De Volkskrant, 29-04-2017, door Marco Visscher 2011

Empathie verblindt

Meer empathie, wat kan daar nu op tegen zijn? Nou, meer dan u denkt, vooral als het gebruikt wordt in de politieke arena.

Tussentitel: We voelen meer empathie voor mensen die tot dezelfde groep behoren
De schijnwerper van de empathie richt zich op de enkeling, niet op miljoenen
Als politici met hartverscheurende verhalen komen, kan het ook een truc zijn om een serieus debat te omzeilen


Het was nog maar een paar uur na de Amerikaanse aanval op een Syrische luchtbasis. In een spoedzitting van de Veiligheidsraad van Verenigde Naties, eerder deze maand, hield de Amerikaanse ambassadeur, Nikki Haley, twee foto's omhoog. Daarop waren enkele van de slachtoffers te zien van het vermoedelijke gebruik van gifgas, toegeschreven aan president Assad. Het waren horrorbeelden. Haley sprak over kinderen, sommigen nog in luiers, die schuimbekten of stuiptrekkingen vertoonden, met zichtbare littekens van de chemische wapens. 'Kijk naar deze foto's', sprak Haley. 'Wij kunnen onze ogen hier niet voor sluiten.'

Met haar woorden en de beelden die ze gebruikte, deed Haley opzichtig een beroep op onze empathie. Kijk naar deze foto's... Stelt u zich eens voor dat het w kinderen waren. Verplaatst u zich eens in hun schoenen. Hoe kunnen we nu met de armen over elkaar blijven zitten? 'Als we niets doen', vervolgde Haley, 'gaan deze aanvallen door. We kunnen onze verantwoordelijkheid niet ontlopen om hier iets aan te doen.'

Het moment deed onbewust terugdenken aan de foto van een ander kindje uit Syri, Alan Kurdi. Tijdens de oversteek van zijn familie naar Europa, in september 2015, spoelde zijn lichaampje aan op het strand bij een Turkse badplaats. De beelden daarvan, zijn hoofd troosteloos begraven in het zand, kwamen symbool te staan voor de migratiecrisis. Ook toen ging er een golf van medeleven door de wereld. 'Beeld je in', schreef Peter Bouckaert van Human Rights Watch, 'dat het jouw kind is dat verdrinkt terwijl het de Syrische oorlog probeert te ontvluchten richting Europese veiligheid.' Binnen 24 uur zagen hulporganisaties een verveelvoudiging van donaties en de opvang van vluchtelingen kwam nog prominenter op de Europese agenda te staan.

Deze voorbeelden zeggen iets over de kracht van beelden. Maar ze zeggen vooral iets over de kracht van empathie. Wij zijn aanmerkelijk meer geneigd om te handelen wanneer we empathie voelen met een ander. Immers, toen de vluchtelingencrisis nog vooral in grote aantallen werd beschreven, bleef een emotionele respons uit. Pas toen die crisis een gezicht kreeg - ook al was het begraven in het zand - konden we werkelijk meevoelen. En zo hoopte ook Haley op steun voor een humanitaire interventie in het al jaren verscheurde Syri door ons inlevingsvermogen aan te spreken.

Het maatschappelijke nut van empathie wordt alom bepleit. Barack Obama zei dat vrede begint door 'in andermans schoenen te staan en de wereld te zien door de ogen van een ander'. Na een uiteenzetting over de toenemende polarisatie in de samenleving gaf GroenLinks-leider Jesse Klaver in De empathische samenleving zijn recept om de tegenstellingen in de samenleving aan te pakken: 'Toon inlevingsgevoel voor de ander en probeer diens emoties te begrijpen.' Virtual reality wordt steeds vaker bepleit om meer empathie te kweken bij alles van bestrijding van homofobie tot milieuzorg. Immers, zoals Tibor Bosse, universitair hoofddocent kunstmatige intelligentie, het onlangs in de Volkskrant (8 april) zei: 'Hiermee kunnen we een virtuele wereld creren waarin mensen letterlijk in de schoenen van anderen worden geplaatst.' Roman Krznaric, een sociaal filosoof die het boek Empathie schreef, ziet in empathie niets minder dan 'de motor van alle sociale verandering'.

Maar terwijl de oproep tot empathie luider klinkt, worden er in de academische wereld steeds meer vraagtekens gezet bij het nut van empathie. In het verlengde daarvan dringt zich volgens critici een urgente vraag aan: heeft empathie wel een plek in de politiek?


Psychologen onderscheiden twee varianten. Zo is er 'cognitieve empathie', een natuurlijk vermogen om de wereld te bekijken vanuit het perspectief van een ander. U zet het in als u een verjaardagscadeau uitzoekt dat niet uzelf, maar de jarige leuk zou vinden. Naast dat talent om een ander te begrijpen is er ook 'affectieve empathie'. In deze variant voelen we de emoties die een ander voelt. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer u vrolijk wordt als u iemand ziet lachen, of wanneer u zich zo inleeft in de ouders van Syrische kinderen die door gifgas zijn verminkt of gedood, dat u verdrietig wordt. Beide vormen overlappen elkaar. In d metafoor van empathie, waarbij we ons 'in de schoenen van een ander plaatsen', worden beide vormen van empathie samengebracht.

Meer empathie; wat kan daar nu op tegen zijn? Nou, misschien meer dan u zou denken. Paul Bloom, die psychologie doceert aan de universiteit van Yale, voert een rits bezwaren aan in zijn nieuwste boek, Against empathy. Hij gebruikt de schijnwerper als metafoor om aan te geven hoe empathie verblindend werkt. Wanneer je het ergens op richt, heeft het licht maar een beperkt bereik. Alleen datgene waarop je het schijnt, wordt zichtbaar. Het onderwerp van empathie beperkt zich tot n persoon. Probeer maar eens empathie te voelen voor de 800 miljoen mensen die leven in -extreme armoede.

Op die manier staat empathie volgens Bloom juist collectieve actie in de weg. Ja, we komen wel in actie als we het leed van een kind zien, maar onze emoties nemen het dan over, waardoor we geen structurele oplossingen bieden. Zo helpen we de enkeling, niet de groep. De foto van Alan Kurdi heeft ook slechts geleid tot een tijdelijke piek in donaties en publieke verontwaardiging, maar niet tot een ruimhartiger vluchtelingenbeleid. In de twaalf maanden n deze foto verdronken meer vluchtelingen dan in de twaalf maanden ervoor.

'Empathie maakt ons wiskundig blind', verduidelijkt Bloom in een telefoongesprek. 'Het is te wijten aan onze empathie dat we meer geven om een meisje dat vastzit in een waterput dan om de gevolgen van iets abstracts als klimaatverandering, en meer om de slachtoffers van een incidentele schietpartij op een school dan om de veel grotere aantallen kinderen die door meer alledaagse criminaliteit omkomen.'

Bovendien geven de wetenschappelijke studies naar de effecten van empathie geen bewijs voor de intutieve aanname, zoals die van Obama, dat we vredelievender worden als we maar empathischer worden. Toen de Canadese psycholoog David Vachon voor een meta-analyse een hele rits aan studies over empathie en agressie bekeek, ontdekte hij een 'verrassend zwakke relatie' tussen de twee. Ofwel: ook iemand met veel empathische gevoelens kan gewelddadig zijn. Dat is eigenlijk ook logisch, meldt Vachon in een e-mail: 'Mensen die gewelddadig zijn, weten dat hun slachtoffer pijn zal voelen; dat is het hele punt. Hun probleem is dat het hen niet uitmaakt.'



We weten nog iets anders uit onderzoek: we voelen meer empathie voor mensen die zijn zoals wij en tot dezelfde groep behoren. Een befaamde studie onder voetbalsupporters liet dat zien: een pijnscheut die wordt toegebracht aan een aanhanger van de tegenpartij wekt maar weinig empathie. Deelnemers voelden meer empathie voor mensen over wie hen was verteld dat ze door een bloedtransfusie aids hadden gekregen dan voor mensen die het zouden hebben gekregen door gebruikte drugsnaalden. In de woorden van Bloom: 'We richten de schijnwerper waar wij dat willen. Zo zien we in onze emotionele respons al onze vooroordelen terug.'

En daar wordt het volgens de 'empathiesceptici' link. Want: als we niet met iedern kunnen meeleven, en als we meer geneigd zijn om mee te leven met 'ons soort mensen', wie wordt dan het onderwerp van onze empathie? In Het Parool deed columnist Theodor Holman schamper over empathie als 'wondermiddel' dat alle maatschappelijke wonden zou kunnen genezen. 'Kan iemand mij vertellen met w ik empathie moet hebben?', vroeg Holman zich af. 'Met de asielzoeker of met degeen die door de asielzoeker geen werk kan vinden? Met de illegaal? Of met de man of vrouw die zich door die illegaal bedreigd voelt? Met de arme islamitische Syrir, of met degeen die zijn land, stad en dorp ziet veranderen?'

Met die vragen van Holman betreden we het terrein van de politiek. In de politieke arena wordt gretig gebruikgemaakt van empathie. In het Amerikaanse debat over de toekomst van Obamacare stonden onlangs nog twee politici tegenover elkaar met allebei een emotionele brief van een patint, waaruit ze voorlazen om hun precies tegenovergestelde standpunt te onderbouwen. Bloom: 'Empathie is een neutraal middel: het kan worden gebruikt voor goede en slechte doeleinden.' Hij verhaalt hoe Trump tijdens zijn campagne geregeld vertelde over Kathryn Steinle, een jonge vrouw die was vermoord door een illegale immigrant uit Mexico. De boodschap: stel je voor dat het gebeurt met w vrouw, w dochter. Weg met die illegale immigranten!



Of neem David Duke, de voormalige voorman van de Ku Klux Klan die op zijn Twitterfeed graag foto's van onschuldige, roomblanke Amerikaanse vrouwen en kinderen plaatst om zijn volgelingen erop te wijzen dat de toekomst van deze kwetsbare mensen op het spel staat. Bloom: 'Duke, een van Amerika's meest verachtelijke personen, gebruikt empathie om zijn racistische ideen te verdedigen.' Critici als Bloom waarschuwen dan ook om waakzaam te zijn wanneer politici hun toehoorders aanspreken op hun empathie: ze zouden het zomaar kunnen doen om een oorlog te beginnen. Is dat niet eigenlijk wat Nikki Haley deed als reactie op de Syrische gifgasaanval?

Ook kan het een truc zijn om een serieus debat te omzeilen. In een discussie over euthanasie duurt het zelden lang voordat een voorstander van uitbreiding van de wetgeving zal vertellen over een zieke, zwakke oudere die klaar is met het leven. Natuurlijk is het hartverscheurend om zo'n verhaal te horen. Als het w moeder was, klinkt het dan, had u haar toch k willen helpen? Mag zo'n persoonlijk verhaal de basis vormen voor beleid dat per definitie maatschappelijke gevolgen heeft?

Bloom vindt van niet. 'In de politiek', concludeert hij, 'is empathie een slechte raadgever. De politiek is het terrein van principes en van berekening van kosten en baten. Het klinkt heel onromantisch, maar we moeten leren discussiren op basis van principes, zoals eerlijkheid en rechtvaardigheid. We moeten leren om kosten en baten in ogenschouw te nemen bij onze overwegingen. We moeten minder sentimenteel worden en ons rationeler opstellen.'

Of de wereld beter af is zonder empathie? Bloom twijfelt even. Dan: 'Ja.'

Wat zou er van de wereld terechtkomen als we niet langer empathisch zijn? Sommigen gruwelen bij de gedachte. In een reactie op het boek van Bloom waarschuwde de vermaarde ontwikkelingspsycholoog Simon Baron-Cohen, auteur van Nul empathie, dat de nazi's ook geen empathie voelden. Aan de telefoon spreekt Krznaric over een 'harteloze, onverschillige wereld' als er geen empathie zou bestaan. Immers, zegt hij, niemand zou de deur openhouden voor een ander, moeders zouden hun pasgeboren baby laten huilen als ze honger hebben, liefdadigheidsinstellingen kunnen de tent wel sluiten. Kortom: 'Dat is niet de wereld waarin we willen leven.'



Toch is het maar de vraag of empathie noodzakelijk is. Goed fatsoen, aardig zijn, zorgen voor elkaar, compassie voelen: het kan allemaal zonder ons ook maar een moment in te leven in de gedachten of gevoelens van een ander. De Duitse cultuurcriticus Fritz Breithaupt, auteur van het onlangs verschenen Die dunklen Seiten der Empathie ('De schaduwzijde van empathie'), zegt dan ook: 'Als middel om anderen te helpen, wordt empathie overschat.' We hoeven immers geen empathie te voelen om het af te keuren wanneer iemand zijn huisvuil van het balkon op straat kiepert of fraudeert met de belastingaangifte. Net zo goed hoeft er geen empathie bij te komen kijken om in het water te springen om een verdrinkend meisje te redden. Zou u het werkelijk alleen maar doen als u zich eerst zou verplaatsen in haar (nat geworden) schoenen?

Empathie kunnen we niet zomaar uitschakelen. Wel kunnen we proberen ons er minder door te laten leiden. 'Ik zou graag zien', fantaseert Bloom hardop, 'dat er op een dag twee politici op een podium een discussie over euthanasie voeren. Een van hen zegt: 'Laat me u een verhaal vertellen over een vrouw van 83 jaar', waarop het publiek 'boe' begint te roepen. 'Nee, laat dat stomme verhaaltje maar zitten', roept iemand in de zaal, 'want daar worden we alleen maar emotioneel van.' Dt zou ik graag eens meemaken.'



Web:
Wat er mis is met empathie

Heeft empathie een plek in de politiek?
TT:
Empathie maakt ons wiskundig blind
Paul Bloom 
We weten nog iets anders uit onderzoek: we voelen meer empathie voor mensen die zijn zoals wij en tot dezelfde groep behoren
Empathie kunnen we niet zomaar uitschakelen. Wel kunnen we proberen ons er minder door te laten leiden

 

Naar Psychologische praktijktips , Psychologische krachten  , Psychologie
lijst
, Psychologie overzicht , 
Algemeen overzicht  , of site home .