De Volkskrant, 27-10-2011, door Evelien van Veen 28 okt.2011

Interview | Modefotograaf Peter Lindbergh

'Wat ik doe is tijdloos'

De modefotografie van nu is om te huilen, vindt Lindbergh, 'uitvinder' van het supermodel. 'Vrouwen worden als zombies afgebeeld.'

Tussentitel: 'De echte man was misschien stoer,maar hij was ook beheerst en zelfstandig'

Natuurlijk, hij is niet meer zo hip als hij eens was - dat is logisch als je 66 bent. En al te positief is hij ook niet: hij noemt zich niet eens meer graag modefotograaf, als je ziet wat er onder die noemer allemaal voor vreselijks in de bladen staat tegenwoordig. Maar groot is Peter Lindbergh nog wel. Hij doet nog volop mee, in elk geval: deze maand staat er in de Amerikaanse Vogue een tien pagina's tellende modereportage van zijn hand en na zijn vakantie op Ibiza, volgende week, duikt hij voor de Chinese Vogue de woestijn in met model Lara Stone. Vervolgens staat er een shoot voor de Italiaanse Vogue op het programma. Met Uma Thurman, omdat Sharon Stone niet kon. 'Ha', grijnst Lindbergh - buikje, brilletje, eeuwig blauw jeansoverhemd - 'dat klinkt naar name dropping, en daar hou ik eigenlijk niet van.'

Maar van valse bescheidenheid houdt Lindbergh ook niet. Ja, hij heeft hoogstpersoonlijk het tijdperk van het supermodel ingeluid eind jaren tachtig: hij is de ontdekker van Linda Evangelista, Christy Turlington en nog een handvol modellen die niet alleen de covers van de modebladen domineerden tot ver in de jaren negentig, maar die ook beroemdheden werden, household names, wereldwijd. En ja, zijn foto's veroorzaakten een schok in de modewereld, zo vernieuwend was zijn aanpak. Geen grote kapsels meer, geen tonnen sieraden en make-up, maar pure zwart-witfoto's van 'de kwetsbare persoon achter de cultus'.

Zo omschrijft het boekje van het FotoMuseum in Antwerpen het, waar een tentoonstelling van zijn werk te zien is: 'Zijn melancholische beelden werpen een blik op de innerlijke essentie van topmodellen als Linda Evangelista, Tatjana Patitz of Kate Moss.' Daar, in een ontvangstkamer van het museum, staat hij de pers te woord zoals de beroemdheden dat doen met wie hij voortdurend verkeert: een voor een mogen journalisten naar binnen, een pr-vrouw houdt de tijd in de gaten.

Hoe zien we de 'innerlijke essentie' van Kate Moss op die beroemde foto van haar in tuinbroek uit 1994? Is het niet een groot cliché dat je 'de mens achter het model' zou kunnen fotograferen?

'Misschien, maar ik streef er wel altijd naar. Soms, als een model de set op komt, kan ik aan de manier waarop ze poseert, zien met welke fotograaf ze eerder heeft gewerkt. Met Steven Meisel bijvoorbeeld, een geweldige fotograaf hoor, maar totaal het tegenovergestelde van hoe ik werk. Hij fotografeert mode. Ik ben geïnteresseerd in vrouwen. Dus dan zeg ik tegen zo'n model: 'Doe nu eens even niet, joh, vergeet dat poseren. En dan hoop ik dat ik iets anders te ziens krijg. Iets echts. Zoals hier, bij Kate.'

Maar wat zegt deze foto mij dan over haar persoonlijkheid?

'Ik weet het niet. Veel, als je haar kent. Ze heeft de neiging om altijd de coole Kate te spelen, dat doet ze hier niet. Vergelijk het met een etentje dat je soms hebt met iemand in een restaurant. Als het goed is, heb je een echt gesprek. Maar soms gaat het nergens over, dan geeft iemand niets prijs van wat hem bezighoudt. Dat zijn afschuwelijke avonden. Zo gaat het soms ook met fotografie.

'Niemand is te dik of te dun of te oud, er is altijd wel iets interessants aan iemand te ontdekken. Oninteressant is alleen een vrouw die van zichzelf vindt dat ze mooi is. Die zo'n fotogezicht opzet - dat wil ik niet zien.'

Dit was de koers die u eind jaren tachtig inzette: eenvoud, zwart-wit, eerder portret- dan modefoto's. Wat was het verschil met de modefotogra-fie van daarvoor?

'Daarvoor waren de vrouwen in Vogue - vooral in de Amerikaanse, de stijlbijbel bij uitstek- altijd zwaar opgemaakt, behangen met juwelen, omringd door dure auto's en huizen en honden. Zo wilde ik het niet. Ik kon het niet eens. Wat ik dan wel wilde, werd me door Vogue gevraagd - toen heb ik een groepje modellen meegenomen naar het strand en ze zonder opsmuk, in witte shirts, gefotografeerd. Linda Evangelista was erbij, Christy Turlington, al die latere supermodellen. Ze konden er niks mee bij Vogue. De foto's verdwenen in een la. Maar acht maanden later trad Anna Wintour aan en toen werd alles anders.

'November 1988 was haar eerste cover: een foto van mij met een model in een top van Lacroix met een reepje blote buik en daaronder, voor het eerst op een Vogue-cover, een jeans. Dat was een soort revolutie. Vijftien jaar lang hadden de chique vrouwen van Richard Avedon op de cover gestaan en nu kwam ik, met een model in spijkerbroek, lachend en met losse haren.'

Het tijdperk van het zogenaamde supermodel is allang weer voorbij...

'O ja, méér dan voorbij.'

Wat betekende dat voor uw carrière? Dreigde die ook voorbij te gaan?

'Nee, want wat ik doe is tijdloos. Ik fotografeer vrouwen op hun mooist. Ik maak ze niet lelijk, zoals dat nu in de mode is. Het is om te huilen wat je nu in alle bladen ziet.'

Fotografen als Juergen Teller zetten nu de toon, met harder licht, andere poses.

'Met alle respect voor zijn vakmanschap, maar ik vind het vaak zo lelijk. Vrouwen worden nu als zombies afgebeeld, als robots, zonder uitdrukking of karakter. Dat komt ook door het retoucheren natuurlijk, dat helemaal uit de hand is gelopen. Ik haal ook wel eens een puistje weg, maar waarom moet elk lachrimpeltje worden weggepoetst?

'Het gaat allemaal om jong, jong, jong, het is gewoon een religie geworden. En het gaat automatisch. Een vormgever haalt een vlekje weg, de volgende photoshopt nog wat verder. Niemand is verantwoordelijk en uiteindelijk hou je totaal zielloze foto's over. Het is een constant gevecht: als ik niet hard roep, gebeurt het bij mijn foto's ook. En wat zeggen ze dan bij de modebladen? 'We willen vrouwen laten dromen.' Maar dat is geen droom meer, dat is een nachtmerrie.

'Als je constant zulke beelden krijgt voorgeschoteld, schrik je je dood als je in de spiegel kijkt. En dus hollen al die vrouwen naar de winkel om voor 6.000 euro aan crèmes te kopen. Zo werkt die industrie. Ik heb wel eens gezegd dat vrouwen zo meteen nog stenen door de ruiten gaan gooien van de cosmeticagiganten. Dat werd me niet in dank afgenomen. De beauty-industrie is, na de wapenindustrie, de grootste bedrijfstak ter wereld. Miljarden worden er in advertenties gestoken. En de modebladen doen braaf mee, want die leven daarvan.

'De modellen worden ook steeds dunner. Dat komt omdat ze tegenwoordig bijna altijd op de catwalk worden ontdekt, en catwalkmodellen zijn zo dun omdat 'de kleren er dan goed uitzien'. Het is een belediging voor vrouwen. Laatst nog stelde ik aan een tijdschrift een prachtig model voor, echt een heel mooie vrouw. Dan is het: 'Sorry, ze past niet in de kleren.' Verschrikkelijk. Ze was wel slank, maar geen skelet.'

Hoe gaat u daartegen in? Weigert u bijvoorbeeld om met veel te dunne of piepjonge modellen te werken?

'Welnee, ik werk met alle modellen. Het is helemaal niet mijn bedoeling om de wereld te redden, ik signaleer het alleen. Net zoals ik signaleer dat het vak enorm veranderd is sinds de digitale fotografie. Vroeger was het iets intiems, een foto maken, iets tussen fotograaf en model. Nu kijkt iedereen mee op de set; de foto's staan meteen op een beeldscherm, dus kan iedereen zich ermee bemoeien. Dan gaat een moderedactrice aanwijzingen geven aan het model, terwijl ik sta te fotograferen. 'Doe eens dit, neem eens dat standje in, kan het hoger, lager?' Je reinste belediging vind ik het.'

Hoe gaat u daarmee om?

Lachend: 'Ik zeg gewoon: shut up!'

U zegt ergens: modefoto-grafen moeten hun verant-woordelijkheid nemen, al die beelden van veel te dunne, totaal gephotoshopte model-len in rare poses maken vrouwen alleen maar ongeluk-kig. Maar misschien zijn uw foto's van frisse, make-uploze, zogenaamd echte, maar altijd beeldschone vrouwen wel intimiderender voor gewone vrouwen.

'Jee. Wat moet ik daar nu op zeggen? Er zijn nu eenmaal heel mooie vrouwen op de wereld. Dat is misschien niet eerlijk, maar er zijn ook zoveel mannen die er beter uitzien dan ik. De jongen die het zwembad schoonmaakt bij mijn hotel is heus een stuk knapper dan ik. Of een schrijver als Paul Auster, nog erger, die is én mooi en hij heeft hersens. Daar moet ik ook mee leven.'

Een recensie over Weird Beauty, een tentoonstelling in Londen van hedendaagse modefotografie, begint met de volgende zin: 'Iedere vrouw weet waar modefoto's in bladen voor bedoeld zijn: om dingen (kleren, schoenen, tassen, lipsticks) te verkopen die we willen hebben.'

'Natuurlijk. Zo werkt het. Ook mijn artistiekere foto's maken deel uit van het systeem. En ik begin dat systeem steeds idioter te vinden, ik begin zelfs de demonstranten tegen het kapitalisme te begrijpen. Want de enigen die van het systeem profiteren zijn de grote bedrijven, die alles in China laten maken.'

U zit in het hart van die industrie.

'Wat moet ik doen? Geen foto's meer maken? Ik heb altijd van mezelf gedacht dat ik een rol speel, niet dat ik echt deel uitmaak van dat systeem. Maar misschien is dat mijn eigen kleine privé-illusie. Als je je ogen wilt sluiten, doe je dat.'

De tentoonstelling Peter Lindbergh is tot en met 29 januari te zien in het FotoMuseum in Antwerpen, www.fotomuseum.be. Foto's van Lindbergh zijn o.a. te koop bij Galerie Geukens & De Vil in Antwerpen, geukensdevil.com. Prijzen variëren van 35 duizend tot 50 duizend euro.


Tussenstuk:
Vernieuwer en ontdekker

Peter Lindbergh (1944) is een Duitse modefotograaf en filmmaker. Met zijn pure zwart-witfoto's brak hij in de jaren tachtig radicaal met de traditie van de afstandelijke modefotografie. Hij is de ontdekker van supermodellen als Linda Evangelista en Christy Turlington. In 1995 en in 1997 werd Lindbergh bij de Internationale Fashion Awards in Parijs uitgeroepen tot beste modefotograaf.
 

IRP:   Die modellen, onopgemaakt, allemaal dezelfde koppen.



Naar Psychologische krachten  , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of naar site home .
 

[an error occurred while processing this directive]