WERELD & DENKEN
 
 

Cultuur, Joods, kwaadaardigheid: Rivke Jaffe

Rivke Jaffe heeft in de openbaarheid een korte maar heftige carrière gekend, waaraan herinnerd werd door werkzaamheden aan de verzameling over het ondermaatse functioneren van de sociologie uitleg of detail , onder welke paraplu haar werkzaamheden vielen.

Meer precies was dat de culturele antropologie, het vakgebied dat op de kaart is gezet door Claude Lévi-Strauss uitleg of detail , evenals Jaffe van het volk van het Oude Testament, en daar gaat het allemaal om: de daarbij horende denkafwijkingen en denkstoringen.

Voor de eerste bijdrage moet we terug naar 2011 - het rechtse kabinet dat toen zat heeft (wat) afstand genomen van het multiculturele ideaal, en de minister Maxim Verhagen die dat deed heeft dat ook nog eens duidelijk geformuleerd. Zij het in termen van "angst voor" allochtone immigranten in plaats van het juistere "afkeer van hun gedrag".
    De cultureel antropologen verslikten zich natuurlijk collectief in hun maaltijd, en die van de Universiteit Leiden verzonden een brief-op-poten naar de multiculturalistische krant - of beter: "één van de ..."  (de Volkskrant, 01-07-2011, ingezonden brief van Rivke Jaffe, Maarten Onneweer & Annemarie Samuels, Instituut Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie, Universiteit Leiden):
  Angst voor de Ander

Het feit dat vicepremier Verhagen (in zijn toespraak van 28 juni, O&D) angst voor 'buitenlanders' begrijpelijk en terecht vindt, baart ons ernstige zorgen. Juist een rooms-katholieke CDA'er zou moeten begrijpen hoe belangrijk het is om een dergelijke angst voor de Ander te overwinnen.   ...

Die kop is zoals ze vaak weer alleszeggend: "de ander" is dieventaal voor "allochtonen" of gekleurde  immigranten", en 'de Ander', met Hoofdletter, maakt er een principekwestie, een ideologische kwestie, van. In feite is dit al het pad naar de "HOLOCAUST!!!"
    Van het tweede, dat 'Angst', kan je zeggen dat het ligt aan de formulering van Verhagen. Maar Verhagen deed dat natuurlijk omdat "ANGST!!!" de standaardformulering is in het door politiek-correcten gedomineerde debat over allochtonen in het algemeen en met name moslims.
    Terwijl de werkelijheid een ander is: de mensen die bezwaar maken tegen en kritiek hebben op de islam, doen dat niet zozeer uit "angst ervoor", maar uit "afkeer van". Ze willen de islam niet. Gezien het weerzinwekkende grdrag van moslims over de hele wereld.
    Dus dat is al vervalsing nummer twee.
    De tekst:
  Is ons collectief geheugen zo kort dat we zijn vergeten hoe lang rooms-katholieken als een vreemde, bedreigende, ja haast buitenlandse groep werden gezien? ...

En daar is nummer drie: "De moslims van nu zijn als de katholieken van toen" uitleg of detail . Meestal komende in de vorm "De moslims van nu zijn als de hugenoten van toen" uitleg of detail , of ook wel "De moslims van nu zijn als de Joden van toen" uitleg of detail .
    Allemaal redenaties van de vorm "Een koe heeft hoorns en is vee - een paard is vee - dus, ergo, q.e.d: een paard heeft ook hoorns"
    Alhier: de enige overeenkomst tussen moslims van nu en hugenoten van toen is dat het beide immigranten zijn. De enige overeekomst tussen katholieken van toen en moslims van nu is dat ze beide op Nederlandse grondgebied verblijen. Verder verschillen ze als dag en nacht (hoewel, speciaal voor Rivke en andere Heilige Schriften bestuderende en Heilige Waarheden koesterende soortgenoten: ook alle twee onderdelen van een etmaal dus die zijn ook hetzelfde ...)
  ...De katholieken uit het zuiden van het land - met hun paapse gewoontes, hun grote gezinnen en hun vermeende loyaliteit aan Rome - veroorzaakten destijds ook veel onbehagen. Toch rouwen weinig Nederlanders om het einde van de verzuiling.

Argumentatiefout nummer vier: "De verzuiling met de katholieken is verdwenen, dus de verzuiling met de moslims al ook verdwijnen". De fout: aan die verzuiling is geen einde gekomen door culturele vermenging. Er is een einde aan gekomen omdat aan beide kanten de kerken zijn leeggelopen. De moskeeén zijn zich juist ana hetvullen, zie de steeds verder toenemende omhulling in de bijpassende klederdracht: dagelijks hoofddoeken op de televisie en ze willen ze ook al bij de politie.
    Volgende:

  Het CDA is in 1980 ontstaan uit voormalige aartsvijanden KVP, CHU en ARP. Tegenwoordig verenigt het CDA relatief probleemloos protestantse en rooms-katholieke leden.

Argumentatiefout nummer vijf (onwaarheid): de richtingenstrijd is nog altijd onderhuids aanwezig, en bij problemen heftig.
   En gemeenschappelijk hebben deze argumenten een vorm van zwart-wit-maken: neem het verschil tussen protestanten en katholieken als dat tussen 5 en 6 - ze hadden namelijk natuurlijk veel meer gemeen dan dat ze verschilden. Op dezelfde schaal is het verschil tussen, zeg, protestanten en moslims iets als tussen 5 en 25.
    In alle gehanteerde argumentatie wordt het ene verschil gelijkgesteld aan het andere als "Verschil". Oftewel: "Absoluut Verschil".
    Het archetypische Joodse "Er is een Absoluutt Heerser wiens Naam niet Genoemd mag worden"-denken.

Dit was het wat betretf de landelijke media. Maar meer lokaal, binnen de Leidse academia, ging het nog even door (Leids universiteitsblad Mare, 19-04-2012, column door Rivke Jaffe, universitair docent culturele antropologie):
  Bestaat een niet-Nederlands uiterlijk?

Alweer zo'n geval waarin de koppen boekdelen spreken. Deze is van het niveau:

  Bestaat een niet-koeïg uiterlijk?

Waarop je kan gaan debatteren, maar indachtig de aanwzijingen van taalkundige S.I. Hayakakwa   ook gewoon het volgende kan doen:

Aanwijzen.
    En concluderen dat in die kop al grote scheppen taalmanipulatie en andere vormen van kwaadaardigheid schuilen.
    De aanleiding voor het artikel:
  De afgelopen weken was een artikel van Leidse criminologen en juristen volop in het nieuws: uit hun onderzoek blijkt dat politierechters verdachten met een niet-Nederlands uiterlijk strenger straffen.

Een onderzoek van hetzelfde allooi als dat van Diederik Stapel, ongetwijfeld - de werkelijkheid is namelijk tegenovergesteld uitleg of detail . Ongetwijfeld zijn de veronderstelde resultaten het gevolg  van de sterke oververtegenwoordiging van allochtonen in de criminaliteit uitleg of detail .
  Een belangrijk onderzoek, want het wijst op de institutionalisering van discriminatie binnen het rechtsstelsel, bij uitstek een institutie waar gelijke behandeling centraal zou moeten staan. Blijkbaar is Vrouwe Justitia toch niet zo blind.

Iets dat de onderzoekers ongetwijfeld al van mening waren lang voor de start van het onderzoek - anders ga je zo'n soort onderzoek namelijk niet doen, want ieder normaal mens gaat er vanuit dat dat níet gebeurt in de rechtszaal. Rivke Jaffe en de overgrote meerderheid van de overige collega's gaan uit van een ander werkvermoeden: het blanke racisme (gekleurd racisme is er natuurlijk niet ...).
  Ik was zelf bij het lezen van het artikel (gepubliceerd in het Nederlands Juristenblad) geïntrigeerd door een ander aspect, namelijk het gebruik van de term 'niet-Nederlands uiterlijk'.
    Hoe meet je zoiets? Wat is een 'niet-Nederlands uiterlijk', en hoe operationaliseer je het als variabele? Je komt al snel uit bij andere, politiek-filosofische kwesties uit: wat is überhaupt 'Nederlands'?

Beste Rivke, dat is heel simpel: je gaat met twee blaadjes, één gevuld met een dozijn foto's van Chinezen en één gevuld met een dozijn foto's van Nederlanders, dat wil zeggen: geen immigranten, naar de Leidse Haarlemmerstraat (de lokale grote winkelstraat), en je vraagt aan zeg, zo'n honderd gewone Leidenaars om aan te wijzen wie de Chinezen zijn, en wie de Nederlanders. En noteer het aantal gewone Leidenaars dat het mis heeft.
    Goed, Rivke weet dus dat het anders zit en er geen echt verschil is. Dus moeten de verschijnselen die dat suggereren natuurlijk een andere oorzaak hebben:
  Aan de Universiteit van Amsterdam is een groep sociologen en antropologen bezig met een onderzoek naar de 'culturalisering van burgerschap'. Zij kijken naar hoe, binnen Nederlandse discussies over burgerschap, de nadruk is verschoven van juridische definities naar culturele definities. Nederlanderschap wordt steeds minder gezien als een nationaliteit, een staatsburgerlijke status, en steeds meer als een culturele eigenschap of affiniteit. Dit Amsterdamse onderzoek biedt een sterke analyse van recente maatschappelijke en politieke ontwikkelingen.

Precies wat de sociologen en antropologen dus al dachten (denkt u nu ook weer aan Diederik Stapel?).
  Maar het belang van uiterlijke, lichamelijke kenmerken in processen van in- en uitsluiting komt nauwelijks aan bod.
    Hoe zit het met de 'somatisering' van burgerschap? Bewust of onbewust is voor veel mensen Nederlanderschap niet alleen een kwestie van paspoort of cultuur, maar ook van uiterlijk. Hoeveel generaties je familie ook in Nederland woont, hoe cultureel aangepast je ook bent, als je uiterlijk 'afwijkend' is (van een blonde, blauwogige norm?) zal je vaak als 'niet-Nederlands' worden ingedeeld.
    Het Leidse onderzoek werd uitgevoerd op basis van observaties door studenten met een gestandaardiseerde checklist. Bij navraag begreep ik dat de variabele 'niet-Nederlands uiterlijk' gebaseerd was op een combinatie van de subjectieve inschatting van de observant, en de registratie van het geboorteland van de verdachte. Bij onduidelijkheden moesten observanten dit kenmerk open laten. Als er onzekerheid bestond of het uiterlijk van de verdachte al dan niet Nederlands was, werd die case niet opgenomen in de analyse. Dit was slechts in tien van de 541 zaken het geval, dus de observanten voelden zich vrij zeker over hun vermogen het onderscheid tussen een Nederlands en een niet-Nederlands uiterlijk te maken.

Rivke gelooft er geen barst van dat de Leidse Haarlemmerstraat het onderscheid tussen Chinezen en Nederlanders kan maken ...   
  Als we niet uitkijken, draagt ons wetenschappelijke werk ook bij aan de somatisering van burgerschap. Studenten – en allicht zelfs rechters – denken een trefzeker onderscheid denken te kunnen maken tussen Nederlandse en niet-Nederlandse gezichten of lichamen. Kunnen wij wetenschappers het ons permitteren om die assumpties, of die taal, kritiekloos over te nemen? Als we er in ons onderzoek vanuit gaan dat – hoe subjectief gedefinieerd ook – er iets bestaat als een niet-Nederlands uiterlijk, versterken we de associatie tussen nationaliteit en fenotype.

Je hoort het hoe ze het zichzelf wijsmaakt. In weerwil van de kennis van het tegendeel dat toch ergens in haar hoofd moet moeten zitten.
  Mijn eigen discipline, de antropologie, heeft een roemloze geschiedenis van somatische categorisering. Diverse vormen van 'antropometrie', van schedelmeten tot visuele ordeningen, werden ingezet om de mensheid in een afgebakende serie standaardtypen te verdelen.

En dat is natuurlijk iets dat nooooit meer mag gebeuren.
    Oh ja, we schreven zojuist dat de kennis van het tegendeel ongetwijfeld in haar hoofd moest zitten. Dat schreven we niet alleen op grond van gezond verstand:
  Daarnaast heb ik zelf een uiterlijk en een naam die vaak als niet-Nederlands worden geïnterpreteerd.

Ach ja ... Die specifieke niet-Nederlandse afkomst hoeft niet naar geraden te worden. En die verklaart veel: nooit geen holocaust meer. Dat dit soort ideologische en leugenachtige verhalen de snelste weg richting volgende holocaust wijzen, is iets dat de antropoloog met 100 procent zekerheid ontgaan is.

Dat waren twee gevalletjes "De Ander". Aantonende dat Nederlandsers niet deugen. Over naar de derde manier om dat aan te tonen: de Nederlanders deugden vroeger ook al niet.
    Daar kan de islam niet helpen, want als Nederland vroiger iets met de islam te maken heeft gehad, dan was dat toch vooral vormen van last. Maar er dus ook nog die andere etnie die Nederland sinds 1970 verrijkt heeft: de zwarten. En die kunnen wel wat inbrengen ten bewijzee dat de Nederlanders van nu niet deugen omdat ze roeger ook niet deugden: "KOLONIALISME!!!". En nog mooier: "SLAVERNIJ!!!"

En in het kader daarvan heeft men het in de media met toenemende frequentie, ten tijde van het volgende artikel, 2011, iets van wekelijks en ten tijde van het maken van deze verzameling, 2018, dagelijks, over de SLAVERNIJ!!!, het liefst met de aanhef "Men heeft het nooit over de slavernij, laten we het eens over de slavernij hebben".
    Waarvan in 2011 dus de zoveelste versie werd afgedraaid, in de vorm van een serie uitgezonden door de NPR.  Tijdens het reclamefilmpje voor de serie spreekt de zwarte man de volgende zin uit "De slavernij is de meest vergeten periode uit de Nederlandse geschiedenis".
    In de uitvoering is gekozen voor de vorm van een menging van de menselijke factor en achtergrondfeiten. Maar dat houdt dus de aanwezigheid van onafhankelijke deskundigen in. En met die onafhankelijke deskundigen loop je een risico - het risico dat ze onafhankelijke feiten gaan noemen. Wat dus gebeurde, tot ongenoegen van andere onafhankelijke deskundigen, namelijk degenen die iets minder hebben met de onafhankelijke feiten (de Volkskrant, 15-10-2011, Aspha Bijnaar, Gert Oostindie en Alex van Stipriaan):
  Serie slavernij was te vaak te relativerend

In de tv-serie De Slavernij is gekozen voor het geven van veel context. Dit leidt tot zoveel relativering dat het lijkt alsof het nogal meeviel met de slavernij.


Tussentitel: Slavernij blijft een wrede en beschamende geschiedenis

De boodschap. De slavernij is de "black holocaust". En de boodschap komt niet van de minsten:
  Als adviseurs zijn wij persoonlijk betrokken geweest bij de opzet ervan, maar de uitwerking ging buiten ons om, die zien ook wij nu pas op tv.   ...

Aspha Bijnaar is verbonden aan het Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis (NiNsee).
Gert Oostindie is verbonden aan KITLV-KNAW en de universiteit Leiden.
Alex van Stipriaan is verbonden aan het Tropenmuseum en de EUR.

Maar achteraf vinden ze dus:
  Het is goed dat de serie er is en wij horen vooral van een niet-ingewijd publiek veel positieve reacties. Maar er is ook heftige kritiek te horen, met name van hen voor wie deze geschiedenis meer vertrouwd is, wetenschappers incluis. En die kritiek is in sommige opzichten volkomen terecht.

Waarna nog een flink stuk prietpraat volgt om tot de essentie te komen:
  Natuurlijk is de serie geen poging het slavernijverleden van Nederland weg te moffelen of te vergoelijken. Integendeel, de serie maakt duidelijk dat het slavernijverleden bij de Nederlandse geschiedenis hoort. Maar deze boodschap wordt inderdaad nogal lichtvoetig gebracht.

Grappig genoeg wordt dit tot in detail uitgelegd:
  Voor het grote verhaal worden terecht woorden gebruikt als 'dramatisch', 'de hel', 'mensonterend'.

Oftewel: de bombast en retoriek van de bekende boodschap: de black holocaust.
  Maar zodra wordt ingezoomd op concrete mensen, gebeurtenissen of afwegingen leidt de ook door ons bepleite keuze voor het geven van veel context nogal eens tot een overmaat van relativering, soms zelfs een beeld van harmonie. Dan lijkt alles nogal te zijn meegevallen; er viel 'best leuk te leven' op een Surinaamse plantage, zoals het heet in de vierde aflevering; harde straffen waren nauwelijks aan de orde.

Een leugen. Wat er gezegd werd dat er wel harde straffen werden uitgedeeld, maar dat dat geen dagelijkse maar een meer uitzonderlijke gebeurtenis was. Tezamen met de veroordelingen van het specifieke geweld en woorden als  'dramatisch', 'de hel', 'mensonterend' een redelijk plausibel beeld.
    Maar dan volgt het hoogtepunt in dit artikel: de argumentie:
  Natuurlijk, het sterftepercentage van Afrikanen was tijdens de overtocht naar het Caribisch gebied niet hoger dan dat van de matrozen, in Nederland hadden de armen het ook niet best, Afrikanen zelf waren de toeleveranciers van slaven aan de Europeanen, de plantages waren geen concentratiekampen, slavernij is van alle tijden... Allemaal waar, maar het geven van zoveel context schiet vaak zijn doel voorbij, zeker als dat gemoedelijk voortkabbelend wordt verteld.

Oftewel: feiten moeten niet vermeld worden als ze niet overeenkomen met "Het Zwartste Scenario".
    Het essentiële punt in hun lijstje verzachtende omstandigheden aangaande de black holocaust is natuurlijk dit: 'Afrikanen zelf waren de toeleveranciers van slaven aan de Europeanen'. Dat het essentieel is, weten ook de black holocaust-aanhangers hulpverleners, multiculturalisten en antropologen, want als er iets verdonkeremaand wordt in deze context is het niet de straffen en de mensonterendheid, maar het feit dat het Europese "slavenhalen" in hoge mate beperkt was tot "slaven vervoeren", want de slaven werden "kant en klaar" afgeleverd door Afrikanen, zwraten, bij de blanke nederzettingen (nauwelijks meer dan enkele forten) aan de kust. Het slavenhalen werd gedaan door de Afrikanen.
    De auteurs maken bezwaar tegen de vermelding van dit feit  - het artikel is een en al verontwaardig over dat de serie De slavernij de zwarten niet uitsluitend afschildert als de volkomen onschuldige slachtoffers van een volkomen harteloze stel massa-moordenaars:
  Die laatste aflevering moet dan wel heel veel bijspijkeren, als correctie op keuzen die eerder in deze serie zijn gemaakt. Te vaak is daar gekozen voor de relativerende toon, te weinig voor het tegengeluid, een ander perspectief, het debat

Oftewel: "de slavernij" is het absolute zwarte blank tegen het absoluut onschuldige zwart.

Dit was de situatie in het "openbare" debat, wat geen debat is want de feiten mogen niet besproken worden - althans: alleen selectief en vertekenend. Die feiten werden wat verder uitgewerkt in het academische debat (Leids universiteitsblad Mare, 29-09-2011, door Vincent Bongers):
  'Er bestond geen Black Holocaust'

Hoe moet Nederland omgaan met zijn slavernijverleden? Mare vroeg het drie experts. 'Mensen zijn niet gebaat bij excuses'

Tussentitel: Slavernij was gewoon business

Slavernij staat weer in de belangstelling. ...

Let op dat 'weer''. Oftewel: slavernij staat met regelmaat in de belangstelling.
  Mare vroeg drie Leidse kenners hoe om te gaan met een pijnlijke periode uit de geschiedenis.
    Gert Oostindie is hoogleraar Caraïbische geschiedenis, directeur van het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde en werkte mee aan het scenario van De Slavernij. Piet Emmer, emeritus hoogleraar geschiedenis, is ook te zien in de serie en verzorgt momenteel de Studium Generale-reeks ‘Nederland en de Europese expansie overzee’. Lotte Pelckmans promoveerde vorige week op antropologisch onderzoek naar de gevolgen van slavernij in Mali.

Gert Oostindie zijn we dus zonet tegengekomen. Let op zijn woorden in Mare in vergelijking tot die in de Volkskrant.
  Slavernij was toch gewoon?
Oostindie: ‘Wij vinden het bizar, maar in de hele wereldgeschiedenis is onvrijheid een constante.’

Precies dus het soort relativerende opmerking die Oostindie in de Volkskrant nog afkeurde.
  Pelckmans: ‘Je moet het in de juiste tijdsgeest zien, maar dat mag geen excuus zijn. Het is geen reden om de zaak te banaliseren en er geen aandacht aan te schenken.’
    Emmer: ‘We willen voortdurend dat 17e-eeuwse mensen door de ogen kijken van de 21e eeuw. Dat werkt niet. Met het geweten van nu was men er nooit aan begonnen. En als je uitrekent wat de slavenhandel opbracht, vraag je je af waarom ze in vredesnaam zoveel moeite deden. Het leverde wel enige winst op, maar als je het afzet tegen het nationaal inkomen is het miniem. Nederland was verantwoordelijk voor ongeveer vijf procent van de trans-Atlantische slavenhandel.’
    Oostindie: ‘Plantages waren geen concentratiekampen, het was geen “Black Holocaust”, al wordt dat soms gesuggereerd. De Holocaust was erop gericht om zoveel mogelijk mensen te vernietigen. Slavenhandel was niet bedoeld om Afrikanen dood te maken, maar juist om rijk te worden - zij het over de rug van anderen ...

En alweer spreekt Oostindie anders dan in de Volkskrant. Zijn laatste opmerking is overigens niet ter zake doende: rijk worden gaat vrijwel altijd over de rug van anderen, ook nu. En vervolgens gaat het helemaal mis:
  Slavenhandel was niet bedoeld om Afrikanen dood te maken, maar juist om rijk te worden ... met racistische argumenten.

Voor het laatste is een tegenargument: Amerikaanse indianen werden niet tot slaven gemaakt. De tussentitel zegt het nog eens duidelijk: het drijvende argumenten was geld. De slechte behandeling was het gevolg.
    Nog een argument:
  Emmer: ‘Waarom maakten ze niet gewoon arme Nederlanders tot slaaf? Dat was makkelijker. We hebben vreselijke dingen met Europeanen gedaan, maar tot slaaf maken gebeurde niet. Het was culturele voorkeur om het niet de doen. Al is dat een zwak argument. Met eigen volk gingen we ook slecht om.’

Waarvan akte.
   Volgende tafereel:
  Zijn excuses nodig?
Oostindie: ‘Publiekelijk zeggen: “Dit had zo niet gemogen,” moet natuurlijk wel en dat is ook gebeurd. Verder is het belangrijk om op fatsoenlijke manier om te gaan met de voormalige koloniën in de vorm van erkenning en ook ontwikkelingshulp.’
    Emmer: ‘Maar je kunt nog veel meer schuldvragen stellen. Vrouwen werden niet als gelijke behandeld. Kinderarbeid was aan de orde van de dag. En wat te denken van dierenmishandeling? We hebben ook geen hondenkarren meer.’
    Pelckmans: ‘Ik denk dat mensen niet echt gebaat zijn bij excuses. Investeer liever geld in het publiek maken en het verhaal vertellen. Het gaat er om dat mensen zich bewust worden en blijven van het slavernijverleden en dat ook met het heden kunnen verbinden.’
     Oostindie: ‘De Nederlandse staat benadert het verleden op een rare moraliserende wijze. In 2002 werd de oprichting van de Verenigde Oostindische Compagnie (VOC) herdacht in de Ridderzaal. De koningin en premier Kok waren erbij. Er hing een feestelijke sfeer. Drie maanden later waren dezelfde prominenten aanwezig bij de onthulling van het Nationaal Monument Slavernijverleden. Toen was het juist spijt betuigen geblazen over de core business van de West-Indische Compagnie (WIC).
    De overheid waait mee met wat bepaalde groepen migranten willen: “Indische Nederlanders, zijn jullie trots op de VOC en niet boos over het kolonialisme? Dat komt goed uit. Dat zijn wij eigenlijk ook. “Surinamers en Antillianen: Jullie zijn niet blij met de WIC, dan zijn wij dat ook niet.” Dat is “u vraagt, wij draaien.”’

Allemaal uit politieke-correctheid: als een minderheidsgroep iets vraagt, geef je het. Anders discrimineer je en ben je een racist.
    En dan dat andere dan al genoemd is:
  Pelckmans: ‘In West-Afrika wordt de interne slavernij in de doofpot gestopt. De aandacht gaat uit naar de trans-Atlantische slavenhandel. Het komt overheden goed uit om een gezamenlijke boeman te hebben, dat leidt af van de eigen problematiek. Het schept ook eenheid in de West-Afrikaanse natiestaten die nog zo jong zijn. Als je gaat porren in het verleden van die landen krijg je conflicten en verwijten.’

Inderdaad: de slavernijdiscussie is een instrument. Voor vieze zaken.   
  Heeft slavernij ondanks de ellende ook positieve kanten?
Emmer: ‘Dat is het rare. Er zitten veel vreselijke aspecten aan. Maar op het punt van voedsel was vaak niets mis. Je ging een dure investering niet laten verhongeren. Het dieet van slaven in Noord-Amerika rond 1850 was beter dan wat Fiat-arbeiders in 1939 aten in Italië. Als je skeletten vergelijkt van West-Afrikaanse kinderen in de puberteit met die van leeftijdsgenoten die zijn opgegraven bij slavenkerkhoven dan blijkt dat slavenkinderen langer zijn. En lang zijn betekent: beter eten en minder ziekten. Als je nu aan een lange zwarte basketballer denkt, denk je niet aan een West-Afrikaan maar aan een Noord-Amerikaan.’
    Pelckman: ‘Na de aardbeving in Haïti, een land waar veel nazaten van slaven wonen, bood de president van Senegal slachtoffers een stuk land in zijn land aan. Hij stelde dat de Haïtianen dubbel gestraft waren vanwege hun slavenachtergrond en de aardbeving. Aan Senegalezen met slavenafkomst in eigen land zou hij nooit land aanbieden.’
    Oostindie: ‘In een systeem dat totaal niet deugt, wordt er tegen de klippen op gewoon geleefd. En dus ook cultuur ontwikkeld. De hedendaagse popmuziek is via de blues en de jazz bijvoorbeeld ook een erfenis van de slavernij.’
    Emmer: ‘In het Caribische gebied waren er soms honderden slaven tegenover een paar plantagehouders en opzichters. Het is toch te gek om te denken dat dit functioneerde zonder medewerking van die slaven.’

Tel hierbij op het gemeten verschil tussen streken die al dan niet gekoloniseerd zijn geweest: degene met (het meeste) kolonialisme en dus ook met (het meeste) slavernijverleden doen het in de huidige tijd het beste  .

Een goed artikel dus, van Mare. De ideologen waren het er natuurlijk volstrekt niet mee eens. Oftewel: tijd voor Rivke Jaffe om zich in het debat te mengen (Leids universiteitsblad Mare, 06-10-2011, column door Rivke Jaffe, universitair docent culturele antropologie):
  Waarom niet gewoon toegeven?

En alweer zegt de kop bijna alles: "Waarom niet gewoon toegeven want ik heb per definitie gelijk".
    Alweer dus die ideologische gestoordheid: het komt niet in het soort mensen op dat ze wel eens niet gelijk zouden kunnen hebben. "De Absolute Heerser" die je niet mag noemen of "Allah" of "God" heet.
    Het is een storing met een heel groot met goud versierd en rode lakzegels behangen certificaat: "GESTOORD!!!
    De tekst:

  Slavernij staat weer volop in de belangstelling, aldus Mare vorige week. Drie Leidse wetenschappers kwamen aan het woord om hun licht te schijnen op het slavernijverleden.   ...
    Emmer staat bekend om zijn voorliefde voor provocerende opmerkingen. ...

Oftewel: iedere uitspraak waarin mijn ideologiën worden tegengesproken is een provocatie. Gewoon weer dezelfde storing van dat certificaat, dus.

  ... provocerende opmerkingen. Hij roept al jaren in verschillende media dat de Nederlandse slaven het helemaal niet zo erg hadden ...

De hondsbrutale Joodse leugen uitleg of detail : Emmer stelt dat ze niet iedere dag doodgemarteld werde, zoals de zwraten en aanhang het oorstelt.

  ...  Ik vind het zelf nogal bizar om te impliceren dat het niet erg is om een mens als een verhandelbaar product te behandelen, als je hem of haar maar genoeg eten geeft. ...

Weer een retorische truc: herhaling. niemand heeft gesteld dat slaverij niet erg is.

  ...  Ah, volgens Emmer werkten de slaven zelf mee aan hun eigen onderdrukking. ...

Tweede hondsbrtale Joodse leugen: Emmer stelt dat zwarten meewerkten aan de slavernij, niet de slaven, natuurlijk. De zwarten van de ene stam die zwaryen van een andere stam tot slaaf maakten, en daarna verkochten aan de blanken. Zoals de Ashanti, waarvan er nu ook een paar duizend in Nederland rondlopen zonder dat iemand tegen ze zegt dat ze gore slavenmakers zijn.

  ...  aan hun eigen onderdrukking. Lomp, maar we zijn niet echt anders van hem gewend. ...

Het kan niet anders: "Hondsbrutale leugens, maar we zijn niet echt anders van Joden als Jaffe gewend".
    En dan misschien de mooiste:
  Alsof dit Nederlandse verleden minder erg is omdat er ook zwarte slaveneigenaren waren

Maar natuurlijk wel. Hier een stukje uit de sciencefiction - onze held spreekt tegen de ideoloog die hem gevangen genomen heeft onder het mom van "Principes":
  ‘Wat jij zo groots – met hoofdletters en trompetgeschal – ‘Wetten der Ethica’ noemt, zijn helemaal geen wetten, maar gewoon kleine hompjes stam-ethos, waarnemingen van een bende inheemse woestijnschaapherders om de orde in het huis – of de tent - te bewaren. Deze regels kunnen niet algemeen worden toegepast; zelfs jij moet dat inzien. Denk eens aan de verschillende planeten waar je bent geweest, en aan het aantal vreemde en wonderbaarlijke manieren waarop de mensen op elkaar reageren – en probeer dan eens tien gedragregels te bedenken die in al deze gemeenschappen kunnen worden toegepast. Een onmogelijke taak. Toch wil ik wedden dat jij tien regels hebt waarvan je wilt dat ik ze eerbiedig, en als een daarvan verspild is aan een verbod om gesneden beelden te aanbidden, kan ik me wel voorstellen hoe algemeen die andere negen zijn. Je gedraagt je niet ethisch als je ze overal waar je komt probeert toe te passen – je zoekt alleen maar een bijzonder overdreven manier om zelfmoord te plegen!’
    ‘Je beledigt me!’
    ‘Dat was de bedoeling. Als ik je niet op een andere manier kan bereiken, zal je misschien door belediging uit je toestand van morele zelfingenomenheid. Hoe durf je er ook maar aan te denken mij te laten veroordelen voor het feit dat ik geld gestolen heb uit het casino van Cassylia, terwijl ik mij alleen maar aanpaste aan hun eigen ethische regels! Zij hebben valse gokspelen, dus moet het hun plaatselijke ethische wet zijn dat het normaal is om vals te spelen. Dus bedroog ik ze, volgens hun eigen normen. Als ze ook een wet hebben uitgevaardigd dat valsspelen verboden is, is de wet onethisch, niet het valsspelen. Als jij me terugbrengt om me volgens die wet te laten veroordelen gedraag jij je niet ethisch en ben ik het hulpeloze slachtoffer van een slechte man.’

Q.e.d.

Jaffe doet wat de held in het citaat bestrijdt: het aanleggen van absolute normen van goed en kwaad, en die normen zijn onafhankelijk van plaats en tijd. Een vast onderdeel van het ideologisme. Van het Oude Testament.
    Een ander onderdeel is het doordraven:
  Alsof dit Nederlandse verleden minder erg is omdat er ook zwarte slaveneigenaren waren, of omdat men in Afrikaanse landen nog minder praat over hun eigen rol in de slavenhandel. Misschien dat je, als je jarenlang onderzoek doet naar dit onderwerp, de behoefte voelt om het te relativeren. Of misschien zijn hun antwoorden in een andere context geplaatst door de journalist – ik snap ook niet helemaal waarom die het nodig vond om te vragen naar de positieve kanten van de slavernij. Ook onder de nazi’s werden er prachtige wegen gebouwd, en bloeide de chemische industrie op. Dus?

Fijne van dit niveau van discussiëren is dat de persoon met de geestelijke kwaal zijn kwaal zo helder uiteen kan zetten. Voor wie het nog niet helemaal duidelijk is: het argument heeft de op webfora bekende vorm: "Hitler scheet, jij schijt, dus jij deugt ook niet". Je kan hier voor "schijt" ook het wat minder schurende "ademt" invullen.
    Oeriugens zijn dieposoitieve kanten evidetn oor iedereen met weinig ooroordelen en eneig waranemingsvermodeg: noveral waar nazaten van roegre sleen zitten, hebben ze het ongelofelijk veel beter dan in Afrika. met als getuigenis: er is er nog geen entje beprapt op terugkeer naar Afrika, tenzij die als zeer rijk was.
    Nog een paar bijverschijnselen:
  Waarom willen we als Nederlanders zo graag de lelijke kanten van ons koloniale verleden verzwijgen, ontkennen of bagatelliseren?

Ten eerste: er is geen sprake van bagatelliseren, maar van het corrigeren van een absoluut zwart-wit beeld. Dit is dus zwart-wit denken van de kant van Jaffe. Ten tweede wordt 'de Nederlanders' iets toegedicht dat ze niet vinden - dat is de retorisch truc van de stroman  . Ten derde is dit niet iets dat Nederlanders vinden, maar een kleine groepje - de meerderheid der Nederlanders is geïndoctrineerd door het Black Holocaust denken van mensen als Jaffe.   
  Waarom kunnen we niet gewoon toegeven dat het wél erg was, dat de erfenis van dat koloniale verleden in de 21e eeuw nog steeds doorspeelt, en daar wat aan proberen te doen?

Er is uitgebreid toegegeven dat het erg was, en door een ruime meerderheid van mensen als Jaffe dat het het absolute "erg" was.
  Omgaan met ons slavernij- en koloniale verleden houdt ook in dat je erkent dat dat verleden de bron is van veel stereotypen, vooroordelen en vormen van discriminatie die nog steeds leven.

Dat is vroeger misschien waar geweest, maar inmiddels, sinds de zestiger jaren, in Nederland volkomen verkeerd in zijn tegendeel, zoals we boven gezien hebben: lelijke dingen mag je alle zeggen over blanken, maar beslist niet over gekleurde mensen, en al helemaal niet zwarte. Je mag van blanken gemakkelijk zeggen dat het oplichters zijn, maar van zwarten niet dat het schieters zijn. Terwijl het laatst op zijn minst even waar is.
  Omgaan met ons slavernij- en koloniale verleden houdt ook in dat je erkent dat dat verleden de bron is van veel stereotypen, vooroordelen en vormen van discriminatie die nog steeds leven. Op straat, in de media, ook op de universiteit. In het politieke klimaat van 2011 is dit geen populaire boodschap, maar is daar niet juist een rol weggelegd voor kritische, onafhankelijke wetenschappers?

En dat laatste is een aperte leugen: probeer maar eens iets over het slavernijverleden te zeggen dat verder gaat dan dat het het absolute zwart is, bijvoorbeeld in de Mare, en de ideologen en racisten staan huizenhoog op de barricades. Bijvoorbeeld in de Mare.

Het is allemaal een uitnemende demonstratie van hoe ernstig deze gestoordheid is. Men gaat er tot in het kleinste detail op door, met oogkleppen die niet meer die naam mogen hebben omdat het er op lijkt dat die ogen, oftewel: het waarnemen, geheel is verdwenen. Men blijft maar voorlezen uit de eigen Heilige Schriften.

Op één ding had deze redactie graag ook nog ingegaan: dat 'kritische, onafhankelijke wetenschappers'. Maar dat hoefde niet: Piet Emmer deed het zelf al - maar we beginnen met wat ander commentaar van hem (Leids universiteitsblad Mare,, 13-10-2011, door Piet Emmer, emeritus hoogleraar geschiedenis):
  Jammer de loopgraven zijn alweer betrokken

Slavernij

Uit haar reactie op het openingsartikel in Mare 4 met de titel ‘Er bestond geen Black Holocaust’ blijken mijn opmerkingen over de relatief gunstige materiële welvaart van de slaven ten tijde van de koloniale slavernij universitair docente antropologie Rivke Jaffe in het verkeerde keelgat te zijn geschoten. Volgens haar had de journalist van Mare helemaal niet mogen vragen naar de positieve kanten van de slavernij, ook al zouden die er geweest zijn. Dat zou maar tot ‘goedpraterij’ leiden. ...

Welk argument we al noemden.
  Jaffe is evenmin gecharmeerd van het feit dat Gert Oostindie, Lotte Pelckmans en ik in vrijwel eensluidende bewoordingen uitlegden dat de ophef over de afbeeldingen van de koloniën op de Gouden Koets op historische onkunde was terug te voeren, dat de slavenhandel en slavernij niet ten doel hadden de slaven te vermoorden, en dat alleen een uitgekiend systeem van geven, nemen en het bevoordelen van collaborateurs onder de slaven het mogelijk maakte dat deze instituties zo lang konden bestaan. Let wel, nergens in haar reactie komt Jaffe met een wetenschappelijk onderbouwde weerlegging van de genoemde feiten. In plaats daarvan wijst zij op het nazisme, dat ieder weldenkend mens nu afwijst ondanks het feit dat dit politieke systeem wellicht ook op een paar positieve resultaten kon bogen.

Het is van het niveau dat deze redactie erg goed kent van de discussies met rabiate multiculturalisten.
  Een aantal aspecten van het nationaal-socialisme en fascisme zijn zo verwerpelijk, dat niemand in his right mind met de kennis van de wereld van na 1945 zulke ideologieën nog zou willen aanhangen. Het woord Auschwitz zegt alles. Maar hoe zat het met de mensen met alleen kennis van de wereld van vóór 1945? Het antwoord op deze vraag zal mevrouw Jaffe nooit kunnen geven. Politieke correctheid verhindert haar zich in te leven in de afweging tussen goed en kwaad zoals die in de periode tussen de Wereldoorlogen gemaakt werd. Die handicap maakt het haar onmogelijk om de studenten op wetenschappelijke wijze duidelijk te maken hoe het kwam dat miljoenen en nog eens miljoenen Europeanen deze radicale ideologieën omarmden. Want zodra ze op zoek gaat naar verklaringen en zou wijzen op de dramatische ontwrichting van de maatschappij ten gevolge van de Eerste Wereldoorlog,van de economische wereldcrisis, en van de agressieve ideologieën ter linkerzijde, heeft ze het idee iets fouts goed te praten en laat ze de wetenschap in de steek.

En hier raakt Emmer een essentiële zaak die deze redactie ontgaan was: het is de wetenschappelijke plicht van Jaffe om alle bekende factoren betrokken bij een historisch proces te benoemen. Er daarvan een aantal weglaten omdat ze niet in een ideologisch straatje passen is een doodzonde.
    Emmer trekt het op logisch wijze door naar het slavernijdebat:
  Slavenhandel en slavernij worden thans als verwerpelijke instituties gezien. Maar dat was tot het midden van de negentiende eeuw voor het overgrote deel van de Europeanen, Afrikanen en Aziaten helemaal niet zo. Om dat te begrijpen hebben een groot aantal collega’s en ik de laatste veertig jaar veel onderzoek gedaan. Daarbij is gebleken dat de acceptatie van de slavernij door de slaven onder meer op collaboratie berustte, terwijl men in Europa eeuwen lang vrede had met dat instituut, onder meer omdat de slaven in de koloniën er in materieel opzicht zeker niet slechter aan toe waren dan het proletariaat in West-Europa, om van de horigen in Oost-Europa en van de slaven in Afrika zelf maar te zwijgen. Dat die bevindingen door mevrouw Jaffe worden afgedaan als ‘lomp’ en ‘provocatief’ bewijst weer de verwoestende werking van de politiek-correcte cocon, waarin zij zich heeft opgesloten. Mevrouw Jaffe is helemaal geen wetenschapper, maar een ‘do-gooder’, die discriminatie wil uitbannen en honderd vijftig jaar na dato nog steeds de – overigens niet verder gespecificeerde - gevolgen van de slavernij wil verzachten. Dat lijken me op zichzelf loffelijke doelen, maar niet voor een universitair docent. Ga dan werken bij Amnesty of Slavery International.

Waarna de conclusie zichzelf trekt:
  De universiteit heeft behoefte aan onafhankelijk denkende wetenschappers. Niet aan mensen, die bang zijn dat de uitkomsten van hun onderzoek zullen ingaan tegen de waan van de dag, het rechtvaardigheidsgevoel, de verheffing van de onderdrukten der aarde of wat dan ook. Dat zijn geen wetenschappelijke doelen. Alles van waarde is weerloos en dat geldt ook voor de wetenschap. In het ergste geval ontslaan we hoogleraren en docenten, die plagiaat plegen en onderzoeksgegevens vervalsen. Politieke correctheid is echter veel schadelijker voor het wetenschappelijk onderzoek en onderwijs, maar vormt geen reden voor zulke sancties. Waarom eigenlijk niet?

Dat had deze redactie ook willen schrijven: weg met deze niet-wetenschapper bij een wetenschappelijke instelling. Het is lichtelijk bevreemdend zulke radicale taal vanuit de instituties zelf te horen. Het geeft aan hoe ernstig de situatie bij die instituties is.

Dit was allemaal van een dusdanig hoog niveau, dat mevrouw Rivke Jaffe de bijpassende eer is verleend: ze is hoogleraar geworden aan de Universiteit van Amsterdam uitleg of detail .


Naar Joods, kwaadaardigheid  , PC club  , of site home  .

 

\26 jan.2018