De Volkskrant, 12-04-2013, door Maurice de Hond, opiniepeiler .2010

'Pyromaan' De Hond heeft een keihard alibi

Het verwijt dat Maurice de Hond met zijn peilingen aan politiek zou doen, stoelt niet op feiten, aldus Maurice de Hond.


De column van filosoof Hans Schnitzler (O&D, 3 april) waarin hij zich afvraagt of ik het 'klootjesvolk' misleid, staat vol met de woorden 'schijnt', 'lijkt'en vraagtekens. Maar iedereen die de column leest, zal denken dat ik sjoemel om mijn gelijk te halen en om partijen vooruit te helpen.

Hij baseert zich op een artikel in NRC Handelsblad van 30 maart waaruit volgens hem zou blijken dat ik me verregaand gecompromitteerd zou hebben met politieke projecten van Jan Nagel, zoals Leefbaar Hilversum, Leefbaar Nederland en 50Plus. Ook zou ik de peilingendynamiek ten gunste van die partijen hebben gebruikt, aldus de columnist.

Gezien eerdere publicaties van Schnitzler over mijn werk, had hij dit artikel niet eens nodig om het volgende te schrijven: 'Zou De Hond de sluimerende onvrede onder het electoraat, de veenbrand die hij zo graag zichtbaar maakt, willens en wetens aanwakkeren om zo zijn eigen gelijk bevestigd te krijgen? Is degene die de brand telkens als eerste ontdekt, hier tevens de pyromaan?'

Ik weet dat het jammer is als mooie hersenspinsels van een filosoof niet door feiten worden ondersteund. Maar toch zal ik laten zien dat de laatste vraag van Schnitzler volmondig met 'nee' kan worden beantwoord: pyromaan De Hond heeft een keihard alibi!

Drie jaar voor de opkomst van Fortuyn schreef ik op de avond van de Tweede Kamerverkiezingen van 1998 in Het Parool een artikel dat zo eindigde: 'Een nieuwe club met een aansprekend issue en een aantrekkelijke leider zou zich best eens vanuit het niets kunnen voegen bij de huidige grote drie, zoals dat al in een aantal gemeenten is gebeurd. Daarmee zal het Nederlandse politieke landschap zich snel ingrijpend kunnen veranderen met alle negatieve gevolgen daarvan voor de politieke stabiliteit.'

Vier jaar later kwam deze voorspelling uit en bereikte Fortuyn in 2002 exact de positie die ik had aangegeven. Vanuit de veronderstelling van Schnitzler zou ik met mijn peilingen Fortuyn omhoog hebben geholpen. Maar ik heb een keihard alibi. Tussen eind 1999 en september 2002, nadat Fortuyn al was vermoord, was ik niet betrokken bij de peilingen. Dat is mijn eerste alibi.

In september 2010 schreef ik in het rapport van het voor 50Plus uitgevoerde onderzoek, waarop de professoren zo'n kritiek zouden hebben: 'Dit onderzoek bevestigt het beeld dat ook bij andere onderzoeken naar voren komt, namelijk de manifeste en latente onvrede van burgers over de overheid/Den Haag. Vooral als er onzekerheid is over de eigen inkomsten en het gevoel is dat de overheid daarbij een rol speelt, is de ervaring dat kiezers zich daar niet alleen fel tegen keren, maar het ook gevolgen heeft voor de politieke voorkeuren. Verwacht mag worden dat als, na het bekend worden van de gevolgen van de plannen van het nieuwe kabinet voor de koopkracht van bepaalde groepen mensen en/of na de implementatie van de plannen, de (electorale) reacties van de oudere kiezers ingrijpend zullen zijn.'

Bij de peilingen voor 50Plus bij de Eerste Kamerverkiezingen van maart 2011 en Tweede Kamerverkiezingen van september 2012 was mijn verschil bij de laatste peiling en de verkiezingsuitslag van 50Plus minder dan een half procent. (In 2011 iets te hoog en in 2012 iets te laag). Bij de sterke stijging van 50Plus in de peilingen van de afgelopen maanden gaven TNS Nipo(24 zetels), EenVandaag en de Politieke Barometer (19 zetels) hogere scores dan mijn hoogste peiling Peil.nl (18 zetels). En die hoogste score kwam ook nog na die van de drie andere peilingen. Dat is alibi twee.

Op basis hiervan zijn de insinuaties van Schnitzler feitelijk weerlegd. De opkomst van Fortuyn is door mij wel ruim van tevoren voorspeld, maar niet via peilingen van mij gestimuleerd. En de opkomst van 50Plus heb ik ook ruim van te voren zien aankomen, maar evenmin via opgeschroefde peilingen bevorderd.

Zoals ik al vaker heb gemerkt bij de kritiek op mijn werk, is wat ik al heel lang beweer rondom de veenbrand en de onvrede onder kiezers voor velen een onaangename waarheid. En dan is de makkelijkste strategie om degene die de boodschap brengt te beschuldigen en te verketteren. Met als slot van de column van Schnitzler het advies om mijn onderzoeken helemaal te negeren.


 




IRP:    Natuurlijk zijn die professoren hartstikke elite, en tegen 50Plus


Naar Cultuur, gelijkheid , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]