De Volkskrant, 27-02-2016, van verslaggever Mark Moorman .2010

Reportage | Tentoonstelling Joods Historisch Museumt

Toen Amy nog meisjesdromen had

Een kleine, intieme expositie over een kort en deels tragisch leven. Zangeres Amy Wine house hoopte als kind al onsterfelijk te worden.

Tussentitel: De intimiteit van de collectie is tegelijk ontroerend en licht verstikkend

In 1997 schreef de jonge Amy Winehouse uit Noord-Londen een opstel, een written assessment, voor de Sylvia Young Theatre School. Het moest dienen als een schriftelijke auditie. Eerste zin: All my life I have been loud to the point of being told to shut up. En: 'Ik wil dat mensen mijn stem horen en hun zorgen even vijf minuten vergeten.'

Missie geslaagd zou je kunnen zeggen, maar we weten nu dat het repertoire van Amy Winehouse (1983-2011) klein zal blijven; een handvol klassieke songs, een onvergetelijke stem en een kort, deels tragisch, leven. De documentaire over dat leven, Amy door Asif Kapadia, trok honderdduizenden Nederlanders naar de bioscoop.

Het komende half jaar is in het Joods Historisch Museum de reizende tentoonstelling Amy Winehouse: a family portrait te zien, oorspronkelijk opgezet door het Jewish Museum in Londen, met behulp van broer Alex Winehouse, als vertegenwoordiger van de familie en beheerder van de nalatenschap.

De tentoonstelling richt zich vooral op de jonge Amy. De wereldster die voor het oog van de wereld haar ondergang tegemoet ging, blijft hier grotendeels buiten beeld. Er is een postume Grammy te zien, een van de zeven, voor het duet dat ze samen met haar held Tony Bennett zong.

En de cover van Rolling Stone Magazine uit 2007 is er te zien, met de kop The diva & her demons. Wie goed kijkt ziet een van die demonen opduiken in het coverbeeld: ze heeft de naam Blake op haar linkerborst getatoeeerd. De destructieve verhouding tussen Blake Fielder-Civil en Amy zal zeker hebben bijgedragen aan haar ondergang, maar heeft ook een paar van haar mooiste nummers opgeleverd, waaronder het hartverscheurende break-up nummer Back to black ('I died a hundred times').

Maar de geest van Blake is nog ver te zoeken op de expositie, die meer in het teken staat van de familiebanden en de dromen van een jong meisje. 'Being Jewish to me is about being together as a real family' is de openingstekst bij de entree van de expositie. Het eerste voorwerp waar we tegenaan lopen is het jurkje dat ze droeg in de clip van Tears dry on her own, met een brede leren riem om haar taille. Het jurkje (van het label Arrogant Cat) hangt in een vitrine, een glazen kistje. We zien meer van haar kledingstukken, haar schoenencollectie, haar eerste platen, delen van haar Snoopy-collectie, een schooluniform, een koffer vol familiefoto's en haar eerste gitaar, waarmee ze voortdurend poseerde. En een stamboom die de familielijn aan vaders en moeders kant terugvolgt naar Joodse immigranten uit Oost-Europa, die zich vooral in East London zouden vestigen.

De intimiteit van de collectie is tegelijk ontroerend en licht verstikkend. We willen weliswaar alles weten en mogen door een museale walk-in closet lopen, maar het noodlot dat over al deze meisjesdromen hangt, is moeilijk te ontlopen. De familie, die zich overigens nadrukkelijk van de film Amy heeft gedistantieerd, presenteert hier haar eigen Amy.

Het was makkelijk geweest hier een tranentrekker van de eerste orde van te maken, maar er is bijvoorbeeld geen muziek te horen. Ja, als we naar buiten lopen en we de diva, in haar allerbeste doen, Back to black zien zingen - in de film The day she came to Dingle. Dan is er geen houden meer aan.

Ze was een rebelse tiener, staat in de officiŽle catalogus van de expositie, en was tijdens de lessen op de Sylvia Young Theatre School vooral bezig met het schrijven van liedjes. Een van de opmerkelijkste items uit de expositie is een handgeschreven lijst van favoriete liedjes ('Songs on my chill-out tape') die tijdens een van de lessen in beslag werd genomen.

Er staan 25 nummers op, die aangeven hoe breed haar smaak was, van Sinatra (Fly me to the moon) tot Offspring (Selfesteem), van The Platters (Only you) tot Pearl Jam (Alive). Op plaats 24 staat Carole King met So far away, met de telkens herhaalde regel 'Doesn't anybody stay in one place anymore'.

Dit was het nummer dat vijftien jaar later op haar begrafenis zou worden gespeeld.


Amy Winehouse: A Family Portrait, 29/2 t/m 4/9, Joods Historisch Musum


Web:
De expositie over Amy Winehouse is klein en intiem


IRP:   


Naar Cultuur, gelijkheid , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]