De Volkskrant, 21-01-2012, door Frénk van der Linden .2010

Profiel

Rutte 2.0

Wie kan de Partij van de Arbeid redden? Hij heeft een links hart, een rechts verstand, en hij is wethouder in Amsterdam. Bij de start van het tweedaags PvdA-congres brengt Frénk van der Linden een ode aan Lodewijk Asscher.

Geen groter taboe in de Nederlandse journalistiek dan het schrijven van een liefdesverklaring aan het adres van een politicus. Maar grenzen zijn er om te worden verlegd. Ik hou van Lodewijk Asscher. Ik hou van de Amsterdamse wethouder met het linkse hart en het rechtse verstand, de locoburgemeester die een wandelende paradox is: wakkere slaapkamerogen, intuïtieve intelligentie, bezonken Draufgängerei, intimiderende bescheidenheid. Met zijn brille en branie is hij een wijs jongetje, thuis in de grotemensenpolitiek.

Dit weekeinde wordt in de wandelgangen van het PvdA-congres druk gespeculeerd over de vraag wie Job Cohen zou kunnen opvolgen als partijleider. Zelfs zijn trouwste medestanders beseffen dat hij niet overeind blijft in het Haagse debat, dat zijn charisma verflenst, dat hij politiek-inhoudelijk tekortschiet. Onder regie van Cohen is de PvdA beland op een historisch dieptepunt in de peilingen. Intussen neemt de kans op verkiezingen toe: Ruttes gedoogcoalitie kan struikelen over extra bezuinigingen van 5 à 10 miljard euro.

'I saw rock and roll's future and its name is Bruce Springsteen', schreef de Amerikaanse muziekjournalist Jon Landau. Ik heb de toekomst van de Nederlandse sociaal-democratie gezien, en zijn naam is Lodewijk Asscher.

***

Acht jaar geleden ontving Rob Oudkerk een persoonlijke brief van partijgenoot Lodewijk Asscher. Het was een emotioneel schrijven, vol herinneringen aan gezamenlijke ervaringen. Vlak voordat hij de envelop opende, was Oudkerk vanwege seksuele strapatsen op een tippelzone tot aftreden gedwongen door zijn PvdA-fractie - waarin Asscher een hoofdrol speelde.

Morele zuiverheid en invoelingsvermogen ('De kern van politiek is je verplaatsen in een ander') zijn de belangrijkste bouwstenen waaruit Lodewijk Asscher is opgetrokken. Die houding, onderkent hij, staat niet los van het feit dat zijn overgrootvader in de Tweede Wereldoorlog meewerkte aan de deportatie van duizenden Nederlandse joden.

Abraham Asscher, diamantair, was voorzitter van de Joodsche Raad, die zich liet gebruiken door de nazi's. In 1943 werd hij zelf op transport gesteld. Na zijn terugkeer uit Bergen-Belsen rekende de Joodsche Ereraad hem zwaar aan dat hij ongewild had bijgedragen aan de Holocaust. Jaren later las Lodewijk Asscher de politieverhoren van zijn overgrootvader. Hij vond hem 'naïef en ijdel'.

De tweede voorzitter van de Joodsche Raad was David Cohen. De naam van zijn kleinzoon: Rob Oudkerk. Ook hij velt het oordeel 'naïef'. En ook hij weet dat zijn leven is getekend door het belaste verleden: 'Je krijgt last van spookbeelden waarin opa Cohen mensen in een veewagon helpt, terwijl jij ze er aan de andere kant weer uit dirigeert.'

Verwantschap stond Lodewijk Asscher niet in de weg bij de politieke broedermoord op Rob Oudkerk. Toen de laatste een jaar na zijn val wilde terugkeren als wethouder, blokkeerde Asscher dat. Hij volgde Oudkerk persoonlijk op als lijsttrekker van de PvdA bij de gemeenteraadsverkiezingen.

De vriendschap tussen de twee heeft de woelingen overleefd. Al betrapt Oudkerk zich in gesprekken met Asscher weleens op cynisme: 'Eigenlijk, Lodewijk, heb jij je carrière te danken aan het feit dat ik naar de hoeren ben gegaan.'

***

Lodewijk Asscher heeft zijn eigen omgang met prostituees. Geregeld verlaat hij zijn werkkamer - verfraaid met een naakt van Constant - om te strijden tegen vrouwenhandel. Hij is geen bestuurder die de Rosse Buurt vanuit het stadhuis opschoont, hij gaat de raambordelen in en laat zich door Hongaarse, Colombiaanse of Thaise meisjes in steenkolenengels voorlichten.

'Het is een nationale vergissing dat onze omgang met prostitutie thuishoort in het rijtje vrijheid, blijheid en tolerantie', stelt Asscher. 'Officieren van justitie vertellen dat ze op taps horen dat meisjes zich zonder condoom anaal moeten laten nemen voor 15 euro. Da's niet wat je 's morgens bij je muesli in Trouw leest.'

Asschers kruistocht tegen ontspoorde zeden en criminele pooiers is symbolisch voor de bevlogen manier waarop hij politiek opereert. De 'Realpolitiker' in hem lijkt soms plaats te maken voor de moraalridder. Wars van dikke nota's en afstandelijk besturen wil hij desnoods 'achter de voordeur' ingrijpen - zelfs bij corporaties en scholen.

'In gelul kun je niet wonen', zegt hij wijlen wethouder Jan Schaefer na. Asscher: 'Je kunt als PvdA-politicus het vertrouwen van de kiezer terugwinnen door een activistische lokale politiek. Te lang heeft de partij gedacht dat het allemaal vanzelf goed zou komen. Over integratie mocht je bijvoorbeeld niet praten, opvoedingsproblemen deden zich vooral voor bij kinderen met een Turkse en Marokkaanse achtergrond. Door zulke zaken te ontkennen, verloor de PvdA haar geloofwaardigheid.'

Het is alsof je niet Lodewijk Asscher maar de leider van de PVV hoort praten over de hoofdstad van (toen nog) burgemeester Job Cohen. 'Geert Wilders is het slechte geweten van de PvdA', geeft Asscher toe. 'Hij wijst op de dingen die wij hebben verwaarloosd.'

Kort na zijn installatie in 2006 als wethouder vloerde Asscher - op dat moment nog maar 31 - Gerrit Zalm. De VVD-minister van Financiën bevond zich op het toppunt van zijn macht. Steen des aanstoots voor Asscher was de focus van de overheid op de 'zegeningen' van marktwerking.

Zalm wilde Schiphol privatiseren, Asscher bleek namens aandeelhouder Amsterdam tegen. Prompt werd hij bestookt door het old boys network. Jan Kalff (president-commissaris van de luchthaven) en Rijkman Groenink (topman ABN/AMRO) peperden de wethouder in dat zij 'nog nooit zoiets schandaligs' hadden meegemaakt.

Asscher heugt zich de kwestie als een voorbeeld van 'minachting van de politiek'. Zalm dreigde Amsterdam financieel te straffen. Chantage, concludeerde Asscher. Hij bleef dwarsliggen.

Verschillende keren ontbood Zalm de wethouder op het departement. Maar uiteindelijk nam de minister zijn verlies. Bij het laatste overleg liet Zalm zijn kamerheer een sigaret voor hemzelf en een fles whisky voor beiden brengen. Asscher heeft het moment suprême - vier uur 's middags - nog op zijn netvlies. 'Laten we er maar een borrel op drinken', zei Zalm. 'Op Fidel Castro aan de Amstel!'

***

Wie Lodewijk Asscher ontmoet, ontsnapt niet aan de wonderlijke indruk dat hij 'af' is. Every inch a gentleman staat hij tegenover je: hoffelijk, in de kern verlegen, onberispelijk gekleed, en zo godvergeten verstandig dat je er de kriebels van krijgt. Je kunt je amper voorstellen dat hij zich weleens te buiten gaat aan vloeken, seks of een muurkroket.

Is Asscher een Rutte 2.0? De PvdA'er denkt minstens zo snel als de premier, formuleert even eloquent maar minder omfloerst, heeft meer diepgang en beschikt over een betere zakjapanner. Op een rekenfoutje van 50 miljard zul je hem niet betrappen.

Misschien is Asscher wel té intelligent. 'In mijn gemeenteraadstijd ben ik te hard geweest in de omgang met een meneer van het CDA', vertelde hij eens. 'Ik gaf in debatten geregeld nog even een trap na, terwijl die CDA'er - een heel aardige, integere man, alleen niet zo goed in het steekspel - al op zijn rug lag.'

Asscher heeft geleerd, zegt hij. Hij wil zich menselijker, warmer tonen. En plein public is daar weinig van te merken. Naar eigen zeggen staat hij er dikwijls 'houtenklazerig, mechanisch, bloedeloos' bij.

Het probleem is zijn emotionele handrem.

'Als je niet tot mijn intimi behoort, ben ik gereserveerd. De professional, hè, altijd de professional. Ik zoek voortdurend manieren om veilig te stellen wat waardevol voor me is. Op het overdrevene af. (...) Mensen krijgen geen glimp te zien van hoe ik kan liefhebben, hoe ik bén. Dat doe ik in feite mezelf aan - door de lijn tussen mijn binnenwereld en buitenwereld zo krampachtig te trekken. Sommigen zullen zeggen: zo angstig.' Bij vlagen maakt het hem depressief. Dan denkt hij: 'Ik geef het op, mijn hele leven is niks, sorry dat ik besta.'

***

Lodewijk Asscher torst de geschiedenis met zich mee. Hij moet en zal het er beter van af brengen dan de overgrootvader die als voorzitter van de Joodsche Raad in de fout ging. 'Ik mag nooit mijn onafhankelijkheid verliezen. Dat is de les die ik eruit trek.'

Na de bevrijding kwam Abraham Asscher gedesillusioneerd terug uit Nacht und Nebel. Zijn nazaten hebben die pijn 'gezien, meegekregen en weer doorgegeven', realiseert achterkleinzoon Lodewijk zich. 'We zijn er allemaal door getekend.'

Elk jaar voelde hij als kind begin mei het verdriet van zijn vader. 'In die periode was het stiller in huis.' Jurist Bram Asscher zat als baby ondergedoken. Pas na enkele jaren kwam hij weer in contact met zijn ouders, teruggekeerd uit de vernietigingskampen. 'Mijn vader is in wezen een oorlogsslachtoffer', zegt Lodewijk Asscher, 'maar hij is daar geestelijk gezond onder gebleven. Heel knap. (...) Hij is erin geslaagd productief om te gaan met zijn traumatische levenservaringen: ongebreidelde werklust, altijd maar vreselijk zijn best doen.'

Van zijn moeder kreeg hij het vermogen 'de meest ingewikkelde kwesties uit te leggen in een appeltaart-metafoor'. Zij, Irene Vonk, hoogleraar arbeidsrecht en nr. 155 op de recente Volkskrant-lijst van meest invloedrijke Nederlanders, behoort tot een katholieke familie van musici en onderwijzers. Zo moeder, zo zoon: 'Ze is een geëngageerde vrouw, stellig over wat goed is en wat niet.'

Asscher stamt uit een warm, harmonieus, intellectueel milieu. In zijn jeugd stond de televisie niet vaak aan, dat was 'zonde van de tijd'. Aan tafel ging het onophoudelijk over de rechtsstaat. 'Mijn ouders willen bijdragen aan rechtvaardigheid. Het gaat niet om ikke, ikke, ikke, het gaat om wij.' Die houding heeft hem, oudste van vier kinderen, altijd geïnspireerd.

Dáárom vecht Asscher middels Operatie Frankenstein tegen de bureaucratie in het welzijnswerk, daarom treedt hij aan de zijde van burgemeester Van der Laan zo fel op bij het tegengaan van kindermisbruik in dagverblijven, daarom dwingt hij menig schoolbestuur - al dan niet islamitisch - met harde hand tot onderwijsverbeteringen.

***

Voetballen als Ronald Koeman. Schrijven als Harry Mulisch. Zulke dromen koesterde hij op het gymnasium. 'Aanvankelijk hoorde ik nergens bij. Maar als ontbolsterende jongen werd ik vrij populair - ook bij de meisjes. Een beetje vreemd bleef ik wel, denk ik. Zo draaide ik graag klassieke muziek. Daarin werd ik gestimuleerd door een oom, dirigent Hans Vonk. Stiekem leek het me óók wel wat om concertpianist te worden. Zo iemand als Svjatoslav Richter, een gigant van een musicus.'

Richter bekende aan het eind van zijn leven niet van zichzelf te houden. Asscher, met verstikte stem: 'Eerlijk gezegd kan ik me dat goed voorstellen. Ik hou meer van anderen dan van mezelf.'

Anderen, dat zijn met name zijn drie jonge kinderen en zijn echtgenote (óók al juriste), werkzaam bij de Nederlandsche Bank. 'Zo rationeel als ik ben, zoek ik in een liefdesrelatie heel erg het intuïtieve, het pure vertrouwen. Ik heb de zekerheid dat mijn vrouw en ik elkaar met een blik méér kunnen zeggen dan met lappen tekst. En voor mij is de liefde ook heel erg fysiek: de overgave, woordeloos.'

Lodewijk Asscher werd geen voetballer, geen schrijver, geen pianist. Hij studeerde rechten, schreef een scriptie over grondrechten in het internettijdperk - en koos voor de politiek.

'Tegenover mijn huis in Bos en Lommer zat een drankhandel die om de haverklap werd overvallen. Er gebeurde in die wijk nog wel meer. Maar de politieke discussies waren abstract en procedureel. Ook in de PvdA, waar mijn hart lag. Nou, besloot ik, dan moet je daar zelf iets concreets tegenover stellen. Een andere drijfveer was dat ik me kapot ergerde aan de arrogantie die de PvdA in Amsterdam uitstraalde. Dat moest veranderen.'

Het was een beslissing die zijn vader schrik aanjoeg. Asscher voelt het mee: 'Omdat het me uit de anonimiteit zou halen. Anonimiteit beschermt.'

Hans van Mierlo zei dat in de politiek de 'wildebeestengeur' hangt. Daar kreeg Lodewijk Asscher de afgelopen jaren volop mee te maken. Bij de PvdA-lijstrekkersverkiezingen voor de deelraad in Amsterdam Nieuw-West meende hij te moeten interveniëren. Asscher pushte zijn favoriete kandidaat Ahmed Marcouch zo fervent dat de merendeels Marokkaanse kiezers van de weeromstuit de conservatievere Achmed Baâdoud verkozen.

Mogelijk is Asscher in dergelijke situaties bedilzuchtig, betweterig of autoritair. Mogelijk is hij het allemáál. Hij weet het, en het zal hem worst zijn. 'De technocraten zijn de politici die je zo weer vergeet. Degenen met uitgesproken opvattingen, zoals Joop den Uyl, onthoud je.'

***

Heldere, stevig verankerde, consequent en krachtig uitgedragen standpunten - daaraan ontbreekt het de PvdA in Asschers optiek sinds Wim Kok in 1995 de 'ideologische veren' van de partij af-schudde. Wouter Bos zou te veel de Shell-manager zijn gebleven die hij eens was. Job Cohen zit vast in zijn rol van de-boel-bij-elkaar-houder.

'Job haalt niet de bovenste maat van de Nederlandse politiek', constateerde broer Floris Cohen (historicus) jaren terug al in Nieuwe Revu. 'Hij heeft geen eigen visie, eigen ideeën. Job zou niet mijn ideale premier zijn.'

Volgens intimi gebruikt Lodewijk Asscher soortgelijke kwalificaties. In het openbaar drukt hij zich milder uit: 'De PvdA is de afgelopen jaren bedrevener geweest in het etaleren van machteloosheid dan in het verkondigen van onze idealen.'

Als voorzitter van de Wiardi Beckman Stichting, het wetenschappelijk bureau van de Partij van de Arbeid, werkt Asscher aan nieuwe vergezichten. Het electorale lek ter linkerzijde ('De meeste van onze ontrouwe kiezers wijken uit naar de SP') wil hij dichten met hardcore sociaal-democratische opinies: inkomenssolidariteit, volksverheffing, weg met het aandeelhouderskapitalisme, bevordering van kleinschalige zorg en onderwijs. Rechts bedient hij door de nadruk te leggen op een gezonde financiële huishouding en 'law and order'.

Haagse ambities? Geen sprake van, heeft Asscher vaak aangegeven: hij is niet verslaafd aan de politiek, hij acht de prijs die politici op het Binnenhof betalen te hoog, hij wil een goede vader zijn.

Zijn dit de werkelijke redenen die hem beletten zich op zeker moment te kandideren voor het PvdA-lijsttrekkerschap? Vermoedelijk niet. Wie hem goed leert kennen, raakt ervan over-tuigd dat zijn persoonlijke achtergrond hem terughoudend maakt.

'De politiek is een riskante onderneming', zei hij eens. 'Binnen mijn familie weten we daar, zoals gezegd, alles van. (...) Veel mensen in mijn kring zeggen: waarom zou je zulke risico's nemen, waarom kies je voor het gevecht in die grote boze wereld?'

Vrienden en collega's zijn duidelijk: gezien zijn zeldzame talent, de precaire positie van de sociaal-democratie en zijn kritiek op de partijtop, heeft Lodewijk Asscher de morele plicht zijn vrees te overwinnen en de overstap naar de landelijke politiek te maken. Niet voor niks verkondigde hij zelf meermalen: 'De ultieme opdracht voor de politiek is je telkens afvragen of je niet de makkelijkste weg kiest.'

Een poging het leiderschap van de PvdA te verwerven, vraagt om lef en kwetsbaarheid. Maar van Asscher vergt het nog méér. Wanneer hij zich bij een kabinetscrisis zou opwerpen als de verlosser van zijn partij, slachtoffert hij weer een prominent politiek geestver-want. Ironisch genoeg opnieuw een man met wie hij een joodse achtergrond deelt. Met Rob Oudkerk betrof het nog een broedermoord. Met Job Cohen zal het om niets minder gaan dan een vadermoord.

Dit artikel is gebaseerd op interviews en ontmoetingen met Lodewijk Asscher, alsmede gesprekken met mensen in zijn (politieke) omgeving. Daarnaast zijn citaten ont-leend aan artikelen in dag- en weekbladen (grotendeels Vrij Nederland) en stukken die door Asscher zelf werden geschreven.

LODEWIJK ASSCHER

Geboren 27 september 1974, Amsterdam

1986-1992 Sorghvliet Gymnasium, Den Haag

1992-1998 studie Nederlands recht, Universiteit van Amsterdam

2002: gepromoveerd op communicatiegrondrechten

2002-2006 universitair docent informatierecht aan de UvA

1997 lid PvdA

2002-2006 gemeenteraadslid, vanaf 2004 fractievoorzitter PvdA

2005 lijsttrekker PvdA voor de gemeenteraad in Amsterdam

2006-heden locoburgemeester en wethouder Economische Zaken, Financiën, Onderwijs, Inburgering, Jeugd


IRP:  

Naar Wetenschap en religie , Wetenschap lijst , Wetenschap overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]