De Volkskrant, 15-01-2005, artikel van Fouad Laroui

Ik eis mijzelf terug

Tussentitels: De imam was in Marokko gewoon kleermaker of werkloos
                   Ik ben nu zelf in het gele boekje van Sartre beland

Het was een vrij lelijk boekje, met een geel kaft, dat de titel Réflexions sur la question juive
(Overdenkingen bij het joodse vraagstuk) droeg. Geschreven door een zekere Jean-Paul Sartre. Het was het eerste `serieuze' boek dat ik las - dat wil zeggen, het was geen stripverhaal en geen roman. Ik las het in een keer uit in de twee uur die de bus deed over de rit van Casablanca - waar ik een interne leerling was op het Franse lyceum - en El-Jadida, honderd kilometer zuidelijker; waar mijn familie woonde. Ik moet een jaar of veertien, vijftien zijn geweest.
    Het boekje van Sartre had ik waarschijnlijk gevonden in een boekwinkel of in de bibliotheek van het lyceum. Precies weet ik het niet meer. Ook niet waarom ik had besloten het te lezen. Maar het was geen moeilijke tekst: zonder veel van het existentialisme af te weten, of zelfs van filosofie in het algemeen, kon je de strekking vatten. Twee ideeën vielen mij op.
    Ten eerste, de heldere definitie van het racisme: je neemt van een individu één kenmerk - zijn huidskleur, zijn etnische afkomst - en daarmee verklaar je het hele individu. Joods is een van de honderd bijvoeglijke naamwoorden die je zou kunnen gebruiken om over X te spreken, maar de racist maakt er het enige van, het meest fundamentele adjectief, dat alles bepaalt. Wie deze definitie van racisme begrijpt, kan geen racist worden, want dan begaat hij een denkfout. Dat besef ben ik tot op de dag van vandaag verschuldigd aan Sartre.
    Het tweede idee dat me trof - en dat is wat mij hier het meest interesseert - was de bekende sartriaanse bewering dat de antisemiet de jood creëert. Hoewel je erover zou kunnen twisten (ik weet wie ik ben, zou de jood kunnen zeggen, ik heb geen blik vol argwaan of haat nodig om dat te zijn), fascinerend is het wel. En helaas, nog altijd actueel.
    Weggedoken in mijn stoel, in die schommelende bus op weg naar El-Jadida, werd ik bevangen door een gevoel van medelijden met de joden. Als enigen temidden van alle volkeren, waren zij afhankelijk van de Ander om er simpelweg te zijn. Alleen zij waren gemerkt met een onuitwisbaar teken dat van tevoren alles definieerde wat ze waren, zelfs nog voordat ze als individu hun persoonlijkheid konden ontplooien. In feite waren ze niet echt individuen, ze waren allereerst een groep.
Ik was blij dat ik niet joods was.

Sinds enkele jaren voel ik mij meer en meer joods worden.
    Want, wat is een moslim, vandaag de dag? Allereerst wat de niet-moslim van hem maakt. Om te beginnen: de `absolute atheïst' Sigmund Freud - om maar een voorbeeld te noemen - werd vanwege zijn joods-zijn door de nazi's vervolgd. Evenzo komt het bij de meeste Europeanen en Amerikanen niet op dat er atheïsten, agnosten, onverschilligen, enzovoorts, bestaan in wat `de moslimlanden' wordt genoemd.
    Mijn collega Pieter spreekt me aan in de kantine, met een brede glimlach.
    `Zeg eens, wat denk jij, als moslim, over...' .Ik onderbreek hem, voordat hij verder kan gaan.
    `Beste vriend, ik denk niet als moslim, ik denk als individu, ik denk als mijzelf.' 
    Stomverbaasd houdt hij zijn mond. Ik ga ergens apart zitten, boos en verdrietig. Het broeikas-effect, de demografie in de wereld, de wereldkampioenschappen voetbal, de Tobin-belasting op financiële transacties, een schilderij van Vermeer, de Miss Brabant-verkiezingen, dat alles interesseert mij - of niet - als persoon, als mijzelf.
    Waarom die woede, vraagt u mij misschien? Omdat ik de indruk heb in het gele boekje van Sartre terecht te zijn gekomen; en dat is een verschrikkelijke achteruitgang, als je dertig jaar lang dacht een persoon te zijn, een individu.
    Ander voorbeeld: zodra er gesproken wordt over de islam in Europa, kun je er zeker van zijn dat vroeg of laat het woord imam valt. Het is alsof achter elke `moslim' - die eigenlijk niets meer is dan een soort pop - één van die onheilbrengende baard-barbaren in een djellaba schuilgaat - de imam! - klaar om aan de touwtjes te trekken.
    Welnu, in mijn hele kindertijd en jeugd heb ik nooit over een bepaalde imam horen praten. Zelfs het woord imam heb ik hooguit één of twee keer horen uitspreken. En toch woonde ik in Marokko, een islamitisch land... Moeilijk te geloven? Toch is het waar. En niet eens moeilijk uit te leggen: in de soennitische, rustige islam van de jaren zestig en zeventig, was de imam gewoon een man zoals ieder ander, misschien wat vromer en ervarener dan gemiddeld. Een man die op vrijdag in de 'moskee het gebed leidde. De rest van de tijd was hij kleermaker of schoenmaker of zelfs werkloos. In geen geval was hij een tussenpersoon tussen God en de mens: de soennitische islam kent geen geestelijkheid of kerk. Daarom had Voltaire bewondering voor het rationalisme van Mohammed (ja! ja!).
    Natuurlijk bestónden er wel imams. De rietmoslims hebben de imam niet uitgevonden. Maar wat onuitstaanbaar is, is hun neiging om hem een wezenlijk onderdeel te laten zijn van de persoon van de moslim. Alsof zij zelf niet kunnen nadenken.
    Als Pieter mij als een moslim ziet, ben ik niet langer mijzelf, ik word iemand die een imam nodig heeft om na te denken. Uiteindelijk ben ik niet meer dan een spreekbuis voor de imam. En toen de ministers dus wilden laten zien dat zij niet bang waren de dialoog aan te gaan met de moslims, haastten zij zich voor de ogen van de opgetrommelde pers naar een arme, grauwgrijze imam, die niet in staat was om ook maar drie woorden in de taal van Vondel te spreken, schudden hem voor de camera de hand - als hij dat toeliet - en dronken een kopje koffie met hem.
    De minister kan zich de moeite besparen met mij een kopje koffie te drinken. Ik besta niet echt: de imam praat voor mij.
    Wij zijn geen individuen meer. Er is wij en er is jullie. Dat is alles.

    Wie is begonnen? Die vraag, is moeilijk te beantwoorden. Het is de kip of het ei. Zeker is dat de machtsgreep van Khomeiny in 1979, het gijzelingsdrama in de Amerikaans ambassade in Teheran en de Rushdie-affaire een beslissende rol hebben gespeeld in de recente ontwikkeling van de betrekkingen tussen Oost en West; om het even schematisch voor te stellen. Gedurende 444 dagen bood een 'Islamitische Republiek' het hoofd aan de Grote Satan, die er niets aan kon doen, ondanks zijn vijftienduizend kernraketten.
    In 1979 ontdekte ik nieuwe woorden in het taalgebruik van Arabische kranten, bijvoorbeeld het woord taghoet. In de koran betekent taghoet het slechte idool, de incarnatie van Het Kwaad op aarde. Door het woord taghoet te introduceren in het hedendaagse politieke vocabulaire werd - onder invloed van Khomeiny en de zijnen - een betreurenswaardig anachronisme geïntroduceerd; of hiermee werd, zo men wil, de eeuwige relevantie van de jihad bevestigd. In beide gevallen was de Geschiedenis teruggedraaid.

Men kan Khomeini dus als de grote boeman uit het Oosten zien en hem verantwoordelijk houden voorde huidige spanningen. Maar heeft het onvermogen van de Verenigde Staten om de Palestijnse kwestie te regelen niet enorm bijgedragen aan het gevoel van vernedering dat door de Arabieren en de moslims wordt ervaren? En heeft hun steun aan lokale regimes, die niet bepaald uitblinken in democratie, in naam van olie en commerciële belangen, niet bijgedragen aan hun vervreemding van de Arabische elite? De wrange ironie is dat de Arabische elite juist bereid was het Amerikaanse model, liberaal op het gebied van economie en tolerant in religieuze zaken, te omarmen.
    Hoe het ook zij, de wereldwijde spanning tussen de moslims en de rest is, helaas, niet afgezwakt. Sinds 11 september en de inval in Irak heeft die zelfs dramatische proporties aangenomen. Die spanning bepaalt nu zelfs de zeden, de mentaliteit en de collectieve psyche. Voortaan is het wij en zij. Twee blokken die elkaar, in het gunstigste geval, met argusogen bekijken en die elkaar, in het ergste geval, met het wapen in de hand zullen bestrijden.
    Het meest verontrustende is de enorme onwetendheid waarmee deze tweedeling gepaard gaat. De meerderheid van de Amerikanen is er heilig van overtuigd dat Saddams Irak en AI Qa'ida met elkaar onder één hoedje spelen. Je kunt nog zo vaak zeggen dat dat niet zo is, ze veranderen niet van gedachte. Je kunt nog zo vaak herhalen dat de seculiere en vooruitstrevende Ba'ath - wiens ideoloog, Michel Aflaq, trouwens een christen was - een doodsvijand was van Bin Laden en zijn Al Qa'ida, ze schijnen dat niet te kunnen begrijpen. Waarom? Omdat uiteindelijk, voor hen, alle moslims één pot nat zijn. Soort zoekt soort. Alle bewonderaars van Allah spelen onder één hoedje. Nog één keer: zoals de antisemiet 'de jood' bedacht, zo maakte de redneck uit Kentucky of de evangelist uit Alabama 'de moslim'. En het zijn zij, de redneck uit Kentucky en de evangelist uit Alabama die de president kiezen van de Verenigde Staten, de machtigste man ter wereld.
    Na de aanslag op Theo van Gogh, sprak er een of andere idioot van een `rituele moord'. Een groot gedeelte van de pers nam dat klakkeloos over. Alsof er een hoofdstuk in het gebedenboek van de moslim stond 'Over de rituele moord op vijanden van God'. Je zou denken dat je de seniele Brigitte Bardot wartaal hoort uitslaan over 'die mensen die een schaap de keel doorsnijden in bad' en uiteindelijk een cineast op straat laten leegbloeden. Je zou daar tegenin kunnen brengen dat 'rituele moord' hier metaforisch wordt gebruikt. Maar wat een gevaarlijke en verwarrende metafoor is het dan.

Onbewust (of bewust?) hebben veel 'moslims' gekozen het spel mee te spelen: omdat jullie mij zo definiëren, nou, dan doe ik dat niet alleen, maar dan ben ik er nog trots op ook.
Een voorbeeld: dat knappe en moderne meisje uit Amsterdam, hier geboren en getogen, die ik jarenlang nooit iets anders dan een spijkerbroek heb zien dragen, maar die sinds enkele maanden, sinds wij geen krant meer open kunnen slaan zonder met het woord 'islam' om de oren geslagen te worden, een hoofddoek draagt.
    Ander voorbeeld: het overgrote deel van de e-mails die ik krijg van Marokkaanse studenten begint met salam. Op zich is daar niets choquerends aan, integendeel. Salam betekent gewoon vrede. Maar waarom die drang om het verschil te benadrukken? Daarin zie ik een trotse reactie als die van de schrijver Jean Genêt, een halve eeuw geleden. U noemt mij een dief? Prima. Dan zal ik een dief zijn. En ik zal er trots op zijn. U noemt mij een moslim? Prima, dan zal ik er een zijn. En eentje die erger is dan in uw ergste nachtmerrie.
    Zo is deze eeuw religieus geworden. En hij was zo goed op weg om religieuze hartstochten te temperen: Net toen de Olympus eindelijk in elkaar stortte onder de stormram van de wereldse drieëenheid Galilei, Darwin en Freud, waardoor het ons mogelijk werd om broederlijk samen te leven zonder elkaar vanwege onze Goden de kop in te slaan, smeet deze samenzwering van idioten - de neoconservatief en de islamist - ons drie eeuwen terug in de tijd.
    Wie is de nieuwe Sartre die ons zijn Overdenkingen bij het moslimvraagstuk geeft - terwijl hij de verantwoordelijkheid van de anti-moslim onderstreept bij het aanwijzen van zijn favoriete zondebok? Hij zal dan ook moeten wijzen op de verantwoordelijkheid van de moslims zelf - van de meesten, misschien - ten aanzien van de verarming van hun individuele rijkdom, als zij zich voegen naar een specifieke interpretatie van hun religie. Een interpretatie die haar, helaas, naar beneden haalt en er een ideologie van verwerping, van wrok en wraakzucht van maakt.

Fouad Laroui doceert milieukunde aan de VU en publiceerde onlangs De uitvinding van God (Van Oorschot) en de dichtbundel Hollandsche woorden (Vassallucci).
 

IRP:   Opvallend aan het stuk als geheel is dat waar er kennelijk een probleem is tussen moslims en de westerse wereld in het algemeen en Nederland in het bijzonder, er kennelijk alleen fouten aan de westerse kant liggen, want Laroui rept met geen woord van mogelijke moslim fouten. Dan is er eigenlijk maar een reactie: als men hier allemaal zo fout is, dan is het het meest voor de hand liggend om van hier weg te gaan. Voor een andere reactie die dezelfde conclusie trekt, zie hier .


Naar Gedrag en ras, groepsontkenning , Gedrag en ras , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]