WERELD & DENKEN
 
 

Culturele gelijkheid, joods: sociologisch

.2010


Zie sociologische_krachten_cultuurstrijd_erkenning (meer voorbeelden daar)


Uit: De Volkskrant, 09-01-2014, van correspondent Arie Elshout
 

'Tijgermoeder' brult VS weer wakker: waarom Joden en Indiërs beter zijn

 De Tijgermoeder is weer op oorlogspad. Prof. Amy Chua schrijft in een nieuw boek dat sommige bevolkingsgroepen in Amerika het zoveel beter doen dan andere en probeert te verklaren waarom dat zo is. Het is een gevoelig onderwerp en het woord 'racistisch' is al gevallen, nog voordat het boek is uitgekomen.
    Chua, een Amerikaanse van Chinese komaf, die doceert aan de prestigieuze Yale-universiteit, is niet bang. Drie jaar geleden trapte ze op vele tenen met het boek Battle Hymn of the Tiger Mother. Zij beschreef daarin hoe zij haar twee dochters opvoedde: snoeihard en veeleisend en niet begripvol en omzichtig, zoals ouders in de VS.
    Ze beweerde dat haar 'Chinese' aanpak betere resultaten oplevert. Ze bezorgde de Amerikanen daarmee een acute aanval van existentiële nood. Zijn we te soft voor onze kinderen en zullen we het daarom afleggen tegen Azië en de Aziaten?, vroeg menigeen zich af.    ...


Red.:   Dat zal de toekomst uitwijzen. Voorlopig is het zo dat Chinezen naar Amerika en West-Europa komen om te leren, en westerlingen naar China gaan om daar geld te verdienen en de Chinezen wat te leren. Niet andersom. Chua houdt er een volkomen eenzijdig wereldbeeld op na - waarvan de oorzaak zo meteen volgt.

  Volgens recensenten die voorinzage hebben gehad, schrijft Chua over bepaalde 'culturele' groepen die veel beter presteren dan anderen. Dat zijn volgens haar Joden, Mormonen, Chinezen, Cubaanse ballingen, Nigerianen, Indiërs, Libanese Amerikanen en Iraniërs. Joden winnen veel Nobelprijzen, Mormonen doen het goed in het bedrijfsleven en de financiële sector en Chinese kinderen excelleren op school, zelfs als hun ouders arm en laagopgeleid zijn. Hoe kan dat?

Ten eerste: de factoren voor het (relatieve) succes verschillen per bevolkingsgroep, en kunnen dus niet zomaar tezamen worden genomen. Met één uitzindering: het zijn immigranten in Amerika. En Amerika selecteert sterk op capaciteiten. Dus dat de groepen immigranten in Amerika goed presteren zegt absoluut niets over de waarde van hun thuisculturen.
    Dan de eerste essentiële tweedeling: 'Joden winnen veel Nobelprijzen'. Inderdaad. En nog wat van die dingen. Maar voor de rest geldt dat niet. Dus eerst dient een onderscheid gemaakt te worden tussen Joden en niet-Joden.
    Eerst de niet-Joden: dat die ze extra succesvol zijn, is vermoedelijk alleen te danken aan de selectie. Pleeg je eenzelfde selecties op de blanke, "causasian" of "kaukasche", Amerikanen, heeft die groep nog veel meer succes.
    Dan de Joden. Die lijken op zijn minst even succesvol als de blanke bevolkingsgroep. Ook hier is er eerst een demografische reden: de Joden in Amerika zijn in ruime tot overgrote meerderheid immigranten uit Oost-Europa. Europeanen. Wat die Joden mee hebben gebracht is Europese cultuur. Niet Joodse cultuur, want Joodse cultuur, dat wilzeggen: de echt van oudsher Joodse dingen, heeft niets meer gebracht dan die van hum stam-cultuur: de Arabische. Beide volken, Joden en Arabieren, zijn van dezelfde stam: semieten. met een cultuur die sinds ergens 1200 niets noemenswaardig heeft gepresteerd. Wat de Joden in Amerika in praktijk hebben gebracht, si datgene wat ze in Europa geleerd hebben.
    En er is ook een reden dat Joden mogelijk meer lijken te presteren: de Joden houden er, afstammende van hun religieuze ideologie, er een parasiterende levenshouding en ideologie er op na, zie Judaïsme . In de moderne tijd, schrijven 2014, is dat het neoliberalisme . Ze lijken meer te presteren voor een flink deel omdat ze meer parasiteren.
    Amy Chua lijkt eenzelfde soort houding te hebben, door de prestaties van de Europese beschaving op de niet-Europese immigranten te projecteren. Hier is de verbinding:
  Samen met haar man, Yale-hoogleraar Jed Rubenfeld, meent zij het antwoord te hebben gevonden. Het komt door een zeker superioriteitscomplex, een gevoel van onzekerheid en 'controle over de driften'. Alle succesvolle groepen in de VS denken dat ze exceptioneel of uitverkoren zijn.

Niet geheel verwonderlijk, want alle Amerikanen denken sowieso dat ze exceptioneel en uitverkoren zijn. Iets dat vermoedelijk voor de flink deel van de sterke Joods invloed stamt. In het geval van Amy Chua zeer lijfelijk aanwezig, want natuurlijk is de heer Rubenfeld van Joodse afkomst. Daar komen als die superioriteitspraatjes van mevrouw Chua dus vandaan:
  Chua erkent dat het onderwerp gevoelig ligt. Maar volgens haar doorbreken de feiten die zij brengt juist de racistische stereotypen. Er zijn zwarte en Spaanstalige subgroepen die het veel beter doen dan veel blanke en Aziatische subgroepen.

Tjonge ... Wat een constatering. Vergelijk je de groepen niet-westerse immigranten, al dan niet Joods, met de subgroep van de zwakzinnigeninrichtingbewoners, dan springen die immigranten er inderdaad wel heel erg boven uit ...
    Kortom: dit zijn Joodse superioriteitspraatjes, van de soort waarvan inderdaad meer immigrantengroepen, bijvoorbeeld de Hindoestanen die veelal van hoge kaste zijn uitleg of detail , last van hebben. Sociaal gezien, dat wil zeggen: op het vlak van neigingen tot sociaal gedrag, redelijk minderwaardig volk. Keiharde, Dickensiaanse, neoliberalen . Ploerten en sociopaten .
    En wat hiermee ook nogmaals duidelijk is geworden: ze voeren een keiharde cultuurstrijd tegen de blanken. Uit jaloezie. Natuurlijk.




Naar Cultuur, gelijkheid  , Westerse organisatie  , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home  .