De Volkskrant, 30-05-2015, door Margreet Vermeulen .2010

Is pedofilie zichtbaar in het brein?

Is pedofilie zichtbaar in het brein? Of, van iets andere orde: kun je jezelf geestelijk fit trainen? In 'Kijken in het brein' scheiden drie jonge hersenonderzoekers, goed voor honderden hersenscans, de waan van de zin in hun vakgebied.

Sandra van Aalderen (38) studeerde biologische psychologie en is gepromoveerd in de cognitieve neurowetenschappen (2007) aan onder meer het FC Donders Centre for Cognitive Neuroimaging. Sinds 2009 leidt zij onderzoeksprojecten die tot doel hebben de (neuro)wetenschap te gebruiken om het onderwijs te verbeteren.

Neurowetenchapper Nienke van Atteveldt (37) promoveerde in 2006 op onderzoek naar hoe schrift aan spraak wordt gekoppeld in de hersenen. In 2007 ontving ze een Veni-subsdie voor onderzoek naar hoe het brein hetgeen we zien verenigt met wat we horen. Sinds 2014 doet ze onderzoek aan de VU naar de wisselwerking tussen wat leerlingen denken te kunnen en hun hersenontwikkeling.

Meike Grol (38) promoveerde in 2008 aan de Universiteit Utrecht en het FC Donders Centre for cognitive NeuroImaging. Daarna specialiseerde ze zich in de analyse van fMRI-scans. Sinds 2010 schrijft ze over wetenschap en onderwijs en werkt ze aan een roman.

Met elke hamburger krimpen je hersenen. Sudoku's houden je brein fit. Vrouwenbrein: ongeschikt om mee in te parkeren. Hersenscan verraadt pedofiel. Creatieve mensen denken met hun rechterhersenhelft. Sinds de wetenschap in het brein van levende mensen kan kijken - met PET- en MRI- en DTI-scans - regent het dit soort 'nieuwtjes' waar soms een kleine kern van waarheid in zit, maar vaak ook niet. Drie jonge, vrouwelijke hersenonderzoekers besloten een boek te schrijven om de waan van de zin te onderscheiden. En uit te leggen hoe het wel zit - zodat u straks zelf het kaf van het koren kunt scheiden.

Kijken in het brein heet het boek. En dat is precies wat de drie auteurs een groot deel van hun carrière hebben gedaan. En nóg doen in het geval van Nienke van Atteveldt, die via de scanner in het brein keek van pakweg 200 proefpersonen. Meike Grol scande zo'n 80 breinen. Sandra van Aalderen keek onder de schedel van 30 vrijwilligers.

De pedoscan (leg een man in de scanner en je 'herkent' de pedofiel) is volgens de drie dames een mooi voorbeeld van neuronieuws dat de plank misslaat.





© Science Photo Library

Van Atteveldt: 'Er zijn studies die op groepsniveau laten zien dat mannen met een pedofiele oriëntatie gemiddeld andere hersenactiviteit laten zien als ze plaatjes van blote jongens bekijken dan mannen die geen pedofiele gevoelens hebben. Maar dat zegt weinig over het individu.'

De crux zit 'm in het woordje gemiddeld, legt Van Atteveldt uit. 'Mannen zijn gemiddeld langer dan vrouwen, maar iemand van 1.80 hoeft natuurlijk geen man te zijn.'

Er is slechts één studie naar het 'pedofielenbrein' waarbij geprobeerd is iets verder te gaan dan de groepsverschillen en per individu te bekijken in hoeverre de reactie in het brein lijkt op het pedofiele patroon. De Duitse onderzoeker Jorge Ponseti scande in 2012 24 pedofiele en 32 niet-pedofiele mannen tijdens het kijken naar plaatjes van blote kinderen en dito volwassenen. Van de 24 pedofielen werden er 21 wel 'herkend' en 3 niet. De 32 niet-pedofielen werden allemaal 'herkend' als niet-pedofiel. Het enthousiasme over deze uitkomst vinden de drie breinspecialistes voorbarig.





Verhalen over pedoscans zijn gevaarlijk
— Van Atteveldt
Van Atteveldt: 'Het ging om slechts 32 proefpersonen. Houdt de methode ook stand bij duizend proefpersonen? Houdt hij ook stand als je het onderzoek nét iets anders uitvoert? Dat wil je weten.'

Grol: 'Maar zelfs dan weet je niet precies hoe je die hersenactiviteit moet aflezen. Is het opwinding? Of is het schaamte, vertedering? Je weet nooit met zekerheid door welk proces of welke emotie een gebied geactiveerd wordt, omdat elk hersengebied betrokken is bij vele functies. En je weet al helemaal niet of een man met pedofiele gevoelens die in de praktijk gaat brengen. Niet alle mannen met pedofiele gevoelens doen iets met die neiging.'

Van Atteveldt: 'Daarom zijn die verhalen over pedoscans best gevaarlijk. Er wordt her en der al gepleit voor het scannen van crèchemedewerkers of onderwijzend personeel. Maar je kunt geen mensen uitsluiten van bepaald werk op grond van een scan die niets zegt over toekomstig gedrag.'


Toch wapperen steeds meer advocaten met hersenscans in de rechtszaal om aan te tonen dat hun cliënt minder toerekeningsvatbaar is. Neuroloog Jansen Steur die jarenlang verkeerde diagnoses stelde, zou een hersenafwijking hebben als gevolg van een auto-ongeluk. En de breinscan van de afperser van John en Linda de Mol zou frontaalkwabdementie laten zien. 'Een scan van één brein zegt eigenlijk niets', vinden de drie onderzoeksters. Van Atteveldt: 'Elk brein is zo anders dat het moeilijk is te zeggen of iets in de anatomie of activiteit afwijkend is. Laat staan dat je iets kunt zeggen over het effect op gedrag.'





© Science Photo Library

Van Atteveldt: 'Jazeker. Vooral bij aandoeningen als ADHD en autisme is het interessant om te zien dat ze als groep gemiddeld (iets) anders reageren op taken dan gezonde vrijwilligers. Zo kun je kennis opbouwen over de onderliggende mechanismen van bepaalde aandoeningen. Maar je kunt niet een individueel kind in de scanner leggen en zeggen; hé, die heeft ADHD of autisme. Dus wij schrikken ervan dat er in de VS commerciële klinieken zijn die zeggen dat ze op twintig stoornissen kunnen scannen. Die kant moeten we niet op.'

Wie de claims van sommige onderzoekers op waarde wil schatten, moet behoorlijk op zijn qui-vive zijn, zo blijkt uit Kijken in het brein. Zo beweerden Britse onderzoekers in 2010 fMRI-methodes te hebben ontwikkeld die met 90 procent zekerheid autistische personen kon herkennen. Dat lijkt een doorbraak, maar zegt eigenlijk maar weinig. Stel dat van 1.000 mensen er 10 autistisch zijn (het is lager, maar dit rekent makkelijk), dan hebben de onderzoekers er 9 goed. Maar die 90 procent zekerheid (dus 10 procent fout) betekent ook dat van de 990 niet-autisten er liefst 99 ten onrechte als autist worden bestempeld. Dat verkleint de voorspellende waarde van de test aanzienlijk.


Moderne hersenonderzoekers hameren op het belang van training om je brein fit te houden. Wat vinden jullie daarvan?

Grol: 'Je brein gebruiken is altijd beter dan op de bank voor de tv hangen. De hersens van input voorzien is sowieso prima. Maar als je de hele dag sudoku's gaat oefenen word je niet beter in van alles en nog wat: je wordt beter in sudoku's. Meer niet.'

Van Atteveldt: 'Je voorkomt er geen alzheimer mee.'

Grol: 'Neemt niet weg dat je het brein echt kunt trainen. Het brein is geen spier, maar door alsmaar te oefenen maak je bepaalde verbindingen sterker of sneller en word je beter in dat waar je mee bezig bent. Dat zeg ik ook altijd tegen mijn zoontje van 6 als iets niet meteen lukt en hij de handdoek in de ring wil gooien. Proberen is leren. Door te oefenen verandert er echt iets in je brein.'


Op internet verschijnt soms ongevraagd een ronddraaiend danseresje. Als je meent dat ze linksom draait, is je linkerhersenhelft dominant en ben je vooral rationeel van aard. Als je haar rechtsom ziet draaien, is je rechterhersenhelft de baas in je brein en ben je creatief. Klopt daar iets van?

Grol: 'Dat is een van de hardnekkigste mythen die er is. Er zijn zelfs cursussen om je linker- en rechterhersenhelft met elkaar te verbinden. Stel je voor.'

Van Atteveldt: 'Als de twee helften niet verbonden zijn, heb je een probleem hoor! Er loopt een heel dikke baan tussen de twee hersenhelften die bijna net zo groot is als een hersenhelft. Er is voortdurend interactie en communicatie. Uit geen enkel onderzoek blijkt dat een van de twee gebieden dominant zou kunnen zijn.'


Welke kant danst ze op?

Van Atteveldt: 'Het is een afbeelding op een plat vlak oftewel tweedimensionaal. Het brein probeert er een driedimensionale pirouette van te maken, maar daarvoor heeft het eigenlijk te weinig informatie. En wat doet het brein dan? Het vult de ontbrekende informatie in - onder meer op grond van eerdere ervaringen. Zo werken de hersenen.'




© Science Photo Library


Grol: 'We willen met dit boek geen grote stellingen betrekken, maar het grote publiek helpen de waarde in te schatten van de imaging-technieken. We willen mythes ontkrachten, maar ook laten zien dat het hersenonderzoek meer is dan een hype en echt veel mogelijkheden biedt.'

Want ondanks hun bedenkingen bij sommige toepassingen, zijn de drie schrijfster overtuigd van het nut van hersenscans. Het laatste hoofdstuk van Kijken in het brein gaat over neurokansen in bijvoorbeeld het onderwijs en het strafrecht, maar vooral voor de psychiatrie. Van Atteveldt: 'Er wordt steeds meer bewijs gevonden dat er bij aandoeningen als schizofrenie of adhd er niet één dingetje in het brein anders is, maar dat er bij verschillende patiënten verschillende systemen zijn aangedaan. Met die kennis kunnen we op den duur beter voorspellen welke behandeling het beste past bij een individuele patiënt. De psychiatrie werkt nu nog met een lijstje symptomen per aandoening. Als je pakweg zeven van de tien symptomen hebt, ben je dus ziek. Dat is een heel grove maat, zeker als je medicijnen wil voorschrijven.'

Kijken in het brein is uitgegeven bij Querido en kost 18,99 euro.




MRI/fMRI/DTI?


MRI staat voor Magnetic Resonance Imaging, beeldvorming met behulp van magnetische resonantie. Een MRI-scan toont de anatomie van het brein. Is het groot of klein, veel witte of grijze stof etc. Een fMRI-scan is een functionele scan. Dat betekent dat de proefpersoon in de scanner taken moet uitvoeren zodat de onderzoekers de activiteit in de hersenen kunnen meten. De MRI-scanner kan ook gebruikt worden voor DTI-scans die de verbindingen tussen de hersengebieden in kaart brengen. DTI staat voor Diffusion Tension Imaging, die de verplaatsing van watermoleculen meet. Na het maken van de scans wordt er vaak een jaar of langer gewerkt aan het berekenen, analyseren, corrigeren en statistisch bewerken van de uitkomst.


Web:
TT:
 

IRP:  


Naar Wetenschap lijst , Sociologie lijst , Sociologie overzicht , of naar site home .

[an error occurred while processing this directive]