De Volkskrant, 22-06-2013, boekrecensie door Ariejan Korteweg .2010

Non-fictie | Gaskell en Van Dantzig in de rommelige oertijd van de danskunst in Nederland

Mevrouw

Sterk, onbuigzaam en bezeten was Sonia Gaskell, de danspedagoge die het Nederlandse ballet groot maakte. Haar leerling Rudi van Dantzig gedenkt haar talent én haar 'terreur' in zijn postuum gepubliceerde herinneringen.


Tussentitel: 'Je hebt wel goeie voeten, maar rug is slecht. Is stijf en hangkt; als oude man'

'Elleboog niet hangken', zei ze, terwijl ze tegen zijn arm duwde. 'Uitdraaien, niet zitten. En die popo oeptrekken. Begraipen joelli?' Dat de arme Rudi het zweet uitbrak, liet haar onverschillig: 'Veel te slap. Is wel geen vakantie. Wérken...!' Met afkeuring in haar stem: 'Dóen, niet hangken; zó lijkt wel niets!'

Na afloop van die eerste proefles in 1951 was Sonia Gaskell (1904-1974) niet mals voor Rudi van Dantzig, toch een van de weinige jongens die het aandurfden tussen de meisjes aan de barre te staan om haar lessen te volgen. 'Is wel zeer veel aan je te doen', zei ze, terwijl ze zuinig haar lippen verfde. 'Je hebt wel goeie voeten, maar rug is slecht. Is stijf en hangkt; als oude man.'

Daar kon de toekomstig artistiek leider van Het Nationale Ballet het voorlopig mee doen. Toch mocht Van Dantzig terugkomen bij Gaskell. Had ze toen nee gezegd - de 17-jarige Rudi was nog maar een half jaar eerder met balletlessen begonnen - dan had de Nederlandse dans er nu anders en hoogstwaarschijnlijk minder florissant uitgezien. Dan had er nu ook niet zo'n intrigerend boek over Sonia Gaskell gelegen.

Alleen al het taalgebruik, door Van Dantzig met malicieuze precisie overgenomen, maakt duidelijk dat er met Gaskell een heel vreemde vogel is neergestreken in Nederland. Een dame die een vleug Parijse elegantie paart aan een onvermoede kracht, die groot genoeg zal blijken te zijn om de Nederlandse dans een beslissende duw in de goede richting te geven.

De jaartelling van het ballet in Nederland begint vaak met de drie 'Vannen': Hans van Manen, Rudi van Dantzig en Toer van Schayk, waar dan later nog Jiri Kylian bij komt. Dat in de jaren daarvoor ook is gedanst, wordt dan gemakshalve vergeten. Dat heeft zo zijn redenen: dans is een vergankelijke en vergeetachtige kunst. In de jaren vijftig en zestig werden balletten zelden op film vastgelegd en al helemaal niet genoteerd; veel van wat toen werd gemaakt, is verdwenen.

Daar komt bij: Sonia Gaskell was voor alles een pedagoge; haar choreografieën - Van Dantzig geeft er hoog van op - hebben geen repertoire gehouden. Dat alles moet hem veel aandrang hebben gegeven zijn herinneringen aan haar op papier te zetten. Hij - de man met twee talenten: choreografie én schrijven - was de enige die het kon doen. Bijna alles maakte hij van nabij mee: haar lessen, haar gezelschappen, haar leiderschap, de intriges, de overwinningen, de grote en kleine 'balletoorlogen' die zouden worden uitgevochten.

Met het plan voor het boek heeft hij lang rondgelopen. Een ziekte kwam ertussen; Van Dantzig herstelde weer wat, maar hervond zijn vroegere energie niet. Het schrijven vorderde langzaam, zijn geheugen werd minder, hij kreeg last van dementie. Toen hij op 78-jarige leeftijd stierf, op 19 januari vorig jaar, was het boek nog niet af. Het hinkte op drie gedachten, schrijft Maria Vlaar in het nawoord. Het was tegelijk levensschets, geschiedschrijving en verslag van een verhouding tussen meester en leerling. Op dat laatste heeft ze bij haar bewerking van het materiaal de nadruk gelegd.

Een biografie mag je zijn boek, hoe uitgebreid ook, niet noemen. Van Dantzig schrijft over zíjn Gaskell. Of liever: zijn 'Mevrouw', want dat is de aanspreektitel die ze voor hem een leven lang zal houden. Over de perioden waarin ze uit beeld was - Gaskell was een wispelturig type dat zomaar kon vertrekken zonder dat iemand wist waar ze uithing en of ze terug zou komen - tast ook hij in het duister. En als hij zelf oversteekt naar het Nederlands Dans Theater, in de ogen van Gaskell het vijandelijke kamp, verdwijnt Mevrouw een tijdlang achter de horizon.

Mondjesmaat worden in het boek de feiten opgediend. Hoe ze opgroeide in Litouwen, waar ze in 1904 als Sara Gaskelyte werd geboren, hoe ze als joods meisje naar Palestina vertrok en in een kibboets ging werken, hoe ze met haar eerste echtgenoot in Parijs belandde en vlak voor de oorlog zou trouwen met de Nederlandse architect Philipp Heinrich Bauchhenss, in wiens kielzog ze in Amsterdam belandde. Daar ging ze doen waar ze goed in was: balletles geven.

Ballet is in Nederland dan nog een exotisch verschijnsel, vooral bekend door passerende gezelschappen als het Grand Ballet de Monte Carlo du Marquis de Cuevas. En iemand als Gaskell is in Amsterdam geen alledaagse verschijning. Van Dantzig beschrijft haar als elegant, sterk, vrijgevochten, veeleisend, maar ook koket als de omstandigheden dat vereisen. Dat zijn de eigenschappen die haar in staat stellen te bereiken wat ze voor ogen heeft: zonder Gaskell had Nederland Het Nationale Ballet niet gehad, en misschien ook geen Nederlands Dans Theater.

Wie daar aan mocht twijfelen, zal dat na dit boek niet meer doen. Gaskell is niet alleen een groot pedagoog, maar heeft ook een goed ontwikkeld strategisch inzicht. Om het publiek aan zich te binden schroeft ze de Nederlandse inbreng zo hoog mogelijk op. De keuze voor componisten uit eigen land is bij haar haast een verplichting.

Er is ook een keerzijde, die maakt dat de verhouding tussen Van Dantzig en zijn Mevrouw altijd onder spanning zal staan. Voor Van Dantzig wordt dat opnieuw duidelijk als hij tijdens het schrijven naar oude foto's kijkt, waar ze omringd wordt door haar zussen: 'Sonia is zo te zien het minst toegankelijke meisje in de groep: een vreemd waakzame en niets of niemand vertrouwende blik. De zachtheid en deemoedigheid die bij de anderen de overhand heeft, lijkt bij Sonia afwezig.' Dat is de Gaskell met wie Van Dantzig twee decennia lang te maken heeft: een vrouw met een enorme wilskracht, die anderen wantrouwt, haar leven zorgvuldig afschermt en van haar dansers eist dat ze alles voor hun vak opzij zetten.

In zekere zin zal ze altijd een raadsel voor hem blijven. 'Gaskell was een vrouw van uitersten', schrijft hij: 'een onoplosbare puzzel, raadselachtig en tegelijk prozaďsch, nuchter, hard en bezeten. Ze riep vaak heftig verzet bij me op, maar op diezelfde momenten realiseerde ik me dat ze op wát voor manier dan ook het beste uit haar leerlingen, maar ook uit zichzélf omhoog wilde halen.'

'Ze stond overal een beetje buiten, of boven', constateert Van Dantzig. Hij noemt haar 'een meester in het níét tonen van haar gevoelens'. En omdat ze een vaardigheid beheerst die in Nederland zeer schaars is, kan ze zich veel permitteren. Ze koeioneert haar leerlingen, vertrekt als het tij tegen zit met onbekende bestemming, geeft bij haar terugkeer tekst noch uitleg en onttrekt haar contacten in de balletwereld aan het zicht: was ze nu echt zo intiem met Balanchine? Lag Parijs werkelijk aan haar voeten?

De vele botsingen tussen de dansers en hun strenge meesteres zijn terug te voeren op die eigengereidheid. Gaskell houdt niet van werkroosters en laat de rolverdeling zo lang mogelijk in het vage. Het is haar manier om iedereen scherp te houden, maar Van Dantzig maakt aannemelijk dat het vooral tot uitputting, huilpartijen en uiteindelijk schisma's leidde.

Van Dantzig was een man met een groot rechtvaardigheidsgevoel, die onbevangen in het leven stond. Die eigenschappen maakten hem vaak de spreekbuis van het verzet. Als tijdens een tournee in het Duitse Passau twee dansers 's nachts naar de hotelkamer van Gaskell moeten om uit te leggen dat het zo echt niet langer kan, is hij een van hen. De passage over die verzetsdaad is een van de beste in het boek: 'Haar ogen flitsten heen en weer; haar nachtpon net over de knieën, en niet de hakjes maar versleten slofjes aan haar voeten, eksterogen onzichtbaar. Het was een bijna hulpeloze aanblik.'

De vele botsingen die hij met haar had, maakten hem volgens sommige hoeders van de Nederlandse balletgeschiedenis ongeschikt om over haar te schrijven. Deze Herinneringen aan Sonia Gaskell bewijzen het tegendeel. Juist een vrije, open geest als Van Dantzig is bij machte de even ontembare Mevrouw in al haar onnavolgbaarheid voor het nageslacht vast te leggen. Van Dantzig, die voor zichzelf ook hard was, spaart haar niet. Zowel zijn bewondering als zijn woede krijgt de vrije teugel. Tegelijk maakt hij zichtbaar welke uitwerking dat alles op hemzelf had; Gaskell dwong hem positie te kiezen en zich af te vragen waarom hij in hemelsnaam danser wilde zijn.

Via Gaskell portretteert Van Dantzig ook zichzelf. Als een grote aarzelaar, die zijn leven lang zou twijfelen of hij wel gemaakt was voor de danskunst, die zijn eigen prestaties altijd zou relativeren en tegelijk een verborgen reservoir aan koppigheid en stellige opvattingen had, waarmee hij ongrijpbare persoonlijkheden als Gaskell het hoofd kon bieden. Dat alles tegen het decor van die rommelige oertijd van de danskunst in het Nederland van de wederopbouw, met gezelschappen als Ballet Recital I en II, het Nederlands Ballet, het Nederlands Dans Theater en Het Nationale Ballet. Mooie bijrollen zijn er daarbij in het boek voor Jaap Flier, Marianna Hilarides, Carel Birnie en Maria Huisman.

Mevrouw en ik, dat was de titel die eerder overwogen werd. Rudi zou nooit het woord 'ik' op de omslag willen, zeiden zijn nabestaanden. Dat zal waar zijn. Maar voor een boek dat als een gelaagde pas-de-deux reliëf geeft aan twee fascinerende karakters, had het niet misstaan.

DANSER EN SCHRIJVER

Rudi van Dantzig (1933-2012) was naast danser, choreograaf en artistiek leider van het Nationale Ballet ook een getalenteerde schrijver. Zijn romandebuut Voor een verloren soldaat (1986), gebaseerd op zijn jeugd in de Tweede Wereldoorlog, kreeg de Geertjan Lubberhuizen Prijs en werd verfilmd door Roeland Kerbosch. Ook publiceerde hij herinneringen aan de dansers Olga de Haas en Rudolf Noerejev, en een biografie van de beeldend kunstenaar en verzetsstrijder Willem Arondéus.
 


IRP:   'Je hebt wel goeie voeten, maar rug is slecht. Is stijf en hangkt; als oude man'  :   Ja, maar ... , zwart-witdenken (absolutisme), cynisme (niets deugt).



Naar Wetenschap en religie , Wetenschap lijst , Wetenschap overzicht , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]