De Volkskrant, 29-06-2016, column door Heleen Mees .2010

Het draait wel degelijk om de economie


Tussentitels: Het is volkomen rationeel dat de arbeidersklasse voor Brexit stemt

Volgens Washington Post-columnist Anne Applebaum was het een vergissing te denken dat het bij het Brexit-referendum om de economie zou draaien, zoals gemeenplaats is geworden sinds Bill Clinton de Amerikaanse presidentsverkiezingen in 1992 won met de slogan 'It's the economy, stupid!'

Applebaum citeert in plaats daarvan George Orwell die in 1940 schreef over de grote aantrekkingskracht van ondemocratische politiek en nationalistische retoriek. 'Mensen willen niet alleen comfort, veiligheid en een kortere werkweek', aldus Orwell in zijn bespreking van de Engelse uitgave van Mein Kampf. 'Ze willen ook, in ieder geval op zijn tijd, strijd en zelfopoffering, om over trommels, vlaggen en parades nog maar te zwijgen.'

Maar als het Brexit-referendum de economie overstijgt, waarom zijn de Brexit-stemmen dan voornamelijk geconcentreerd onder kiezers uit de (voormalige) arbeidersklasse? Zoals Arie Elshout afgelopen zaterdag in een fraaie reportage over de arbeidersstad Stoke-on-Trent schreef, gaat het om een groep kiezers die met haar stem voor de Brexit een kans ziet om terug te slaan.

Stoke-on-Trent was ooit het centrum van de Britse aardewerkindustrie. Nu is de werkloosheid er hoog. De voormalige arbeiders voelen zich in de steek gelaten en zien in hun stem voor de Brexit een kans om terug te slaan. Lees hier verder.

Ook de aanhang van Donald Trump en Bernie Sanders (net als die van Geert Wilders en Marine Le Pen) bestaat voornamelijk uit ontevreden witte mannen uit de lagere middenklasse. Waarom ontbreekt het andere sociale klassen aan dat oerinstinct dat volgens Orwell zo alomtegenwoordig is?

Het antwoord op die vraag is natuurlijk dat het wel degelijk om de economie draait. De theorie over internationale handel voorspelt dat elk land dat zich bezighoudt met internationale handel er per saldo op vooruitgaat, hoewel op korte termijn bepaalde arbeidsplaatsen verloren gaan. Dat zijn tot nu toe vooral de banen van fabrieksarbeiders geweest. Maar de winst van de winnaars van vrijhandel, zo wil de theorie, is groot genoeg om de verliezen van de verliezers te compenseren. Het is dus een win-win. Op die simpele aanname is de politieke steun voor internationale vrijhandelsverdragen gebaseerd.

De Brexit kon gebeuren doordat de winnaars van globalisering in Groot-BrittanniŽ, zeg maar de bankiers, systematisch hebben geweigerd de verliezers van globalisering, de arbeidersklasse, te compenseren. Sterker nog, de rekening van de wanprestaties van de financiŽle sector is voor een groot deel bij de arbeidersklasse neergelegd. Vindt u het gek dat die nu in opstand is gekomen?

Volgens Elshout gaat het om een vergeten klasse die vooral gehoord wil worden. Maar het is ook volkomen rationeel voor deze groep kiezers om voor een Brexit te stemmen. Hoewel de Britse economie zal verliezen door een Brexit, zal de arbeidersklasse er juist van profiteren, hoewel dat laatste zal afhangen van hoe rigoureus de handelsrelaties tussen VK en EU worden teruggedraaid.

De Britse elite, met The Economist en The Financial Times als voornaamste spreekbuizen, heeft een ton boter op haar hoofd. Zij heeft de Brexit zelf in de hand gewerkt door globalisering toe te juichen zonder voor de bijbehorende inkomensherverdeling te pleiten. Door de stemmen vůůr een Brexit af te doen als gevoed door emotie en misinformatie door de Britse tabloids, miskent zij de kern van het probleem. Tijdens de Brexit-campagne was immigratie weliswaar een belangrijk thema, maar migranten zijn niets anders dan een dicht-bij-huisrepresentatie van het fenomeen globalisering. De inkomenseffecten van immigratie voor de verschillende sociale klassen komen ook in grote lijnen overeen met die van internationale handel.

Volgens de voormalige Amerikaanse minister van FinanciŽn en CEO van Goldman Sachs, Henry Paulson, moeten we internationale handel omarmen omdat dankzij de naoorlogse handel het gemiddelde huishoudensinkomen in de VS met 10.000 dollar per jaar is gestegen. Paulson vergeet er echter bij te vertellen dat het inkomen van het gemiddelde huishouden in de VS, het mediane huishoudensinkomen, sinds 2000 juist met 10 procent is gedaald. Het verschil tussen de twee wordt verklaard doordat voornamelijk de elite, en dan met name de top 0,1 procent, haar inkomen en vermogen flink zag stijgen. Paulson zou dat moeten weten - hij behoort namelijk tot die top 0,1 procent met een geschat netto vermogen van 700 miljoen dollar.

In plaats van de toenemende ongelijkheid - ten onrechte - te wijten aan de automatisering en een schaamteloos pleidooi te houden voor verdere globalisering, zou Paulson leiders in Amerika en elders moeten oproepen om serieus werk te maken van herverdeling, te beginnen met zijn eigen vermogen en dat van zijn soortgenoten.

   

Web:
De Brexit draait wťl om de economie
TT:
De Britse elite heeft een ton boter op haar hoofd



Red.:  


Naar Onderwijsbeleid, lijst , Rijnlands beleid , Rijnlands beleid, overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]