De Volkskrant, 29-05-2012, door Paul Verhoeven en Rob Scheers .2010

Episode 62: Annie Hall

Volgens Verhoeven

In Annie Hall benut Woody Allen alles wat de afgelopen honderd jaar aan filmgrammatica is bedacht. Hij heeft besloten:
fuck it! - als ik het zo en zo doe, is het veel leuker.

Tusentitel: 'Aan Annie Hall heeft Woody Allen eindeloos gesleuteld, aanvankelijk zou het een komisch moordmysterie zijn'

'De laatste tien jaar was ik Woody Allen wat uit het oog verloren, ik kende zijn thematiek nu wel. Maar toen ik vorig jaar jurylid was bij Film by the Sea, werd zijn nieuwste als openingsfilm vertoond: Midnight in Paris. Heel licht, maar heel leuk. Een beetje spelen met het verleden, met het Parijs ten tijde van het interbellum, en alle vooraanstaande kunstenaars die daar destijds rondliepen. Een goed gecaste film is het ook, met name Adrien Brody als de geëxalteerde Salvador Dalí.

Binnen dat enorme oeuvre van Woody Allen - hij heeft alleen al meer dan veertig speelfilms geregisseerd - wordt Annie Hall vaak geroemd als een van zijn beste producties, en dat is terecht. Je kunt vandaag geen romantische komedie zien zonder aan Annie Hall te denken, de film heeft echt school gemaakt. Zonder Annie Hall geen When Harry Met Sally (1989), en alles wat daarna kwam. Of denk aan een tv-serie als Seinfeld, ook bijzonder Allen-esk. Het is de vrijheid die hij neemt met de cinematografische mogelijkheden, in Annie Hall benut hij alles wat de afgelopen honderd jaar aan filmgrammatica bedacht is. Hij heeft besloten: fuck it! - als ik het zo en zo doe, is het veel leuker. Heel gedurfd.

Dat loopt van citaten uit Laurel & Hardy tot aan Ingmar Bergmans Wilde aardbeien en een vleugje Scènes uit een huwelijk. Het gaat van voice-over en het rechtstreeks in de camera spreken, tot aan het invoegen van flashbacks uit zijn jeugd. Soms staat hij naar zichzelf te kijken, vanuit het heden naar het verleden, hij geeft daar commentaar bij, begint als het nodig is met omstanders een discussie. En voor een ingevoegd stukje tekenfilm, of een scène in split-screen schrikt hij ook niet terug. Hij doorbreekt voortdurend het normale narratief: Annie Hall is een collage in beelden, maar het verhaal loopt stevig door. Het wordt hyperbolisch opgediend, maar het is geen slapstick, het heeft een basis in de realiteit, dat is het aardige. Komt nog bij dat de acteurs heel goed geregisseerd worden, ze zijn to the point, ze kennen hun teksten, ze durven ermee te spelen, er is veel improvisatie, het oogt lekker los.

Vooral de verdienste van Dianne Keaton, ze brengt Annie ontwapenend op ons over. Ik ken precies zo'n soort meisje, actrice Carola Gijsbers van Wijk. Zij is al net zo springerig, charmant chaotisch en associatief, ze speelde mee in de dubbelaflevering De Byzantijnse beker van mijn tv-serie Floris. Zonder de aanwezigheid van Diane Keaton zou Annie Hall heel wat minder warm zijn geweest. Hoewel ze gek genoeg lang niet altijd in beeld is, bleek mij pas bij herzien, vormt ze de ziel van de film. Zij is wie je onthoudt, die rol lijkt haar op het lijf geschreven. En dat kan goed kloppen, want een paar jaar tevoren had Keaton ook in werkelijkheid een tijdje iets met Allen, dus hij weet waarover hij spreekt.

In het verhaal speelt hij stand-up comedian Alvy Singer, in wie we moeiteloos Woody Allens neurotische zelf herkennen. Een jaar na de breuk vraagt hij zich hardop af waarom het toch misliep tussen Annie en hem, en hij probeert dat te reconstrueren. Toen hij haar op de tennisbaan leerde kennen, was Annie nog een bleu provinciaals meisje uit Chippewa Falls, Wisconsin. Ze reed rond in een kevertje, ze was naar New York gekomen om haar geluk als nachtclubzangeres te beproeven. Aan het einde is ze uitgegroeid tot zelfstandige vrouw, met een zangcarrière in Los Angeles, en inmiddels wereldwijs genoeg om bij iedere intellectuele conversatie haar mannetje te kunnen staan. Zij heeft zich ontwikkeld, hij geenszins, en dat zal ongetwijfeld wel de reden voor hun verwaaide relatie zijn.

Met Annie Hall probeerde Woody Allen afscheid te nemen van zijn eerdere luchtige comedies. Ditmaal zocht hij naar een verhaal met enige diepgang, durfde er meer van zichzelf in te stoppen, maakte hij het semi-autobiografisch. Hij heeft er eindeloos aan gesleuteld, aanvankelijk zou het nog een komisch moordmysterie zijn. Veel scènes werden weggegooid, en helemaal aan het einde heeft hij nog eens twee weken extra opnametijd toegevoegd. Toch laat het onverlet dat er binnen die nieuwe, wat zwaardere context talloze geslaagde grappen zitten, en de spitsvondigste dialogen.

Annie en hij houden vaak zware pseudo-filosofische gesprekken, over de zin van het leven en de stand van de wereldliteratuur. Ondertussen weten wij wat ze echt bezighoudt, want hun heimelijke gedachten worden in ondertitels weergegeven. Zo van: 'Als ik het op deze manier aanpak, kan ik haar dan versieren?' En zij: 'Ik vind hem wel leuk, maar dat hoeft hij nu nog niet te weten.'

De schijnwereld van Hollywood krijgt ervanlangs, en ook ziet Alvy Singer overal antisemitische samenzweringen, hij ratelt daar maar over door tegen zijn vriend Rob (Tony Roberts). Er hoeft maar iemand over Wagner te beginnen, of het is al foute boel. Woody Allen toont dat gehakketak bij wijze van Joodse zelfspot, natuurlijk. Leon de Winter zou daar eens een voorbeeld aan kunnen nemen. Van Woody Allen leren we: zonder zelfspot vaart niemand wel.'

Annie Hall
(1977)

Genre: romantische komedie

Regie: Woody Allen

Met: Woody Allen, Diane Keaton, Tony Roberts, Paul Simon, Shelley Duvall e.v.a.

93 min/kleur

Winnaar van 4 Oscars


IRP:  



Naar Wetenschap en religie , Wetenschap lijst , Wetenschap overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]