De Volkskrant, 24-11-2012, door Marije Randewijk .2008

Interview | Betsy Andreu, de vrouw die Lance Armstrong ten val bracht

'Lance is de duivel in eigen persoon'

Sommigen vinden haar een held. Lance Armstrong noemt haar dik, jaloers en een leugenaar. Betsy Andreu (46) was de nagel aan de doodskist van de Amerikaanse wielerheld. 'Ik had hem liever niet gekend.'


De vraag is of ze niet een heel klein beetje op Lance Armstrong lijkt. Het is de tweede dag van een bezoek aan Betsy Andreu. Haar eigen vragen zijn als bommen, zonder omhaal en vernietigend. Een moment de dekking laten zakken, betekent dat je de oren gewassen krijgt. Lance Armstrong heeft de verkeerde uitgekozen om ruzie mee te maken, constateert ze zelf droogjes.

Het duurde ook even eer het vertrouwen was gewonnen. Er komt geen interview voordat er geloofsbrieven zijn overhandigd, waarschuwde ze vooraf. Was de journalist al vanaf het begin geïnteresseerd in de waarheid, of nu pas, nu het na het verschijnen van het Armstrong-rapport van het Amerikaans antidopingbureau (Usada) zo populair is?

Later verontschuldigt ze zich voor de impertinente vraag. Maar ze wil niet iedereen toelaten op wat ze zelf the Betsy banned wagon noemt. De trein met bannelingen, met mensen die de afgelopen jaren niet aan de leiband liepen bij Lance Armstrong, die zich niet lieten intimideren. En dat waren er de laatste jaren niet veel, weet ze uit ervaring.

In haar ogen is Armstrong een kameleon. Hij toont wat hij wil dat je ziet. Als hij wil intimideren, is hij de bullebak. Als hij wil dat je zijn leugens gelooft, is hij zo charmant als iemand maar kan zijn.

U vond hem niet charmant?
'Lance is niet een goed mens dat slechte keuzen maakt, hij is de duivel in hoogsteigen persoon.'

Jaagt de duivel u angst aan?
'In 1999 had ik hem al eens gevraagd: klootzak, wie denk je dat je bent, dat iedereen bang voor je moet zijn? Ik ben niet bang voor je, als je dat maar weet. Hij reageerde niet. Zo gaat het altijd met Lance: als je het tegen hem durft op te nemen en hem uitdaagt, stuurt hij zijn stromannen om het vuile werk te doen.'

Is Lance Armstrong een obsessie geworden?
'Ik ben geobsedeerd, zonder twijfel. Maar ik ben niet geobsedeerd om Lance Armstrong ten val te brengen. Ik ben geobsedeerd om mijn naam te zuiveren. Dat is mijn strijd. Hij heeft mijn naam door het slijk gehaald. Maar hoe erger het werd, hoe standvastiger ik me voelde. Echt, dus jij zoekt ruzie met mij, Lance? Nou, die kun je krijgen.'

Vraag het de renners die de afgelopen maanden in het Armstrong-dossier een bekentenis aflegden over het dopegebruik in de wielerploegen van US Postal en Discovery Channel - en zo indirect een even pijnlijke als onthullende karakterschets gaven van de wielerheld. Vraag het Usada-directeur Travis Tygart, vraag het Greg Lemond. Allemaal stellen ze onomwonden: zonder Betsy Andreu zou Lance Armstrong nooit zijn ontmaskerd als de grootste fraudeur in de geschiedenis van de sport.

Het is haar grote triomf. 'Veel mensen noemen me een held. Ik voel me daar vreselijk ongemakkelijk bij. Het enige wat ik heb gedaan is de waarheid vertellen.'

Andreu is de dochter van een Servische juwelier en een Slowaakse bibliothecaris. Ze groeide op in Michigan, net als haar echtgenoot Frankie. Ze leerden elkaar kennen in een pizzarestaurant. Frankie was een aanstormend wielertalent, Betsy wilde een Italiaans koffiehuis beginnen.

Twee maanden na hun eerste ontmoeting introduceerde Frankie ploeggenoot Lance Armstrong bij zijn vrouw. 'Hij was het prototype van een Texaan: luid, brutaal en grappig', herinnert ze zich. Ze werden vrienden. Betsy keurde de liefjes van Lance, vaak discussieerden ze over het geloof. En als Armstrong kwam eten, zette Betsy haar fameuze risotto op tafel.

Nu zegt ze daarover: 'Ik had er arsenicum in moeten doen.' En begint vervolgens bijna hysterisch te lachen.

In het ziekenhuis
Twee jaar later was ze samen met Frankie getuige van een gesprek dat hun leven zou veranderen. Vraag haar de situatie te schetsen en ze kleurt een gedetailleerd beeld van het moment. Lance Armstrong vocht in het ziekenhuis van Indiana tegen teelbalkanker. Hij zat aan een tafel, zelf stonden ze bij de deur van de badkamer. De televisie stond aan, het was 29 oktober 1996, de footballers van de Dallas Cowboys speelden een wedstrijd. Er waren zes vrienden van Armstrong aanwezig: Chris Carmichael en zijn verloofde, Stephanie McIlvain (vertegenwoordigster van zonnebrilfabrikant Oakley), de toenmalige vriendin van Armstrong en de familie Andreu dus.

Twee doktoren onderzochten Armstrong. Een van hen vroeg hem of hij ooit stimulerende middelen had gebruikt tijdens zijn carrière. De voormalig wereldkampioen begon aan een opsomming: groeihormonen, cortisonen, epo, steroïden, testosteron. Betsy Andreu: 'Ik dacht: o...my...God. Frankie en ik hebben er nog ruzie over wie in de consternatie nu wie aankeek. Maar we waren allebei in shock. Ik rende naar de deur en zei: we moeten gaan!'

Of ze zou willen dat ze nooit bij dat gesprek aanwezig was geweest? 'Aan zulke vragen heb ik niets', bitst ze, 'want ik was er wel. Maar oké, ik begrijp het wel. Als je me zou vragen of ik Lance Armstrong liever niet had gekend, dan zou ik ja antwoorden.'

Na de ziekenhuisscène was het voor Frankie Andreu duidelijk waar zijn vrouw stond. If you're f... ... doing that shit, I'm not going to marry you, voegde ze hem toe. En voor Armstrong was het ook snel duidelijk. Betsy Andreu zat niet in zijn kamp. Toen hij herstelde en op het punt stond zijn rentree te maken in het wielerpeloton, vroeg hij het aan Frankie. Die zei dat zijn vrouw bijna hysterisch was geworden.

'Toen hij in die ziekenhuiskamer vertelde wat hij allemaal had gebruikt, dacht ik: o mijn God, daardoor heeft hij nu kanker gekregen', vertelt Betsy Andreu. 'Het kan mij niet schelen wat iedereen zegt, en of dat wel of niet wetenschappelijk bewezen is, maar in mijn hoofd is er een link tussen testosteron en kanker.'

Toch weerhield het dreigement van zijn vrouw Frankie Andreu er niet van epo te gebruiken. Zelf noemt hij het 'het minimum' om het peloton bij te kunnen houden. Iedereen gebruikte stimulerende middelen en wie het niet deed, werd er afgereden. Hij vond het oneerlijk wat er gebeurde en dus stapte hij aan boord.

Hij vertelde het zijn vrouw niet. 'Maar tijdens de Tour van 1999 wist ik het. Frankie reed op kop in de beklimming naar Sestrières. Dat was belachelijk. Frankie had in de bergen altijd problemen gehad om op tijd binnen te komen. Hij had daar helemaal niets te zoeken.

'Ik vroeg het toen ik hem 's avonds aan de telefoon kreeg. Je bent helemaal geen klimmer Frankie, wat deed je daar vooraan? Hij antwoordde dat het wielrennen gewoon zo was. Hij wilde er niet over praten, werd boos en hing op.

'Tijdens het slotfeest van de Tour weigerde ik vervolgens Lance te feliciteren met diens overwinning. Frankie zei: we hebben allemaal zo hard gewerkt, we zijn zo moe, waarom kun je hem nu niet gewoon de hand schudden? No way, zei ik, ik geloof hier niets van, zoals ik ook wil weten hoe het komt dat jij ineens kunt klimmen. Ik heb voet bij stuk gehouden en daar ben ik blij om.'

Uiteindelijk vond ze weken later de thermosfles met epo van haar echtgenoot in de ijskast. 'Het was geen fijne dag', herinnert ze zich. 'Weet dat ik je daarin nooit zal steunen, heb ik hem gezegd. En dat als iemand hem ooit naar zijn dopegebruik zou vragen, en hij zou liegen, ik het echte verhaal zou vertellen. Ik ga Lance niet in zijn leugens steunen en dat doe ik ook niet met jou.'

De weigering van Frankie Andreu om zich aan het programma van dokter Michele Ferrari te onderwerpen, kostte hem zijn baan bij US Postal. En zijn naïviteit om aan ploegmanager Johan Bruyneel op te biechten van welke andere ploegen hij een aanbieding had, kostte hem zijn plaats in het peloton. Andreu was 'niet loyaal', 'geen teamspeler', was plotseling het verhaal in het wielrennen. 'Als je bij Lance in het team wilde komen en honderdduizenden dollars wilde verdienen, moest je wel zijn hele programma doen', vertelt Betsy Andreu.

De vriendschap met Armstrong bleek op niets gebaseerd. 'In 1999 heb ik al tegen Frankie gezegd, ga weg bij de ploeg van Lance. Hij zei: 'Maar Lance is mijn vriend.' Ik zei: Lance geeft niets om jou, Lance geeft alleen om Lance, snap dat nou eens!'

De hel
De strijd verhardde toen het verhaal over de ziekenhuisscène in 2004 in het boek van David Walsh en Pierre Ballester, L.A. Confidential, terechtkwam. Alle pijlen wezen in de richting van de familie Andreu. In 2005 moesten ze er een getuigenis over afleggen in een arbitragezaak tussen Armstrong en de verzekeringsfirma SCA Promotions, dat weigerde een bonus uit te betalen voor diens zesde Tourzege. De getuigenis lekte uit. 'En ons leven werd een hel', zegt Betsy Andreu.

Het was gemakkelijk om de waarheid te vertellen, het was moeilijk om de consequenties onder ogen te zien. De aanvallen waren frontaal. Betsy Andreu was dik, lelijk, wraakzuchtig, jaloers. 'De strijd heeft Frankie Andreu tal van werkgevers gekost. Zonder twijfel.'

En de angst voor represailles is nog altijd niet verdwenen. Een rechterhand van Armstrong, Stephanie McIlvain, belde haar eens 27 keer op één avond. Haar laatste dreigement op het antwoordapparaat van de familie Andreu: 'Ik hoop dat iemand je hersens inslaat met een honkbalknuppel.'

'De mensen blijven maar vragen: ben je niet bang, ben je niet bang? Dan ga je je wel afvragen: moet ik bang zijn? Thuis zet ik altijd het alarm aan, ik kijk over mijn schouder. Toen onze e-mailaccount was gehackt, hebben we duizenden dollars uitgegeven om erachter te komen wie het had gedaan. Maar in Amerika is dat godsonmogelijk om uit te zoeken. Ik wilde tot het uiterste gaan, Frankie niet. Toen ik hoorde dat mailaccounts van anderen ook waren gehackt, dacht ik: Lance is wanhopig.'

Betsy Andreu toont de mail die Armstrong haar echtgenoot stuurde vlak voordat ze in 2005 onder ede zou gaan verklaren wat ze in het ziekenhuis van Indiana had gehoord: 'By helping to bring me down is not going to help y'alls situation at all. There is a direct link to all of our success here. I suggest you remind her of that.'

Niet veel later volgde er een sms aan haar echtgenoot: cuidado. Oftewel: pas op.

De poging om Betsy Andreu via Frankie een document te laten ondertekenen waarin ze haar steun aan Lance Armstrong zou betuigen en waarmee alle rechtszaken waarmee de toenmalige Tourkampioen dreigde, van tafel zouden worden geveegd, was stupide. Frankie Andreu tapete het bewuste gesprek met Bill Stapleton, de manager van Armstrong. 'Ik weet nog dat Frankie maar bleef bellen en dat ik zei: Frankie, begrijp het nou eens, als ik nu iets onderteken en zeg de hemel is blauw, zeggen ze over een paar jaar: de hemel is grijs. Je kunt een boodschap overbrengen die direct van mij komt: kiss my ass, it's not going to happen.'

Uiteindelijk zei ze tegen Frankie dat hij maar moest doen alsof ze gescheiden waren. Het zou in elk geval zijn leven verlichten. 'Ik geloof niet dat hij ooit zo tegen me heeft geschreeuwd.'

Tussen de ziekenhuisscène en het publiek worden ervan zit bijna tien jaar, waarom heeft u niet eerder iets gezegd?
'Als ik in 1999 had gezegd: ik geloof dat Lance doping gebruikt om deze reden, zou iemand me dan hebben geloofd? Er was toen geen World Anti-Doping Agency, geen Usada. Het is een ontwikkeling van gebeurtenissen geweest, een slim proces, dat nu hiertoe heeft geleid.'

Vindt u dat hij achter de tralies moet?
'O zeker. Hij is een psychopaat.'

Hoeveel heeft het jullie gekost?
'Honderdduizenden dollars. Zeker. Ik heb een hoge prijs betaald, maar zijn slachtoffer ben ik nooit geworden.'

Was het dat waard?
'Had ik dan mijn ziel moeten laten wegrotten? Als jij denkt dat ik gek ben, dat kan mij dat niets schelen. Maar als het betekent dat Frankie wordt uitgekotst door de wielersport, dan doet het er wel toe. Ik moest mensen ervan overtuigen dat ik niet loog, zodat Frankie kon werken. Hoe ziek is dat?'

De blik na de suggestie dat haar man zich ook had kunnen terugtrekken uit de sport, is dodelijk. 'Hein Verbruggen, Pat McQuaid (beiden van de internationale wielerunie UCI, red.) en Lance zouden het gewéldig hebben gevonden als hij dat had gedaan. Maar Frankie wilde het niet. Het is ook goed dat er mensen als hij in de sport blijven en zich blijven verweren tegen de uitwassen.'

Betsy Andreus wereld is in tweeën verdeeld: te vertrouwen of niet te vertrouwen. Zelf noemt ze het FOF of FOL, Friend of Frankie of Friend of Lance. In haar kamp hoorde geen hooggeplaatste politicus zoals Bill Clinton, door wiens ingrijpen volgens haar het federale onderzoek naar Armstrong werd stopgezet. Ze begint een betoog over corruptie, over de UCI, door haar omgedoopt tot Union of Corrupt Individuals. Over Mark Fabiani, de advocaat die Clinton uit de narigheid hield, en nu hetzelfde tracht te doen met Lance Armstrong.

Andreu roemt de vasthoudendheid van Travis Tygart, de directeur van het Amerikaans antidopingbureau Usada, die dit jaar wel in staat bleek Armstrong te ontmaskeren als fraudeur. Die zich niet liet chanteren. 'Ik had de hoop niet opgegeven, maar ik dacht dat de waarheid pas zou uitkomen als niemand er nog in geïnteresseerd zou zijn, over twintig jaar of zo. Wat mensen vergeten, is de schade die Armstrong heeft aangericht, financieel en emotioneel. Hij heeft mensen vernietigd.

'Ik heb gehoord dat hij aan het doordraaien is. Hij verliest alles wat hij heeft. Wat dat bij mij losmaakt? Sorry, maar ik heb geen greintje medelijden. Als ik kan helpen hem verder onder de grond te duwen, zal ik dat niet nalaten.'

Thuis hebben ze er regels over afgesproken. Pas nadat de (drie) kinderen naar school zijn gegaan, mag er over Armstrong worden gesproken. En pas dan mag ze achter haar computer om meer informatie over hem te verzamelen. Armstrong doet hetzelfde, dat weet ze zeker. 'Die leest alles wat er over hem verschijnt. Ik deed laatst een interview en toen zei ik: ik weet dat je kijkt Lance, je bent een lafaard. Ik zwaaide. Ik heb me kinderachtig gedragen toen, en gemeen misschien. Maar mijn gemeenheid is niets vergeleken bij die van Lance.'


Naar Psychologische krachten  , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 
[an error occurred while processing this directive]