De Volkskrant, 24-11-2014, door Marijn van Dijk, studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam en volgde de Master Leraar Voorbereidend Hoger Onderwijs aan de VU .2010

Lerarenopleiding doodt alle talent en motivatie

De universitaire leraren-opleiding heeft geen inhoud en duldt geen kritisch denkvermogen.


Tussentitel: Student wordt onderworpen aan praatgroepjes en rollenspellen

Aan de universiteit waar ik Nederlands studeerde, kende iedereen de verhalen over de lerarenopleiding. 'Kennis is geen ziekte, het is niet overdraagbaar' kregen studenten daar als levensgrote waarheid gepresenteerd. Of ze moesten een toverstafje doorgeven en antwoord geven op de vraag: 'Welk sprookje voel jij je vandaag?' Tergen-de intervisiesessies golden samen met oneindig schriftelijk reflecteren als bespottelijke karikatuur van de opleiding.

Sommige studiegenoten die zich aan de lerarenopleiding waagden, zagen we met eigen ogen afbranden, een geïnspireerde blik doofde binnen enkele maanden uit. Anderen haalden de eindstreep op hun laatste krachten en vervuld van woede en rancune tegenover hun opleiders. Maar de meeste studenten haalden het niet in hun hoofd ook maar aan de lerarenopleiding te beginnen.

Afgelopen zaterdag stelde Aleid Truijens in haar column de vraag waarom studenten met een universitair diploma niet voor het leraarsvak kiezen. De normale route is om na het masterdiploma in het eigen vakgebied, de universitaire lerarenopleiding te volgen, een eenjarige Master die voor de helft uit een stage bestaat. Dat die stage een praktisch karakter heeft, zal niemand verbazen. Wat daarentegen een complete cultuur-shock oplevert, is het deel van de lerarenopleiding dat aan de universiteit wordt gegeven.

Je zou verwachten dat eerstegraadsdocenten hier een gedegen bagage meekrijgen op het gebied van pedagogiek en didactiek. Van onderwijs op universitair niveau is aan de lerarenopleiding echter geen sprake. In plaats daarvan wordt de student onderworpen aan praatgroepjes, rollenspellen, alternatieve werkvormen en een onwaarschijnlijke hoeveelheid dossieropdrachten waarin hij zijn competenties moet bewijzen.

Competenties staan in de lerarenopleiding centraal. Wat competenties zijn, is vastgelegd in enorme verzamelingen hokjes, 'rubrics' genaamd. Competenties gaan over gedrag, ze gaan niet over inhoud. Een competente docent kan bijvoorbeeld sturing geven aan het groepsproces in de klas door hier de opstelling van tafels en stoelen op af te stemmen.


?

Wie vers van de universiteit voor de klas komt te staan heeft veel meer behoefte aan praktische kennis dan aan quasi-psychotherapeutisch zelfonderzoek


Inhoud

De student die aan de universiteit gewend was inhoudelijk met zijn vak bezig te zijn en zich erop verheugde deze inhoud aan leerlingen over te brengen, komt bedrogen uit. Wat hij ook aan inhoudelijke ideeën in zijn dossieropdrachten laat zien, het zal hem nooit enige waardering opleveren, want inhoud komt in de rubrics niet voor.

Ik zal een voorbeeld geven van een dossieropdracht: 'Maak een beschrijving van jouw communicatie met klassen, het houden van orde en de manier waarop jij leiding geeft. Wat typeert jou als uitvoerder van onderwijs?' Hierbij wordt een uitvoerig onderzoek gevraagd met leerling-enquêtes, feedback van begeleiders en collega's en zelfreflectie. De ervaring van de meeste docenten is dat het enkele jaren duurt om het houden van orde in de vingers te krijgen. Daarom is het onzinnig een dergelijke opdracht te geven aan studenten die net een paar maanden stage lopen.

Wie vers van de universiteit voor de klas komt te staan heeft veel meer behoefte aan praktische kennis dan aan quasi-psychotherapeutisch zelfonderzoek. Mijn ervaring is dat de universitaire opleiding Nederlands inhoudelijk mijlenver af staat van het schoolvak. Marc van Oostendorp stelde afgelopen maandag in NRC Handelsblad bovendien dat de inhoud van het schoolvak Nederlands weinig met de werkelijkheid heeft te maken. Het examen is, zoals hij stelt, alleen te maken door het kritisch denkvermogen uit te schakelen.


Geen ruimte voor kritiek


?

Studenten met inhoudelijk talent worden door het beoordelingssysteem van de rubrics niet gewaardeerd, maar gereduceerd

De universitaire lerarenopleiding is bij uitstek de plaats waar kritisch moet worden nagedacht over de inhoud van het schoolvak. Op dit moment moet de docent in opleiding die inhoud zelf maar ontdekken aan de hand van de lesmethode waarmee de leerlingen werken, terwijl hij door universitaire docenten wordt beoordeeld op de effectiviteit van zijn lichaamstaal. Dat praktische aspect van het lesgeven, het fysieke voor de klas staan, moeten alle docenten onder de knie krijgen, ongeacht hun graad van bevoegdheid. Maar het verschil tussen een eerstegraads- en tweedegraadsdocent zou gemaakt moeten worden aan de universiteit. Daar moeten studenten worden opgeleid tot kritische denkers, zodat docenten in het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs die denkwijze kunnen overbrengen aan hun leerlingen.

De huidige opleidingscultuur aan de lerarenopleiding laat geen enkele ruimte voor kritiek. Ook docenten in opleiding moeten, zoals Van Oostendorp stelt, hun verstand uitschakelen. Een systeem waarin rubrics de dienst uitmaken gaat niet samen met inhoudelijk kwalitatief onderwijs.

Een van de belangrijkste aspecten van onderwijs laat zich niet reduceren tot gedrag en dat is motivatie. Motivatie komt van binnenuit. Met inhoudelijke kwaliteit boort de docent inhoudelijke kwaliteit van leerlingen aan. De beruchte 6'jes-cultuur en de competentiecultuur binnen het onderwijs gaan hand in hand. Wie af wil van het een, zal ook afstand moeten nemen van het ander.

De competentiecultuur functioneert als een effectief filter voor inhoudelijke kwaliteit. Studenten met inhoudelijk talent worden door het beoordelingssysteem van de rubrics niet gewaardeerd, maar gereduceerd. Het is logisch dat zij hiervoor bedanken. Daarmee gaat een stroom talent voor het onderwijs verloren.

Universitair geschoolde studenten halen hun neus, in de woorden van Truijens, niet op voor het leraarsvak, maar wel voor een inhoudsloze opleidingscultuur waarin het kritisch denkvermogen wordt uitgeschakeld en niet verder wordt gekeken dan de rubrics lang zijn.

Marijn van Dijk studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam en volgde de Master Leraar Voorbereidend Hoger Onderwijs aan de VU.



Naar Wetenschap lijst , Sociologie lijst , Sociologie overzicht , of naar site home .

[an error occurred while processing this directive]