De Volkskrant, 19-10-2012, door Peter Giesen .2011

Nederland is na´eve neokoloniaal

Nederland is Curašao liever kwijt dan rijk. Maar de chaos op het eiland dwingt Den Haag keer op keer tot ingrijpen. Op Curašao klinkt dan het verwijt van kolonialisme. Is er een oplossing?


Tussentitels: Met regering-Schotte werd de onderwereld de bovenwereld - Ronald van Raak - Tweede Kamerlid SP
Antillianen zien zichzelf als losers die weer door Nederlanders worden onderdrukt - Gert Oostindie - Directeur van het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde

Dit gebeurde de afgelopen weken in het Koninkrijk der Nederlanden: de vrachtwagens van een parlementariŰr die de regering ten val bracht, werden in brand gestoken. Een dag later werd de afgetreden premier beschuldigd van warme contacten met de Siciliaanse maffia. Deze opzienbarende ontwikkelingen trokken relatief weinig aandacht, omdat ze niet in Den Haag plaatsvonden, maar achtduizend kilometer verderop, op Curašao.

Het was niet de gedroomde uitkomst van de feestelijkheden op 10 oktober 2010, de magische datum 10-10-10, toen het Koninkrijk opnieuw werd ingericht. De Antillen werden ontmanteld, Curašao ging als zelfstandig land binnen het Koninkrijk verder. Nederland nam de schuldenlast over (1,7 miljard euro voor de gehele Antillen), zodat Curašao met een schone lei kon beginnen. In ruil daarvoor werd het toezicht door Nederland verscherpt.

Amper twee jaar later lijkt de puinhoop groter dan ooit. 'Het eiland is vrijwel failliet. Er is een groot tekort op de begroting. Overheidsbedrijven hadden veel geld, maar dat is verdwenen. Met de regering-Schotte is de onderwereld de bovenwereld geworden', zegt Ronald van Raak, Tweede Kamerlid voor de SP en een van de scherpste critici van de Antillen en het Haagse Antillenbeleid. 'Bij mij is iets geknapt door deze gebeurtenissen, ik denk dat het ook geldt voor andere Kamerleden.'

De situatie op Curašao lijkt om een radicale ingreep te schreeuwen. PVV-Kamerlid Hero Brinkman stelde ooit voor om het eiland op Marktplaats.nl te zetten. Afgezien van de populistische retoriek: zou het niet beter zijn als Curašao onafhankelijk zou worden, zodat het zijn eigen rommel mag opruimen? Een even radicaal alternatief is rekolonisatie naar het voorbeeld van de Franse overzeese gebiedsdelen, zoals de Cara´bische eilanden Martinique of Guadeloupe.

Maar beide opties zijn bij nadere beschouwing niet serieus te nemen. Volkenrechtelijk is onafhankelijkheid een onbegaanbare weg. Een gekoloniseerd volk heeft recht op zelfbeschikking, maar mag niet tegen zijn wil onafhankelijk worden gemaakt. Bovendien zouden de Verenigde Staten nooit accepteren dat er een nieuwe zwakke staat zou worden gesticht op een kruispunt van internationale drugs- en witwasroutes.

Het Franse provinciemodel is evenmin aantrekkelijk, zegt historicus Gert Oostindie, directeur van het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde en auteur van enkele standaardwerken over de Antillen. 'Dat is veel duurder. Er gaat heel veel geld naar die eilanden, die steeds minder op eigen benen kunnen staan', aldus Oostindie. 'Bovendien is het na zestig jaar lokaal zelfbestuur geen begaanbare weg om Den Haag weer alles te laten regelen.' Frankrijk handhaaft de laatste restjes van zijn koloniale rijk vanwege de grandeur: het wil overal ter wereld aanwezig zijn. In verwaterde vorm wordt het Franse model toegepast op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba, volgens Van Raak met zeer matige resultaten. Voor het veel grotere Curašao zou zo'n keuze aanzienlijk duurder zijn.

Zo zit Nederland in een Catch 22-situatie. Het wil helemaal niet als koloniale macht optreden, maar ziet zich steeds weer genoodzaakt in te grijpen. Vervolgens klinkt het vanaf Curašao het verwijt van kolonialisme. Dat is ironisch: Nederland is het eiland liever kwijt dan rijk, terwijl het leeuwendeel van de eilanders absoluut geen onafhankelijkheid wil. Bij een referendum in 2005 stemde slechts 4,8 procent van de CurašaoŰnaars voor een afscheiding van Nederland.

Nederland heeft geen belang bij de Antillen, de Antillianen des te meer bij Nederland, zegt Oostindie. Het moederland fungeert als financieel vangnet, als beschermer van democratie en territoriale integriteit. Bovendien: als het echt tegenzit, kun je altijd nog emigreren naar het rijke Europa. 'In het Cara´bische gebied wonen zo'n 40 miljoen mensen, van wie 15 procent op eilanden die niet-onafhankelijk zijn', zegt Oostindie. 'Geen van die eilanden wil onafhankelijk worden. De rijkste gebieden in de regio zijn ook niet-onafhankelijk.'

Tegenover die profijtelijke band met het moederland staat een sterke trots op de eigen cultuur en identiteit. Die wordt, volgens de inwoners van Curašao en andere niet-zelfstandige eilanden, voortdurend bedreigd door arrogante blanken die alles beter menen te weten. Op Curašao speelt dat heel sterk, zegt Oostindie. De afgelopen 25 jaar is de Nederlandse aanwezigheid op het eiland enorm toegenomen. Nederlandse ondernemers hebben hotels, restaurants en bars geopend. Daarnaast hebben zich veel pensionado's gevestigd, die het voor Antilliaanse begrippen zeer breed laten hangen.

Oostindie: 'Je hebt op Curašao een grote onderklasse. Die mensen komen niet vooruit, ook omdat ze slecht Nederlands spreken. Nederlandse horeca-ondernemers hebben liever stagiaires uit Nederland dan arme Antillianen. Dat veroorzaakt veel ressentiment: de Antillianen zien zichzelf als de losers die weer door Nederlanders worden onderdrukt.'

Nederland heeft altijd moeite gehad met deze koloniale gevoeligheden. Lange tijd stelde het zich op als een vriendelijke adviseur die de fictie van gelijkwaardigheid tussen moederland en Antillen overeind wilde houden. 'Nederland heeft altijd heel dom geopereerd. De Antillianen hebben er een puinhoop van gemaakt, maar ze zijn ermee weggekomen, omdat Nederland steeds weer de rommel opruimde', zegt Van Raak.

Rond 1990 heeft Nederland geaccepteerd dat de Antillen, anders dan Suriname, niet onafhankelijk wilden worden. Sindsdien heeft het zijn greep op de eilanden versterkt. Moeizame onderhandelingen culmineerden uiteindelijk in de herstructurering van 10-10-10. Een uitruil: de Antillen konden los van elkaar verder en Nederland saneerde hun schuld, maar Den Haag versterkte het toezicht en kan sneller ingrijpen als financiŰn en bestuur ontsporen. Dit proces leidde echter ook tot een radicalisering op Curašao, die een van de oorzaken is van de huidige crisis. Nederland onderhandelde op Curašao vooral met de PAR, de partij die de Antilliaanse politiek de afgelopen decennia domineerde. Ongewild bood het daarmee de oppositie een gouden kans. Nieuwkomer Gerrit Schotte boekte veel winst door de PAR te verwijten dat zij de autonomie van Curašao verkwanselde. 'De PAR werd afgeschilderd als een stelletje Uncle Toms', zegt Oostindie. Deze strategie was succesvol. Bij de eerste verkiezingen op het zelfstandige Curašao konden Schotte en zijn coalitiepartners de macht van de PAR overnemen.

Voor de verkiezingen van 19 oktober houdt Nederland zich nu muisstil, om Schotte niet verder in de kaart te spelen. Maar het fundamentele probleem zal blijven bestaan. Hoe bestuur je een gebied dat achtduizend kilometer verderop ligt en een totaal andere politieke cultuur heeft?

Van Raak vindt dat Nederland de hulp van andere landen, zoals de Verenigde Staten, moet inroepen. Volgens Oostindie is dat niet realistisch. 'Die andere landen zullen zeggen: Nederland, regel je eigen zaakjes maar.' Bovendien biedt het huidige instrumentarium genoeg mogelijkheden om in te grijpen, zegt hij. De vraag is alleen: wanneer doe je dat? Dat is een dilemma, zeggen Van Raak en Oostindie. Als je er bovenop zit, bestuur je in feite mee als koloniaal machthebber. Maar als je terughoudend bent, kom je vaak te laat. Tevoren waren ernstige twijfels over de integriteit van Schotte en andere ministers. Ook zagen toezichthouders al geruime tijd dat de overheidsfinanciŰn dreigden te ontsporen. In beide gevallen wilde Nederland de prille zelfstandigheid van Curašao, zo vlak na 10-10-10 niet verstoren met een harde ingreep die het anti-Nederlandse kamp zou versterken, meent Oostindie.

De Britten hebben veel minder moeite met hard ingrijpen op hun Cara´bische eilanden. 'Nederland wil niet koloniaal zijn. Het heeft zich altijd terughoudend opgesteld. Het is na´ef om te denken dat zoiets overzee als een gunst wordt gewaardeerd. Als je zestig jaar vooral toegevend bent geweest, is het moeilijk opeens radicaal te veranderen', zegt Oostindie. Maar in laatste instantie is er geen ontkomen aan. Op Curašao is Nederland een neokoloniale macht, of het dat nu leuk vindt of niet.



Naar Cultuur, gelijkheid , Albanese cultuur , Sociologie lijst , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]