De Volkskrant, 09-02-2013, door Hans Bouman .2010

Non-fictie | Leven en essays van David Foster Wallace

Begaafd, pedant en getroebleerd

David Foster Wallace was al jong een cultfiguur, maar hij werd geplaagd door hevige depressies. Over de Amerikaanse schrijver verscheen een bij vlagen ontluisterende biografie.


Op 28 september 2008 pleegde David Foster Wallace zelfmoord door zich op te hangen op de binnenplaats van zijn woning in Claremont, CaliforniŽ. Hij leed al geruime tijd aan dusdanig zware depressies dat zijn echtgenote wekenlang hun woning niet had durven verlaten, en greep zijn kans toen hij eindelijk even alleen thuis was.

In de garage, waar Wallace placht te schrijven, bevond zich het reusachtige, onvoltooide manuscript van zijn roman The Pale King. Daarnaast liet hij een oeuvre na van twee romans, The Broom of the System (1987) en Infinite Jest (1996); drie verhalenbundels; en een uitgebreide hoeveelheid essays en journalistiek werk, deels gebundeld. Het was voldoende om hem tot een van de interessantste, invloedrijkste een meest besproken auteurs van zijn generatie te maken.

David Foster Wallace is een klassiek voorbeeld van een buitengewoon begaafd en intrigerend talent dat de hoge verwachtingen die anderen van hem koesterden en die hij van zichzelf had nooit geheel heeft kunnen inlossen. De hoofdreden ligt erin dat hij vanaf jonge leeftijd - naar verluidt vanaf zijn 9de of 10de - te kampen had met steeds heviger depressies, die hem gaandeweg het werken, ja het leven, onmogelijk maakten. Hij noemde die toestand afwisselend The Bad Thing en The Great White Shark of Pain.

In een verhaal dat later in gewijzigde vorm werd opgenomen in Infinite Jest gaf Wallace hevig af op het ontoereikende woord 'depressie', dat volgens hem verwijst naar 'treurnis', 'melancholie', 'een staat waarin niets je wat kan schelen'. Waar hij aan leed was geen 'staat' maar een 'gevoel' waarbij hij 'tot kotsen toe misselijk' was, en niet alleen in zijn maag. Hij leed aan het gevoel dat elke cel, elk atoom, elke E. coli-bacterie in zijn lichaam wilde overgeven, maar dat niet kon. En dat gevoel ging maar niet over.

In Every Love Story is a Ghost Story - A Life of David Foster Wallace gaat biograaf D.T. Max, in het dagelijks leven redacteur van The New Yorker, uitvoerig in op de aard en gevolgen van Wallace' depressiviteit, maar geeft hij ook een levendig beeld van een fascinerende, complexe en dikwijls contradictoire persoonlijkheid.

Wallace werd in 1962 geboren in Illinois, als zoon van een hoogleraar filosofie en een docente Engels. Samen met zijn twee jaar jongere zus kreeg hij een uitgesproken intellectualistische opvoeding. Het verhaal wil dat vader Wallace zijn kinderen Moby Dick voorlas toen ze respectievelijk 5 en 3 waren; Wallace senior ontkent dit overigens. Moeder was bloedfanatiek op het gebied van grammatica (zij was de inspiratiebron voor het personage Avril Incandenza in Infinite Jest), zodat zoonlief, naar eigen zeggen, een 'grammatica-nazi' werd; en tijdens een vakantie maakte het gezin er een sport van het woord 'pie' (taart) te vermijden en te vervangen door '3,14159' (de wiskundige constante pi).

Op het prestigieuze Amherst College in Massachusetts, waar hij Engels en filosofie studeerde, viel Wallace op als een buitengewoon begaafd student en werd hij een beetje een cultfiguur. Maar hij maakte er ook de eerste heftige perioden door van wat werd gediagnosticeerd als 'atypische depressie'. Al tijdens zijn middelbareschooltijd had hij zich een bekwaam tennisser betoond; zijn belangstelling voor de sport zou later resulteren in een befaamd geworden essay over Roger Federer. Om zijn frequente transpiratieaanvallen te maskeren, maakte hij er een gewoonte van altijd een tennisracket en een handdoek bij zich te dragen. Later zou zijn befaamde bandana eenzelfde doel dienen.

Vanaf jeugdige leeftijd bleek Wallace vatbaar voor verslavingen. Hij keek zes of meer uur per dag televisie (om zich vervolgens in essays hevig af te zetten tegen de televisiecultuur), rookte voortdurend marihuana, leefde op een dieet van koekjes en kreeg een alcoholprobleem. Wallace werd een aantal weken opgenomen in een afkickkliniek, een ervaring die later de inspiratiebron zou vormen voor een van de verhaallijnen in Infinite Jest. Ook onderging hij, ter bestrijding van zijn aanvallen van depressie, elektroconvulsietherapie - waar hij redelijk baat bij had - en ging hij het antidepressivum Nardil slikken.

Tamelijk ontluisterend zijn de onthullingen die Max doet over Wallace' relaties met vrouwen. Op dichteres Mary Karr was hij dermate verliefd dat hij een wapen wilde kopen om haar echtgenoot te vermoorden. Op andere momenten gooide hij haar een koffietafel naar het hoofd of probeerde hij haar uit een rijdende auto te duwen.

Tegelijk kon hij zich manifesteren als een bevlogen universitair docent, die de papers van zijn studenten tot driemaal toe, in verschillende kleuren, corrigeerde, en had hij een uitvoerige en openhartige briefwisseling met zijn vriend en collega Jonathan Franzen. Toen hij trouwde met kunstenares Karen Green, die al een tienerzoon had uit een eerdere relatie, leek zijn leven in rustiger vaarwater beland. Totdat hij, in 2007, op advies van een arts, na twintig jaar gebruik besloot geen Nardil meer te slikken.

Wallace is na zijn dood niet gestopt met publiceren. Na het onvoltooide The Pale King (2011) verscheen onlangs de verzameling ongepubliceerde essays Both Flesh and Not. De bundel bevat pareltjes, zoals het eerdergenoemde artikel over Roger Federer, oorspronkelijk geschreven voor The New York Times.

In dit essay filosofeert Wallace over sport als ideaal medium om de schoonheid van de mensheid uit te drukken en over het opperwezen, dat zowel deze gratie heeft geschapen als de ongeneeslijk zieke kinderen die jaarlijks uit humanitaire overwegingen de Wimbledonfinale mogen bijwonen. Ook een tweede tennisverhaal, over de US Open, is een knap staaltje new journalism.

Veel andere stukken in de bundel zijn minder urgent. De aanval op de schrijversgeneratie Jay McInerney/Bret Eeaston Ellis is vooral aardig als terugblik, net als het stuk over Terminator 2. Ook voor de loftuitingen aan het adres van collega-auteur David Markson geldt hooguit: aardig stuk. Twenty-Four Word Notes herinnert vooral aan de meer pedante kant van Wallace' schrijverschap, net als zijn overdadig gebruik van voetnoten, en zelfs voetnoten-bij-voetnoten.

Want ook een onbedwingbare neiging tot epateren en interessantdoenerij waren kanten aan Wallace' persoonlijkheid en schrijverschap. Als eerbetoon heeft de uitgever besloten elk essay in Both Flesh and Not vooraf te laten gaan door een aantal woorden uit de vocabulaires die de auteur bij leven opstelde en die hij uit zijn hoofd wenste te leren.

De woorden zijn illustratief voor Wallace' inventieve maar geregeld ook convulsieve geest. Bij sommige ('abbatoir', 'antipode', 'alpenhorn') haal je je schouders op, maar bij verreweg de meeste ('acerose', 'anaclisis', 'anosmia') denk je: goed om te weten, maar gebruik ze alsjeblieft niet in je teksten.

'Convulsive' ontbreekt in Wallace' woordenlijst. Dat woord kende hij al.


David Foster Wallace: Both Flesh and Not.
Hamish Hamilton (import Penguin Benelux); 327 pagina's ; Ä 20,99.


Tussenstukken:

D.T. Max:

Every Love Story is a Ghost Story - A Life of David Foster Wallace
Viking, import Penguin Benelux; 356 pagina's; Ä 21,99.


De bleke koning
Nog geen jaar na het verschijnen van David Foster Wallace' onvoltooide The Pale King publiceert uitgeverij Meulenhoff de Nederlandse vertaling door Iannis Goerlandt en DaniŽl Rovers: De bleke koning (608 pagina's; Ä 39,95). De roman werd door Wallace' redacteur Michael Pietsch liefderijk samengesteld uit uitgeprinte hoofdstukken en teksten die hij vond op harddisks, in boekjes en ordners. De bleke koning speelt zich grotendeels af in een regionaal kantoor van de Amerikaanse belastingdienst. De roman - zowel intrigerend als onbevredigend, recenseerde Boeken op 7 mei 2011 - lijkt bedoeld als een lofzang op de verheffende, zuiverende kanten van de verveling, maar kent ook uitgesproken humoristische passages.


Red.:   Een typisch joodse opvoeding door niet-joden. resulktaat: joodse storingen


Naar Cultuur, gelijkheid , Albanese cultuur , Sociologie lijst , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]