De Volkskrant, 11-01-2012, ingezonden brief van .2011

Jodenvervolging en Radio Oranje

'Ik had van onze regering iets anders verwacht'

Dwaas idealisme

Naar aanleiding van het artikel van prof. Meindert Fennema ('Radio Oranje repte niet over deportatie', O&D, 11 januari) maak ik u opmerkzaam op een brief die wijlen mijn vader Meyer Sluyser op 14 oktober 1940 in Londen schreef aan Jan Lebon, het toenmalig hoofd van de programmaleiding van Radio Oranje.

Deze brief luidde als volgt: 'Geachte heer Lebon: Nadat de Radio Advies Commissie had besloten dat er een speciale uitzending zou worden gewijd aan de moeilijkheden van de joodse Nederlanders, heb ik, toen Grote Verzoendag de unieke aanleiding tot zulk een uitzending bood, een ontwerp bij u ingezonden. Hoewel u mij aanvankelijk mededeelde dat de Minister President en Z.E. Minister van Boeijen geen bezwaren hadden, berichtte u later dat Z.E. Minister Dijxhoorn het besluit van de RAC ongedaan wenste te maken. Weer later deelde u mij mede dat bij beslissing van het Kabinet de uitzending niet door zou gaan 'omdat men het de Nederlandse joden niet lastiger wilde maken dan ze het al hadden.

'Bittere co´ncidentie, ik kreeg uw mededeling tegelijkertijd met het bericht, dat de fascistische Franse minister Baudoin de Franse joden uit de pers, de overheid en het zakenleven zou verwijderen ''teneinde hen tegen de rest van het volk te beschermen en in hun eigen belang dus''.'

Meyer Sluyser (die overigens de naam 'Radio Oranje' had bedacht voor de Nederlandse radiouitzendingen vanuit Londen) besluit dan zijn brief met: 'Ik wil over de redenen van deze teleurstelling niet uitweiden, ik zou anders gaan schrijven in een toon die ik ongewenst acht. Hoe dan ook, u zult naar ik hoop kunnen begrijpen dat mij de lust om verder aan Radio Oranje mijn bescheiden medewerking te verlenen wel is vergaan. Ik had in mijn, nu dwaas gebleken idealisme, van onze regering iets anders vewacht.'

Mels Sluyser, Huizen


Trap na

Meindert Fennema vindt dat de Nederlandse regering in ballingschap de hoofdverantwoordelijkheid droeg voor de deportatie van de Nederlandse Joden tijdens de bezetting. Zij zou immers hebben nagelaten om het Nederlandse ambtenarenapparaat duidelijke instructies te geven, bijvoorbeeld via de radio.

Dat die medewerking simpelweg in strijd was met de Grondwet, en dat de hoogste ambtenaren, de secretarissen-generaal, dat al in 1940 van verschillende kanten te horen kregen, vergeet Fennema even. In dat kader geeft hij wijlen Lou de Jong, tijdens de bezetting medewerker bij Radio Oranje, nog een trap na: die had zijn excuses wel eens mogen aanbieden voor zijn gebrek aan betrokkenheid met de vervolgde Joden. Wel, dat heeft hij gedaan, in deel 9 van zijn ook aan Fennema bekende overzichtswerk (p. 630): 'Ik heb, vind ik nu, mij met die Joden te weinig verbonden gevoeld en getoond.'

E.J. van Ginkel, Leiden


Kerstuitzending

Radio Oranje heeft wel degelijk aandacht besteed aan de deportaties, de Kerstuitzending van 1942 is zelfs geheel gewijd aan de Februaristaking van 1941. (www.kwaad.net)

Het is een in mijn oren bombastisch ophemelen van de onverzettelijke, dappere Nederlander die zich eindelijk niet door de mof op zijn kop laat zitten. Er komen verschillende hoorspelachtige momenten in voor, waarin heel duidelijk wordt gemaakt dat de druppel die de emmer liet overlopen toch echt de Jodenvervolging was. Lou de Jong speelt trouwens ook een belangrijke rol in deze uitzending.

Aad van den Enden, Oss


Excuses

In juli 1995 sprak de Franse president Jacques Chirac over de Jodenvervolging en zei: 'Frankrijk heeft het onherstelbare gedaan. Het heeft zijn woord gebroken en daardoor diegenen die het beschermde aan hun beulen uitgeleverd. Wij hebben tegenover hen een onvergeeflijke schuld.'

Premier Jospin verhelderde het verder twee jaar later: 'Voor deze schande was geen enkele Duitse soldaat nodig.' Selma Leydesdorff schrijft (O&D, 6 januari) dat het van 'uitzonderlijk belang is dat koningin Beatrix in 1995 in de Knesset haar excuses aanbood ... voor de enorme bijdrage van het Nederlandse volk ... aan de Jodendeportaties. Zij liep daar ver voor de troepen uit en verdient daarvoor blijvend bewondering'.

Beatrix sprak in de Knesset een paar algemene zinnen, die welwillend 'vaag generaliserend erkennen van feiten' genoemd kunnen worden. Haar tekst verbleekte volkomen bij wat Chirac een paar maanden later zei. Geen van beiden bood overigens excuses aan.

Daarnaast vermeldt Leydesdorff 'de moeder' van Beatrix, terwijl ze kennelijk op haar grootmoeder Wilhelmina doelt. Leydesdorff verdraait de geschiedenis nog verder in haar artikel. Ze beweert dat ook premier Balkenende een paar jaar later excuses aanbood. Ook dat is onwaar. Het 'pikzwarte hoofdstuk in de geschiedenis van mijn land,' waar hij in 2005 in Jeruzalem over sprak hield geen excuses in en bleef onduidelijk vergeleken bij Chiracs woorden tien jaar eerder. Ook in 2005, op dezelfde plaats bood de Belgische premier Guy Verhofstadt wel excuses aan - hij had dat al in 2002 gedaan - voor de collaboratie van de Belgen.

Verder bevat Leydesdorffs artikel ook vuilspuiterij aan mijn adres door het gebruik van een serie negatieve karakteriseringen. Er is geen enkele verifieerbare feitelijke onderbouwing voor. Leydesdorff verdraait de realiteit zelfs zo ver dat ze de helft van mijn naam verbastert.

Manfred Gerstenfeld, Jeruzalem



IRP:  Nederlanders mogen niet generaliseren over joden, joden mogen wel generaliseren over Nederlanders.


Naar Cultuur, gelijkheid , Albanese cultuur , Sociologie lijst , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]