De Volkskrant, 23-01-2012, door Peter Zilahy, een in Boedapest geboren schrijver en dichter. .2010

De nasmaak van het goulash-communisme

In de jaren tachtig waren we allemaal onbelangrijk, maar wel gelukkig. Nu is een nieuw tijdperk aangebroken. De veranderingen zullen van onderop komen.

Tussentitel: Eťn ding staat vast: we kunnen de Sovjetunie niet langer de schuld geven

 
Het Nationaal Museum in het Boedakasteel, waar ooit de Hongaarse koningen verbleven, was een toepasselijke locatie voor de officiŽle viering van de nieuwe grondwet van Hongarije.

De regering had gevraagd om een tentoonstelling van honderd kunstwerken om duizend jaar Hongaarse staat te verbeelden 'om onze voorouders op te houden als een schild tegen het cynisme', zoals minister-president Viktor OrbŠn in zijn openingstoespraak zei. De directeur van het Nationaal Museum was er niet bij. Die had op 31 december, de dag voordat de nieuwe grondwet in werking trad, zijn ontslag ingediend.

Diverse kunstenaars en politici - aanhangers van OrbŠns partij Fidesz - waren er echter wel en konden zich dus verbazen over de vijftien nieuwe schilderijen die gebeurtenissen uit het meer recente verleden van Hongarije tot onderwerp hadden. Op het schilderij over de Eerste Wereldoorlog leek een cavalerieaanval van de Hongaarse huzaren meer op een uitstapje naar het platteland dan op een bloedbad. Mijn grootvader, een officier van het Oostenrijks-Hongaarse rijk, zou heel wat verhalen kunnen vertellen over de littekens en kogelgaten die zijn huid op een oude kaart van Europa deden lijken. Als ik mij een beeld probeer te vormen van de geschiedenis, zie ik altijd mijn opa zonnebaden op de veranda.

Met het magnifieke panorama van Boedapest op de achtergrond kondigde premier OrbŠn 'de wederoprichting van de Hongaarse staat' aan. Dat zou hem tot de nieuwe oprichter van Hongarije maken en ons allemaal tot getuigen van geschiedenis in wording. De feestvierders gingen vervolgens naar een gala in het Operagebouw, waar ze werden opgewacht door een al even opgewonden menigte van tienduizenden mensen die de minister-president opriepen om af te treden. Op een spandoek stond: Happy New 1984!

Hongaren verliezen ook in tijden van crisis hun gevoel voor humor niet. Zodra het minder goed gaat, lijkt de galgenhumor juist op te leven. Vijftigduizend demonstranten bestookten het feest in het Operagebouw met allerlei grappen, die naarmate het later werd steeds grover werden. De viering van de grondwet eindigde minder feestelijk dan zij was begonnen.

Geschiedenis is de opium van de mensen van Midden-Europa. De burgers moeten hun dagelijkse dosis hebben, anders gaan ze misschien over de toekomst nadenken. Voor het eerst in lange tijd lijkt het er nu echter op dat de geschiedenis de mensen weinig kan schelen. Ze zijn eerder bezorgd dat het land failliet gaat als de premier geen overeenkomst met het IMF sluit.

Wat had ik het bij het verkeerde eind toen ik eind jaren negentig, kort nadat Fidesz voor het eerst de verkiezingen won en een regering vormde, tegen een vriend zei dat we nu op weg waren om net zo'n saai welvaartsstaatje als Oostenrijk te worden. Ons brave buurland begon kort daarna aan een idioot, rechts-extremistisch experiment en de Europese Unie verbrak zelfs tijdelijk de banden met Oostenrijk. Rond dezelfde tijd begon de Hongaarse economie, ooit de motor van de regio, aan een lange, gestage neergang.

Om te begrijpen hoe mijn land in ongenade is gevallen, moeten we kijken naar de unieke weg die het heeft afgelegd tijdens de Koude Oorlog. Het was nooit de bedoeling dat Hongarije bij het Oostblok zou komen, want aanvankelijk had Stalin het land helemaal niet opgenomen in zijn plannen voor een Slavische broederschap van satellietstaten. De Hongaren zelf probeerden deze vergissing in 1956 recht te zetten met het grootste gewapende conflict waarmee de Sovjetunie in het naoorlogse Europa werd geconfronteerd. Helaas werden revoluties tegen die tijd in Europa als achterhaald beschouwd en Amerika hield liever de status-quo intact dan de wanhopige pogingen van een paar vrijheidslievende mensen te steunen.

Na deze teleurstelling en na jaren van terreur legde Hongarije zich uiteindelijk neer bij de harde feiten achter het IJzeren Gordijn.

Vanuit een systeem dat uit louter leugens bestond, werd een leefbaar alternatief geschapen dat Hongarije tot uithangbord van het socialisme maakte. De naburige politiestaten hadden na 1989 minder moeite met hun verleden, omdat radicale veranderingen onvermijdelijk waren en er toch niets te betreuren viel. Met zijn pseudodemocratisch goulash-communisme leek in Hongarije aanvankelijk een soepele overgang mogelijk. Het was echter niet direct duidelijk dat het oude systeem, gecamoufleerd als vrijhandel, het nog steeds goed deed, met al zijn verborgen methoden om de regels te omzeilen.

Eens te meer lukte het Hongarije niet om zich over oude glorie heen te zetten en dan heb ik het niet over het Oostenrijks-Hongaarse rijk. Als het land in de spiegel kijkt, ziet het zelfs na twee decennia kapitalisme nog steeds het 'menselijke gezicht' van het communisme dat met zijn buigzame moraal, onder-de-tafel-deals en stelsel van privileges Hongarije blijft plagen.

Nu al bijna tien jaar lang worden hervormingen steeds maar om politieke redenen uitgesteld. Onlangs heeft Fidesz een nieuwe regering gevormd die in feite genoeg macht heeft om de noodzakelijke veranderingen door te voeren en het land in de goede richting te sturen. Het is ook voor het eerst sinds lange tijd een land met een regering die een visie heeft op wie we zijn en waar we heengaan.

Hoe zijn ze er dan in geslaagd om binnen twintig maanden het halve land en de hele internationale pers tegen zich in het harnas te jagen? Waarom wordt Fidesz beschuldigd van dictatoriale neigingen, zelfs door conservatieve westerse media? En hoe kan het dat de reputatie van mijn land nu het diepst gezonken is sinds de Hongaarse invallen in Europa in de 10de eeuw? Omdat ze een plan hadden dat niet bleek te werken en nu moeten ze improviseren. Daardoor beginnen buitenlandse investeerders hun Hongaarse bezittingen af te stoten en staat de forint historisch laag. Wanneer mensen hun premier een verklaring zien afleggen en even later is het geld in hun zak minder waard geworden, dan gebeurt er iets.

Hongaren lijken het fantastisch te doen in revoluties, maar in vredestijd is dat een stuk minder. Ze hebben er twintig jaar over gedaan om erachter te komen dat democratie niet iets vanzelfsprekends is. De mensen hadden niet door wat persvrijheid voor ze betekende, tot een jaar geleden, toen ze dachten dat hij was afgeschaft. In 2011 is een reeks demonstraties georganiseerd door onafhankelijke burgers zonder steun van politieke partijen, en in iedere nieuwe demonstratie liepen weer meer mensen mee dan in de vorige. Als de regering morgen zou aftreden, zouden al deze burgergroeperingen zomaar kunnen verdwijnen. Premier OrbŠn had gelijk toen hij zei dat er mede dankzij hem een nieuw tijdperk aanbrak, maar de echte veranderingen zullen van onderop komen.

De overheid speelt een belangrijke rol in de hervorming van de Hongaarse samenleving door de burgers goede redenen te geven om op te komen voor de democratie. Wie deelneemt aan demonstraties tegen een autoritair bewind geeft blijk van een persoonlijk belang bij democratie, terwijl dat belang tot nog toe nogal abstract was. Als die mensen succes hebben, konden ze wel eens op het idee komen dat ze de toekomst in eigen hand kunnen nemen. Eťn ding staat vast: we kunnen de Sovjetunie niet langer de schuld geven.

In de jaren tachtig lag alles eenvoudig. De tijd stond stil, de regels waren duidelijk. Voor vrijheid van meningsuiting was geen ruimte, reisjes naar het buitenland waren er maar zelden en dan nog met grote tussenpozen, dictators waren echte dictators, de geheime politie was geen geheim en we waren allemaal onbelangrijk, maar vaak wel gelukkig. De machthebbers, de collaborateurs met het bezettingsleger: dat waren de slechten. De mensen die de straat opgingen met hun vuist in de lucht, dat waren wij: de goeden, en een van ons ging de politiek in en is nu de democratisch gekozen minister-president van het land, een lid van de Europese Unie. Wat je noemt een sprookje.

Maar het sprookje is uit. We moeten verder.


Red.:   Alfa-elite, plus media. ook: macht-woord. Zie ook over hetzelfde onderwerp Mariska OrbŠn (over Konrad) bij Media

Naar Alfa wereld , Politiek lijst , Politiek & Media overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]