Volkskrant Magazine, 08-06-2013, door Evelien van Veen 2010

Hou daar onmiddellijk mee op

Kinderen kunnen het als de besten, en ouders zijn er steeds slechter in: nee zeggen. En wie heeft daar het het meeste last van? De stand van zaken van het hedendaagse opvoeden


Tussentitels: Wat is dat toch met hedendaags opvoeden, zijn we het collectief verleerd?
Gn grenzen stellen is een vorm van kindermishandeling, nee zeggen moet nu eenmaal af en toe'
'Kinderen begrijpen het goed dat je eisen aan ze stelt'


Aan de rand van het voetbalveld waar ik op zaterdagochtend moet wezen staat een picknicktafel en aan die tafel zit een gezin. In hun Bugaboo ligt een baby. Die levert weinig problemen op. Ernaast zit zijn broertje van een jaar of vier, en dat is een pittig ding. Het pittige ding moet iets eten vindt zijn vader, en wel ontbijtkoek. Dat blieft het joch niet. Om dat duidelijk te maken, zet hij het op een schreeuwen. NEE! IK WIL GEEN KOEK! IK HOEF HET NIET! GA WEG!!! Hij rent van tafel en gaat iets verderop krijsend tegen een bankje staan schoppen. De ouders - het is nog geen tien uur 's morgens, maar je ziet de vermoeidheid in hun afgezakte schouders - negeren zijn gegil. Grijp in, denk ik, pak je zoontje bij de lurven en zeg: 'Houd daar eens onmiddellijk mee op.' Ik geef toe, het is een belachelijk simpele benadering, maar hij heeft eeuwen dienst gedaan en hij levert nog steeds vaak verrassend goede resultaten op. Maar nee, de ouders schenken appelsap in en doen alsof ze niets horen, terwijl het kind toch op amper 3 meter met overslaande stem uit zijn plaat staat te gaan. Ha, nu komt de vader toch in actie. Nou ja, actie - hij roept nogmaals dat het kind koek moeten eten, en dan, boos opeens: 'Iets anders krijg je niet!' Het jongetje schreeuwt harder. Dan krijgt het toch iets anders, namelijk een boterham. Door moeder klaargemaakt en door vader overhandigd, waarna het jongetje met een triomfantelijke blik zijn tanden erin zet. Geef hem eens ongelijk.
    Zal ik het doen? denk ik bij mezelf. Zal ik de bertrut in mijzelf bevrijden en me - 0o taboe - met de opvoeding van een ander bemoeien? Zal ik nou eens aanschuiven aan die picknicktafel en vragen: wat heb je je kind hiermee geleerd? Dat het als het maar lang en hard genoeg schreeuwt zijn zin krijgt, toch zeker? Dat iedereen het prima vindt als hij tegen dingen aan gaat staan schoppen? En waarom mocht ie eigenlijk niet meteen een boterham, wat was dat voor een quasiferme flauwekul? ...
    Ik doe het niet natuurlijk en dat is maar goed ook, want wat hebben die mensen eraan als er opeens een eng mens bij ze komt zitten dat het allemaal beter weet. Niks. Zo goed weet ik het trouwens ook allemaal niet, ik doe natuurlijk ook van alles fout als ouder. Iedereen heeft zijn blinde vlekken. 75 procent van de Nederlandse ouders vindt dat ze zelf goed opvoeden, blijkt uit onderzoek van het maandblad J/M, maar andere ouders niet: die moeten hun kinderen strenger aanpakken en minder verwennen.
    Zo'n betweter ben ik dus ook.
    'Geef me een pr dagen: zucht een vriendin van me over het dochtertje van haar broer. 'In een paar dagen kom ik een heel eind met dat kleine kreng: Het kreng ziet eruit om op te vreten, maar het slaapt niet, het eet niet - behalve koek en snoep - en het luistert niet naar vaderlief, die de godganse dag naar haar pijpen danst. Nu is de vader in kwestie net gescheiden en zit hij barstensvol schuldgevoel, wat niet helpt om eens flink op te treden, maar mijn vriendin ziet haar nichtje uitgroeien tot een draak en haar handen jeuken om haar eens wat mores bij te brengen. Vertelt ze dit in gezelschap, dan krijgt ze overal bijval.
    Nee, opvoeden is niet makkelijk, bij ons gaat het ook niet altijd vanzelf, maar de buren, die hebben het cht niet in de hand.

Verleerd
'Het zijn altijd anderen die te slap opvoeden: zegt hoogleraar pedagogiek Micha de Winter. 'Maar wat is te slap? Daar verschillen de opvattingen nogal over. Neem de tijgermoeder, die zegt: je moet je kinderen frustreren opdat ze beter gaan presteren. Dat kan die mevrouw wel roepen, maar onverdeeld gunstig is dat niet. Aan de andere kant van het spectrum zitten ouders die hun kinderen nooit iets in de weg leggen. Met die kinderen komt het zker niet goed. Strijd hoort per definitie bij de opvoeding.'
    D vraag aan Micha de Winter is hoe het nou zit met het hedendaagse opvoeden. Aanleiding is het boek De Pretparkgeneratie, een recent en tamelijk boos boek over de ouders van nu van Aryan van der Leij, gepensioneerd hoogleraar orthopedagogiek.
Hij vindt dat we het collectief verleerd zijn, opvoeden. Alles moet maar leuk zijn tegenwoordig, schampert hij. Kinderen worden tot op het bot verwend en ontwikkelen zich van kleine etterbakjes tot grote hufters, waarmee de hele maatschappij verloedert. Een stuk milder van toon is Trouw-journaliste Iris Pronk, die in haar boek Waarom ik geen strenge moeder ben (terwijl ik dat wel zou willen zijn) vooral de hand in eigen boezem steekt. Maar ook zij constateert dat regels en grenzen stellen een kunst is die moderne ouders nauwelijks beheersen. Verwennen is onze tweede natuur geworden, stelt de VPRO-documentaire Alles voor je kind die onlangs werd uitgezonden. Daarin werden twee gezinnen voor de 'uitdaging' gesteld hun kinderen veertig dagen niet te verwennen. Conclusie? Het zijn vooral de ouders die dat hartstikke moeilijk vinden.
    Dat was nogal herkenbaar, want ook wij betweters polderen wat af. Ik bedoel: mijn 12-jarige zoon gaat tegenwoordig naar een kapper die duurder is dan de mijne en ik trek gewillig mijn portemonnee - hoeveel spatjes mag zo'n joch zich permitteren? En mijn vriendin-met-de-jeukende-handen heeft kinderen die prima luisteren inderdaad, maar die net als de mijne als prinsen van hobby naar hobby worden gereden en die nog nooit hun eigen broodtrommel hebben klaargemaakt. Waarom zouden ze ook? Die broodtrommels vullen wij met liefde en die kapper kunnen we betalen en ach, we huden zo van die kinderen, dus wat zouden we dan moeilijk doen?

Narcisten
'We zijn hard bezig generaties narcisten te kweken: stelt hoogleraar klinische psychologie Jan Derksen, auteur van Opvoeden in een tijd van zelfverheerlijking. Onze kinderen stimuleren, dat doen we als bezetenen, zegt Derksen. 'We zijn ongebreideld trots op ze en prijzen ze de hemel in. Maar een kind frustreren - grenzen stellen, teleurstellen als het moet - dat kunnen we niet meer: Gevolg, zegt hij: opgeblazen ego's bij jongeren die vinden dat ze overal geweldig in zijn, maar die al een burn-out krijgen van het eerste zuchtje tegenwind.
Welke deskundige ik ook spreek, of het nu Jan Derksen is, of Kees Bakker, directeur van het Nederlands Jeugd Instituut, opvoedkundige Marina van der Wal (auteur van Het Enige Echte Eerlijke Puberopvoedboek) of basisschooldirecteur Carla Luycx, tevens auteur van het binnenkort te verschijnen Opvoeden met Stephen Coveys 7 eigenschappen, allemaal beamen ze dat ouders slecht nee kunnen zeggen tegenwoordig. Mijn vraag is vervolgens waarom dat zo is, en wat daarvan de gevolgen zijn. Leidt het inderdaad tot verhuftering van de maatschappij, zoals Van der Leij beweert? Zijn de jongeren die ambulancepersoneel aanvallen en doodsbedreigingen op Twitter zetten dezelfde die als kind nooit een strobreed in de weg is gelegd?
    Om met dat eerste te beginnen: zo simpel ligt het niet, zeggen ze allemaal. Het is van alle tijden om te zeggen dat de jeugd voor galg en rad opgroeit - Socrates deed het al. Maar in werkelijkheid valt dat reuze mee: de jeugdcriminaliteitscijfers dalen juist, zegt Kees Bakker, en het geweld dt er is, zegt Derksen, wordt wel erg onder een vergrootglas gelegd. Mocht je toch een zekere verharding van de samenleving constateren, zegt Micha de Winter, dan gaat het veel te ver om dat alleen ouders te verwijten. Er zijn vele oorzaken: het individualisme, het neoliberalisme dat mensen aanzet vooral hun eigenbelang na te streven, zie de graaicultuur bij banken en bedrijven; de opvoeding is er maar n van. Maar die opvoeding legt inderdaad tegenwoordig wel erg de nadruk op het opkomen voor jezelf. Zo gek is dat niet: we willen onze kinderen opvoeden tot mondige burgers, niet tot slaafse volwassenen die overal ja en amen op zeggen, want zulke types zijn slecht gewapend voor de moderne maatschappij. De belangrijkste waarden die we aan onze kinderen willen meegeven, weet Kees Bakker uit onderzoek, zijn 'autonomie en assertiviteit'; pas daarna volgt 'conformiteit' (gehoorzamen) - in een land als Japan en zelfs al in Belgi is die volgorde precies andersom. Hier is het dus al van jongs af aan: onderhandelen, argumenteren, redeneren, en o wat zijn we er stiekem trots op dat Zo al zo'n eigen willetje heeft. Dat ze categorisch haar groente van tafel smijt, is de andere kant van de medaille. Een autoritaire opvoedstijl - die gaat van: nee, omdat ik het zeg en papa is de baas - is immers al decennialang hopeloos uit de tijd. 'Vroeger was het duidelijk zegt Jan Derksen. 'Volgens het calvinisme was het duidelijk dat het kwaad in de mens zat en daarom gold het credo: gij zult uw kind tuchtigen.' Maar zulke kaders zijn goddank verdwenen, oude gezagsverhoudingen  gingen eraan en nu hanteren we autoritatieve stijl van opvoeden, waarin praten en uitleggen een grote rol speelt, en de ouder veel meer rekening houdt met de meningen en de behoeften van het kind. Komt bij: we hebben gemiddeld slechts 1,8 kinderen en een druk tweeverdienersbe-staan, zodat we het thuis vooral gezellig willen hebben. Daar horen geen conflicten bij.

Kindermishandeling
Terwijl, zegt Micha de Winter, opvoeden juist gekenmerkt wordt door conflicten - het kind wil maximale vrijheid, aan de ouders de schone taak om die, waar nodig, in te perken. Anders ontwikkelt het geen vermogen om met frustraties om te gaan, leert het geen rekening te houden met anderen, kan het later niet samenwerken, is het niet weerbaar - allemaal vaardigheiden die een mens meer dan ooit nodig heeft. Van der Wal stelt het zo: 'Gn grenzen stellen is een vorm van kindermishandeling. Nee zeggen moet nu eenmaal af en toe:
    Maar hoe? 'Op n in de top-vijf van opvoedvragen staat 'grenzen stellen', zegt Kees Bakker. 'Op twee staat: mijn kind luistert niet.' Bakker is de laatste om pessimistisch te zijn -  naast dalende criminaliteitscijfers noemt hij het dalende alcoholgebruik onder jongeren, plus het feit dat de Nederlandse jeugd de gelukkigste ter wereld is - maar de ouders, signaleert hij, tobben wat af. 'Mensen zijn verschrikkelijk onzeker over opvoeden. De druk om het goed te doen is heel groot.' Het is niet voor niets dat duizenden ouders (precieze cijfers ontbreken) bij instellingen aankloppen - voor opvoedcursussen als Triple P. Bakker: 'We zien ook een toename een van ouders die zich bij de jeugd-GGZ  melden vanwege gedragsproblemen bij hun kind. Dat wijten ze niet per se aan hun opvoeding. Liever hebben ze  een diagnose als ADHD of dyslexie.'
     Basisschooldirecteur Carla Luycx  heeft in de 25 jaar dat ze in het onderwijs zit een hoop zien veranderen.  Neem alleen al de schooltassen die de ouders voor hun kinderen de klas in  dragen; vroeger deden de kinderen dat toch echt zelf. Steeds meer kinderen zijn nog niet zindelijk als ze op school komen - ook letterlijk worden kinderen volkomen gepamperd -, en krijgt een kind straf? Dan zeggen ouders thuis niet: 'Daar zul je het wel naar gemaakt hebben: maar ze bellen de school om verhaal te halen. 'Kinderen ontwikkelen geen frustratietolerantie meer', stelt opvoedkundige Marina van der Wal. Dat is slecht, zegt Jan Derksen, want op een dag tuimelen ze uit de sprookjeswereld en dan valt de harde werkelijkheid hen rauw op het dak. Carla Luycx zegt het zo: 'Kinderen in Nederland zijn heel gelukkig. En zo gek is dat niet: hun ouders zijn continu aan het werk om ze tevreden te stellen:

Regie
Misschien moesten we daar maar eens mee ophouden. Het zou voor niemand slecht zijn, vinden de deskundigen, als ouders de regie weer nemen. Voor de kinderen - al drogen die doorgaans heel fatsoenlijk op, er zijn hordes verrassend beleefde pubers van wie, benadrukken alle deskundigen, de maatschappij meer (sociale) vaardigheden vraagt dan ooit - maar vooral voor de ouders. Die leiden een slopend bestaan, 24/7 gekoeioneerd.
Tijd voor een paar ouderwetse opvoedlesjes, dus. Jan Derksen vindt zelfs dat het verplicht zou moeten worden gesteld. Waarom, zegt hij, wordt op het consultatiebureau behalve over borstvoeding en luieruitslag niet ook voorlichting gegeven over de psychologie van het kind en over conditioneringsprincipes? 'Je zou er op school alles in moeten krijgen. Maar nee, opvoeden is zo'n priv zaak, dat het een taboe is om mensen daarop aan te spreken. Gek is dat. Want waarom gaat de overheid wel over de prikken die we in de billen van onze kinderen zetten, en niet over hoe je ze goed gedrag aanleert?'
    Maar breng die boodschap dan wel handig, zegt opvoedkundige Marina van der Wal. 'Je moet ouders niet op hun kop geven, je moet ze doen inzien dat het winst oplevert als kinderen weer luisteren. Ik begrijp als geen ander hoe moeilijk nee zeggen is: ik heb een zoon van 16 en ik vond het hartverscheurend om hem te zeggen dat hij niet met zijn vrienden naar Terschelling mocht omdat hij er op met school met de pet naar gooide. Maar weet je? Na twee dagen haatte hij me niet meer. Kinderen begrijpen het heel goed dat je eisen aan ze stelt.'
    Ik denk aan de lessen in opvoeden die ik zelf met schade en schande heb geleerd, omdat ik te veel doodvermoeide ouders om me heen zag die geen idee hadden hoe ze hun kind een beetje moeten africhten. Die nog geen seconde rustig de krant konden lezen, die nachtenlang met hun nieuwetijdskind in een draagdoek rondsjouwden omdat ze het geen vijf minuten konden laten huilen, die zich machteloos tegen de benen lieten trappen door een kind dat 'kutmama' schreeuwt.
    Dat nooit, nam ik me voor en wat bleek: met wat puppytraining kom je een heel eind. Ik kreeg er op een gegeven moment bepaald lol in. Zo werkt het echt om op ooghoogte van een kind neer te hurken als het in de supermarkt om snoep krijst, en te zeggen: 'Hou eens op, dit wil ik niet.' Op boze toon, maar vr je echt boos bent - je kalmte bewaren is essentieel.
Nog zo'n les: nee is nee. Ook als een kind tranen met tuiten huilde en ikzelf diep in mijn hart allang vond dat het best ng een ijsje mocht: ik ging niet overstag, want zo stond het in de boekjes en verdomd: de volgende keer als ik nee zei, volgde er geen kik. Regel 3: doen waarmee je dreigt. Op het parkeerterrein van de Efteling afgelopen zomer hoorde ik een moeder schel roepen tegen haar zoontje: 'Als je nu je jack niet aantrekt, blijf je de hele dag in de auto zitten.' Duh, iedereen wist dat het een loos dreigement was, zoiets schiet niet op. Maar zeg je in de bioscoop tegen een klierig kind: als je nu niet ophoudt dan gaan we naar huis, dan moet je het doen ook bij het eerste het beste vergrijpje daarna. Hup, achterop de fiets, ook al is Ice Age 4 nog niet halverwege. Echt, de verbijstering bij het kind is kostelijk, je hoeft zoiets meestal maar n keer te doen. De volgende keer kijkt het wel beter uit.
    Het is allemaal dus zo moeilijk niet, bij kleine kinderen dan. Maar nu zijn we een paar jaar verder en sta ik langs het voetbalveld te kijken naar een zoon die de halve nacht Minecraft heeft liggen spelen. Ook al erger ik me gek aan dat kind met die ontbijtkoek, ik heb zelf thuis dus ook nog wel een varkentje te wassen. Morgen. Eerst gaan we gezellig nieuwe Nikes voor hem kopen.


Naar Psychologische praktijktips , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]