De Volkskrant, 16-02-2011, door Malou van Hintum 20 feb.2011

Interview | Andrť Aleman, hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie

'Iedereen ziet weleens dingen die er niet zijn'

Andrť Aleman onderzoekt hersenspinsels, wanen en hallucinaties. Bij schizofrenen, bij gezonde mensen en bij gelovigen.

Tussentitel: Als je mensen zegt dat ze iets gaan horen, dan horen ze het ook

Ik? Gek? Natuurlijk niet. We mogen allemaal weleens een griepje hebben, een keer een been breken, last hebben van te hoge bloeddruk, maar gek? Nou vooruit, overspannen dan. We zijn weleens overspannen.

Andrť Aleman (1975) lacht. 'Het woord 'overspannen' kennen psychiaters niet. 'Gek' trouwens ook niet. Overspannen mensen hebben meestal een psychiatrisch probleem: ze hebben een depressie, of ze zijn angstig. Overspannen is een camouflagewoord, maar ik heb er niets op tegen als mensen het zo gebruiken.' De hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie aan het Universitair Medisch Centrum Groningen doet al jaren onderzoek naar hallucinaties bij schizofrenen en gezonde mensen. Hij schreef het boek Hersenspinsels. Waarom we dingen zien, horen en denken die er niet zijn.

'We' - u ook?
'Ik hoorde een keer mijn naam roepen vlak voordat ik insliep: een hypnagogische hallucinatie. Dat komt bij 30 procent van de mensen voor: op de grens van slapen en waken zien of horen ze iets wat er niet is. Bij mij was het een vrouwenstem die leek op die van mijn moeder. Het kan een soort herinnering zijn geweest, onbewust.'

Vond u dat niet raar?

'Ik vond het interessant, ook omdat ik wist dat het geen kwaad kan. Eťn keer ben ik wel erg geschrokken. In de zomer. Ik was aan het verhuizen en flink gestresst. Ik liep naar buiten en hoorde ineens stemmen boven me. Dit gaat mis, dacht ik. Mijn dochter had het raam opengezet en de radio stond aan. Dat had ze nog nooit eerder gedaan.'

We hoeven niet te schrikken van zulke ervaringen?

'17 procent van de gezonde mensen hoort of ziet weleens iets wat er niet is, of heeft een meer dan gewone achterdocht. Psychiaters dachten tot begin jaren negentig dat zulke mensen symptomen van geestesziekte hadden. We weten nu dat slechts 3 procent van de bevolking een psychotische stoornis krijgt. Toch is de kans om schizofrenie te krijgen bij die 17 procent tien keer groter dan bij mensen die zulke ervaringen nooit hebben. Dus volslagen onschuldig is het niet. Dat heeft alles te maken met stress, en of die stemmen negatief zijn. Zo zegt nagenoeg geen gezond mens dat hij weleens de stem van de duivel heeft gehoord. Bij schizofreniepatiŽnten is dat 5 tot 10 procent.'

Waar komen hallucinaties bij gezonde mensen vandaan?

'In heel veel gewone waarnemingen komt zo'n 30 procent van jezelf, waarmee ik bedoel dat voorkennis en verwachtingen je waarneming sturen: dat is het topdownnetwerk in je hersenen, waar onze opgeslagen kennis ligt. 70 procent, het bottom-up-netwerk, is informatie die rechtstreeks via de zintuigen binnenkomt.

'Die netwerken kunnen wat losser van elkaar komen te staan, en dat is wat je ziet bij schizofrenie. Het top down-netwerk is minder verbonden met het bottom up-netwerk van de waarneming. Zet je die mensen in een omgeving waar ze niets horen of zien, dan gaat het netwerk dat aan je zintuigen is verbonden, zwijgen, want er komt geen informatie meer binnen. En dan gaat het andere netwerk het overnemen. Dat gaat dan toch op zoek naar waarnemingen.'

En dan?

'Bijna iedereen gaat dan dingen zien en horen die er niet zijn.'

Daarom durf ik niet in zo'n geluid- en lichtloze floattank.

'Ik ook niet. Ik werd al claustrofobisch in de scanner, dus zo'n tank lijkt me helemaal niks. Een collega van me heeft het wel gedaan. Hij zag kleuren.'

Mensen kunnen ook gaan hallucineren door slaaptekort. Waardoor nog meer?

'Suggestie helpt heel goed. Als je mensen zegt dat ze iets gaan horen, dan horen ze het ook. Zeker als je een soort ruis aanbiedt, daar horen ze heel vaak dingen in.

'Er is ook een experiment gedaan waarbij gezonde proefpersonen een scherm met dertigduizend stippen voor zich kregen. Daar kwamen in tien minuten tijd heel langzaam vijftig witte en zwarte stippen bij. De proefleiders zeiden: je zult gaandeweg patronen zien, en wil je ons vertellen wat je ziet. Ze zagen er van alles in: dieren, gezichten. Terwijl die stippen volstrekt willekeurig werden toegevoegd. Iemand zag zelfs een hart met een pijltje erdoor.

'Die topdowncomponent, dat betekenis geven op basis van voorkennis, is bij mensen heel goed ontwikkeld en werkt ook heel snel. Computers kunnen dat veel minder goed, daarom zijn ze ook zo slecht in object- en spraakherkenning. Maar bottom-up, het puur registreren, kunnen computers beter dan wij. Dat is alleen al een bewijs dat we heel zwaar leunen op informatie uit onszelf. Een cruciaal verschil tussen ons en andere diersoorten is dat we overal betekenis aan geven. Schizofrenie is een ziekte die daar voor een deel over gaat.'

Wanneer wordt de kritische grens overschreden en is sprake van een geestesziekte?

'Psychiaters kijken of iemand nog functioneert of niet. Dat is meestal wel duidelijk. Ik denk dat het met twee dingen te maken heeft. Ofwel de hallucinaties zijn te indringend en komen heel vaak voor. Ofwel, en dat geldt voor wanen, je kunt de standpunten van anderen niet meer betrekken bij jouw besef van de werkelijkheid en je gaat alleen nog maar af op je eigen beleving.

'Mensen praten in het dagelijkse leven erg veel met elkaar, de zogeheten smalltalk. Daardoor blijf je op ťťn lijn met je omgeving. SchizofreniepatiŽnten pikken de sociale signalen van anderen vaak niet eens op, en raken daar dus al gauw los van.'

Zijn ze ook emotioneel minder gevoelig dan gezonde mensen?

'Omdat schizofreniepatiŽnten minder emotie uiten met hun gezicht en in hun spraak, is dat wel lang gedacht. Maar uit onderzoek van de laatste tien jaar blijkt juist dat ze mťťr emoties ervaren dan gezonde mensen.'

Waarom komen die er dan zo moeilijk uit?

'Delen van de hersenen zijn betrokken bij de expressie van emoties, en andere delen bij de subjectieve ervaring daarvan. Het zou kunnen dat bij schizofreniepatiŽnten het deel voor de expressie en de herkenning als het ware stuk is. Op MRI-scans zien we bij patiŽnten een gemiddeld 6 procent kleinere amygdala, het hersengebiedje dat een belangrijke rol speelt bij emotieregulatie. Dat is bevestigd door post mortem-onderzoek.

'Iets anders wat bij schizofrenie vermoedelijk een rol speelt, is alexithymie. Dat betekent letterlijk: zonder woorden voor gevoelens. Dat is een persoonlijkheidstrek die bij 10 procent van de bevolking voorkomt. Zulke mensen hebben niet alleen moeite om over hun emoties te praten, maar ook om ze te identificeren: ze wťten ook niet zo goed wat ze voelen. Mannen hebben daar wat vaker last van dan vrouwen. Die 10 procent heeft een veel hoger risico op depressie, schizofrenie, angststoornissen en somatisatie: lichamelijke klachten waarvoor geen medische verklaring is, zoals chronische vermoeidheid of fibromyalgie (onverklaarbare spierpijn, red.).'

Hoe gaan schizofreniepatiŽnten zelf met hun stoornis om?

'Je ziet vaak dat ze naast wanen en hallucinaties ook cognitieve stoornissen hebben: aandachts-, geheugen- en concentratieproblemen. Zo'n 15 procent functioneert zo slecht dat ze zijn opgenomen, die doen heel weinig overdag. Dan heb je mensen die redelijk functioneren met een baantje voor een paar dagen in de week, zoals postbode, waarbij ze begeleiding krijgen. En eenderde van de patiŽnten herstelt. Vroeger dacht men dat dat niet kon, maar het kan wel.'

Toch is stigmatisering van schizofreniepatiŽnten nog een groot probleem, schrijft u. Waaruit blijkt dat?

'Uit onderzoek is gebleken dat de stigmatisering in verschillende landen eerder toe- dan afneemt, ook in Nederland. In veel Europese landen is een verrechtsing opgetreden, en bestaat meer weerstand tegen vreemde mensen. Ik kan me voorstellen dat zo'n verrechtsing samengaat met stigmatisering.'

Er is toch wel een verschil tussen vreemdelingen zoals buitenlanders en psychiatrische patiŽnten?

'Ik denk dat je in het algemeen kunt zien dat een verrechtsing van het denken niet samengaat met meer oog voor zwakkeren in de samenleving. Dat is vaak toch beter ontwikkeld bij groeperingen met linkse ideeŽn.'

Volgens dat stigma zouden mensen met schizofrenie agressief zijn en onvoorspelbaar. Dat klopt toch ook wel een beetje?

'Dat klopt een klein beetje.'

Zulke mensen wil je toch niet als werknemer?

'Cultuur heeft veel te maken met conventies. Mensen willen weten waar ze aan toe zijn, het gedrag van anderen moet voorspelbaar zijn. We voelen ons heel ongemakkelijk als iemand ineens vreemd gaat doen. Bij schizofreniepatiŽnten denken mensen dat ze onvoorspelbaar zijn, en dat vinden ze eng. Soms is dat ook zo, maar in de praktijk valt dat heel erg mee.

'De meeste patiŽnten zijn ook niet agressief. Als je beseft dat schizofreniepatiŽnten mensen zijn zoals jij en ik die wat andere ideeŽn hebben door hun mentale gesteldheid, dan kun je een andere houding tegenover hen aannemen.'

U schrijft dat religieuze activiteiten hallucinaties kunnen uitlokken. De rozenkrans bidden is niet zonder gevaar?
'Het gaat dan meer om iets als het sjamanisme, waarbij hallucinatoire middelen worden ingenomen. Mensen die religieuze hallucinaties rapporteren, horen waarschijnlijk bij die 10 procent van de bevolking die weleens stemmen hoort. Omdat zij religieus zijn, gaat het bij hen om religieuze stemmen.'

U bent zelf gelovig. Is geloven in God niet ook een soort waan?
(lacht) 'Dat kun je mij natuurlijk niet vragen, want als iemand echt een waan heeft, zal hij dat krachtig ontkennen. De psychiatrische definitie van een waan is dat je iets denkt wat niet klopt, dat andere mensen in je omgeving die waan niet delen, en dat je disfunctioneert in je dagelijkse leven.
    'Geloven is dan geen waan, want het grootste deel van de wereldbevolking denkt dat er iets meer is. In een land als de Verenigde Staten, dat wetenschappelijk voorop loopt, is maar 10 procent van de mensen atheÔst. Als je de psychiatrische definitie van een waan hanteert, is atheÔsme eerder een waan dan in God geloven.'

Alle gekheid op een stokje: laten wetenschap en geloof zich wel verenigen?
'De 20ste-eeuwse mythe van nu is dat geloof en wetenschap niet samen zouden kunnen gaan. Dankzij de vooruitgang van de wetenschap zouden we nu weten dat het idee dat God bestaat, achterhaald is. Maar wetenschap kan bevestigen noch ontkennen dat God bestaat, omdat dat buiten het bereik van de wetenschappelijke methode valt. Je kunt Hem niet meten.'


Andrť Aleman. Hersenspinsels. Waarom we dingen zien, horen en denken die er niet zijn. Atlas; 224 pagina's; Ä 19,95; ISBN 978 90 450 1726 6.

 

Tussenstuk:
CV

Andrť Aleman (Leiden, 1975)

1993-1997  Studie psychologie aan de Universiteit Utrecht, richtingen neuropsychologie en biologische psychologie.

1998- 2001  Promotieonderzoek naar hallucinaties bij schizofrenie.

2001  Vernieuwingsimpuls-subsidie van NWO (1,5 miljoen gulden) voor onderzoek naar emotionele stoornissen bij schizofrenie.

2005

Onderzoeker bij de afdeling Neurowetenschappen van het Universitair Medisch Centrum Groningen en het Neuroimaging Center van de Rijksuniversiteit Groningen.

2006  European Young Investigator Award (1,2 miljoen euro) van de European Science Foundation (ESF) voor onderzoek naar ziekte-inzicht bij mensen met een psychose. Aleman is auteur van meer dan 130 internationale wetenschappelijke artikelen en drie boeken.

2007  Benoeming tot hoogleraar aan de RUG op de leerstoel Cognitieve neuropsychiatrie.

2008  Nevenaanstelling bij de afdeling psychologie van de faculteit Gedrag- en Maatschappijwetenschappen van de RUG.



Naar Religie en psyche , Psychologie lijst , Psychologie overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]