleden, op Blue Monday, vond in Theater Amsterdam het tweede Depressiegala plaats, georganiseerd door de Mental Health Foundation onder voorzitterschap van psychiater Bram Bakker. Het was ondanks het onderwerp een vrolijke avond met muziek en verhalen. Aan het einde ervan kregen bezoekers een tasje mee. 'En op de twintig mensen heeft een depressie', stond op de ene kant gedrukt, en op de andere: 'n op de vijftien jongeren heeft een depressie'. De tasjes waren gesponsord door het ministerie van VWS, dat onlangs de site omgaanmetdepressie.nl lanceerde. Depressie is in Nederland volgens VWS de meest voorkomende reden voor ziekteverzuim.



Help, ons stresssysteem schiet tekort

Het probleem van het woord stress is dat het een containerbegrip is. Iedereen denkt te weten wat het is, maar intussen worden er totaal verschillende dingen onder verstaan.
Het probleem van het woord stress is dat het een containerbegrip is. Iedereen denkt te weten wat het is, maar intussen worden er totaal verschillende dingen onder verstaan. Illustratie Claudie de Cleen

De zoektocht naar de oorzaak van de alarmerende toename van burn-out, overspannenheid en depressie heeft al een hele stoet verklaringen opgeleverd, maar geen van alle zijn ze afdoend. Dat komt doordat het zoekterrein doorgaans beperkt blijft tot onze eigen tijd; tot het hier en nu. Om echt te snappen hoe het zit met aandoeningen als burn-out en depressie moet je terug in de tijd. Geen honderd jaar, geen tienduizend jaar, maar miljarden jaren. Je moet terug naar het begin van het leven op aarde.

Overspannenheid, burn-out en depressie hebben namelijk een opvallende overeenkomst: aan de basis ervan ligt stress. Nauwkeuriger gezegd: een tekortschietend stresssysteem. Een stresssysteem waaraan de evolutie over een periode van miljarden jaren heeft geslepen en dat voor de meeste organismen op aarde gedurende het grootste deel van de evolutie uitstekend voldeed.

Maar nu niet meer. Althans niet voor de moderne homo sapiens. Die heeft zichzelf de afgelopen duizenden jaren opgezadeld met zo veel ongrijpbare stressveroorzakers, dat zijn stresssysteem het niet meer kan bijbenen. Het is evolutionair niet goed aangepast aan de eisen van de moderne levensstijl; het heeft daarvoor domweg nog geen tijd gehad. Weliswaar klinkt 'duizenden jaren' eindeloos lang; in het licht van de evolutie - die 13,7 miljard jaar geleden begon met de oerknal - stelt zo'n periode niets voor.

Stress heeft de naam iets van deze tijd te zijn, maar niets is minder waar: stress is er altijd geweest en zal er altijd zijn. Stress ligt niet alleen aan de basis van nare klachten en vervelende gevoelens. Stress ligt aan de basis van heel veel: van het leven op aarde, van het ontstaan van nieuwe soorten; van de mens. Het probleem van het woord stress is dat het een containerbegrip is. Iedereen denkt te weten wat het is, maar intussen worden er totaal verschillende dingen onder verstaan.

In wezen betekent stress niks; stress is het Engelse woord voor spanning. Als we zeggen dat we 'last hebben van stress', bedoelen we eigenlijk iets anders. Dan bedoelen we dat we last hebben van onze stressresponsen op bepaalde stressveroorzakers, de stressoren.

Dieren die gedurende langere tijd aan stressoren worden blootgesteld, gaan zich 'deprimeren', onderdrukken: hun eetlust neemt af, ze gaan oppervlakkiger slapen, ze vertonen geen interesse in de omgeving. De symptomen die mensen met een depressie hebben, vertonen sterke overeenkomsten met de symptomen van dieren onder chronische stress.



Het instrumentarium van een vis

Homo sapiens stamt, net als alle andere organismen, af van de eencellige die zo'n tien miljard jaar na de oerknal op aarde ontstond. Ook de eencellige had last van stressoren. Zijn grootste stressor was de hitte in de vulkanische oersoep waarin hij leefde. Hij verdedigde zich daartegen met zogeheten 'heatshockeiwitten', die ervoor zorgden dat zijn celwand niet smolt.

In de loop van de tijd werden de eencelligen meercelligen, ontstonden uit de meercelligen zeewormen en ontstond uit de zeewormen de vis. Al die soorten hadden te kampen met hun eigen stressoren, zoals infecties, voedselschaarste en verwondingen. Deels gingen ze die stressoren te lijf met de stressresponsen van hun voorgangers, deels ontwikkelden ze daarbovenop een nieuwe stressrepons.

Nadat de vis zijn intrede had gedaan, zo'n vijfhonderd miljoen jaar geleden, is aan het stressysteem van levende organismen niet meer zoveel toegevoegd. Bij de zoogdieren, die na de vis op aarde kwamen, werd weliswaar het 'limbisch systeem' in de hersenen verder ontwikkeld, waardoor emoties meer bij de stressrespons konden worden betrokken. En vanaf de primaten kwam er wat meer hersenschors bij en dus een groeiend bewustzijn. Maar in grote lijnen was het stresssysteem een half miljard jaar geleden wel zo'n beetje aangelegd.

Oftewel: wij mensen gaan onze moderne stressoren te lijf met het instrumentarium van een vis.

Heel lang konden we daarmee prima uit de voeten. Als onze verre voorvader achter een struik een bewegende gestalte zag waarin hij een leeuw meende te herkennen, sloeg zijn stresssysteem meteen aan. Zijn immuunsysteem bereidde zich alvast voor op dreigende infecties door verwondingen. In zijn lijf begon de adrenaline te stromen en in zijn hersenen de noradrenaline. Zijn oren spitsten zich, de hartslag versnelde, de spieren gingen strak staan, de bloeddruk steeg, de pupillen verwijdden zich en het hormoon cortisol werd aangemaakt. Hij reageerde op de stressor met een stressrespons die hem klaarmaakte om te vechten, te verstijven of te vluchten. Een prima stressrespons die kon helpen te overleven; met een beetje mazzel zat hij hoog en droog in een boom tegen de tijd dat de leeuw hem met opengesperde bek besprong.

In de 21ste eeuw heb je aan dat soort reacties weinig. Ja, als een verkrachter je pad kruist of een vallend stuk gesteente je dreigt te verpletteren, dan wel. Maar als er een appje binnenkomt van je baas met de vraag of je op zijn kamer wilt komen 'omdat hij een niet zo heel erg leuke mededeling heeft', schiet je met een verhoogde hartslag en een geactiveerd immuunsysteem weinig op. En als je in je bed naar akelige filmpjes op Facebook ligt te kijken of het vervelende hoofd van Donald Trump ziet voorbijkomen, evenmin.

Boze tweets, toeterende automobilisten, eindeloze files: het zijn stressoren waarvan je niet doodbloedt, maar toch veroorzaken ze in het menselijk lichaam nog altijd dezelfde reacties als een brullende leeuw. Zelfs op stressoren die puur psychisch zijn (gaat mijn lief vreemd? Hoe moet ik verdomme die nieuwe wasmachine betalen?) reageert het stresssysteem alsof we nog in de oertijd leven. Het produceert de heatshockeiwitten die de eencellige 3,5 miljard jaar geleden uitvond, wapent het lichaam tegen dreigende infecties door verwondingen en maakt ons klaar te vechten, verstijven of vluchten.

Dat zijn reacties waaraan we niet alleen niks meer aan hebben, ze leveren k nog eens bijwerkingen. Hartkloppingen, uitbrekend zweet, buikpijn en andere onaangename gevoelens, kortom: alles wat we omschrijven als 'het stressgevoel'. En dat stressgevoel hebben we steeds vaker, aangezien de moderne wereld een overdosis aan nieuwe stressoren met zich meebrengt, waarvan het hinderlijk piepende mobieltje de zoveelste is. Naarmate onze omgeving kunstmatiger wordt, worden die stressoren bovendien abstracter. In het tijdperk waarin we nu leven, dat van de digitale revolutie, kunnen stressoren ook dingen zijn als zorgen over de gevolgen van de klimaatverandering, angst voor terrorisme, of de hiervoor al genoemde information overload. Paradoxaal genoeg blijken zelfs dingen die juist zijn bedacht als prettige vrijetijdsbesteding - uitgaan, sporten, de nieuwste series op Netflix bijhouden - stress te kunnen veroorzaken.



Oxazepam en zelfhulpboeken

De grote vraag is natuurlijk: hoe verder? Aan depressies, burn-outklachten en andere stressgerelateerde aandoeningen wordt veel geld verdiend. In 2014 gebruikten 1,1 miljoen Nederlanders antidepressiva; het gebruik groeit al jaren met 3 procent per jaar. Door Nederlandse apotheken werden in dat jaar 167 miljoen standaard doses afgegeven voor slaap- en kalmeringsmiddelen (diazepam, oxazepam, temazepam: de 'pammetjes').

Ook zijn er stapels zelfhulpboeken op de markt: hoe beter te ademen, te mediteren, te eten, te bewegen. Stress is een enorme markt geworden. Een markt die floreert dankzij een ingewikkeld samenspel van wetenschappers, farmaceuten, geldschieters, media en de bevolking. De mens staat altijd open voor nieuwe etiketten, nieuwe medicijnen en nieuwe verhalen die hem voorhouden hoe hij een ng groter succesnummer kan worden. Maar nog meer medicijnen, meditatie en ademhalingsoefeningen zijn - hoewel soms effectief - niet het beste antwoord. En jezelf een succesnummer willen maken, werkt vooral contraproductief.

Het beste antwoord begint met inzicht. Iedereen die last heeft van een burn-out, depressie of andere stressgerelateerde aandoening, zou zich om te beginnen moeten verdiepen in zijn evolutionaire wordingsgeschiedenis. Om vervolgens te concluderen dat het woord 'aandoening' eigenlijk een verkeerd woord is. Hij heeft geen rare aandoening; hij wordt in zijn functioneren belemmerd door stressregulerende rommel van vroeger, net als ieder ander, al wordt niet iedereen er (even) ziek van.

We moeten anders naar depressie, burn-out en overspannenheid gaan kijken. Dat is moeilijk, want wij mensen zijn gewend te denken vanuit een idee van maakbaarheid. We maken huizen, we maken schilderijen, we maken stamppot. We bedenken van tevoren wat ongeveer het eindresultaat moet worden (of pakken er een receptje bij) en gaan aan de slag. We werken van achteren naar voren; we hebben het resultaat, het doel, in ons hoofd en werken naar dat doel toe. En zo kijken we ook naar onszelf: alsof we zijn 'gemaakt'.

Vr Charles Darwin in 1859 zijn evolutietheorie ontvouwde in On the origin of species was dit ook het gangbare model waarmee naar de aarde en zijn bewoners werd gekeken. De meeste grote godsdiensten veronderstellen een schepper, een maker die volgens een uitgelezen plan zijn ding is gaan doen. Maar het kenmerk van het mechanisme achter de evolutie dat Darwin blootlegde, is juist het volkomen gebrek aan concept, plan, ontwerp of doel. De onbevattelijke waarheid die hij blootlegde, is dat de natuur al die miljarden jaren maar wat heeft gedaan, gestuurd door natuurlijke selectie, variatie en reproductie, met ons mensen als voorlopig resultaat - samen met nog vele andere vormen van leven, zoals bacterin, amoeben, vissen en apen.

We zijn geen nieuwe Tesla's, opgetrokken uit speciaal voor ons geproduceerde hightechsnufjes; we zijn opgelapte roestbakken vol oude onderdelen, waaronder een alarmsysteem dat bij het minste of geringste schel begint te piepen.

De realiteit is dat er geen pasklare oplossing bestaat voor dat haperende stresssysteem. Het stresssysteem zelf gaat voorlopig niet veranderen, daarvoor verloopt evolutie te traag. En de hoeveelheid stressoren waarmee de mens zich omringt zal op korte termijn ook niet slinken. Hooguit kun je sommige stressoren uitschakelen. Letterlijk, door je mobiel uit te zetten of werk zo te organiseren dat je niet belachelijk vroeg je bed uit hoeft om massaal in de file te gaan staan. Of figuurlijk, door te beseffen dat veel stressoren zijn ingebeeld.

Maar het belangrijkste wat je kunt doen om jezelf te troosten in tijden van stress, is dit: beseffen hoe wij geworden zijn wie we zijn. Weten dat je de stijging van depressieachtige gevoelens niet los kunt zien van de explosieve toename van het aantal stressoren waarmee de moderne mens zichzelf heeft opgezadeld. Begrijpen dat alle mensen imperfecte mutanten zijn. Waarna je wat milder naar jezelf en anderen gaat kijken.

Als Darwins evolutietheorie iets heeft duidelijk gemaakt, is het dat perfectie in de natuur niet bestaat. Zie de mens: hij is tot veel in staat, maar hij is min of meer bij toeval ontstaan en 'af' is hij zeker niet; hij is permanent in verandering en dus per definitie onvolmaakt. Uiteindelijk zitten we allemaal in hetzelfde, gammele schuitje.

Wie beseft, cht beseft hoe we zijn geworden wie we zijn, heeft de sleutel tot zichzelf in handen.

Van big bang tot burn-out. Het grote verhaal over stress door psychiater Witte Hoogendijk en Volkskrant-journalist Wilma de Rek verschijnt deze week. Uitgeverij Balans, euro 19,99.


Web:
Omgaan met stress, is het aan de mens wel besteed?

Ziek van de stress
TT:





Naar Neurologie, spiegelneuronen , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]