De Volkskrant, 16-10-2010, column door Martin Sommer .2010

Au zeggen helpt de kunsten niet

Tussentitel: Een toegewijd publiek voelt zich inde steek gelaten

De kunstenwereld gordt zich aan voor het eerste verzet tegen het nieuwe kabinet. Begrijpelijk. Een vijfde tot een kwart van de kunstbegroting eraf, dat is nogal wat. Daarbij komt raar hakken zoals het afschaffen van het Cultureel Jongeren Paspoort. Wat bezuinig je daar nou mee? Het gesnij in de uitvoerende kunsten lijkt wel de wraak van een regering uit de provincie op de kosmopolieten in Amsterdam.

Maar verontwaardiging alleen is niet genoeg. Die agressie tegen de kunst komt ergens vandaan. Dat schreef Thije Adams, voormalig topambtenaar bij OCW vorige week in NRC Handelsblad. Zijn boodschap is niet welkom. De kunsten hebben zich de afgelopen decennia van het publiek afgekeerd. Voorheen waren er vrienden, tientjesleden, abonnees en begunstigers van toneelgezelschappen, orkesten, musea. Dat stelsel is eigenlijk verdwenen. Tegenwoordig richt de kunst zich vooral tot de geldschieter: de staat.

Die mag zich evenwel niet met de inhoud bemoeien, volgens het mooie afzijdigheidsbeginsel van Thorbecke. Het gevolg is dat de kunst vooral voor kunstenaars wordt bedreven en door kunstenaars wordt beoordeeld – wat de socioloog A. de Swaan ooit typeerde als kunstkunst. Het publiek is uit het zicht verdwenen en afgehaakt. Dat maakt, aldus Thije Adams, ‘onverschillige buitenstaanders’ tot ‘rancuneuze buitenstaanders’. En ‘als de overheid dan nog de Burger negeert, dan stemt die onmiddellijk op Geert’.

Nu kun je voor de geertstemmer je neus ophalen, en die neiging lijkt mij bij de boze kunstenaars groot.
Maar, zegt Thije Adams, er is ook een toegewijd publiek dat zich in de steek gelaten voelt door een sector die aan zichzelf genoeg heeft. Als dat gebeurt, en dat is gebeurd, dan brokkelt de motivatie om te blijven betalen onherroepelijk af. Lange tijd was de overheid onzeker genoeg om zonder al te veel tegenstribbelen de portemonnee te trekken. Nu is de pot leeg en komen, Geert of geen Geert, de lastige vragen. Au zeggen alleen helpt niet meer.

Precies dezelfde gang van zaken zie je elders in de gesubsidieerde wereld, bijvoorbeeld in de ontwikkelingshulp. Voorheen onderhielden organisaties als Hivos en Novib banden met geëngageerde mensen die graag meehielpen aan een betere mensheid. Gaandeweg nam de overheid de betaling over, terwijl de zaakwaarnemers er goede dingen mee deden. Liefst ongestoord. De sector isoleert zich, was het oordeel van Peter van Lieshout van de WRR, die begin dit jaar een kritisch rapport publiceerde. ‘Een gesloten systeem met als beginsel: er moet meer geld komen.’

Zijn rapport werd schoorvoetend positief ontvangen. ‘De sector’ leek bereid tot zelfkritiek. Maar nu de regering-Rutte officieel heeft opgeschreven dat het WRR-rapport van Van Lieshout leidraad wordt voor het regeringsbeleid, ziet men zijn kans schoon en is het een ‘rechts rapport’ geworden. Ook hier geldt: het zal niet helpen.

‘Baas in eigen huis, en het huis ten laste van de gemeenschap’, was de bijtende definitie van de socioloog J.A.A. van Doorn voor al die instellingen van het zogeheten middenveld. Tegenwoordig zijn ze ‘van niemand’ maar ze moeten wel worden bekostigd. Dan komen de virtuoze rechtvaardigingen waarbij zelfs niet-rancuneuze burgers zich vragen stellen.

Zo hoorde ik onlangs omroepbaas Jan de Jong tijdens een forum de opdracht van de publieke omroep samenvatten als ‘leiden, duiden, gidsen’. Dat klonk pretentieus, en vooral belegen. Vroeger stond boven het hoofdredactionele commentaar van de Volkskrant het kopje ‘ten geleide’. Dat verdween lang geleden, toen de redactie inzag dat de lezers zelf konden beslissen wat ze ergens van vonden. Afgezien van de vraag hoe dat ‘leiden, duiden, gidsen’ zich verhoudt tot Boer zoekt Vrouw – wie wil er geleid worden door de publieke omroep?

In de sector betaalde natuur waren de voormalige leiders, duiders en gidsers Winsemius en Veerman onlangs ook boos. De nieuwe regering dreigt te morrelen aan het plan Natura 2000, de Ecologische Hoofdstructuur en erger, er worden ‘robuuste verbindingen’ tussen verschillende natuurgebieden geschrapt.

Nu weet ik dat ze in de omgeving van Amsterdam al jaren doende zijn met zo’n robuuste verbinding, ik meen voor de noordse veldmuis. Die bevindt zich in een veldje te Aalsmeer, achter de studio van Joop van den Ende. En hij moet via een stippellijn op de kaart, langs industrieterreinen, onder snelwegen en langs het spoortalud, uiteindelijk terecht kunnen op een ruig terreintje bij Spaarndam. Van mij mag die muis. Maar het plan is natuurlijk wel een ecologische versie van de kunstkunst. Avantgarde-natuur.
 


Naar Alfa wereld , Politiek lijst , Politiek & Media overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]