De Volkskrant, 09-11-2013, door Yvonne Hofs

11 nov.2013

Alleen de onderknuppel wacht celstraf

De kleine jongens verdwijnen achter de tralies, maar de topbankiers ontspringen vrijwel altijd de dans. Hoe komt dat toch?


Tussentitel: Vervolging heeft misschien een negatieve impact op de wereldeconomie - Eric Holder Minister van Justitie VS

Fotobijschriften: JŁrgen Fischen, bestuursvoorzitter van Deutsche Bank, verdacht van meineed, ging vrijuit
Larus Welding, voormalig topman van de IJslandse bank Glitner, kreeg negen maanden cel
Miguel Blesa, oud-directeur van de Spaanse bank Caja Madrid, werd vrijgelaten


Voor de 66-jarige Miguel Blesa was 3 oktober 2013 een bijzonder mooie dag. In een luxueuze villa iets ten noorden van de Spaanse hoofdstad trad de voormalige topbankier in het huwelijk met de 39-jarige Gema GŠmez. De Madrileense upper class was in groten getale aanwezig om de champagneglazen te laten tinkelen. Een van de bruiloftsgasten was Blesa's goede vriend en partijgenoot, oud-premier Josť Maria Aznar.

Het was mogelijk aan Aznar te danken dat de bruiloft doorging. Enkele maanden eerder zat Blesa nog in de beruchte El Soto-gevangenis. Hij was gearresteerd omdat hij als bankdirecteur zo roekeloos met geld smeet dat zijn bank in 2010 failliet dreigde te gaan. De Caja Madrid was de grootste van de Spaanse banken die dat jaar fuseerden tot Bankia, nu de grootste probleembank van Spanje.

Blesa werd opgepakt op bevel van onderzoeksrechter Elpidio Josť Silva. Een moedige daad, want niet eerder was een topbankier gearresteerd voor zijn rol in de kredietcrisis. Veel Spanjaarden juichten toen Blesa de bak in draaide. Zij vragen zich net als belastingbetalers in andere landen al jaren af waarom topbankiers niet worden aangeklaagd voor het veroorzaken van de wereldwijde financiŽle 'meltdown'.

Het ene na het andere bankschandaal haalt de krantenkolommen. De lijst van bankiersmisdrijven leest als het strafblad van een doorgewinterde crimineel: witwassen van drugsgeld, steun aan terreurorganisaties, belastingontduiking, verduistering, overtreding van financiŽle wetgeving, oplichting, misleiding, kartelvorming, fraude, meineed, handel met voorkennis, omkoping, corruptie. Dit zijn niet alleen verdenkingen, maar grotendeels bewezen feiten.

Desondanks zijn sinds 2008 weinig bankiers vervolgd voor zulke misstanden. Nog minder bankiers zijn veroordeeld. Degenen die celstraf kregen, waren bijna allen 'kleine vissen'. De topmannen worden soms gedwongen af te treden, soms moeten ze bonussen inleveren of een boete betalen, maar ze gaan steevast als rijk man met pensioen.

Een uitzondering is de topman van Glitnir, vroeger de derde bank van IJsland. Oud-bestuursvoorzitter Larus Welding kreeg negen maanden cel voor illegale kredietverlening. Maar de straf viel veel lager uit dan de 5,5 jaar die de officier van justitie had geŽist. Van de negen maanden waren er bovendien zes voorwaardelijk.

Er zijn meerdere redenen waarom bankiers niet of nauwelijks hoeven te boeten voor hun wandaden. Een van de belangrijkste is dat bankiers veel verdienen en dus tot de bevoorrechte klasse der rijken behoren. Wie geld heeft, heeft macht. Bankiers bewegen zich in de hoogste kringen en hebben daardoor veel invloedrijke vrienden. Wie rijk is, kan zich ook de beste advocaten veroorloven.

Als de Duitse justitie je op de hielen zit, is het natuurlijk fijn als een hoge politicus de telefoon opneemt als jij belt. Deutsche Bank-bestuursvoorzitter JŁrgen Fitschen, verdacht van belastingontduiking en meineed, belde onmiddellijk de president van de deelstaat Hessen toen de fiscale recherche een inval deed in het hoofdkantoor van Deutsche Bank in Frankfurt. Het is geen geheim dat Fitschen invloedrijk is in politiek Berlijn.

Voor Miguel Blesa gingen dankzij zijn politieke contacten vele (cel-)deuren open. Binnen twee weken verklaarde de Spaanse Hoge Raad het arrestatiebevel van rechter Silva nietig en werd hij vrijgelaten. Silva is op non-actief gesteld (zonder salaris) en aangeklaagd wegens machtsmisbruik. De kans is groot dat hij uit de rechterlijke macht wordt verwijderd.

Een tweede verklaring voor de aanpak met fluwelen handschoenen is de angst voor nieuwe bankencrises. Linkse media in de VS maakten gehakt van de schikking die de Britse bank HSBC eind 2012 trof met de Amerikaanse autoriteiten. Journalisten hoonden dat Amerikanen die met een joint worden betrapt gevangenisstraf riskeren, terwijl bankiers die willens en wetens drugsgeld witwassen voor Colombiaanse en Mexicaanse drugskartels volledig vrijuit gaan. HSBC kocht vervolging af met een boete van 1,9 miljard dollar. In het daaropvolgende kwartaal maakte de bank 8,4 miljard dollar winst. Geen enkele HSBC-bankier is aangeklaagd.

Toen journalisten daar kritische vragen over stelden aan staatssecretaris van Justitie Lanny Breuer, zei hij: 'Als we vervolging hadden ingesteld, zou HSBC zijn Amerikaanse bankvergunning zijn kwijtgeraakt. Dat zou het voortbestaan van de bank bedreigen en het hele bankwezen destabiliseren.' Sommige banken zijn dus niet alleen te groot om failliet te laten gaan (too big to fail), maar ook te groot om te straffen (too big to jail).

Minister van Justitie Eric Holder deed er later nog een schepje bovenop: 'Sommige van deze instituten zijn zo groot dat het moeilijk is ze te vervolgen. Vervolging heeft misschien een negatieve impact op de wereldeconomie. Dat beperkt onze mogelijkheden.'

Als voorwaarde bij schikkingen bedingen banken vaak dat ze geen schuld hoeven te bekennen. Daardoor maken civiele schadeclaims van burgers en bedrijven minder kans.

Een derde reden waarom topbankiers de dans ontspringen, is dat zij zich op hiŽrarchisch veilige afstand bevinden van het niveau waarop justitie bewijzen verzamelt. De manipulatie van de Liborrente, de verkoop van rommelhypotheken, de dienstverlening aan drugshandelaren: de bazen laten het over aan hun ondergeschikten. Dat zij dit soort activiteiten stilzwijgend goedkeuren en zelfs aanmoedigen, kan niet worden bewezen. Zo weten we niet of Rabobank-voorzitter Piet Moerland op de hoogte was van de Libormanipulatie van zijn bank. We weten alleen dat hij slecht toezicht heeft gehouden.

Daarom zijn het meestal 'onderknuppels' die voor de rechter staan. In juli dit jaar werden drie UBS-bankiers uit het lagere echelon van de bank in de VS tot korte celstraffen veroordeeld voor medeplichtigheid aan een omvangrijke obligatiefraude. Maar ook in deze kleinere strafzaken gaat het vaak mis. De complexiteit van de financiŽle sector werkt in het voordeel van frauderende bankiers.

Rechters en jury's kunnen de juridische betogen over derivatentransacties en ander financieel gegoochel maar moeilijk volgen. Gehaaide, duur betaalde advocaten maken daar handig gebruik van door in de rechtbank verwarring te stichten. In de rechtspraak geldt immers: bij gerede twijfel volgt vrijspraak.

Vooral landen met juryrechtspraak, zoals de VS, zijn kwetsbaar voor deze tactiek. Juryleden zijn willekeurige Amerikanen, vaak laagopgeleid, die gemakkelijk te manipuleren zijn door de verdediging.

De allereerste strafzaak die de Amerikaanse overheid tegen bankiers aanspande, liep op die manier spaak. Ralph Cioffi en Matthew Tannin, hedgefondsmanagers van zakenbank Bear Stearns, stonden in 2009 voor de rechter omdat ze beleggers hadden voorgelogen. Hoewel ze wisten dat de boel op instorten stond, vertelden ze investeerders dat ze veel vertrouwen hadden in de toekomst van het fonds.

Er waren harde bewijzen, toch volgde vrijspraak. De jury ging mee in het betoog van de advocaten dat de twee hun best hadden gedaan om het fonds te redden en dat zij er ook niks aan konden doen dat de financiŽle markten crashten. Dit is hetzelfde als zeggen dat je de kapitein van de Titanic niet mag verwijten dat hij tegenover de passagiers de botsing met de ijsberg verzwijgt en hen niet op tijd naar de reddingsboten dirigeert, omdat hij zo druk bezig is met pompen.

Nog bonter maakte de jury het die Citigroupbankier Brian Stoker zonder straf naar huis zond. Stoker verkocht rommelhypotheken aan beleggers, terwijl hij wist dat het rotzooi was. Stokers advocaten, betaald door Citigroup, namen hun toevlucht tot de 'kampbewakers'-verdediging. Stoker kon niets worden verweten, want hij volgde slechts orders op.

Dat Stoker een klein radertje in de rommelhypothekenmachine van Citigroup was, werkte in zijn voordeel. 'Wij vroegen ons af waarom de bestuursvoorzitter van Citigroup niet in de beklaagdenbank stond in plaats van hij', zei juryvoorzitter Beau Brendler tegen The New York Times.

De jury deed daarom iets uitzonderlijks: bij het vonnis stopte zij een oproep aan de bankentoezichthouder. 'De SEC moet zich door dit vonnis niet laten ontmoedigen om door te gaan met het rechercheren van de financiŽle sector', luidde de verklaring die in de rechtbank werd voorgelezen. Brendler: 'We waren bang dat Wall Street dit vonnis zou opvatten als een boodschap dat een jury van gewone Amerikanen hun complexe transacties niet kan begrijpen en dat ze daardoor kunnen wegkomen met hun hemeltergende gedrag.'

Natuurlijk was dit exact de boodschap die de jury afgaf. Niet alleen aan Wall Street, maar ook aan de SEC en het Openbaar Ministerie. Tegen topbankiers is onvoldoende bewijs ůf ze zijn te machtig om aan te pakken. De grote banken zijn too big to jail. En de 'kleine vissen' zijn in de ogen van sommige jury's en rechters maar zielige zondebokken.

DŠŠrom zitten er dus zo weinig bankiers in de gevangenis.





Naar Houding top III, afschuiven , Houding top III , Sociologie lijst , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]